Kerknieuws
Beroepen te:
Wormer (toez.), kand. C. H. Bijl te Driebergen; Welsrijp (toez.), H. G. Oostinga te Ommelanderwijk; Polsbroek-Vlist, B. M. Meijndert te Waarder; Oosterwolde (Gld.), J. Smit te Lopik; Papendrecht, P. Alblas te Scherpenisse; Nieuwe Tonge, B. Haverkamp te Groenekan.
Aangenomen naar:
Bellingwoude, J. de Zwaan te Jutwerd-Krewerd; Schipluiden, J. D. Wuister te Ophemert; Goes (4e pred. pl.) M. van den Bosch te Hoogeveen; Rotterdam-Kralingen (wijkgemeente C, Alexanderpolder), W. Radstake te Kralingen (wijkgemeente Kralingseveer); Hoogersmilde (toez.), E. Gijsbers te Emmen, v.h. pred. Ev. Chr. Kerk op Nieuw-Guinea; Zijpe-Zuid, R. G. Timmers te Hulst.
Bedankt voor:
Hogezand (toez.), H. Zuiderveld te Zuidhorn; Nieuw Vennep-Abbenes (2e pred. pl.), M. van der Leun te Kolder- en Dinxterveen; Amstelveen (wijkgemeente 6, Buitenveldert) (toez.), P. Klop te Zeist; Purmer, J. de Zwaan te Jutwerd-Krewerd; Achlimi-Hitsum, S. F. van Veenen te Ternaard; Oudenbos (toez.), J. A. Fricke te Bergum.
Muiden.
Zondagmiddag 26 april nam ds. C. v. d. Wal wegens bekomen emeritaat afscheid van deze gemeente. Als tekst voor deze korte dienst (vanwege zijn gezondheid mocht hij niet lang spreken) had ds. v. d. Wal gekozen Rom. 11 : 36. Hij getuigde van de grote dank aan God, voor wat hij had mogen doen en als er in zijn werk iest goeds gevonden werd, kwam daarvoor ook alleen de Heere dank toe.
Na de predikatie werd ds. v. d. Wal toegesproken door burgemeester Coops, ds. Koen namens de Ger. Kerk, ds. Hoogendijk van Muiderberg als consulent en ouderling Schulp namens kerkeraad en gemeente.
Kamperveen - Maarssen.
Ds. J. Vroegindeweij nam zondag 19 april afscheid van de gemeente Kamperveen met als tekst Joh. 3 : 29. Na de predikatie kwam in de toespraken duidelijk uit de genegenheid voor dit jonge predikantenechtpaar.
Zondag 26 april vond de bevestiging plaats te Maarssen door zijn vader, terwijl 's middags de intreetekst was uit 2 Cor. 4 : 7. Hij werd verwelkomd door burgemeester De Ruiter, ds. Broekhuizen namens de classis, ds. Vermaas als collega in Maarssen en ouderling Roseboom, terwijl ook zijn voorganger ds. A. L. v. d. Smit van Dordrecht hem nog toesprak.
Giften.
De Hervormde gemeente te Ede ontving een legaat van ruim 1000 gulden uit de nalatenschap van mevr. Verkerk, terwijl ds. D. v. d. Berg te Veenendaal van een echtpaar een gift van zeven duizend kreeg voor de in aanbouw zijnde Sionskerk.
Huishoudelijke vergadering Herv. Ger. Mannenbond.
Zestig verenigingen van de hervormd-gereformeerde mannenverenigingen zonden zaterdagmiddag hun afgevaardigden naar de huishoudelijke vergadering van de Bond, die in het Jaarbeursrestaurant in Utrecht gehouden werd.
Daar herdacht de voorzitter van de Bond, ds. A. Vroegindeweij uit Veenendaal zowel in het gebed als in zijn openingstoespraak zijn betreurde collega, ds. P. J. P. Lamens, in leven de tweede voorzitter, die enkele weken geleden op 54-jarige leeftijd na een kort ziekbed overleed. Hij noemde hem een hartelijk en welnenend mens in wie de Bond veel verloor.
Ds. Vroegindeweij had als titel en uitgangspunt van zijn rede de bijbeltekst „Vraagt naar de oude paden" gekozen. Een gedeelte uit de profetie van Jeremia, waar staat: „Gaat op de wegen en ziet toe, vraagt naar de oude paden". Wanneer wij de oude paden betreden, dan is dat niet uit conservatisme, zo meende spreker, maar omdat Gods Woord dat van ons vraagt. Juist in deze tijd van afval — bij de laatste volkstelling bleek, dat velen de kerk de rug toegekeerd hadden — en waarin velen binnen de kerk op eigen gekozen wegen wandelen, moeten wij de oude paden blijven zoeken. Dat is niet het handhaven van verouderde gewoonten en principes, maar het vasthouden aan het levende Woord van God, dat wij zonder restrictie aanvaarden.
Geestelijk verval noemde de voorzitter de oorzaak van het verval van onze natie en ook van ons vorstenhuis. „Waarachtige bekering van volk en vorstenhuis is nodig." Het voorstel om een telegram aan prinses Irene te sturen wees ds. Vroegindeweij af. Wel riep hij allen op veel voor haar te bidden. „Er wordt te veel gepraat en te weinig gebeden!"
Ook inzake de oecumenische beweging moeten wij de oude paden blijven betreden. We moeten onze belijdenisgeschriften en reformatorische beginselen vasthouden. Geen „lonken" naar Rome. We zijn trouwens de laatste tijd te veel ontnuchterd geworden. Wij mogen echter geen verkeerde anti-roomse houding aannemen.
Over de vraag die nogal eens gesteld wordt: „Waarom blijft ge als hervormd-gereformeerde in de oude kerk? ", zei de referent, dat men geen heil ziet in een scheiding, maar dat men door te blijven op het erf der (hervormde) kerk kan werken aan het herstel der kerk. „Volledig herstel lijkt misschien onbereikbaar maar God in de hemel zal het ons doen gelukken".
Na de verkiezing van de hoofdbestuursleden — ds. G. H. van Kooten uit Huizen zal de plaats van ds. Lamens innemen en de heer A. Hagendoorn werd herkozen — hield de heer J. van Woerden zijn referaat over „Woord en Geest", waarin hij Calvijn citeerde, wanneer deze zegt: „Het Woord werkt niet zonder de Geest en de Geest niet zonder het Woord".
De spreker bestreed de verschillende opvattingen, o.a. die van Karl Barth en prof. dr. G. C. V. Niftrik, die de bijbel niet volkomen als Gods Woord aannemen. Aan het eind van zijn lezing merkte de heer Van Woerden op, dat wij in plaats van te spreken over een geestloze tijd, eerst zelf een eind moeten maken aan onze eigen geestloze houding.
(De Rotterdammer)
C.O.G.G.
Deze letters duiden aan: Contact Orgaan van de Gereformeerde Gezindte. Voor dit orgaan spraken op „Woudschoten" te Zeist ds. G. Boer van Huizen en ir. H. van Rossum te Zeist.
In De Rotterdammer vonden we het volgende: Het C.O.G.G. werd 19 september 1963 definitief opgericht, nadat het gereformeerde convent in oprichting enkele jaren had bestaan. In het C.O.G.G. ontmoeten figuren uit vijf kerken of groepen elkaar: de Christelijk Gereformeerde Kerken, de Gereformeerde Bond, de Gereformeerden Gremeenten, de Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). Een nadeel is dat slechts twee kerken officieel zijn vertegenwoordigd, namelijk de Christelijk Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Kerken. De gereformeerde bond is uiteraard geen kerk en de medewerking uit de Gereformeerde Gemeenten en de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) draagt een persoonlijk karakter. Als voorzitter fungeert prof. dr. N. H. Ridderbos te Amsterdam, secretaris is de Apeldoomse predikant ds. J. H. Velema.
Over het onderwerp „Heden en toekomst van de Gereformeerde Gezindte" refereerde ds. G. Boer van Huizen (N.H.). In een klemmend betoog heeft hij het probleem gesteld: er is één Verbond en er zijn vele kerken. Klopt dit? Het Nieuw Testamentische kerkbegrip werd sterk geaccentueerd. We kunnen noch mogen vrede hebben met de bestaande situatie. Maar we zullen er ook oog voor moeten hebben dat het geheim van de kerk gelegen is in de tegenwoordigheid Gods door de Heilige Geest. Een eenheidsinstituut zonder Christus is een akelig geval. Er is geen eenheid zonder waarheid. Maar er is ook geen waarheid zonder eenheid. De eenheid is een deel van de waarheid. De waarheid en de eenheid liggen in de Christus der Schriften. Sprekend over de Geref. Gezindte merkte ds. Boer op dat haar papieren niet hoog staan genoteerd. We zijn in de crisis en we staan wat verdeeld te knipperen tegen de 20e eeuw. De greep op het volk is verzwakt. De aard en en omtrek van het schriftgezag is niet zo duidelijk meer. De benaming Gereformeerde Gezindte kan een uiting zijn van een slecht kerkelijk geweten. Met ons kerk-zijn zullen we aan de voeten van Christus terecht moeten fcotnen. Onze kerkelijke wonden tonen ook onze kerkelijke zonden. In het slot van zijn indrukwekkend referaat betoogde de Huizense predikant dat we niet gereformeerd kunnen zijn op ons eentje. De belijdenis is gemeenschappelijk bezit. Geen enkele kerk, die deze belijdenis onderschrijft, mag zonder andere kerken te raadplegen, veranderingen aanbrengen. In het verleden is dit wel gebeurd. Dat kan nu beslist niet meer. We mogen elkaar niet loslaten noch afschrijven.
De bespreking van dit referaat leverde de volgende wensen op: het C.O.G.G. moet een soort studiecentrum worden waar onderwerpen worden besproken, die alle kerken aangaan.
Het C.O.G.G. moet in de publiciteit komen. Er moet meer medeleven komen. Een volgende conferentie moet door een daartoe benoemde commissie grondig worden voorbereid. Overwogen werd de uitgave van een Calvijn-pocket te verzorgen door auteurs uit de genoemde kerken, nu het dit jaar vier eeuwen geleden is, dat de reformator van Geneve stierf.
Ir. H. van Rossum te Zeist, ouderling van de Gereformeerde Gemeente aldaar, behandelde de gereformeerde zede. Op originele wijze belichtte hij het doen en laten van de mens, beklemtoonde hij de noodzaak van het christen-zijn naar antwoord 32 van de catechismus. Speciale aandacht gaf hij aan het eerste en het vierde gebod. Sterk drong hij aan op het praktisch christen zijn. De idee van de plaatsvervanging — een ander doet het wel voor mij, bijvoorbeeld bidden — wees hij scherp af. Ook dit onderwerp kreeg een brede bespreking, die werd afgerond door prof. dr. H. van Riessen. We zijn een nieuwe periode van de geschiedenis der mensheid ingegaan. De Heere heeft de mensen macht gegeven over de schepping. De kerk moet klaar worden voor de nieuwe tijd, nu de spanning tussen verlossing en verderf sterker gevoeld wordt dan vroeger. De conferentie werd gesloten door de tweede voorzitter, prof. W. Kremer, die de betekenis van deze ontmoeting onderstreepte. Er groeit wat, een kwart eeuw geleden was het niet mogelijk zo te vergaderen. De zegen van deze ontmoeting dienen we te bewaren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 mei 1964
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 mei 1964
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's