Pinkstertekenen op het Pinksterfeest
Meditatie
En daar geschiedde haastig uit de hemel een geluid, gelijk als van een geweldige gedreven wind, en vervulde het gehele huis, waar zij zaten; en van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een iegelijk van hen. Handelingen 2 : 2, 3.
't Is opvallend dat er bij de vele Kerst- en Paaswaken geen Pinksterwaken gehouden worden, terwijl in de Schrift juist 't Pinksterfeest het meest intens verwacht is geweest. Met bidden en smeken volharden, staat er van de apostelen geschreven.
Pinksteren is ook een moeilijk feest, laten we het maar eerlijk toegeven. Op Kerstfeest is er wat te zien, Paasfeest is ook niet zonder opzienbarende gebeurtenissen; maar wat moet je je nu voorstellen bij het Pinksterfeest? Het is een onzichtbaar feest! De Heilige Geest wordt uitgestort. Dat betekent: God Zelf komt bij ons wonen. Het beduidt ook: Alles wat Christus op aarde gedaan heeft wordt nu bij de discipelen in de mond en in het hart gebracht. Dat doet de Heilige Geest: Hij verbindt Christus met de Kerk.
't Is moeilijk om dat te begrijpen, als je er niets van ziet. Met Kerstfeest zag je nog een Kind, met Paasfeest denk je aan een leeg graf, maar wat met Pinksteren? Toen heeft de Heere voor de wachtende discipelen toch tekenen gegeven, tekenen waardoor ze konden weten: Nu is het Pinksteren. Nu is het ogenblik aangebroken waarop de Geest komt wonen in de Gemeente.
Welke tekenen waren dat? Van wind en van vuur! We willen de betekenis van het Pinkstergebeuren verklaren uit de Pinkstertekenen!
Als eerste het teken van de wind. Waait het werkelijk? Neen, er gebeurde niets in de natuur. De discipelen hoorden alleen wat: het geluid als van het bruisen der golven, wanneer je bij de branding bent. God laat het hemelse verschijnen in de gedaante van het natuurlijke.
Laten de apostelen maar denken aan de wind. De Heilige Geest wordt in de Schrift immers dikwijls onder het beeld van de wind voorgesteld?
Wat is het kenmerkende ervan? We leren eerst dat het een teken vanuit de hemel was. Het wil zeggen: Gods Geest komt van boven. Geen opgezweept enthousiasme, geen eigen fantasieën kenmerken dit feest. Het geloof der Kerk is niet van binnenuit en geen vrucht van eigen akker. We hebben ons bestaansrecht niet van beneden, maar van boven, waar God woont. Laat ook niemand denken: Als ik van binnen iets bijzonders voel is dat de Heilige Geest. Binnenin ons wonen alleen maar boze overleggingen. Het is een grote genade dat de Geest nog wil neerdalen op zondaren als de discipelen zijn Niet wij zoeken Christus vanuit onszelf, maar Christus zoekt wel ons. En dan is er geen houden aan, evenmin als een stormwind tegen te houden is, die over het veld waait. Wie God op 't oog heeft, die zal Hij zalig maken. Paulus roemt: Die Hij verordineerd heeft, die heeft Hij ook geroepen, ook gerechtvaardigd, ook verheerlijkt. Met andere woorden: God gaat dóór als Hij eenmaal begonnen is. Zo onweerstaanbaar als de wind, zo onwederstandelijk is ook de werking van Gods Geest. Als het van óns afhing zou er nooit zegen zijn op Gods Woord. Hebt u daarover al eens wakker gelegen? Zoveel jaar oud en nog geen geloof? Wat is 't dan een wonder dat die Geest zo onweerstaanbaar doorwerkt dat zelfs de grootste zondaar tegen wil en dank kan behouden worden. Er is toekomst voor de kerk, ondanks alle verloochening, alle verzet, vervolging en verdrukking. Er blaast een wind door het hele huis en alles, alles wordt erdoor vervuld!
Dat tot troost voor gemeenteleden en ambtsdragers. Je zegt weleens bij jezelf: Wat heeft ons werk toch voor nut? Kunnen we niet beter ophouden? Dan luiden de klokken voor het Pinksterfeest en ze brengen de feestelijke tijding: God gaat onweerstaanbaar door. Waar Hij komt moet de duivel wijken. Daar houdt het ongeloof geen stand. Gods Geest triumfeert omdat Christus overwint, Hij is toch de Geest van Christus? Dat geeft blijde hoop en nieuwe verwachting: God zal doorgaan! Hij zal ook onder ons door Woord en Geest mensen roepen tot het eeuwig, zalig leven. Daarom is Pinksteren een blij feest. Alles hangt van Gód af! Het begin, de voortgang en het einde. Daarom kan het niet mis gaan. Het moet lukken voor honderd procent!
Ook het vuur is „slechts" teken. Net als bij het brandende braambos wordt de indruk van vuur gewekt, terwijl er niets door verbrandt. Algemeen wordt aangenomen dat er één grote vuurvlam geweest is, die zich bij het neerdalen verdeelde in kleine vuurtongen.
Als de Heilige Geest met vuur te maken heeft, is Pinksteren niet zo'n onschuldige zaak, als we wel denken. Vuur is een gevaarlijk element. En het vuur van de Pinksterdag heeft met Gód te maken. De Geest is vurig in Zijn werk!
Wat doet vuur? Het reinigt. Wat voor God niet kan bestaan moet verbrand worden. Hebt u 't al gevoeld, dat er de brand gaat in uw eigengerechtigheid? De mensen op de Pinksterdag voelden 't wel: Mannen broeders, wat moeten we doen? In die schreeuw klinkt de angst door van mensen die in een brandend huis zijn en voor wie de weg versperd is. Petrus zegt: Er is er Eén door het vuur gegaan: Christus Jezus! Die Ene is ook verbrand. Hebt u Hem gezien als degene, Die voor u die dood moest sterven? Omdat Hij door het vuur is heengegaan, kunnen anderen uit het vuur gered worden. Och, niemand wil graag van zijn zonde overtuigd worden. Toch is dat de beste weg. Als Gods Geest uitbrandt het leven der zonde, wordt er ook een hand uitgestoken: die reddende Hand van God is Christus.
Vuur loutert ook. God is dikwijls met Zijn Kerk bezig als een goudsmid met het zilver. Het vuil komt in de smeltkroes bovendrijven en wordt er met een schuimspaan afgeschept. Hoe meer vuil er af komt, des te zuiverder wordt het zilver. Tenslotte wordt het zó zuiver, dat de goudsmid er zijn eigen beeld in ziet. Laat dit stuk van Gods Woord niet aan u voorbijgaan. Volg de Heere ook langs een moeilijke weg. Hij laat in zijn tuintje geen vuil groeien. Hij reinigt de Zijnen opdat ze Zijn deugden meer en meer weerspiegelen. De verdeling in tongen spreekt ons van de prediking. Wie aan een tong denkt, denkt aan spreken. Vurige tongen laten zien hoe het de Geest is, die drijft tot de prediking van het Woord. En dat nog wel in verschillende talen! God heeft verdeelde tongen gegeven, opdat geen enkel volk buiten de zaligheid zou blijven.
't Vuur van Pinksteren is dus ook een Zendingsvuur. Tot aan het einde der aarde zal het Evangelie gehoord worden. Dat is Géésteswerk! Juist de verkondiging van het Evangelie is de bediening des Geestes. Wij zoeken soms wel naar dingen die naar onze mening echt geestelijk zijn. Onthoudt dan goed, het gaat om het heldere en klare Woord der prediking waardoor de Gemeente wordt gebouwd. Als iemand de Geest meent te hebben en hij werkt niet mee tot opbouw der Gemeente, dan zit er bij hem iets fout. Omdat de Gemeente van Christus is, moet ook de Geest van Christus aan heel de Gemeente geschonken worden. We zien dat niet zozeer. Het is ook een zaak van geloof. Wat moet dat nu met onze Kerk en met onze mensen? Och Pinksteren is daarom zon wonderfeest omdat de Heere Zijn Geest uitstort op zondige mensen. Die Geest maakt plaats voor Zichzelf in Zijn vrijmacht. Dan worden we onszelf tot een wonder. Dan wordt ook de kerk ons tot een wonder. Haar bestaan in de wereld is louter aan de Geest te danken.
In die Pinkstervreugde mag de Kerk nog altijd leven. Het is geen vaag feest. De stukken van het Koninkrijk Gods komen nu op scherp te staan! De tekenen doen ons zien, dat God Zijn werk volvoert.
Hij drijft ons naar de voleinding.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 1964
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 1964
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's