De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

BOEKBESPREKING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BOEKBESPREKING

8 minuten leestijd

Het geheim van het Koninkrijk, Gelijkenissen van Jezus, dr. Helmut Thielicke. door dr. R. Bakker, 317 blz. Prijs ƒ 12, 50. Zomer en Keuning, Wageningen, vertaling

In dit boek worden 18 gelijkenissen van Jezus verklaard. Wie de boeken: Hoe de wereld begon, en: Het leven kan opnieuw beginnen, van dezelfde schrijver gelezen heeft, kan niet nalaten ook naar dit werk te grijpen. Waarom? Omdat dr. Thielicke iets te zeggen heeft en oude en nieuwe dingen uit toet Woord Gods weet tevoorschijn te brengen. Hij heeft de gave om in het Woord Gods te graven en eigen tijd te doorzien en beide met elkaar in verband te brengen.

Mag ik een voorbeeld noemen? Bij de verklaring van de gelijkenis van het mosterdzaadje komt de verhouding Oost-West aan de orde. Wat Thielicke schrijft over de houding van het Westen tegenover het Oosten als de verdediger van de christelijke waarden, is zo ontdekkend en onthullend, dat ge niet alleen West-Duitsland, maar ook Nederland erin herkent. Hier worden profetische woorden igesproken.

Hier is een man aan het woord, die door alle oorlogsellende is heengegaan en het geloof niet heeft verloren, maar integendeel heeft gekregen. Het gaat niet aan hier gelijkenissen te noemen en te proeven. Neem en lees!

Of er geen bezwaren zijn? Ongetwijfeld. Hier en daar komt een verzoeningstheologie aan het woord die niet zonder bezwaar en gevaar is. Zo spreekt Thielicke op blz, 107 over het onkruid. Daar zegt hij: Niemand is namelijk alleen maar een lasteraar of alleen maar nihilist, maar deze iemand is ook altijd een ongelukkig verdwaald kind van God. Wat bedoelt de schrijver met kind van God? Schepsel van God? Beelddrager van God? Uit het vervolg (blijkt de bedoeling: Ook voor hem is Jezus gestorven en wie weet of God nog niet iets met hem voor heeft, of niet een heel ander zaadkorreltje in hem tot ontwikkeling zal komen.

Dit laatste zij onmiddellijk toegegeven. God maakt van onkruid tarwe. Maar verwart schrijver niet het aanbod van genade met het verwerven van de zaligheid voor al de gelovigen? Zegt Christus niet tot sommigen van de Joden: Gij zijt niet van Mijn schapen, want gij hoort Mijn stem niet?

Een ander voorbeeld. Op blz. 109 wordt de gemeente opgewekt te bidden voor hen, die aan „ontmythologisering" van het Evangelie doen. Dat zijn mensen die beweren, dat de geboorte, opstanding en hemelvaart enz. tot de zgn. mythologische trekken behoren, die weggedaan moeten worden. 

Thielicke wekt op tot voorbede voor en geduld met deze twijfelachtige zaaiers. In dit venband zegt hij van de leertucht kwalijke dingen. Maar waar blijven dan alle uitspraken van Christus en de apostelen die waarschuwingen willen zijn tegen de dwaalleraren?

Ook over de verklaringen zijn soms vragen te stellen. Bijv. de gelijkenis van de onrechtvaardige pachters wordt bijna geheel in de sfeer wan de menselijke verhoudingen getrokken, terwijl de pointe van de gelijkenis is de verhouding van Israël tot God.

Tenslotte — en dit is de laatste kritische noot — vind ik op blz. 252 in ventaand met het woord: Ga heen en doe gij evenzo, een opmerking over het uitpluizen van de predestinatie en de vrije wil, over het dogma van de verzoening en over het lot van hen, die niet in Christus geloven, die ge wel goed kunt interpreteren, maar waarin ge toch een ander geluid hoort dan in de reformatie. Op de sana et pura doctrina — niet als begrippenspel maar als levend geheel — mogen wij wel iets zuiniger zijn.

Deze kritische opmerkingen doen niets af van de rijke Inhoud van dit boek. Ook dit werk zal zijn weg vel vinden. Wij wensen het in vele handen en danken schrijver en vertaler voor dit mooie boek.

Geloof, A. de Ligne, Wiever Franeiker, 1962 187 blz.

De schrijver A. de Ligne, is een van de R.K. kerk tot het Protestantisme overgekomen Vlaming. Enige tijd geleden is in dit blad het boek: „De tijd aller tijden" aangekondigd. Het bevatte een profetische analyse van de tijd, waarin wij leven. Wie van de lezers dit boek toen gekocht en gelezen heeft, zal zeker ook dit boek willen hebben. Waarom?

Omdat deze schrijver, diepgeworteld in de bijbelse bodem, vóór en met u rondziet in de tijd van nu. Dat is altijd een hachelijke onderneming omdat er maar Een is, die de lijd voorzien, doorzien en vervuld heeft, dat is God Zelf.

Dit boek is een welkome aanvidling van de gedachten van deze schrijver. Immers alleen door het geloof wordt een goddeloze gerechtvaardigd, maar het is tegelijk het middel om de tijden en de geesten te beproeven. Hoe vaak bereiken ons niet analyses van allerlei situaties, waarvan het begin en het eindpunt niet is een sterk staan in het Koninkrijk Gods. Hoe vaak wordt men dan niet meegevoerd met de geest van de tijd.

In het eerste hoofdstuk geeft de schrijver een opwekking aan de gemeente van vandaag. „Zotdronken reuzen gaan de hemel beklimmen" „Onheilige stemmen worden ademloos beluisterd, maar voor het Goddelijk Woord is geen gehoor te vinden". „Kunnen wij nog wenen over Jeruzalem? " Tienduizenden betreden elke dag de buitenste duisternis. Doet ons dat niets? Hebben wij wellicht meer last van onze tandpijn? Zouden wij dan maar niet liever Bijbel of kerkboek over boord gooien? " „Wij beroemen er ons op, dat wij erin geslaagd zijn het Woord Gods te doen spreken in meer dan duizend talen, maar niet met tongen van vuur". „Zijn niet vele kerken sociale centra geworden, waaruit humanistische vlammen oplaaien?"

Ziedaar enkele zinnen uit het eerste hoofdstuk. In het tweede hoofdstuk wordt breed ingegaan op de vraag of het geloof tot het ware mens-zijn behoort. Treffend is wat hij schrijft over boom, berg en mosterdzaad.

Zo krijgen allerlei aspecten van het geloofsleven de aandacht: het bidden en vasten; het gezin in de binnenkamer; genezing door het geloof, levensgemeenschap, groei van het geloof, twijfel, beproeving, strijd en overwinning, ware rust, de galerij der geloofshelden en het geloof in zijn rijkste gestalte.

Wij willen dit boek van harte aanbevelen. Hier wordt de bijbelse inhoud van het geloofsleven in een modern gewaad gestoken zonder dat dit gewaad iets van zijn diepte verliest. Daarom is het geschikt voor u zelf en ook voor uw kinderen. Geef het hun cadeau! De schrijver gebruikt allerlei beelden, die aanspreken.

Of er geen bezwaren zijn? Op blz. 17-18 wordt — dacht ik — te argeloos over de geloofseigenschap van de mens geschreven. Is er een ontvankelijkheid voor de Godsopenbaring — een inwendig ken-principe? Hebben wij het dan niet over de gelovige? Verder kan de vraag gesteld worden of het schema natuur - bovennatuur, zonder dat deze woorden worden gebruikt — niet hier en daar doorwerkt.

Als dit al zo is — dan is er meer dan voldoende tegenwicht uit de bijbelse verbanden.

Aan de schrijver onze hartelijke dank voor deze rijke inhoud, aan de uitgever voor de verzorging. Wellicht kan bij een volgende druk een drukfout op blz. 41, regel 5 van boven, worden hersteld.

B.

Rivieren in de wildernis, door Nelson Glueck, Kok, Kampen. Prijs ƒ 9, 75.

Nelson Glueck, Amerikaan, president van het joods instituut voor religie te Cincinatti (Ohio) is een zeer bekend archeoloog.

Gedurende een zestal jaren heeft hij, onder bescherming van de Israëlische militaire macht, archeologische onderzoekingen verricht. De route, die de Israëlieten volgden bij hun uittocht uit Egypte, heeft hij nauwkeurig aangegeven. Hij volgde Abraham's tocht van Kanaan naar Egypte, en terug. De bijbel vooral verstrekte hem veel gegevens, doch ook de putten en bronnen, potscherven en terpen, zijnde overblijfselen van lang verloren gegane steden, zoals Ezeou-Geber, werd door hem herontdekt. Noordelijk hiervan vond hij het land, „waarvan de stenen ijzer zijn en uit welks bergen gij koper zult houwen" (Deut. 8:9). Hij kon het smeltingsproces van ertsen reconstrueren en het bleek, dat de werktuigkundigen van Salomo al 3000 jaren eerder het Bessemer-principe kenden en benutten.

Dit is slechts één interessant voorbeeld uit het waardevolle boek, dat van het begin tot het einde boeit.

De geschiedenis van de Negeb, waarin de ondergangen, en perioden van voorspoed der verschillende bewoners vanaf het vierde duizendtal vóór Chr. tot vandaag, elkaar afwisselen, is bijna uniek te noemen. Tijden van desolate wildernis wisselen af met tijden van landbouw en bloeiende handel, zelfs bouw van grote steden.

De verwoesting van de Kerk van het heilige graf in Jeruzalem door de Perzen, die de wereld van toen veroverden, luidde de chaos en het verval in. De Negeb woestijn, verbinding tussen Oost en West, raakte in verval en de prachtige kerken konden niet in stand gehouden worden. Vandaag kunnen we de arbeid der Israëliërs alhier als een wedergeboorte van de Negeb beschouwen.

Zeer aanbevolen.



Ingevolge sluiting van de drukkerij op Koninginnedag moest eerder met afdrukken begonnen worden. Hierdoor zijn de berichten Bonds- en Kerknieuws te laat binnengekomen en konden in dit nummer niet meer worden opgenomen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1963

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

BOEKBESPREKING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1963

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's