De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

SYNODALE GELUIDEN OMTRENT DE KERNBEWAPENING (XV)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

SYNODALE GELUIDEN OMTRENT DE KERNBEWAPENING (XV)

§ 4. De situatie waarin wij ons thans bevinden

13 minuten leestijd

Zeg niet: Wat is er, dat de vorige dagen heter geweest zijn dan deze? Want gij zoudt naar zulks niet uit wijsheid vragen. Prediker 7 : 10

C. HET ATOOMTIJDPERK.

Op 30 juni 1908 kwam er ergens in Siberië een meteoriet ten val met een snelheid van 72 km/sec. Een regen van stenen bereikte de aarde. Tot in wijde omtrek bleken nadien alle bomen te zijn verbrand (binnen een straal van 10 a 15 km.), resp. ontworteld (binnen een straal van 40 a 45 km). Met dit geweld was — naar jaren later berekend is geworden — het aequivalent van 5 a 15 megaton T.N.T. aan energie gemoeid.

Zoveel jaren later — het was, om precies te zijn, op 30 oktober 1961 — ontplofte er nabij Nova Zembla een bom zo groot, dat er beroering ontstond in heel de wereld. Ook in Nederland manifesteerde zich een begin van paniek. Met deze explosie kwam naar het toen heette het aequivalent van ca. 60 megaton T.N.T. aan energie vrij.

Het was in de tussenliggende jaren, dat millioenen mensen het leven lieten, te land, op zee en in de lucht. En nog is bij lange na niet het einde in zicht van het leed, dat in die jaren veroorzaakt is geworden.

Wat is nu het verband daartussen, of is er zo geen verband . . . ?

Op de „gay nineties" — de kwalificatie „naughty nineties" (dr. Annie Romein- Verschoor) is misschien beter — volgde de catastrofe van 1914, voorafgegaan nog door een aantal markante tekenen.

Zo'n teken was het gebeuren van 1908 in Siberië, weldra gevolgd door nog andere tekenen, niet minder saillant: de ondergang van de „Titanic" (1912) vooral hield een duidelijke waarschuwing in aan het adres van de zich al driester op de borst slaande mens (vgl. 2 Thess. 2 : 4).

Een overeenkomstige waarschuwing nu bevat m.i. ook het gebeuren van de 30ste oktober 1961.

Eerder al ('59) sprak de Zürcherischer Kirchensynode als haar overtuiging uit: „De Synode geeft uitdrukking aan de overtuiging, dat het kernwapen, dat eerst de aarde tot een hel en vervolgens tot een woestenij dreigt te maken, van het geloof uit gezien als wellicht de laatste waarsdhuwing van God met betrekking tot de afschaffing van de oorlog (ik cursiveer, v.R.) moet worden begrepen, dat wil zeggen door vervanging van het interstatelijke vuistrecht door een op het recht gebaseerde ordening tussen de volkeren".

Zij liet daar toen op volgen: „De Synode is er zich van bewust, dat zij aan ons eigen volk en aan de andere volkeren geen utopisdhe eisen kan stellen en dat de weg naar het doel in de regel door de volkeren slechts stap voor stap kan worden afgelegd. Zij vraagt van de grote naties, die een bijzondere verantwoordelijkheid dragen voor de vrijheid en de vrede in de wereld, in de tegenwoordige omstandigheden geen (ik cursiveer, v.R.) eenzijdige afschaffing van hun kernbewapening en zij verlangt ook van Zwitserland niet een opgeven van zijn bereidheid zich te verdedigen".

Een conclusie, die wel enigszins afwijkt van de aanbevelingen, welke onze Synode gemeend heeft te moeten doen! Ik noemde de beide wereldoorlogen de ontsluitingsweeën van het atoomtijdperk, de 30ste oktober 1961 de ontsluitingsdatum (§ 2).

Als ontsluitingsdatum zou ook Hiroshima-day (6 augustus 1945) kunnen worden aangehouden, c.q. liet gebeuren met de opvarenden van „De Gouden Draak" (Bikini, 1 maart 1954).

Het gebeuren nabij Nova Zembla evenwel kan als een calibratiepunt in de cultuurgeschiedenis van de mens worden aangemerkt. Het was toen voor het eerst, dat de mens erin „slaagde" de natuur te evenaren in de ontketening van geweld. Thans immers is de mens in staat rampen te veroorzaken, niet minder groot dan die welke de natuur ons telkens weer te aanschouwen geeft (aardbevingen, vulcanische erupties, enz.) Een bovenste grens is er aan het gebruik van thermonucleaire wapenen (H-bommen) niet gesteld . . .

Ziehier de betekenis van dit gebeuren. Het was niet voor niets, dat het wereldgeweten toen zo geschokt werd!

Wat maakt nu het wezen van het atoomtijdperk uit?

Sedert 1914 is onze wereld op drift als nooit tevoren.

Wat is er op de moordaanslag te Serajewo al niet gevolgd! Wij werden daar j.l. vrijdag nog eens terdege bij bepaald. Wie zal zeggen welke politieke gevolgen de moordaanslag te Dallas nog zal hebben? 

Een bewijs ook weer, dat het waar is wat de Schrift ons leert: De mens wikt. God beschikt (Spr. 19 : 21).

Het ware overigens te wensen, dat diegenen in ons land, die zich keer op keer hebben beijverd om het leven van wijlen president Kennedy nog zwaarder te maken dan het al was, thans eens kwamen tot ernstig zelfonderzoek ...

Daartoe geeft die afschuwelijke moord, dacht ik, voldoende aanleiding!

De beide wereldoorlogen veranderden het gelaat van onze wereld in bijkans ieder opzicht.

Zeer groot waren de staatkundige veranderingen, die volgden.

Onze wereld werd „kleiner": na afloop van elk van beide wereldoorlogen werden inter- en supranationale organisaties in het leven geroepen ter behartiging van het gemeenschapsbelang: de Volkenbond, resp. de Verenigde Naties ca., enz. Het behoud van de wereldvrede werd wereldvraagstuk no. 1.

Er trad na afloop van elk van beide oorlogen „balkanisering" in: eerst viel de Donaumonarchie uiteen, later Duitsland ... De toekomst zal leren, in hoeverre zulks een Europees belang zou kunnen worden genoemd .. .

Een ander verschijnsel was dat der „rollende kronen": in Midden- en Zuid- Oost Europa vooral, doch ook wel daarbuiten.

Beide oorlogen verhaastten het dekolonisatieproces, dat inmiddels zover gevorderd is, dat de hegemonie van Europa goeddeels verdwenen schijnt.

Met de beide oorlogen brak voor het oommunisme het oogstseizioen aan: in Oost-, Zuid-Oost- en Midden-Europa, resp. in Azië en nog andere plaatsen in onze wereld. In Noord-, West- en Zuid- Europa traden regiems aan van (neo-) socialistische signatuur: aanvankelijk op stedelijk en regioniaal niveau, later ook op landelijk niveau.

Engeland, dat zo gewend was het „Europese concert" te dirigeren, moest het dirigeerstokje afstaan aan de Verenigde Staten van Amerika, alhans de primus inter pares van het Westen.

De maatschappelijke veranderingen waren niet minder groot. 

Wetenschap en techniek maakten ongekende vorderingen, zo zelfs, dat men wel van „stroomversnellingen" spreekt, en dat zeker niet ten onrechte. Het verkeerswezen vooral maakte een waire gedaantewisseling door, zo explosief van karakter, dat hier iedere vergelijkingsbasis wegvalt.

Na afloop van elk van beide wereldoorlogen veerde het pacifisme op, vooral na afloop van de laatste wereldoorlog, zulks onder de loodzware druk van de kernbewapening.

De volkeren kwamen dichter tot elkaar, dank zij ook het aan betekenis nog steeds winnende sociaal-toerisme.

Een soortgelijk proces speelde zich af op nationaal niveau: de klassenstiijd verloor zijn scherpste kantjes. Onderdrukking en verzet prikkelden het sociaal bewustzijn. Sociale voorzieningen op grote schaal waren daarvan mede het gevolg.

Anderzijds leidden de beide oorlogen tot ontreddering, niet het minst in het zo zwaar getroffen Europa. Wij zien het om ons heen: oorlogsmoeheid, défaitisme, nihilisme, promiscuïteit, enz.

En ... wij zijn dit alles nog lang niet te boven, zo het Gode behaagt, dat wij het ooit te boven zullen komen.

Nog honderdduizenden vluchtelingen zwerven door onze wereld: sedert het begin van dit jaar nam ons oude werelddeel ca. 45.000 vluchtelingen op van achter het IJzeren Gordijn ...

Nog plegen dagelijks mensen zelfmoord: alleen al in Oost-Duitsland ca. 400 per dag ...

Een blik op de wereldkaart kan ons ervan overtuigen, hoe in die vijftig jaar onze wereld reeds veranderd is.

Gold vóór 1914 ons werelddeel (minus Europees Rusland en de Balkan) als het machtscentrum van heel de wereld, hoe verdeeld in zichzelf overigens ook, thans zijn het anderen, die het in onze wereld voor het zeggen schijnen te hebben ...

Nieuwe „Groszmachte" kwamen op: de Verenigde Staten van Amerika, de Sovjet-Unie en Rood-China, en daarmee , ook als een meer of minder zelfstandige macht... de „koude oorlog"!

Tot voor kort ging het de communistische machthebbers bijzonder voor de wind.

Dit was niet slechts een gevolg van het feitelijke verloop der beide oorlogen, maar ook van het niet te loochenen feit, dat de Atlantische mogendheden èn in 1918 èn in 1945 een Pyrrhus-overwinning behaalden.

De vele discontinuïteiten — gevolgen veelal van staatkundige en maatschappelijke veranderingen, die zich voltrokken — waren er de oorzaak van, dat het communisme zoveel terreinwinst boekte, en dat tot op de jaren zestig! En nog is het niet zover, dat wij daarop nu met een gerust hart zouden kunnen gaan slapen .. .

Maar de tijd staat niet stil en wij zijn er dagelijks oor- en ooggetuige van, hoe die wereld nog steeds niet tot rust is gekomen.

Reeds schijnt de tijd, dat onze wereld in „blokken" zou kunnen worden opgesplitst, voorbij.

In het Westen is generaal de Gaulle doende zich een eigen weg te banen. Zijn ideaal is het „Europa der Vaderlanden", zoals wij weten.

Voorbij is ook de tijd, dat het communistisch blok monolithisch van structuur scheen. Peking maakte zich los, a la de Gaulle. Togliatti introduceerde reeds de term „polycentrisme".

In het Westen zowel als in het Oosten blijkt telkens weer, hoezeer het bezit van kernwapenen onder de rivalen in de internationale politiek als het belangrijkste status^-symbool wordt beschouwd. Wij hebben het allen in de krant kunnen lezen. „Al hebben wij geen broek meer aan, een atoombom zulen en moeten wij hebben. Wij moeten de komende jaren een kernbom laten ontploffen, willen wij niet de kans lopen een tweede — of derderangsnatie te worden" (Tsjen Ji).

In het aangezicht van deze grimmige werkelijkheid verbleekt m.i. ook de tekst van menige pagina uit het synodale rapport ...

In de rest van de wereld is het evenmin rustig. Ook daar gist het aan alle kant.

Hier en daar tekent zich een begin van structurering af, doch het was tot dusver hoofdzakelijk in het negatieve, dat de betrokken mogendheden het onderling eens werden (Bandoeng, Belgrado, Addis-Abbeba, enz.).

Wat staat ons van die zijde nog te wachten? Is het zo dwaas te veronderstellen, dat de "koude oorlog" eenmaal beslecht zal worden in Afrika (een gedachte, die leeft in kringen van de „Morele Herbewapening"), of in het Middenoosten (standpunt van wijlen Johannes de Heer)?

Wij weten het gelukkig niet en wij doen er goed aan maar niet in speculaties te vervallen.

Opmerkelijk evenwel zijn twee verschijnselen:

1. Allerwegen zien wij polarisatie intreden (het opkomen dus van nieuwe tegenstellingen)

Somaliland wendde zich tot de communistische wereld om hulp, omdat het genabuurde Ethiopië zo sterk Wester georiënteerd schijnt. Pakistan wendde zich om dezelfde reden tot Rood-China, toen Nehroe wel gedwongen was zijn draai te nemen...

2. Het verschil in huidskleur tussen het blanke en het niet-blanke ras levert een factor op van toenemende politieke betekenis.

Het is deze factor, die het conflict Peking- Moskou tot op zekere hoogte beheerst. Als Mao in Afrika laat verkondigen, dat de oostenwind eenmaal de westenwind zal verdrijven, spitst in Chroestsjef niet de communist maar de Rus zijn oren! Het is om dezelfde reden, dat de „koude oorlog" zo'n Afrikaan niet aanspreekt. De belligerenten zijn z.i. met hetzelfde sop overgoten. Zo zou op den duur het Oost-West-conflict nog, wel eens het veld kunnen ruimen voor een Noord-Zuid-conflict...

Is het nu teveel gezegd, als ik hier constateer, dat het eigenlijk pas sinds kort is, dat wij de term „wereldgeschiedenis" in de mond mogen nemen?

Wat zien wij namelijk?

Wij zien nu, dat alle ontwikkelingen 

— het doet er niet toe op welk terrein wij ons oog zouden willen laten vallen

— zich in toenemende mate voltrekken op wereldniveau, of zo men wil, op planetair niveau. Reeds introduceerde één onzer hoogleraren de term „planetaire mens" (prof. dr. ir. van Leeuwen S. J.) en dat niet zonder zin: wij zullen thans allen „inclusief" moeten leren denken (dr. Boerwinkel)!

Hier dringt zidh onwillekeurig een vergelijking op.

De jaren vanaf 1914 roepen herinneringen op aan een tijd, niet minder woelig dan de onze, blijkens het ons bewaard gebleven getuigenis: „De geesten worden wakker, de wetenschappen bloeien, het is een lust om te leven" (Ulrich von Hutten).

Toen nieuw religieus/humanistisch élan (Reformatie en Contra-Reformatie; het optreden van figuren als Thomas Müntzer, Thomas More en Desiderius Erasmus), nu wederom (in de protestantse sector: de dialectische theologie; in de roomskatholieke sector: la nouvelle théologie. Teilhard de Chardin; in de humanistische sector: strijd om erkenning van de status ener 100% geseculariseerde kerk...).

Toen begeleidende vormen van spiritualisme, enz. (Wederdopers, Zwickauer profeten, enz.), nu wederom (Pinkstergemeenten, het optreden van figuren als Billy Graham enz.).

Toen een denken „of-of" (beelden: brandstapels, martelaren, refugé's, enz.), nu een denken „en-en" (beelden: relativisme, syncretisme, gesprekscentra, enz.). De Franse Revolutie (Verlichting) was met betrekking tot dit aspect der ontwikkelingen de schakel. Het denken ontwikkelde zich immers als volgt: „wij weten het nu" — „wij weten het nu weliswaar nog niet maar morgen" (dialectiek, vooruitgangsgeloof) — „of wij het ooit zullen weten ... ? " Zo ontstond de „crisis der zekerheden", die het Avondland thans teistert, naar het heet...

Maar er is meer, dat ons frappeert:

Toen de ontdekking van Copernicus, die het wereldbeeld van de toenmalige mens uit zijn voegen lichtte. Het was van deze ontdekking, dat Goethe later zei, dat hij haar belangrijker achtte dan heel de Bijbel...

Tot het doen van waarnemingen in de ruimte rondom de aarde is de mens van nu evenwel niet meer gebonden aan de plaats, waarop hij staat. Hij beschikt over een denkbeeldig oog tot het doen van geheel nieuwe waarnemingen. Is hier nog een volgende stap denkbaar?

Toen de z.g. ontdekkingsreizen (2-dimensionaal onderzoek), nu de ruimtevaart (3-dimensionaal onderzoek). Kunnen wij ons een volgende stap voorstellen?

Toen de kolonisatie (begin van het koloniale tijdperk), nu de laatste golf van aeskolonisatie (einde van het koloniale tijdperk). Kolonisatie is niet meer denkbaar, hoogstens neo-kolonisatie onder begeleidende terreur ...

Toen de oude cultuur in gevaar (Turken vóór Wenen, 1529), nu wederom (de communisten trachten West-Europa onder de voet te lopen, via Praag (1948) en Berlijn (1949...). Zal er een volgende maal, gesteld al dat het ooit zover komt, nog iets te bewaren over zal zijn.. .?

Toen de derde stand in opmars (boerenopstanden in Engeland en Duitsland), een proces, bekroond door de Franse Revolutie, nu de vierde stand in opmars. Staat niet in heel de wereld de arbeider (het socialisme) model? Is er een vijfde stand ...?

Toen het profijt van de boekdrukkunst (zou de verbreiding van de reformatorische inzichten anders mogelijk zijn geweest? ), nu het profijt van een reeks van nieuwe media: microfilm, pocketboek, radio en T.V. De mens kan thans vèr-lezen, vèr-horen en vèr-zien. Is het aannemelijk, dat er in deze reeks van werkwoorden ooit nog een vierde werkwoord zou kunnen worden ingevuld?

Toen de aanwending van het buskruit (burchten en steden zijn sedertdien inneembaar), nu de kernwapenen (niets is meer oninneembaar). Heeft het innemen van wat dan ook dan nog zin?

Natuurlijk gaat de gegeven vergelijking niet in alles op. Met de „lente van de Nieuwe Tijd" (dr. Oberman) waren meer jaren gemoeid dan met de overgangsperiode, voorafgaande aan het atoomtijdperk. Maar bevreemdt ons dit, als wij bedenken, dat het levenstempo van de moderne mens een ander is dan dat van zijn verre voorzaten . .. ?

(wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1963

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

SYNODALE GELUIDEN OMTRENT DE KERNBEWAPENING (XV)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1963

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's