Kerknieuws
Beroepen te:
Mijnsherenland, P. D. de Bruyn te Opijnen — Urk, J. C. Koolschijn te Ridderkerk — Aalst (Gld), A. Romijn te Noordeloos — Ballum-Hollum, J. Zagema te Appelscha — door prov. kerkverg. Z.-Hlland tot pred. btgw. werkz. (scriba prov. kerkverg.), E. J. Beens te Rotterdam Hillegersberg — door prov. kerkverg. Z.-Holland pred. btgw. werkz. (dir. herv. stichting voor diaconaal maatsch. werk in Z.-Holland), G. J. Geels, pred. btgw. werkz. (secr. gen. diaconale raad te Utrecht) — Wouterswoude, S. de Jong te Houten — Oudega (W), D. Postma te Zoelen — Marsum, W. A. G. Meeuse te Angerveen — door gen. synode tot pred. buitengew. werkz. (vlootpred.) C. M. van Ede te Windesheim, die dit beroep heeft aangenomen — Oudkerk-Roodkerk (toez.), P. van der Heijden te Lochem — Harskamp, A. Romijn te Noordeloos.
Aangenomen naar:
Rouveen (toez.), T. J. Kamerbeek te Poederooijen — Nieuwe Tonge, J. P. Verkade te Gameren — Giessenburg, kand. G. Th. Vollebregt te Rotterdam-Kralingen.
Bedankt voor:
Oudega (W.), W. F. Kuil te 't Woud-Den Hoorn — Vaassen (toez.), F. Joh. Veldman te Drachten — Uithuizermeden, R. P. Ytsma te Hemelum — Zelhem (vak. P. Hakkesteegt, toez.), J. H. J. Hoffman te Kruiningen.
Prov. Kerkvergadering Zuid-Holland.
Ds. W. Anker te Charlois is gekozen als praeses van de provinciale kerkvergadering van Zuid- Holland. Deze volgt als zodanig dr. G. de Ru op, die tot praeses van de generale synode is gekozen. Ds. Anker, die 47 jaar oud is, werd 31 mei '42 predikant te Herkingen, nadat hij te Utrecht theologie gestudeerd had. In 1947 vertrok hij naar Heusden, welke gemeente hij in 1952 voor Charlois verwisselde.
Tot assessor werd ds. J. J. Poldervaart te Scheveningen gekozen. Hij volgt ds. G. W. Kwant op.
Ds. E. J. Beens te Hillegersberg werd opnieuw gekozen als scriba. Omdat hij kerkordelijk niet meer herkiesbaar was, is hij door de provinciale kerkvergadering beroepen tot predikant voor buitengewone werkzaamheden.
Bommelerwaard.
Van de acht gemeenten binnen de ring Bommel, die tot de hervormd-gereformeerde modaliteit behoren, zullen er straks vijf vacant zijn, nu ds. Verkade en ds. Kamerbeek een beroep hebben aangenomen. Alleen Brakel, Hedel en Nederhemert hebben dan nog een eigen predikant.
Sint Maartensdijk.
Op 26 maart hoopt de gemeente van Sint Maartensdijk het gerestaureerde kerkgebouw weer in gebruik te nemen.
Is de Mannenvereniging uit de tijd?
Een redacteur van de Rotterdammer heeft deze vraag voorgelegd aan drie voorzitters van Mannenbonden.
Ds. Wagener van Voorburg, voorzitter van „In dienst der kerk" was niet optimistisch. Deze organisatie liep na 17 jaar in ledental terug van 5000 tot 600.
„De gemiddelde leeftijd van de leden ligt boven de vijftig. Er zijn practisch geen jongeren meer te vinden, die zich bij zo'n oud stel willen voegen. Veel verenigingen zijn letterlijk uitgestorven. Het is voor hem dan ook duidelijk, dat althans in de midden-orthodoxie het mannenwerk in de traditionele stijl zijn tijd heeft gehad.
't Heeft volgens hem geen zin, dit met wat lapmiddelen te camoufleren (minder gewichtige vergaderstijl, het wat gezelliger maken en dergelijke). De tijd is anders geworden. Men krijgt de mannen er nu eenmaal niet meer toe, om bij voorbeeld eens in de twee weken rond een tafel te gaan zitten voor bijbelstudie of bespreking van (min of meer) actuele onderwerpen.
Te zeer wordt dit gezien als een kweekschool voor aspirant-ouderlingen. Te weinig voelt men het functioneren in de problematiek van alledag. Te zeer is men vooral gaan beseffen, dat de mens tweezaam is en dat is alleen maar bijbels, aldus ds. Wagner".
Hoe moet het dan wel? Met behulp van studiemateriaal van De Horst plaatselijke activiteiten stimuleren b.v. Bijbelkringen. „Liever spontane gemeentekringen, dan landelijke mannenorganisaties".
In sommige plaatsen (onder andere in Voorburg en Voorschoten) heeft men geëxperimenteerd met een nieuwe opzet in deze. Gedurende een hele zaterdag werd een bepaald onderwerp grondig doorgepraat. De mannen kwamen bij elkaar om half elf, lunchten met elkaar en bleven tot een uur of drie.
Op dergelijke samenkomsten (hooguit eens per kwartaal) zou men dan een typisch mannenonderwerp kunnen behandelen zoals de Europese integratie of het synodegeschrift over de politieke verantwoordelijkheid der kerk.
Ds. Koffeman, de voorzitter van de Ger. Mannenbond, constateerde in zijn bond de laatste 10 jaar een gestage groei, maar nu was er stilstand. De stilstand, die tot achteruitgang moet leiden, wijt hij aan de afbrokkeling in het jeugdwerk, de mindere aantrekkingskracht door de onwil zich nog met problemen te confronteren, de vergadermoeheid, het niet meer functioneren van het ambt der gelovigen.
Hij wil de mannenverenigingen behouden.
Moet er dan niets veranderen? Ds. Koffeman is ervan overtuigd, dat de methodiek opnieuw doordacht moet worden. De vergaderingen moeten minder formeel (notulen en een voorzitter met een hamer) zijn. Niet meer zo stijf: inleiding plus bespreking. De voorzitter (beter: gespreksleider) zou ook niet langer dan een jaar aan moeten blijven.
Er is al veel veranderd. In fris schetsenmateriaal worden actuele onderwerpen behandeld. In plaatsen, waar de bestaande verenigingen een zekere vergrijzing hebben ondergaan, worden verenigingen voor jonge mannen opgericht. Daar kunnen problemen worden behandeld, die voor ouderen niet relevant zijn (dansen, geboortenbeperking).
Bij de hervormd-gereformeerde mannen ligt het allemaal heel anders. Ds. Vroegindewey vertelt tevreden, dat de bond nog steeds groeit. Na de oorlog is men van 500 tot 3500 gestegen.
De jeugd is nog steeds goed vertegenwoordigd.
Dit komt voor een groot deel door de minderheidspositie, die de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk inneemt. Onze mensen worden zich steeds meer bewust van hun taak en plaats in de Hervormde Kerk, zegt ds. Vroegindewey. Nu groeit het besef, dat zij zich moeten wapenen tegen het indringen van onschriftuurlijke beginselen. Daarom is er ook op de catechisaties een trouwe opkomst. Wij mogen niet met een mond vol tanden staan.
Het is duidelijk, dat deze bond geen materiaal van De Horst gaat betrekken. Zij werkt met schetsen, die de belijdenis behandelen en het bondsblad, waarin natuurlijk ook actuele onderwerpen aan de orde komen.
Vooral in gemeenten, waar het gereformeerde element een minderheid is, is ons mannenwerk waardevol, zégt ds. Vroegindewey. In solidariteit sterkt en voedt men elkaar vanuit het Woord.
De ervaring, die de Veenendaalse pastor met bijbelkringen en zo heeft, is niet gunstig, vooral omdat ze zo snel verdwijnen. Een mannenvereniging heeft ook wel slechte tijden, maar dan is er toch altijd een vaste kern, die de vereniging staande houdt.
Zolang we vasthouden aan ons karakter als hervormd-gereformeerden, zal ons werk wel voortgang hebben, aldus ds. Vroegindewey.
Er zijn concrete plannen, om het bondsbureau uit te bouwen tot een landelijk vormingscentrum. Ieder kan daar zijn materiaal dan betrekken, net als bij De Horst, maar er moet wel een organisatie achter staan, die alles runt. Ook wil de bond weekends organiseren bij voorbeeld voor ouderlingen (lid of geen lid), of voor de bespreking van een brandende kwestie als de oecumene.
Bethelkerk te Ede.
Onder grote belangstelling van de gemeente, en van buiten de gemeente is 24 februari de 5e Kerk aan de Centrale Kerkeraad van de Herv. Gemeente overgedragen.
De president-kerkvoogd R. Hansman gaf vooraf een overzicht van al de moeilijkheden, die overwonnen moesten worden, om te geraken tot het bezit van deze prachtige Kerk van ± 600 zitplaatsen en met ruime bijgebouwen. Hij begon met de gemeente te danken en vooral de Dameskransen voor de steun de Kerkvoogdij verleend.
Hij dankte de architect ir. Oskam uit Dordrecht, die de Kerk met toren ontwierp, die te midden van hoge flats niet alleen met de omgeving harmonieert, maar ook uitwendig en vooral inwendig de voorname boodschap van Gods Woord accentueert. Deze roemde ook het werk van de Firma Elbertsen v. d. Meyden en haar onderaannemers en dat van de orgelbouwer Pels uit Alkmaar. Onder grote dank aan God aanvaardde de voorzitter van de Centrale Kerkeraad ds. I. Schipper deze Kerk en sprak de hoop uit, dat God in deze Kerk en haar bijgebouwen Zijn Geest moge paren aan de bediening van Zijn Woord tot eer van Zijn Naam en tot heil van zondaren. Vervolgens werd door ouderling Duynhouwer de kanselbijbel binnengebracht en door jeugdouderling Dangerak: het doopbekken en door ouderling Beukhof en de diakenen de Bruin en Kreeft het Avondmaalstel, waarbij telkens door ds. Schipper enige toepasselijke woorden gesproken werden en de gemeente zong onder begeleiding van het nieuwe orgel, bespeeld door de adviseur Feike Asma.
Na enkele toespraken o.a. van de Wethouder Wiegeraadt en architect en aannemer, hield de consulent ds. J. v. d. Heuvel de eerste prediking over Gen. 28 : 19a.
Na afloop feliciteerden velen de Centrale Kerkeraad en de wijkkerkeraad, en vooral ook ds. R. C. Cuperus, die weldra vanuit dit prachtige en practische geheel zijn arbeid hoopt te beginnen.
Afscheid ds. J. Smit te Lopik.
Zondag 7 maart nam ds. J. Smit afscheid van de gemeente Lopik, wegens vertrek naar Putten. Na een verblijf van bijna 7 jaar waarvan een jaar als legerpredikant hoopt hij op 14 maart bevestigd te worden in de wijk-vacature ds. L. Kievit. De bevestiger aldaar zal zijn, zijn vriend ds. K. J. Jansen, jeugdpredikant te Doeveren N.B.
Als om 2 uur n.m. de dienst van afscheid plaatsvindt in de noodkerk wegens de grote restauratie van de kerk, was deze dienst overvol.
De afscheidstekst was genomen uit 1 Cor. 1 vers 17. „Want Christus heeft mij niet gezonden om te dopen, maar om het Evangelie te verkondigen; niet met wijsheid van woorden, opdat het kruis van Christus niet verijdeld worde".
Na het beëindigen van de prediking, werden enkele personen toegesproken, waarmee ds. J. Smit tijdens zijn verblijf in Lopik had mogen samenwerken oud ouderling van Bemmel en oud diaken Molenaar. De organisten mevr. Herrewijn-de With die per 1 januari bedankt heeft als organiste na ruim 40 jarige dienst, eveneens de heer Ponsen, de ook bedankte als organist die enkele jaren dit heeft mogen doen. Tenslotte de gehele gemeente waarvan hij met moeite kon scheiden, wegens de vele banden die hem aan zijn gemeente bond. Een woord van dank voor het waardevolle aandenken, dat hem vrijdagavond - 5 maart in een afscheidsavond werd overhandigd. Toegesproken werden nog B. en W. van Lopik in verband met het samenspreken, dat de restauratie van de kerk noodzakelijk maakte, ook afgevaardigden van de Geref. Kerk. Een 7-tal ring collega's waren aanwezig, waarvan ds. Schroten van Harmelen sprak namens de classis Utrecht en ds. Jansen uit Benschop namens de Ring.
Ds. de Raad als a.s. consulent en tot slot oud. Versluis, die verzocht de scheidende leraar toe te zingen Psalm 33 : 11.
In gevoelvolle woorden dankte de scheidende predikant alle die hun goede wensen hadden kenbaar gemaakt, waarna ds. Smit de dienst besloot met het slotvers:
Zijn naam moet eeuwig eer ontvangen; Men loov' Hem vroeg en spa; De wereld hoor', en volg' mijn zangen. Met Amen, Amen, na.
Waarna hij voor het laatst de zegen over de gemeente uitsprak.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 maart 1965
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 maart 1965
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's