De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Meditatie

TWEE KONINKRIJKEN

7 minuten leestijd

Joh. 18 : 36, 37. Jezus antwoordde: Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld; indien mijn Koninkrijk van deze wereld was, zo zouden Mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik de Joden niet was overgeleverd; maar nu is mijn Koninkrijk niet van hier. Pilatus dan zeide tot Hem: Zijt Gij dan een Koning? Jezus antwoorde: gij zegt dat Ik een Koning ben. Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen, opdat Ik der waarheid getuigenis geven zou. Een iegelijk die uit de waarheid is, hoort Mijn stem.

De Heere Jezus is nu voor Pilatus gebracht, 't Sanhedrin heeft Hem des doods schuldig bevonden, en wil nu bekrachtiging van haar vonnis door de wereldlijke rechter. Zo staat de Heere Jezus voor Pilatus. Pilatus, de stadhouder van de romeinse keizer, in wie de kracht en de macht van heel dat onmetelijke rijk belichaamd is. Dat keizerrijk dat respect en bewondering afdwingt om zijn strenge militaire discipline, om zijn beschaving, om zijn hoog-ontwikkeld rechtsbesef. Pilatus moet rechtspreken krachtens de macht die hij uitoefent bij de 'gratie Gods.

Pilatus wordt in de vroege morgen gestoord door die fanatieke Joden die de zaak van Jezus van Nazareth aan hem voorleggen. De Joden komen niet bij hem binnen, daar zijn ze te vroom voor, en zo komt Pilatus naar buiten, en hij hoort het geschreeuw van de Joden. Ze beschuldigen Jezus dat hij zich tot Koning der Joden maakt. Ze zeggen allerlei beschuldigingen in het wilde weg. Dan neemt Pilatus Jezus mee naar binnen in het rechthuis. Hij moet onderzoek doen naar de beschuldigingen of die waarheid bevatten. Hij weet wel dat de Joden Hem uit nijdigheid overgeleverd hebben. En dan stelt hij zijn vraag met zoveel spot en verachting en meewarigheid: zijt Gij dan een Koning? Er is voor Pilatus weinig koninklijks te zien, aan deze man der smarten. Hij was veracht en onwaardig onder de mensen en ook Pilatus doet daaraan mee. Maar hij moet als rechter weten of de beschuldiging waarheid bevat: „Zijt Gij dan een Koning"?

Jezus staat voor Pilatus. Hij is de Koning der Koningen, weliswaar ontdaan van zijn luister en majesteit, maar toch een Koning. Het is voor Pilatus een ondoorgrondelijke zaak: dit Koningschap is niet met aardse maatstaven te meten. Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld. Men heeft dit woord vaak misverstaan, alsof het Koninkrijk Gods zich uit deze wereld terugtrok, alsof het Koninkrijk Gods zich niet met deze wereld bemoeit. O, dat zouden wij wel willen. Wij willen zo graag de terreinen gescheiden houden. Er zijn nu eenmaal wereldse zaken, al erkennen we dat de wereld in het boze ligt, en er zijn zaken van de orde van het Koninkrijk Gods. Wij willen hinken op twee gedachten, dat is ons vrome vlees, dat zit ons in het bloed. Maar zo is het niet. Dat Koninkrijk dat niet van deze wereld is, dat onvergelijkbaar is met het keizerrijk der romeinen, dat legt beslag op heel de wereld, dat eist heel de wereld op voor de eer en de dienst Gods. Bekeert u want het Koninkrijk der Hemelen is nabij gekomen. De kinderen van dit Koninkrijk zijn veel pelgrims op weg naar de uiteindelijke voltooiing en volheid van het Koninkrijk, maar het zijn geen kloosterlingen die zich uit deze wereld terugtrekken. De dienaren van dit rijk zijn de profeten, de boodschappers van de waarheid Gods, die voor koning en stadhouders gesteld worden om te getuigen: Zo zegt de Heere der heirscharen. Dat Koninkrijk dat niet van deze wereld is, dat legt beslag op ons gezin, op onze arbeid, op onze ontspanning, op de meest „wereldse" zaken. Er is nergens een stuk van ons leven dat wij kunnen afsluiten voor de eis der gehoorzaamheid aan deze Koning.

Maar goed, dit Koninkrijk is niet van deze wereld. Het is van een andere orde, van een onvergelijkbare grootheid, niet op één lijn te stellen met de koninkrijken der wereld. Hier is niet macht, list en geweld. Hier gaat het niet om diplomatie, kuiperij en succes. Dat heeft deze Koning volstrekt niet nodig.

Deze Koning gaat de weg van lijden en sterven. De wet van dit Koninkrijk is: de wet van het tarwegraan, het valt in de aarde en sterft om zó veel vrucht te dragen. De grondregel van dit Koninkrijk is; niet door kracht, noch door geweld, maar door mijn geest zal het geschieden. Deze Koning behoeft geen imponerend machtsvertoon.

Het gaat door de ondergang en door de dood heen. Het is onbegrijplijk voor het natuurlijk verstand, het behoort tot de dingen die des Geestes Gods zijn. Zo staat Jezus tegenover Pilatus. Twee Koninkrijken. Enerzijds dat enorme, onmetelijke keizerrijk, anderzijds het Koninkrijk niet van deze wereld, niet opzienbarend, onopvallend, in het oog van Pilatus belachelijk. Maar het is de steen, die tegen heel dat enorme keizerrijk aanstoot, en het vermaalt en verplettert. Het zwakke Gods is sterker dan de mensen.

Zijt gij dan een Koning? vraagt Pilatus. Inderdaad ben Ik een Koning, hiertoe ben Ik geboren, hiertoe ben Ik in de wereld gekomen, opdat Ik der waarheid getuigenis geven zou. Wie uit de waarheid is, hoort Mijn stem.

Dit Koninkrijk bevat de waarheid die zich niet laat bewijzen, die zich niet laat beredeneren, omdat zij alle verstand en kennis en gevoel te boven gaat, maar deze waarheid betuigt zich als waarachtig aan ons hart. Het is geen kille en koude theorie, maar de levende waarheid van de getrouwe Zaligmaker, van de Gekruisigde en Opgestane. Het is de eeuwige waarheid en trouw Gods vleesgeworden in de Heere Jezus Christus. Waarom denken zoveel mensen dat ze vóór de waarheid zijn? Omdat zij denken dat zij die waarheid Gods bezitten m hun kille en koude theorie, hun eigen waarheden en verworvenheden, waar ze zo gauw voor in het vuur komen met hete hoofden en koude harten, voor de waarheid zijn, voor onze eigen waarheden, dat is zo gemakkelijk, zo'n vrijblijvende zaak. We werpen onszelf op als Gode welgevallige strijders der waarheid en we weigeren te sterven aan onszelf. Waarom zijn er zo weinig mensen uit de waarheid? Wie uit de waarheid is, hoort Zijn stem, de stem van die getrouwe Zaligmaker. Wie uit de waarheid is, die zoekt zichzelf niet langer te bedriegen in vrome zelfhandhaving die valt door de mand als de verloren zoon: Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en voor U, ik ben niet meer waard Uw zoon genaamd te worden, maak mij als één van Uw huurlingen. Die valt de waarheid toe over zijn eigen leven vol zonde en schuld. Wie uit de waarheid is, die zoekt zichzelf niet, maar die dorst gelijk een hert naar de waterstromen, naar de stem, naar het woord van die Koning der Waarheid op wiens lippen genade is uitgestort. Wie uit de waarheid is, die kan geen dag en geen uur leven zonder naar Zijn stem te horen.

Het aardse koninkrijk heeft alles mee in deze wereld, het streelt ons hart en onze zinnen. Maar uiteindelijk heeft het alles tegen, het is voor de ondergang, voor het vuur bestemd. Het Koninkrijk der waarheid heeft alles tegen, het is niet van deze wereld. Het geheimenis is niet te doorgronden. Maar telkens straalt er iets door van die eeuwige kracht. De Koning schijnt zo zwak en machteloos, maar als Hij sterft, dreunt de aarde, springen de graven open, en scheurt het voorhangsel van boven naar beneden.

Wie met deze Koning mag lijden en sterven, die mag ook delen in Zijn opstanding en heerlijkheid. Door het geloof, door de H. Geest worden wij ontnuchterd tot de eeuwige werkelijkheid van dit Koninkrijk niet van deze wereld. Dan mogen wij ook de machten en boosheden dezer wereld uitdagen: Delf vrouw en kind'ren 't graf, neem goed en bloed ons af, het brengt u geen gewin, wij gaan ten hemel in, en erven koninkrijken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1963

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1963

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's