Kerknieuws
Kerknieuws
Baarn. Nadat wijlen ds. I. Kievit met emeritaat was gegaan, werd de predikantsplaats die hij bezet had opgeheven. Na negen moeilijke jaren voor de Herv. Gereformeerden kwam er in 1959 voor hen uitkomst door de overkomst van een predikant voor bijz. werkz. in de persoon van ds. J. van Sliedregt. Hiermee was een voorlopige voorziening getroffen in de behoefte aan Herv. Geref. prediking en pastorale verzorging. Doch verder hing de zaak van de Herv. Gereformeerden nog min of meer in de lucht. Geen enkele morgenbeurt in de kerk werd hun gegeven.
Thans mocht het zover komen, dat ds. van Sliedregt een vaste predikantsplaats voor gewone werkzaamheden bezet, zij het bij een buitengewone wijkgemeente. Hieraan is echter de regeling der preekbeurten verbonden, die zeer gunstig kan genoemd worden: terwijl de namiddagdiensten (5 uur), waarin een Herv. Geref. predikant voorgaat, het gehele jaar door in de kerk worden gehouden, worden er ook nog vijftien morgenbeurten per jaar door de Herv. Geref. predikant in de kerk vervuld. Hierdoor mocht voorkomen worden dat de Herv. Geref. prediking niet meer zou doorklinken in het geheel der gemeente.
Afscheid ds. G. Spilt.
In een afgeladen Domkerk heeft ds. G. Spilt zondagavond afscheid genomen als predikant van de hervormde gemeente Utrecht. Of eigenlijk zou men, gezien de opkomst, eerder moeten zeggen, dat Utrecht afscheid heeft genomen van ds. Spilt. Voorafgegaan door een zijner wijkouderlingen en gevolgd door het gehele ministerie van predikanten en de kerkeraad van de wijk „Oudwijk" legde hij de weg naar de kansel af. De rij der predikanten werd geopend door de nestor, ds. B. van Ginkel. Hij was de voorganger van ds. Spilt in „Oudwijk" en negen jaar geleden ook zijn bevestiger. Dat was toen ook voor hem een bijzondere dag, want naar de mens gesproken had hij er beslissend toe bijgedragen, dat in zijn vacature opnieuw een predikant van gereformeerde beginselen werd beroepen.
Machtig klonk het gezang door de Domkerk. Velen zullen bij het zingen van Psalm 119 : 45 („Daar 't hemelheir zich schikt naar Uw bevelen") teruggedacht hebben aan de intrede negen jaar geleden, die aan de hand van Jesaja 6 : 2 handelde over het doen van de bevelen des Heren „zo getrouw als de engelen in de hemel doen". Stellig zal er ook heel wat in ds. Spilt zijn omgegaan, toen hij zo voor de laatste maal als Utrechts predikant op de Domkansel stond.
Vóór de prediking bracht ds. Spilt allereerst dank aan zijn wijkgemeente voor de wijze, waarop zij hem verdragen en gesteund en met hem verkeerd hadden. Voorts betrok hij vele anderen daarin en herdacht in het bijzonder menige medewerker, die reeds door de dood is weggenomen. Ook verwelkomde hij de aanwezigen uit zijn beide vorige gemeenten Klaaswaal en Ermelo. Daarna bediende hij het Woord uit 1 Samuel 20 : 23: „Wat de afspraak betreft, die u en ik gemaakt hebben, zie de Here is tussen mij en u voor altijd".
God had David uitverkoren als opvolger van Saul. Saul verzet zich. Jonathan niet. Hij aanvaardt in zelfverloochening Gods wil. En als hij afscheid neemt van David, dan herinnert hij aan de afspraak. Die afspraak was: we zullen ons houden aan wat God bepaalt en daarnaar handelen. Dat was in wezen de verbondenheid tussen Jonathan en David.
Dat was ook de afspraak tussen Utrecht en ds. Spilt negen jaar geleden. Ds. Van Ginkel zei bij de bevestiging toen: „Er gebeurt vandaag iets met ds. Spilt, maar er gebeurt ook iets met de gemeente". Zij werden aan elkaar verbonden, en verbonden elkaar te letten op Gods Woord en Zijn geboden. Laten wij, evenals Jonathan, elkaar bij het afscheid daaraan herinneren. Aan veel van die afspraak hebben wij ons niet gehouden. Dat geldt wederkerig. Er is veel, waarvan wij kunnen zeggen: „Dat was de afspraak niet!", en waarin we van elkaar met Paulus kunnen zeggen: „In deze prijs ik u niet". En toch mogen we elkaar bij het afscheid aan deze afspraak herinneren. Door Gods grondeloze barmhartigheid. God bedient zich van eenzijdige en gebrekkige mensen. Soms zei de één: „In uw soort bent u de slechtste niet, maar ik houd niet van die soort", en de ander: „Onze ziel walgt van dit lichte manna". Maar wij hebben in alle gebrek u Christus gepredikt. En soms werden wij vertroost, als er een hongerige afkwam op dit brood uit de hemel. Hoe komen wij bij elkaar en hoe blijven wij bij elkaar? De zonde brengt scheiding. Overal is de gemeenschap bedreigd, in de kerk, in het huwelijk, enz. Maar God heeft zelf ingegrepen en is ertussen gekomen. Hij heeft Christus gezonden in de wereld en Hij zendt de Heilige Geest ia ons hart. Hij is tussenbeide gekomen en verbindt ook mensen onderling. Temidden van de desintegratie, de ontbinding, de „kernsplitsing" verbindt Hij. Dat te prediken is onze opdracht geweest. En bij het scheiden van de markt zouden wij nog „zaken" willen doen en u willen winnen voor Christus, de Enige, Die in ons leven komt zonder ooit afscheid te nemen. Iedere afspraak hier leidt tot een afscheid. Alleen Christus zegt: „Ik ben met u alle de dagen tot aan de voleinding der wereld". Van al ons werk blijft niet veel over. Hout, hooi en stoppelen. „De engelen hebben er al lang een vuurtje van gestookt". Maar tussen de sintels blijft iets over, dat onvergankelijk is. Dat is voor allen die geloofd hebben. „De Here is tussen u en mij voor altijd". Voor altijd, tot we elkaar voor Zijn troon weer ontmoeten. Ook in de nieuwe opdracht is Christus er tussen en zet Hij ons er tussen. Soms zei iemand: „Je komt er lelijk tussen te zitten". Een ander: „Wat zie je erin? " Het antwoord; „Ik zie er Iemand in". De opdracht wordt aanvaard in de zekerheid, dat het Zijn Werk is. Christus is ertussen gekomen. Hij is ertussen doodgedrukt. Maar Hij leeft. En allen, die zo hun opdracht aanvaarden, zullen tot hun verrassing beleven: „Zijn licht bestraalt ons, waar wij ook gaan".
Onder het zingen van deze woorden uit de Avondzang daalde deze begaafde en geliefde prediker van de Utrechtse kansel. Hij had de bijzondere gave door zijn prediking de gehele gemeente te binden en het volle vertrouwen van „onze mensen" te bezitten. Hij bond, omdat het Woord bindt.
Hierna betrad dr. G. de Ru, praeses van de Synode, de kansel om ds. Spilt te bevestigen tot predikant in algemene dienst (secretaris Kerk en Krijgsmacht). Hij deed dit met een korte prediking over Jeremia 1 : 12: „Want ik waak over mijn Woord om dat te doen". De gemeente zong ds. Spilt toe Psalm 20 : 1b.
Door de vacature-Spilt en de vacature-Gerssen heeft Utrecht thans nog slechts één herv.-geref. predikant, n.l. dr. Bout. Wij hopen zeer, dat de Centrale Kerkeraad en de beide wijkgemeenten in deze vacatures opnieuw predikanten van deze signatuur zullen beroepen. Het is een zaak van eenvoudige rechtvaardigheid.
Zuilichem-Nieuwaal.
Ds. J. van Dijk van Poortvliet, die tot vreugde van deze gemeenten, het beroep naar deze gemeenten aannam, hoopt zich a.s. zondag 3 oktober aan deze gemeenten te verbinden. Des morgens om half tien zal hij in de kerk te Nieuwaal bevestigd worden door ds. L. G. Zwanenburg van Stavenisse. Des middags om twee uur hoopt hij in de Herv. kerk te Zuilichem intrede te doen.
Herkingen — Afscheid ds. B. J. Wiegeraad.
Zondagmiddag 26 september nam ds. B. J. Wiegeraad afscheid van zijn gemeente, waar hij bijna vijf jaar het Woord en de Sacramenten mocht bedienen. In deze dienst werd uit de Schrift gelezen 1 Joh. 2 : 12-25. Uit dit Bijbelgedeelte koos hij vers 18a als tekst: „Kinderkens, het is de laatste ure".
Predikend over dit woord, begon ds. Wiegeraad met te zeggen, dat hij in al zijn werk steeds afhankelijk was geweest van de kracht van zijn God. Dat wist ook de apostel Johannes, die op hoge leeftijd zijn vroegere schapen met „kinderkens", betitelde. Hieruit bleek al de liefde van zijn hart. Ds. Wiegeraad zeide, dat hij de gemeente nooit op deze wijze had durven aanspreken. Thans doet hij dit wel, omdat hier bedoeld worden de kinderen van het Koninkrijk. De gemeente moet niet worden aangesproken met: vrienden, of: mijne hoorders. Van God uit geldt: gij zijt kinderen des Verbonds. En nu komt het erop aan, of in u ook kinderlijk geloof is. Heb ik mij bekeerd tot het leven van een kind? Kinderen met een nieuw leven, door Zijn Geest? Dat is een ernstige vraag. Want, zegt Johannes: het is de laatste ure. Ook ds. Wiegeraad heeft zijn vijfjarige arbeid in Herkingen steeds gezien als een werk van het elfde uur. Hij heeft iets gevoeld van de laatste ernst: wie nu gelooft, heeft het leven; wie nu niet gelooft, die blijft veroordeeld. Hier past geen vrijblijvendheid. Johannes weet, dat het een moeilijke tijd is. Velen, die van de gemeente afvallen. Vreemde machten maken zich dreigend op. Maar een ding staat vast: Christus komt! Misschien stuurt God nog één herder en leraar naar Herkingen, of twee. Of helemaal niet, omdat de grote Herder zélf zal komen. Immers heeft Hij niet beloofd: Ik zal u geen wezen laten? Op de Pinksterdag zond Hij reeds Zijn Geest, als een onderpand, als een voorschot. Dit, om de gemeente moed te geven. Deze moeilijke tijd is de tijd van de barensweeën, die voorafgaan aan Zijn wederkomst. Van deze Christus heeft ds. Wiegeraad willen getuigen. En wat zal de jongste dag openbaren? Enerzijds verschrikking, voor degenen, die aan de gepredikte Christus voorbijgingen. Maar ook de vreugde, zowel bij predikanten als bij gemeenteleden, die zich weten mogen onder de grote oogst. Uit hun monden zal opklinken het lied: ik zal met vreugd in het huis des Heeren gaan, om daar met lof Uw grote naam te danken!
Na de prediking richtte ds. Wiegeraad zich tot B. en W. van Herkingen; tot de vertegenwoordiging van de classis Brielle; tot de predikanten van de ring Sommelsdijk; tot de afgevaardigden van de Herv. Bond van Inwendige Zending, en tot de leden van de Evangelisatie-commissie op het eiland Flakkee. Tenslotte richtte hij zich tot de gemeente en de kerkeraad, de koster en de organist.
Daarna sprak burgemeester Bos, die constateerde, dat ds. Wiegeraad een goede ingang had verkregen. Ds. Jonkers en ds. Exalto, sprekende namens de classis resp. de ring, gewaagden van de bijzondere bekwaamheid en energie, waarmee hij zijn vele functies op Flakkee vervuld heeft. Als laatste voerde ouderling Witvliet het woord, die de dankbaarheid onder woorden bracht voor de verkondiging van het rijke Evangelie. Hij wenste de predikant veel zegen toe in het nieuwe werk dat hem wacht. Hierna liet hij de gemeente zingen Psalm 2 vers 7.
Na enkele woorden van dank sprak ds. Wiegeraad de zegen uit. Van de gelegenheid, om na de dienst de predikant en zijn vrouw de hand te drukken, maakten velen uit de gemeente gebruik.
Op 24 september 1965 is drs. C. Blokland, onderdirecteur van het Willem van Oranje College te Waalwijk gepromoveerd aan de Rijks-Universiteit te Utrecht tot doctor in de Letteren. Zijn promotor was prof. dr. W. A. P. Smit.
Zijn proefschrift is gewijd aan de werken van Willem Sluiter, die leefde van 1627—1673 en predikant was te Eibergen. Nadat de schrijver een overzicht van zijn leven heeft gegeven, wordt aangetoond dat Sluiter een gereformeerd piëtist was. Het proefschrift is vervolgens gewijd aan een bespreking en waardering van de gedichten van Sluiter. In twee bijlagen wordt een uitvoerige bibliografie van zijn werken gegeven en een aantal brieven van hem afgedrukt. Het proefschrift telt bijna 400 bladzijden, hetgeen mede getuigt van de vele arbeid, die de samenstelling gevergd heeft. De heer Blokland werd in 1923 geboren en bezocht van 1937—1943 het Stedelijk Gymnasium te Gorinchem. Hij legde in 1952 het doctoraalexamen in de Nederlandse taal- en letterkunde af te Utrecht. Sinds de oprichting der school is hij vanaf 1 september 1949 verbonden als leraar Nederlands en sinds 1 september 1953 tevens als onderdirecteur aan het Willem van Oranje College te Waalwijk.
Aan het proefschrift zijn elf stellingen toegevoegd. Stelling X luidt: Als „tweede opgave" voor het schriftelijk eindexamen Nederlands van de H.B.S. b verdient een tekst met vragen de voorkeur boven de thans gebruikelijke samenvatting.
Stelling XI luidt: Het is wenselijk dat het onderwijs aan muziekscholen wettelijk geregeld en in hoofdzaak van rijkswege gesubsidieerd wordt. De laatste stelling zal wel in verband staan met zijn ervaring als secretaris van de Waalwijkse muziekschool.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 september 1965
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 september 1965
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's