De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

PREDIKANTENCONFERENTIE 1966

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

PREDIKANTENCONFERENTIE 1966

10 minuten leestijd

Er heerste maandag 3 januari een hele drukte rond en in “Woudschoten". De jaarlijkse conferentie van predikanten, leden van de Gereformeerde Bond, trok grote belangstelling: Op de presentielijst veerden 140 namen geteld. De meesten waren „bereden", zij het niet te paard. Het wagenpark verried een redelijke welvaart in de predikantenwereld! Om de geestelijke welstand te bevorderen kwamen zo velen samen. Want ook voor dominees geldt de Nieuwjaarsbede van Johannes: „Vóór alle dingen wens ik, dat gij wel; vaart en gezond zijt, gelijk uw ziel welvaart".

De conferentie werd geopend door ds. G. Boer van Katwijk aan Zee, die de plaats innam van de voorzitter prof. dr. J. Severijn. Na opening met schriftlezing en gebed, deelde hij mee, dat de gezondheidstoestand van onze voorzitter zeer zorgwekkend is. Zelf rekent deze niet meer op beterschap; hij heeft daarom maandag 27 december j.l. de leden van het bestuur bij zich geroepen om afscheid te nemen. Het was ontroerend, hem te zien zitten en te horen spreken. Nog helder van geest, gaf hij getuigenis van de hoop, die in hem was, zijn aanstaand verscheiden zag hij vol verwachting tegemoet. Het was ook bemoedigend: Hij drukte ons op het hart, de zaak waarvoor hij heel zijn leven stond en streed, trouw te bewaren: de zaak van het Woord Gods! Hoe goede diensten bewijzen ons daarbij de beginselen, waarvan wij in onze Gereformeerde Bond uitgaan en waaraan we elkaar mogen houden.

Toen we weggingen, nadat hij ons de hand had gedrukt, voelden we, hoe het de predikanten van Geneve te moede geweest zal zijn, toen ze de kamer van Calvijn verlieten. Johannes Calvijn, aan wie Johannes Severijn die morgen zo heel sterk deed denken.

Ds. Boer wilde deze indrukken graag doorgeven aan de vergadering, en deed een beroep op allen, om in 't spoor van de voortrekkers verder te gaan. Daarna sprak hij een openingswoord uit over: „Volmacht in de prediking".

De prediking is centrum en motor van het leven der kerk. Daarom is het uitermate belangrijk, hoe zij geschiedt. Vergeten wij vooral niet, dat het Evangelie van boven, dat is van God, komt. Hij openbaart het! Hij is daarmee bezig, door alle tijden heen. Daarom is het evangelie in de tijd en bij de tijd. God geeft mensen opdracht om het evangelie te prediken. Mét de opdracht verleent hij tevens de volmacht! Allereerst aan Christus, Die met macht spreekt en aan Wien na de hemelvaart, alle macht gegeven is in hemel en op aarde. Christus op Zijn beurt, stuurt de apostelen er op uit en rust hen toe met de Heilige Geest. Het ambt, dat is de opdracht van Christus en de volmacht van de Heilige Geest. Vandaar het gezagvolle van de prediking. Bedenkt, dat God zelf door hen spreekt, zo wordt de gemeente vermaand.

De dienaren des Woords ontlenen hieraan hun vrijmoedigheid. Het mag hen echter niet tot hoogmoed of gemakzucht verleiden. Gaat 't over opdracht en volmacht, dan staat de boog heel strak gespannen: ie is tot deze dingen bekwaam? Dan pas verstaan we dat de prediking boven onze macht ligt. En dat de hemelse leer, slechts als uit oprechtheid, als uit God, in de tegenwoordigheid Gods, in Christus gesproken kan worden — 2 Cor. 2 : 17.

(Dit openingswoord van ds. Boer wordt in volgende nummers in zijn geheel opgenomen.)

In de middagvergadering hield prof. dr. S. v. d. Linde een referaat over: Betekent de nadere reformatie ten opzichte van de reformatie een verschuiving?

Prof. V. d. Linde begon met de opmerking, dat hetzelfde probleem, dat op het tweede Vaticaanse Concilie speelde: verknochtheid aan de traditie enerzijds en de roep: terug naar de bronnen anderzijds, ook in de reformatorische kerken aanwezig is. Dit is geen nieuw probleem. De gehele kerkgeschiedenis is er een voorbeeld van.

Hoe is de verhouding van de Gereformeerde Bond ten opzichte van de reformatie en de nadere reformatie? In de G. B. zijn ongetwijfeld sommige lijnen van de nadere 'reformatie.

Wat was 't program van de nadere reformatie?

I. Het gehele christelijke leven is voor God.

II. Er is aandacht voor de schepping met deze reserve: alles onder de tucht van de Eeuwige.

III. Er is een stuk theocratisch besef. Geen knechting van de staat door de kerk en omgekeerd.

Dit program is goed bijbels, goed gereformeerd en goed Calvijns.

Het derde punt is al spoedig afgezwakt. Wanneer wij de G. B. meten aan dit program dan passen I en II wel op ons, maar het derde is niet gehonoreerd. Daarvoor zijn wel verklaarbare redenen, maar het feit is er. De nadere reformatie is in discussie. Wat de reformatie betreft, er zijn wel verscheidene theologieën uit voortgekomen, maar er is éénheid in het geloof.

De reformatie protesteert tegen de gescheiden kerk, maar is helaas in vier takken uiteen gegaan (Luthers, Zwingliaans, Calvijns en de radicale stroming, waaronder de dopersen).

Calvijn is de laatst gekomene, die èn critisch èn synthetisch werkt. Uitgangspunt is Woord en Geest, de kerk van Pinksteren. De nadere reformatie was een minderheid. Daarnaast stonden mensen die wel Calvijns waren, maar bezwaren hadden tegenover de nadere reformatie (Marnix, e.a.).

De overspannen nadruk op de piëta's had niet aller instemming. Er ontstond wereldschuwheid en egocentrisch genieten in plaats van dienen. Deze verschuivingen zijn van meet aan min of meer zichtbaar. De nadere reformatie verzeilde in de scholastiek. Er kwam moeite met de integratie van rede en hart. Het tragische was: niet meer uit geloof leven, maar over geloof praten. Bij de scholastiek kwam de mystiek (hoofd en hart). Bij Beza verschijnt de eerste commentaar op het Hooglied. Dit niet integreren van hoofd en hart is een verschuiving.

Een van de verdere gevolgen is de leerheiligheid, waarbij de beschrijving een grote plaats inneemt. Daarbij komt een mystiek levensgevoel in geheel Europa, dat het bijbels realisme aanvreet. De waarden van de ethiek, politiek, zichtbare kerk, verbond en ambten dalen. In de levensstijl is er de wijding. Dit heeft mede de Verlichting in de hand gewerkt. Voor de enkeling is er veel belangstelling.

De politiek en de economie verdwijnen uit de belangstelling. Dit alles met de beste bedoelingen. Sommigen (o.a. Van Lodenstein) meenden, dat de nadere reformatie een plus was boven de reformatie, maar dit is een randverschijnsel. De verbanden van het „wij" worden steeds meer „ik", hoewel dit laatste in de reformatie zeker niet ontbrak (Heid. Cat.).

Wij moeten terug naar een gelovige theologie, waarin de Bijbelse verbanden functioneren. Daarin moet het geloof, dat ook in de nadere reformatie aanwezig is, gerespecteerd worden. Calvijn heeft een aparte plaats, maar geen absolute. Hij wilde dienaar zijn en is niet onfeilbaar. Wij mogen niet zeggen: weg met het piëtisme. Dit kan en mag niet. In dit alles steekt Calvijn uit boven al zijn tijdgenoten, omdat wij bij hem de eenheid vinden, waarbij rede en gevoel niet naast elkaar staan en de scholastiek, de wijsgerige speculatie en de systematiek en het mysticisme geweerd worden.

Waarom halen wij deze eenheid in dit alles niet? Heeft Calvijn de boog te strak gespannen? Hij was machtig in de Schriften en is een onwaardeerbaar helper op de weg. Wij hebben het fijne goud op te delven en in onze tijd en plaats toe te passen.

Telkens opnieuw trok de inleider parallellen naar onze tijd en situatie.

De contio ging daarna in zeven secties uiteen. In de avondvergadering kwamen de vragen via de rapporteurs los. O.a. kwam aan de orde hoe deze historische lijnen concreet gestalte krijgen in de prediking van nu. Hoe voorkomen wij de afglijding van het hoofdspoor? Is de nadere reformatie niet te negatief gewaardeerd? Ging het haar niet om de voortgang in de kennis des Heeren vanuit pastorale bewogenheid?

Kan het woord: mystiek ook niet in de goede zin geduid worden als verborgen omgang met de Heere?

Blijft er in het geloof niet het onderscheid tussen de ratio en de emotie? Zijn er nog niet vele andere wortels, die de kerk op een verkeerd spoor brachten? Hoe staat Dordt ten aanzien van de nadere reformatie? Is de kritiek van sommige tijdgenoten op de nadere reformatie dezelfde als van dr. Woelderink, prof. v. d. Linde en dr. Graafland? Geven de Schotse schrijvers niet een ander klimaat? Op deze en andere vragen heeft de inleider uitvoerig geantwoord.

De volgende morgen stonden de beide industriepredikanten, de collega's Van Drenth en Terlouw, aangetreden om ons enkele aspecten toe te lichten van Evangelie en Industrie.

Ds. van Drenth vertelde ons, dat de figuur van de industriepredikant is ontstaan uit de aandacht voor de mens in de industriële kringen. Men krijgt oog voor de verticale dimensie van de mens. In de kringen van de industrie bemoeit men zich niet met de inhoud van het werk van de industrie predikant. De enige eis is: interkerkelijke samenwerking. De financiële steun uit de industrie is groot, maar de industrie-predikant is en blijft dienaar van de kerk. Intussen komen er in deze verbanden vragen los: Wie is de mens? Grotere verbanden stellen omvangrijker vragen: medezeggenschap, automatisering, structuur van de eigendom, continu-bedrijf, zondagsarbeid. Deze vragen behoeven doorlichting vanuit de Schrift.

De kerk heeft vaak nog een agrarisch levenspatroon, terwijl de agrarische sector steeds kleiner wordt. De kerk staat nog onwennig tegenover de vragen van de industrie. Kerk en werk staan vaak ver van elkander af. Daarvoor is diepe doordenking nodig.

Ds. Terlouw ging op een en ander nader in. Hij bezag de figuur van de industrie-predikant van allerlei zijden. Hij is geen evangelisatieman, geen moreelsofficier, geen stroman van de directie. Daarbij moet hij het vertrouwen winnen van de kerkeraden, die participeren. Zijn taak als dienaar des Woords is omschreven in Zondag 12: profetisch, priesterlijk en koninklijk. Zijn gerichtheid is op de gemeente in het bedrijf. Deze kerkmensen leven met elkaar in allerlei verhoudingen. De mensen in de bedrijven vinden, dat er veel te gemakkelijk gepreekt wordt. Naast het evangelie is er het fabrieksreglement. Is elk beroep (ook het meest eenvoudige) een goddelijk beroep?

In de groep is er het kruis dragen. Men moet tegen de mentaliteit ingaan. De taak van de industrie-predikant is: de christenen in de bedrijven met elkander in contact te brengen. Bij de machine komen de vragen los. Ook geeft men rekenschap waarom men niet meer in de kerk komt. De predikant wordt een adres. Uit dit werk ontstaan gespreksgroepen, terwijl een bezinningsgroep van predikanten en directieleden het geheel omgeeft.

Een belangrijk punt is de zondagsarbeid. Die breidt uit. Zo zijn er vele punten. Het was te verwachten, dat de zondagsarbeid vele vragen opriep en breeduit in de discussie kwam.

Verder kwam ter sprake de sociale ethiek, gevaren van de subsidie, verhouding van de kerk en de christelijke organisaties, vervreemding geloof in dagelijks werk, para-parochiale gemeenten, de piëta's als moderne devotie en bedrijfsorganisatie. Op al deze vragen gingen de inleiders breed in.

Tijdens de vergadering werd een telegram verzonden aan onze voorzitter met de volgende inhoud: „De contio van hervormd gereformeerde predikanten, in vergadering bijeen te Woudschoten, wenst onze voorzitter Gods nabijheid toe". Er kwam telefoon van mevrouw Severijn, waarin zij namens haar man de hartelijke dank en groeten overbracht. De inhoud daarvan kon niet meer aan de vergadering worden overgebracht, omdat deze intussen was gesloten. Gaarne geef ik deze groet aan de collega's door.

Het was een leerzame contio, die veel meegaf om over na te denken, om mee te werken en... voor te bidden.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 januari 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

PREDIKANTENCONFERENTIE 1966

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 januari 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's