De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

VREEMDE MANIEREN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VREEMDE MANIEREN

4 minuten leestijd

In de Hervormde gemeente te Schoonhoven is mede door de vreemde besluiten van de Provinciale Commissie voor bezwaren en geschillen de onenigheid tussen Hervormd-gereformeerden, die een meerderheid in de kerkeraad hadden, en de midden-orthodoxen, die zich aldaar voor de echte hervormden schijnen te houden, in een heftige stembusstrijd uitgebroken. Deze heeft er toe geleid, dat de verhouding der beide partijen in de kerkeraad thans gelijk staat.

De toedracht van deze aangelegenheid is intussen niet fraai. Men schijnt te S. de gewoonte gehad te hebben om de lijst van stembevoegden op te maken door op de lijst der lidmaten met een kruisje aan te tekenen de namen van hen, die hun financiële verplichtingen niet hebben voldaan en daarom volgens de kerkorde geen stemrecht hebben.

Degenen, wier namen niet aangekruist werden, zijn dus de stembevoegden.

Nu heeft de Prov. Comm. v. B. en G. deze lijst afgekeurd. Of dit op zich zelf wel helemaal billijk is? De aldus opgemaakte lijst is niet zonder meer een lijst van stembevoegden, want het is een lidmatenlijst, waarop stembevoegden en niet-stembevoegden met aanwijzing van al of niet voldaan te hebben aan de bekende voorwaarde voor stembevoegdheid, worden vermeld. De lijst van stembevoegden is ook een lijst van lidmaten, doch alleen van degenen, die niet in gebreke van betaling bleven. Deze lijst is echter in de Schoonhovense aanwezig en herkenbaar.

Het geldt derhalve een zuiver formele kwestie. En het wil ons voorkomen, dat een vermaning van de Commissie v. B. en G. aan de kerkeraad, dat in den vervolge een afzonderlijke lijst van stembevoegden dient te worden opgemaakt, afdoende ware geweest.

Maar de Commissie voornoemd heeft gemeend verder te moeten gaan. Zij heeft de naar bovengenoemde lijst van stembevoegden en niet-stembevoegden (met een kruisje) gehouden verkiezing ongeldig verklaard.

Dit is niet alleen onbillijk, maar zelfs ten enenmale onjuist. Immers degenen, die als stembevoegd op de lijst stonden, waren inderdaad stembevoegd (n.l. de niet aangekruiste lidmaten). Die alleen konden aan de stemming deelnemen en hebben daaraan deelgenomen, voor zover zij althans van hun bevoegdheid gebruik hebben gemaakt. Onbevoegden zijn niet opgeroepen en hebben niet gestemd. Er is derhalve niets onwettigs gebeurd, waardoor de stemming ongeldig zou zijn.

Indien dus het recht in de inrichting van de lijst van stembevoegden al een genoegzame reden had mogen vinden om de stemming ongeldig te verklaren, zou de billijkheid nog geen toereikende grond in de stemming hebben gevonden, omdat zij volkomen op dezelfde wijze heeft plaats gehad, als wanneer er een lijst van stembevoegden zonder meer ware geweest.

Wat heeft echter de meergenoemde Commissie gedaan?

Zij heeft de gehouden stemming ongeldig verklaard en bevolen, dat een nieuwe verkiezing zou worden gehouden — en dit wel — men kan het haast niet geloven — volgens de (afgekeurde) lijst van stembevoegden en niet-stembevoegden, alsof allen stembevoegd waren, en dus met negatie van de kruisjes en de desbetreffende aantekening.

En wat nog erger is van een officiële kerkelijke Commissie, met negatie van de betreffende ordinantie van de kerkorde en welbewust daarmede in strijd. Men wist toch, dat men tegen haar uitdrukkelijke bepalingen in niet-stemgerechtigden de toegang tot de stembus opende.

De Commissie heeft een ongeldige stemming bevolen, waartoe zij naar ons gevoelen geen bevoegdheid kan hebben, terwijl ze zonder twijfel bevoegd is overwegingen als boven naar voren gebracht te laten gelden (19.8.3).

Een en ander kan moeilijk dienstbaar worden geacht aan bevordering van de algemene overtuiging ener onpartijdige behandeling van bezwaren en geschillen. Integendeel, heeft de Commissie de schijn van partijregering gewekt. Daarom is er een algemeen kerkelijk belang mede gemoeid, als Commissies voor de behandeling van bezwaren en geschillen op een dergelijke wijze de wet hanteren. Ook uit dien hoofde moge de verantwoordelijke leiding der kerk zich geroepen voelen, deze zaak nader te onderzoeken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1962

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

VREEMDE MANIEREN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 november 1962

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's