BOEKBESPREKING
G. Visee, „Ons aller moeder; De Kerk, Woord en Sacramenten", 197 blz., Oosterbaan en Le Cointre, Goes, 1961.
Ds. Visee geeft in het eerste hoofdstuk een overzicht van de wederzijdse verhouding van Woord en Kerk. Hij tast de grenzen af van deze verhouding en ziet Woord en Kerk als het ene werk van de Heilige Geest.
In het tweede hoofdstuk komen Kerk en de Sacramenten binnen het gezichtsveld, in het derde: Kerk, Woord en Sacrament. In het laatste gedeelte wordt de verhouding van de Reformatie tegenover romaniserende tendenzen belicht.
Het boek is helder geschreven, geeft een overzicht van de gereformeerde noties. Het legt sterke nadruk op het beloftekarakter van het Evangelie en kiest scherp positie tegenover doperse tendenzen. Teelinck en Schortinghuis worden op één lijn gesteld (189).
Het is jammer, dat de schrijver niet genuanceerder weet te spreken over de belofte en de vervulling daarvan. Wat hij nu als subjectivisme afwijst, is het soms, maar soms ook niet. Hoezeer de noties een gereformeerd karakter dragen, er is ook in dit boek een verschraling gaande, wanneer wij denken aan de omgang met God, zoals deze bijvoorbeeld voor ons open ligt in de Psalmen. Het werk van de Heilige Geest wordt zeker niet ontkend, maar het functioneert zo weinig in het geheel. Daardoor draagt dit boek sporen van een objectivisme, dat fnuikend is voor het geestelijk leven.
Treffend is een citaat van ds. Sikkel over de prediking op blz. 53/54. Er staan ook verder zoveel goede dingen in, dat wij u de lezing aanbevelen.
B.
M. Lindsay Carpenter, William Booth, 2e druk, 160 blz., prijs ƒ 1, 50, Uitg. J. N. Voorhoeve, Den Haag.
Wie deze, met veel liefde en kennis van zaken geschreven, levensbeschrijving van de stichter van het Leger des Heils leest, komt diep onder de indruk van de grote zelfverloochening en van de sterke liefde voor armen en verlorenen, waarvan dit leven vol was.
Ik haal een enkele passage aan: „Eens in 1888 doorkruiste Booth na middernacht Londen toen hij terugkwam van een veldtocht in de provincie; een felle wind joeg door de straten. Hij was warm gekleed, maar toch huiverde hij. Toen dacht hij aan de armen en in plaats van zijn weg naar huis te vervolgen, ging hij op onderzoek uit. Wat hij vond waren mannen en vrouwen, ellendig weggedoken in hoeken en gaten in portalen en onder bruggen; overal waar beschutting tegen de wind was te vinden lagen armzalige erbarmelijke gestalten bedekt met lompen en kranten. Booth was geheel ontdaan. Wat een verval, wat een schande! Hij ging naar huis, maar die nacht sliep hij niet " Zo kwamen de eerste toevluchtshuizen tot stand.
Zo zijn er vele bladzijden, die diep ontroeren. Ik denk aan de toespraak van Booth bij de begrafenis van zijn vrouw, die in 1890 aan kanker stierf.
De levensweg van Booth is niet over rozen gegaan, maar toen hij in 1912 op 83-jarige leeftijd was heengegaan, trokken tienduizenden langs zijn baar. Men zegt, schrijft mevr. Carpenter, dat Londen nooit een menigte heeft aanschouwd, zo dicht als die welke getuige was van de uitvaart van de arme jongen uit Nottingham, die besloten had, dat alles wat hij had en was, gegeven zou worden aan God, tot Zijn eer en tot heil van de mensen.
Er zijn verscheidene leerstukken, waarin wij anders denken dan Booth en het Leger. In een zeer waarderend slotwoord zegt prof. De Vrijer, dat wij de bladzijden over de sacramenten anders schrijven dan Booth. En zo is er meer te noemen.
Maar Booth was een groot man, die spreekt nadat hij gestorven is.
Bt.
C. Péan, „Het duivelseiland", 160 blz., prijs ƒ1, 50, Uitg. J. N. Voorhoeve, Den Haag.
Het Duivelseiland was strafkamp van de Fransen, totdat na de tweede wereldoorlog, dat bagno werd opgeheven. Hier was het, dat Dreyfus, slachtoffer van het antisemitisme, twaalf jaar heeft moeten doorbrengen totdat hij in 1906 werd gerehabiliteerd. St. Laurent was de hoofdstad van het bagno. Drie soorten van dwangarbeiders werden hier heengebracht: mensen die aan zeer zware misdaden zich hadden schuldig gemaakt, ook wie om de veelheid van vonnissen in het moederland voor levenslang naar deze kolonie werden verbannen en tenslotte de gedeporteerden, die om politieke redenen geïnterneerd waren. Het boek vertelt van het leven van deze mensen, die nauwelijks uitzicht hebben op terugkeer naar het vaderland. Het is één geschiedenis van eenzaamheid en wanhoop, van verbittering en opstand, van diepten van ellende en van bloedige drama's.
Temidden van dit alles horen wij, hoe het Leger des Heils zich met deze paria's bezighield. In een uitzichtloze wereld werd het Evangelie gepredikt. Boven één der hoofdstukken staat: een eredienst met moordenaars. Het hoofdstuk over Christus in het bagno eindigt met Ps. 107. Het is goede lectuur.
Bt.
C. D. J. Brandt, „Geschiedenis van de tweede wereldoorlog", 142 blz., ƒ2, 95, Uitg. W. de Haan, Zeist.
De eerste september 1939 om kwart voor vijf in de morgen overschreden de Duitse legers zonder oorlogsverklaring de grenzen van Polen. Zestig divisies en tussen de twee en drieduizend vliegtuigen werden in de strijd geworpen. Dat was het einde van een zenuwenoorlog, die enige jaren geduurd had en daarmede begon het verschrikkelijke drama, dat de aarde op haar grondvesten deed schudden.
Prof. Brandt beschrijft nu de geschiedenis van deze tweede wereldoorlog, de verschrikkelijke worsteling, die een andere gedaante aan de wereld heeft gegeven. Het is een boek, waarin de grote lijnen getrokken worden, op details kan uit de aard der zaak niet worden ingegaan in het bestek van een pocket. Maar de schrijver doet het levendig, zakelijk en overzichtelijk. In een zevental hoofdstukken beginnende met: Duitsland en de Sowjet-Unie verdelen Europa en eindigende met: Eindphase, beschrijft prof. Brandt de historie van deze zware jaren.
Niet te stuiten scheen de opmars van de Duitse legers, eerst in Polen, later in het Westen. Een tijdlang stond het Britse Rijk alleen. Ik herinner mij nog goed, hoe kort na de oorlog het woord „Duinkerken" een huiver deed gaan door de rijen, als in een kerkdienst in Schotland van die dagen gesproken werd.
Totdat langzaam, maar zeker het getij keerde; de toestand werd aan alle fronten voor de Duitsers slechter en de 7de mei 1945 bracht de onvoorwaardelijke capitulatie. De 14de augustus 1945 volgde de overgave van Japan, nadat op de 6de augustus een atoombom de stad Hirosjima met de grond had gelijk gemaakt.
Het boek bevat een aantal duidelijke kaartjes en veertig bladzijden illustraties buiten de tekst, welk foto-materiaal voor het merendeel is ontleend aan het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie.
Dat deze goed verzorgde Phoenix-pocket reeds in een derde druk voor ons ligt bewijst, dat velen dit werk niet alleen willen lezen, maar ook bezitten willen. Aanbevolen lectuur.
Bt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juli 1962
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 juli 1962
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's