DE KERK
Het is eenmaal gewoonte geworden om te spreken van het wezen der dingen als aanduiding van het eigenlijke zijn; dat in de bestaansvormen op een gevarieerde wijze tot uitdrukking komt. Het is niet nodig, dat we de daarvoor gebruikelijke wijsgerige uitdrukkingen hier te pas brengen en nader uiteenzetten. En dat zeker niet ten aanzien van de kerk.
Doch men zal kunnen begrijpen, dat iedere haas op een eigen wijze het wezen haas vertegenwoordigt en daaraan op een individuele wijze uitdrukking geeft.
Zo zouden we ook kunnen zeggen, dat iedere kerk op een eigen wijze het wezen der kerk tot openbaring brengt, maar wij gevoelen er toch niets voor dien weg in te gaan. In verband met de verschijning der kerk in de wereld zou men dat kunnen doen, maar het geheel bijzonder geestelijk karakter der kerk houdt ons daarvan terug. Afgezien nog van de vraag, in hoeverre de wijsgerige ambitie de werkelijkheid juist tekent, als het gewone aardse dingen betreft, komt het ons voor, dat de kerk een zodanig geestelijk karakter draagt, hetwelk zich wijsgerig niet laat vatten.
De geschiedenis kan aantonen hoezeer de kerk en de theologie door wijsgerige invloeden en inmengingen haar geestelijk karakter veronachtzaamde tot schade van een gezond kerkelijk leven. Laat ons daarom trachten, dat zoveel mogelijk te vermijden en er naar streven de kerk te verstaan, zoals zij is.
Zoals zij is!
Maar zij is geestelijk.
Dat is het juist. De kerk is geestelijk, natuurlijk niet dat stenen gebouw van klassieke of van moderne smaak. Ook niet dat eenvoudige vriendelijke dorpskerkje. Ja, het is gewoonte geworden die grotere en kleinere gebouwen kerken te noemen, maar de kerk, de gemeente, dat zijn de mensen die daar tezaam komen onder de prediking des Woords. De gemeente, dat is eigenlijk de kerk. Eigenlijk wel, en toch eigenlijk weer niet.
De kerk is een heilige vergadering van ware Christgelovigen. De kerk is dus een voorwerp des geloofs. Dat betekent niet, dat de kerk een onzekere aangelegenheid is, maar dat die kerk alleen door het geloof wordt gekend.
Als we dit zo met zekerheid beweren, omdat het waarlijk zo is, zal men gevoelen, dat de kerk, waarom het dus eigenlijk gaat, wat anders is dan dat vriendelijke gebouwtje met die bekende toren uit onze geboorteplaats.
Die mensen dan, die daar zondags bijeenkomen, laten we zeggen onder de prediking des Woords. Zeker, die mensen, en als wij getrouw naar de kerk gaan, komt het wat dichter bij ons. Het raakt ons ook. Wij horen er ook bij. Zeker, wij zijn ook gedoopt en mogelijk hebben we al belijdenis gedaan, of zijn bij de dominé op catechisatie en bereiden ons voor om belijdenis te doen en welbewust tot de gemeente toe te treden.
Goed, als dit alles zo is, zijn we met die anderen tezamen lidmaten der kerk en behoren we welovertuigd tot de gemeente ter plaatse.
Die gemeente is echter geen object des geloofs. We kennen de mensen in onze gemeente. We zeggen: Die en die heb ik vanmorgen niet gezien, als we een trouwe kerkganger missen. In zoverre is de gemeente ons dus bekend.
Wat bedoelen we dan met onze op merking: Eigenlijk wel en toch eigenlijk weer niet?
Wel, die gemeente, met welke we zondags in de kerk zitten, kennen we. We nemen haar van zondag tot zondag waar, we weten van sommigen nauwkeurig de plaats, waar zij gewoon zijn te zitten en nog veel meer. We noemen hun vergadering „gemeente", eigenlijk een eretitel! Het gaat n.l. om de gemeente des Heeren.
Dat is het geheel bijzondere, waarvan de catechismus spreekt in Zondag XXI: Wat gelooft gij van de Heilige Algemene Christelijke Kerk?
Let wel, de Catechismus vraagt niet: Wat weet gij van de Algemene Christelijke Kerk, maar wat gelooft gij?
Het gaat in deze vraag dus niet over enige aardse kerk, een gebouw of een vergadering, die men kan waarnemen en beoordelen op het gezicht. Neen het gaat over een voorwerp des geloofs. Niet over mensen of menselijke aangelegenheden, die men kan tellen en naar menselijke maatstaven kan beoordelen. Neen, het gaat over hemelse zaken, die men alleen in het geloof kan kennen, als de Heere God ons tot die kennis roept en verkiest.
En nu het antwoord: Dat de Zone Gods uit het ganse menselijke geslacht zich een gemeente, tot het eeuwige leven uitverkoren, door zijn Geest en Woord, in enigheid des waren geloofs, van den beginne der wereld tot aan het einde, vergadert, beschermt en onderhoudt; en dat ik daarvan een levend lidmaat ben en eeuwig zal blijven.
Het staat er zeer duidelijk: De Zone Gods, dat is dus de Christus, vergadert zich een gemeente, die tot het eeuwige leven uitverkoren is. Dat is dus een goddelijke daad. Die in de Schrift thuis is, weet, dat die verkiezende daad door God heeft plaatsgevonden vóór de grondlegging der wereld (vgl. Efeze 1 : 4). Toen God de mens nog niet geschapen had, toen, toen er nog geen mens was, want er staat vóór de grondlegging der wereld, toen was God wel van plan de mens te scheppen. Hij was er mee bezig in Zijn Raad en wist ook, dat Hij een mens naar Zijn beeld zou formeren. Hij zag die mens, met eerbied gezegd, in den Geest en nam Zijn verkiezend besluit.
„Die ons tevoren verordineerd heeft tot aanneming tot kinderen door Jezus Christus, in Zichzelven, naar het welbehagen van Zijn wil" (Efeze 1 : 5).
Dat voornemen Gods zou ons geheel en al onbekend geweest zijn, als de Heere God daaromtrent niets geopenbaard had. Maar door Zijn Woord en Geest werkt Hij dat alles uit, overeenkomstig Zijn wil.
De kerk op aarde is daarbij betrokken en daarom is er een kerk op aarde. Maar de gemeente, de kerk, dat zijn de uitverkorenen Gods. Dat is de ware kerk. Die kent de Heere God alleen. Maar zij worden vergaderd door Zijn Woord en Geest, in de aardse kerk. Zo zijn er dus ook in de aardse kerk en o.a. daarom draagt zij de naam kerk.
Volgende keer verder.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 oktober 1964
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 oktober 1964
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's