De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

IK HEB DE WERELD OVERWONNEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

IK HEB DE WERELD OVERWONNEN

Meditatie

9 minuten leestijd

Maar de steen, die het beeld geslagen heeft, werd tot een grote berg, alzo dat hij de gehele aarde vervulde. Daniël 2 vs. 35b.

Door de droom van het kolossale beeld, dat door een enkele steen werd verpulverd, is koning Nebukadnezar, de trotse heerser van Babel, totaal uit zijn evenwicht geslagen. De babylonische wijzen, die door de koning inderhaast zijn ontboden om deze wonderlijke droom te verklaren, staan met een mond vol tanden. Nebukadnezar dreigt met de zwaarste straf, indien deze geleerden de betekenis van de droom niet kunnen te kennen geven. Maar zelfs dit dreigement helpt geen zier. De wijzen van Babel komen er niet uit. Het zoveelste faillissement van de wetenschap. Doch aan Daniël, de profeet Gods, wordt de verborgenheid in een nachtgezicht geopenbaard. Aan eenvoudigen wordt wijsheid gegeven door de Heilige Geest. Juist deze droom, waarmee de wijzen en verstandigen geen raad wisten, bevat een heerlijke profetie aangaande de komende Christus. De steen, die het beeld vergruizelt, is niemand minder dan Hij, die het rijk der duisternis, voorgesteld onder het enorme beeld, ten onder zal brengen. Vele uitleggers hebben zich het hoofd gebroken over de vraag, welke rijken hier met de verschillende metalen, waaruit het grote beeld is samengesteld, precies worden bedoeld. Dat doet eigenlijk weinig terzake. Ieder rijk en elke macht, die tegen God ingaat, zal immers vroeg of laat door Christus ten val gebracht worden. En de Steen, die door de tempelbouwers verachtelijk is een plaats ontzegd, zal tot verbazing der beschouwers uitgroeien tot een grote berg, die de gehele aarde zal vervullen. Het is inderdaad verbazingwekkend. Naar het uiterlijke te beoordelen, zou men verwachten, dat deze onaanzienlijke steen weinig of niets kan uitrichten tegen het solide beeld der wereldmacht. Nietwaar, wat zal dat Kindeke, in doeken gewonden en liggende in de kribbe, kunnen beginnen ? Zal dat in staat zijn het rijk der duisternis te overwinnen ? En wanneer Jezus als een machteloze aan het kruis hangt, lijkt het geheel en al uitgesloten.

Maar zie, op Pasen blijkt, dat de vorst der duisternis zich schromelijk vergist heeft. Dan kan de Heiland naar waarheid zeggen : Ik heb de wereld overwonnen !

In feite ligt dan de wereldmacht als verslagen aan Zijn voeten. Die ogenschijnlijk machteloze Steen is tegen de voeten van het beeld aangebotst, zodat het gigantische beeld ter aarde is geploft. Het is waar, naar het schijnt is er sinds Kerstfeest en Pasen niets in de wereld veranderd. Ja, het lijkt wel, alsof alles hier op aarde op de oude voet doorgaat. De wereldmacht schijnt zelfs nog veel brutaler en goddelozer geworden te zijn dan in de dagen van Nebukadnezar. Vergis u echter niet!

Alle dingen heeft God aan Zijn voeten onderworpen. Want daarin, dat God Hem alle dingen onderworpen heeft, heeft Hij niets uitgezonderd, dat Hem niet onderworpen zou zijn.

Zeker, nu zien wij nog niet, dat alle dingen aan Hem onderworpen zijn, maar wij zien Jezus met eer en heerlijkheid gekroond!

Wat voor het natuurlijk oog verborgen is, ziet het geloof. Alleen het geloof aanschouwt Hem nu reeds als de Koning, die eeuwig heersen zal en die daartoe alle rijken, die zich verzetten tegen God, zal overwinnen. Jezus is de Overwinnaar, niet alleen in de grote wereld rondom ons, maar ook in het persoonlijke leven. Hij brengt het einde ook over het rijkje, dat wijzelf hebben gebouwd. En soms lang niet zachtzinnig, maar gewelddadig. De levensgeschiedenis van vele kinderen Gods bevestigt het, hoe Hij soms als de grote Geweldenaar het mensenleven binnenkomt, die onze plannen, idealen en verwachtingen doorkruist en verijdelt. Daar ligt dan het prachtige beeld van onze dromen. Maar dan zullen wij ook begrijpen, waarom Hij zo met ons handelt, n.l. opdat wij Hem als onze Verlosser zouden zoeken en vinden. Want zie, de Steen is niet in deze wereld komen aanrollen om alles in een dolzinnige vaart te komen verbrijzelen zonder meer, maar wèl om ruimte te maken voor zichzelf. Daar is het Christus per saldo om te doen, in deze wereld, om in uw en mijn leven plaats te maken voor zichzelf en Zijn heil. Hij wil beslag leggen op ons gehele leven, omdat wij Hem naar onze aard geen ruimte in ons leven gunnen, op z'n best een heel klein plaatsje achteraf. Wij denken, dat Hij daarmee wel genoegen neemt: 's zondags een keer naar de kerk, maar voor de rest wordt het leven gevuld met de dingen van deze wereld. Daarom moet Christus ons soms op een hardhandige wijze tot de orde roepen, tot de orde van Zijn Koninkrijk, waarvan Hijzelf 't middelpunt is. De Steen rolt voort, werpt de barricades in ons leven omver en maakt ruimte voor zichzelf. Waar Hij eenmaal beslag gelegd heeft op het leven van een mens, daar zal Hij niet rusten eer Hij in dit mensenleven de eerste en de hoogste plaats heeft verkregen. Zijn Geest twist precies zolang met onze geest, totdat wij alles prijsgeven om aan Hem genoeg te hebben in leven en sterven. Het is wel pijnlijk alles te moeten loslaten, maar als wij Jezus hebben, dan zien we pas goed, dat wij met al het onze in feite niets hebben verspeeld, doch alles hebben gewonnen.

Zo werpt de Heere het éne rijkje na het ander omver om ons Zijn Koninkrijk te schenken, dat eeuwige werkelijkheid is. Zo gaat de Christus voort en Hij gaat van kracht tot kracht, van overwinning tot overwinning. Zijn Koninkrijk, dat onder ons verborgen aanwezig is, zal eenmaal zijn als een berg, die de gehele aarde vervult. Zal dat deze wereld zijn ? Jazeker ! Maar dan vernieuwd en gelouterd. Een aarde, die vol zal zijn van de kennis des Heeren, een aarde, die enkel Gods Rijk zal zijn.

En wanneer Christus ons leven is geworden, als Hij het geheel en alleen voor ons is, dan zullen eenmaal ook onze stemmen zich paren in het loflied : Nu is de zaligheid en het Koninkrijk geworden onzes Gods en de macht van Zijn Christus !

En vanwaar komt mij dit, dat de moeder des Heeren tot mij komt ? 

Men hoort het. Elisabeth is geheel vervuld van de goddelijke dingen, die geschied zijn. Haar eerste en haar laatste woorden zijn voor Maria. Zij prijst haar gelukkig. Welgelukzalig is zij, die geloofd heeft, want de dingen, die haar van 's Heeren wege gezegd zijn, zullen hun vervulling hebben.

De lofzang van Maria.

De eerste woorden hebben betrekking op haar geluk. „Mijn ziel maakt groot de Heere. En mijn geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker, omdat Hij de nederheid Zijner dienstmaagd heeft aangezien, want van nu aan zullen mij zalig spreken al de geslachten. Want grote dingen heeft aan mij gedaan Hij, die machtig is en heilig is Zijn Naam", (vs. 46-49).

Almacht, heiligheid en barmhartigheid Gods worden door Maria bezongen. „Zijn barmhartigheid is van geslacht tot geslacht over degenen, die Hem vrezen".

Hier spreekt Maria over de barmhartigheid Gods in bredere zin. Zoëven was het in betrekking tot haar zelf: „Want grote dingen heeft aan mij gedaan Hij, die machtig is". Nu gaat het over Gods barmhartigheid van geslacht tot geslacht, n.l. over degenen, die Hem vrezen.

Dit ziet alzo op de diepgaande veranderingen, die door de verschijning van de Zoon in de wereld, ja, in tijd en eeuwigheid zullen plaats vinden. De lofzang gaat nog verder over de grote veranderingen, welke door de Christus zullen geschieden :

„Hij heeft een krachtig werk gedaan door Zijn arm. Hij heeft verstrooid de hoogmoedigen in de gedachten hunner harten. Hij heeft machtigen van de tronen omvergeworpen, en geringen heeft Hij verhoogd. Hongerigen heeft Hij met goederen vervuld, en rijken heeft Hij ledig weggezonden".

Gods beschikking om haar tot de moeder van de Messias te maken, doet haar zo zien en spreken, (vs. 51-53). De verkiezing van Maria zelf is er een teken van, dat de Heere de hoogmoedigen vernedert en de nederigen verhoogt. Want zij was uit het geslacht van David, maar zij leefde niet in koninklijke waardigheid of rijkdom, doch in een geringe staat.

Dan komt ze tot het hart van de zaak : „Hij heeft Israël, Zijn knecht, opgenomen, opdat Hij gedachtig ware de barmhartigheid, gelijk Hij gesproken heeft tot onze vaderen, tot Abraham en zijn zaad in der eeuwigheid", (vs. 54, 55).

De beloften Gods aan Israël vervuld.

De geboorte van de Heere Jezus Christus.

Omtrent drie maanden bleef Maria bij Elisabeth. Dus ongeveer tot de geboorte van Johannes, de voorloper des Heeren.

Dan, als ze weer in Nazareth was, geschiedde het, dat er een gebod uitging van de keizer Augustus, dat de gehele wereld beschreven zou worden. Wijl Jozef uit het geslacht van David was, moest hij in verband met de beschrijving naar de stad Davids, dat is Bethlehem. Hij ging met Maria, zijn ondertrouwde vrouw. (Lukas 2:8). Daaruit blijkt dus, dat hij haar getrouw is gebleven.

De Heere heeft dat alles geleid. In Bethlehem zou de Christus geboren worden. De profeet Micha heeft het klaar en duidelijk geprofeteerd : En gij, Bethlehem Efratha, zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda ? Uit u zal Hij voortkomen, die een Heerser zal zijn in Israël, en wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid. (Micha 5:1). 

In Bethlehem moest de Christus geboren worden en het is alzo geschied. Toen zij daar waren, waren haar dagen vervuld. (Lukas 2 : 6). De Chrisitus werd geboren. Maria wond Hem in doeken, en leide Hem neder in de kribbe, omdat voor henlieden geen plaats was in de herberg. (2 : 7).

Het moest zo zijn, want de Schrift had het gemeld, en zijnde het Woord van God, moest die ook vervuld worden. Maar laten we het eerlijk zeggen en als wij dat kunnen, is het met schuldgevoel en grote te verlegenheid: Het is niet Zijn armoe, die hier in Bethlehem wordt getoond, want Hij is de Zone Gods, de Koning der koningen. Hij spreekt en het is er. Hij gebiedt en het staat er. Neen, het is onze armoede, de armoede van de verzondigde Adam en zijn geslacht, welke de Zone Gods, de Messias heeft willen dragen om verlossing teweeg te brengen, gelijk Hij gesproken heeft tot Abraham en de profeten.

Het is niet Zijn armoede, die ons in Bethlehem wordt getoond. Het is onze armoede. Hij heeft die tot de Zijne gemaakt, opdat Hij verloren zondaren met Zijn goederen zou vervullen.

De hemel heeft gejuicht en de engelen hebben het Evangelie verkondigd in deze glanzende nacht: „Vreest niet, want ziet, ik verkondig u grote blijdschap, die al den volke wezen zal; namelijk dat u heden geboren is de Zaligmaker, welke is Christus de Heere, in de stad Davids. En dit zal u het teken zijn: Gij zult het Kindeke vinden in doeken gewonden en liggende in de kribbe". (Lukas 2 : 10-12).

En van stonde aan was met de engel een menigte des hemelsen heirlegers, prijzende God en zeggende: Ere zij God in de hoogste hemelen en vrede op aarde, in de mensen een welbehagen. (Lucas 2 : 13, 14).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1963

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

IK HEB DE WERELD OVERWONNEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1963

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's