BOEKBESPREKING
Ds. H. A. Visser, Perspectief, bijbels dagboek, 376 blz., 2e omgewerkte druk, Callenbach - Nijkerk.
Ds. Visser geeft in dit boek een. woord voor iedere dag. Hij doet dit op een manier, zoals wij dat van hem gewend zijn. Hij schrijft anders dan een ander met alle voor- en nadelen daarvan. Het voordeel is, dat hij soms pakkende woorden geeft, die inslaan en tot nadenken stemmen. Ik denk b.v. aan blz. 277, 286 e.a. Het grote bezwaar is, dat de Schrift niet voldoende spreekt. Het actuele, soms actualistische verdringt hier en daar de verklaring van het Woord Gods. Ik denk aan blz. 124, waar naar aanleiding van 1 Cor. 9 : 23 een ontsierend stuk staat met als opschrift: Zijn sommige dominees „rood" geworden om de arbeiders te bekeren?
Tegen het Schrift-geloof zijn bezwaren in te brengen. Zo schrijft ds. Visser op blz. 278, dat het best mogelijk is, dat Jona nooit bestaan heeft. Even verder: „Niet wat Jona beweert is Gods Woord, maar wat God met Jona doet, is Woord Gods." Kan dit zo gezegd worden?
Over Gods berouw zegt ds. Visser, dat de wending van Gods toom naar Zijn liefde een bewijs is, dat God Zijn plannen met ons van moment tot moment wijzigt.
Zo is er meer te noemen. Onder andere de passage over de hemelvaart: Het gaat meer om de boodschap dan het verhaal van de hemelvaart. Mag dit zo gescheiden worden?
Al met al een boek, dat tot tegenspraak prikkelt, maar ook bladzijden telt, die het overdenken zeer waard zijn. Een gemeentelid zei eens: Ik doe precies als een kip. De graankorrels pik ik mee, het kaf laat ik liggen. Wie dit vermogen heeft, zal ongetwijfeld graankorrels vinden. De rest laat hij maar liggen.
B
Werner Pfendsack, Ihr aber seid Brüder, Gleichnisse des Lucas-Evangeliums, 127 blz., gekartonneerd, D.M. 6.80. Verlag Friedrich Reinhardt A.G., Basel.
In dit boekje worden tien gelijkenissen uit het Evangelie naar Lucas verklaard. De schrijver doet een poging de Schrift in alle gerichtheid tot de mens in deze tijd te brengen. Dat is hem in vele opzichten gelukt. Soms verlang je naar een meer diepe gang met het Woord Gods naar de mens m deze tijd, maar de Schrift spreekt voor zichzelf.
Het boekje is zo voortreffelijk uitgegeven, dat het een lust is om naar de omslag te zien. Een afbeelding van de barmhartige Samaritaan op de voorpagina is treffend. Wij willen dit boek gaarne in uw belangstelling aanbevelen.
B.
De 18: Aanvaardt Elkander, tweede publikatie in de reeks: Van Kerken tot Kerk, 150 blz., ƒ 1, 75. W. ten Have N.V. Amsterdam, 1962.
In dit boekje is opgenomen een verslag van het congres, dat vorig jaar in Utrecht werd gehouden. De rede van prof. mr. W. F. de Gaay Fortman, alsook die van prof. dr. H. Berkhof zijn afgedrukt. Dat is een voordeel, omdat de verslagen in de kranten soms eenzijdige voorstellingen geven. Ieder kan nu lezen wat de sprekers hebben gezegd.
Bovendien vindt u de oproep van het congres. Een samenvatting van suggesties van congresbezoekers vult een hoofdstuk.
Tenslotte zijn zes bijbelstudies over de kenmerken der kerk gepubliceerd, die de bijbelkringen en andere gesprekssamenkomsten van Hervormden en Gereformeerden moeten stimuleren. Het zijn niet de notae eulisïae van de Ned. Gel. belijdenis, maar kenmerken, die zomaar uit de bespreking van bepaalde gedeelten van de Handelingen der Apostelen tevoorschijn springen.
Het is zaak, dat ieder van deze publicatie kennis neemt. Hier zijn mensen aan het woord, die worstelen met de vraag naar waarheid en eenheid. Daarbij zijn wij allen betrokken, ook al verschilt ge meer of minder diepgaand met de schrijvers, die hun bijdragen leverden.
B.
H. C. Kee en F. W. Young: De Wereld van het Nieuwe Testament, deel 2, De Gemeente groeit, 150 blz., verschenen in de bibliotheek van Boeken bij de Bijbel, Bosch en Keuning, Baarn.
Het eerste deel: De Gemeente ontstaat, is enkele maanden geleden aangekondigd. Hier ligt nu deel II voor ons: De Gemeente groeit.
Vanzelfsprekend treedt hierbij de grote heidenapostel Paulus op de voorgrond. Daarom wordt in het eerste hoofdstuk aandacht geschonken aan zijn bekering, vorming, Ie zendingsreis, strijd in Antiochië en het apostelconvent. In dit verband wordt de brief aan Galaten behandeld.
Het tweede hoofdstuk behandelt de zending naar Europa en de brieven, die gericht zijn aan de gemeenten, die Paulus bezocht. Het derde hoofdstuk behandelt de heilstijding aan de heidenen. Daarin komen de hoofdnoties van de Romeinenbrief aan de orde. In het algemeen blijft de schrijver bij de tekst. Dit doet hij niet, wanneer hij schrijft, dat Paulus nooit zegt, dat Jezus God is (blz. 95). Wel blijft Paulus er maar een haarbreedte vanaf (blz. 100), maar hij zegt het — volgens de schrijver — niet.
Het laatste hoofdstuk behandelt de laatste fase van het leven van Paulus en het einde van de gemeente te Jeruzalem.
Het geheel is een zeer instructief boekje, dat met bekwaamheid is geschreven. De achtergronden, die bij de bespreking van het eerste deel zichtbaar werden, komen weliswaar niet zo vaak, maar toch hier en daar ook in dit werk openbaar.
Deze achtergronden stammen uit een ander Schriftgeloof. Dat verhindert ons niet de vele kwaliteiten van dit deel te roemen, al moet het ons van het hart, dat het ons spijt, dat wij ook dit werk niet onvoorwaardelijk kunnen aanbevelen. Het boekje is keurig uitgegeven bevat een tiental afbeeldingen van plaatsen, waar de apostel Paulus gewerkt en gesproken heeft.
B.
G. Th. Rothuizen, De hand aan de ploeg, klein commentaar op de Bergrede, 111 blz., ƒ 3, 25, Uitgeverij De Graafschap-Aalten, U.B.B.-Serie 3.
Na het eerste deel van dr. Delleman en het tweede deel van dr. van Minnen geeft dr. Rothuizen ons dit derde deel. Het is een klein commentaar op de Bergrede. Het opent met een bespreking van Matt. 7 : 21—29 en wijst op de gevaren van de Bergrede: horen en niet doen. Er is een grote angst om de vingers niet te branden. Vandaar de vele beschouwingen, die het hart van de Bergrede op sterk water zetten.
Het verband geloof-werk-liefde wordt strak aangespannen. Van hieruit wordt de Bergrede in 24 hoofdstukjes behandeld. Het is een kort puntig Schriftgetuigenis, dat waarde heeft.
De schrijver weet een en ander uitmuntend te illustreren. Hij haalt o.a. Luther aan, die zegt, dat, waar iedereen in zijn omgeving een christen mocht heten, een echte christen maar een „zeldzame vogel" is. Dat dringe tot de strijd om in te gaan.
Gaarne bevelen wij dit boekje in uw belangstelling aan. Het is fraai uitgegeven.
B.
Prof. dr. J. N. Bakhuizen van den Brink Protestantse pleidooien, I en II, 208 en 236 blz., per deeltje ƒ 1.50. Uitgeversmij J. H. Kok, Kampen, 1962
Deze twee delen uit de Boeketreeks bevatten de vertaling van zeer waardevolle stukken uit de dagen van de Hervorming, waaraan de auteur telkens een historische inleiding laat voorafgaan.
Vele malen hebben de Hervormers zich gericht tot vorsten en overheden, niet slechts om hun duidelijk te maken wat er gaande was, maar vooral om te vragen, dat zij een zelfstandig oordeel zouden vormen en daarna ingrijpen. Op grond van de waarheid en de redelijkheid van hun zaak richtten zij zich tot de paus, de keizer, tot koningen en magistraten, niet eens in de eerste plaats in het belang van de Protestanten, hun recht en hun leven, maar vooral in de overtuiging dat zij opkwamen voor Gods eer.
In het eerste deeltje vinden wij enige brieven van Luther in verband met de aflaathandel, ook de uitvoerige brief aan Paus Leo X uit 1820; verder fragmenten uit het werk van Bucer, Melanchton en Zwingli, de voorrede voor de Commentarius uit 1525, de brief aan Frans I en de voorrede voor de Fidel Ratio uit 1530 aan Karel V.
Het tweede deel bevat stukken betrekking hebbende op Frankrijk en Calvijn, Schotland en Nederland. Hierin is o.a. opgenomen de aangrijpende brief van Calvijn aan Koning Frans I, welke brief als een inleiding was op het hoofdwerk van Calvijn, de Institutie. Verder noemen we de opdracht van de Franse Geloofsbelijdenis aan de Koning en de opdracht aan het volk voor de Belijdenis van 1559. Een zestigtal bladzijden gaat over de Nederlanden waarin voorkomen de brief aan Koning Philips II uit 1561 en het Verweerschrift aan de Overheden. Een hoofdstuk is ook gewijd aan Nederland en de rijksdag te Augsburg 1566.
Deze boeken getuigen van Gods werk in de 16e eeuw, tot onze beschaming en vertroosting. Terecht zei Revius:
Een aembeeld is de Kerck, wanneer se wordt geslagen So doetse anders niet dan dulden en verdragen. Maer al de hamers die op desen aembeeld slaen Sijn selver op het lest te pletteren gegaan. Aanbevolen lectuur, goed en goedkoop.
Bt.
G. M. Gilbert, Terwijl de strop hun wachtte, 304 blz., geb. ƒ 12.50, A. J. G. Strengholt's Uitgeversmaatschappij, Amsterdam, 1962.
De titel van dit werk spreekt voor zichzelf. Het is een aanvulling op het vele, dat reeds geschreven is over het proces te Neurenberg in 1945, 1946 waar drie en twintig topfiguren van het Nazi-regiem werden geoordeeld. De auteur had als gevangenis-psycholoog van het ogenblik van de aanklacht tot aan de terechtstelling toegang tot de gevangenen. Zo had hij gelegenheid om een heel jaar lang de reacties van de aangeklaagden onder gecontroleerde omstandigheden te bestuderen. Hij heeft hen ook getest op hun intelligentie, die voor allen boven het gemiddelde bleek te liggen. De schrijver wilde weten hoe het mogelijk was, dat deze mensen er toe gekomen zijn om zulke wandaden te begaan.
De aantekeningen, die de schrijver telkens van de gesprekken in de cellen maakte vormen de grondslag van het Nuremberg Diary, dat nu in Nederlandse vertaling onder de titel: Terwijl de strop hun wachtte, uitkwam.
Uitvoerig vertelt de schrijver van wat hij hoorde en zag. Diep trof mij o.a. wat ik las van de directe reactie van degenen, die tot de doodstraf werden veroordeeld. „Goring liep met lange schreden zijn cel op en neer. Zijn gezicht was star en in zijn ogen stond ontzetting te lezen. Hij liet zich op zijn brits vallen en mompelde: „De dood". Hoewel hij zich poogde te beheersen, beefden zijn handen " Van de anderen lezen wij ongeveer hetzelfde. Zonder mededogen hebben deze mensen duizenden en duizenden de dood ingejaagd; totdat de dood tot hen kwam. Het is een ontdekkend werk.
Bt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 maart 1963
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 maart 1963
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's