PINKSTERVOLHEID
„En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest". Hand. 2 : 4a.
Wanneer het hoge uur van Pinksteren geslagen heeft daalt de Heilige Geest neeer van de Vader, dóór de hand van de Zoon, om zijn intrek te nemen in de gemeente van de levende God. De discipelen speuren zijn tegenwoordigheid in de tekenen van wind en vuur; zij worden haar nog dieper en rijker gewaar, omdat zij allen vervuld worden met de Heilige Geest.
Pinksteren is het feest van de gemeente; door Christus gesticht en aan Christus gehecht vormt zij een eenheid, een gemeenschap. Maar in die gemeenschap komt het persoonlijke niet te kort. De Heilige Geest betrekt zijn woning in de gemeente. Hij trekt tegelijk binnen in de harten om die te vervullen. Wij mogen het persoonlijke nooit uitspelen tegen het gemeenschappelijke, en omgekeerd evenmin. Sommigen verklaren met plechtige ernst, dat het alles toch maar een persoonlijke zaak is en rekenen dan niets voor de gemeenschap. Maar dit persoonlijke bloeit slechts in de gemeenschap op! Anderen verklaren met een breed gebaar: God woont in zijn gemeente, daar delen we dus allen in. Nee, de vraag is gewettigd: Woont Hij ook in mij. Met andere woorden: Ben ik een levend lidmaat van die gemeente, en deel ik persoonlijk in dat machtig grote voorrecht: vervuld met de Heilige Geest.
Op de allereerste Pinksterdag was dat geen vraag: Zij werden allen vervuld. Zo vieren zij Pinksteren, ze maken het mee, ze raken erin verzeild, er bij betrokken. De Heilige Geest verovert hun hart, alles wordt daaruit verdreven, de laatste zweem van ongeloof of twijfel, de laatste resten van eigenliefde en zelfvertrouwen. Gods tegenwoordigheid vervult hen geheel. Zij weten nergens anders meer van, dan van Zijn overvloedig heil; zij willen van niemand anders meer weten, dan van de drieënige God. Vervuld worden! Daar horen wij telkens van in verband met de Heilige Geest; dat is kenmerkend voor zijn werk. Waar Hij komt, daar stelt Hij zich niet tevreden met een deel, daar wil Hij het helemaal, om het te vervullen.
Deze Pinksterkinderen zijn vol van God. De Heilige Geest is immers waar achtig God. In Hem maken Vader en Zoon woning bij hen. Waar dat gebeurt, daar legt God beslag op alles, ja dan neemt hij ons geheel in beslag. Dan worden we vol van de vrede Gods, die harten en zinnen bewaart. God is in Christus de God des vredes. Pinksterleven is vredesleven met God. Die vrede breidt zich uit tot aan de boorden en randen: vervuld. Zij duwt soms tegen de zwakke wanden van dit lichamelijke bestaan, zodat die dreigen te bezwijken. Dat is voorwaar geen kleinigheid: Vervuld met de Heilige Geest. Het is meer, dan we bevatten kunnen, het loopt over.
Dan worden we vol van vreugde, van de vreugde Gods, die alle verdriet verslindt, die ons de ogen uitstraalt, die een nieuw lied in onze mond legt, een lofzang voor onze God. We worden vol van leven. Het leven Gods doet zegevierend zijn intrede; wij leven nu door Hem en voor Hem en met Hem. We worden vol van, ijver; niets is ons te veel, alles stellen we in dienst van Hem en van Zijn Koninkrijk. Vol van wijsheid, vol van liefde, vol van ... Waar moet ik eindigen? Het komt op dit ene neer: Vol van God. En wie zal dat beschrijven.
Waar bent u mee vervuld, mijn lezer? Het is Pinksteren geweest, maar deze vraag loopt u achterna, klopt u op de schouder: Met de dingen Gods? Of met de dingen van deze wereld. Toe, draai er nu eens niet omheen, wees eens heel eerlijk. Wij misleiden onszelf toch niet met een vleugje godsdienstigheid? Wie moet zich aanklagen: ik ben zo vol van allerlei dingen, van ijdele dingen, en van ernstige dingen. Maar zo leeg van God! Wanneer de Geest Gods niet in ons woont, dan vindt de geest der wereld en des duivels bij ons huisvesting. Dat zijn boze geesten en ze zijn met velen. Legio! Zij vervullen uw leven ook, op hun wijze. Met Pinksteren spitsen de tegenstellingen zich toe. Als Petrus vervuld is met de Heilige Geest, dan vervult de Satan het hart van Ananias met gierigheid en leugen, dan worden de raadsheren vervuld met nijdigheid. Wanneer Stefanus vol is van de Heilige Geest worden zijn rechters vervuld met een boosaardige wrevel en woede, zodat hun harten barsten. Het is alles vervullen, wat de klok slaat, maar het maakt een groot verschil, wie er aan het klokketouw trekt.
Wat is dat verschrikkelijk. Schrikt u er van ? Want dit vervullen is namaak. Het betekent voor uw leven, een vervelen, een vervuilen, een vervallen. Het scheelt telkens maar één letter, maar het maakt een eeuwig verschil.
Ziet toe, dat u niet in verkeerde handen valt. Heden wil God u er aan ontdekken. Wat een leegheid, al is het propvol met bezigheid en bezorgdheid, met welstand, en welvaart, met vermaak en vertier.
Zo’n geopende leegte roept tot God! Als dat echt waar is, dan is de begeerte geboren om vervuld te worden met de Heilige Geest. Wie aarzelt hier? Och, moeten wij niet met schaamte belijden, dat wij ons levenshuis niet helemaal willen inruimen voor de God des levens. Want dan zou ik ... Wij weten meestal wel waar de schoen wringt en anders moeten wij onze wandel maar eens nagaan. Mag de Heere binnenkomen? Graag, maar... Daar mag Hij niet komen, en dat moet ik vrij houden voor wat anders, en ik heb toch ook nog woonruimte nodig. Verguld, dan zou ons leven veranderen. Hoe zou het dan met ons geld gaan en met onze tijd? Waar zou mijn hoogmoed moeten blijven, en zou mijn boezemzonde dan niet op straat gezet worden?
Waar de Heilige Geest werkt, daar begeert de Geest tegen het vlees. De Heilige Geest wil vervullen. Hij wil hoofdbewoner zijn. Wij hebben onze bezwaren tegen inwoning, maar dit gaat nog verder. Vandaar de worsteling. Wie déze inwoning begeert leert om ontruiming' bidden. Heere, gooi alle bewoners er maar uit, al is het mijn eigen vlees en bloed. Hoe zoudt Gij daarmee kunnen samenwonen? Wanneer u binnenkomt, houdt dan grote schoonmaak. Was mij geheel, dan zal ik witter wezen dan sneeuw, die vers op 't aardrijk nederdaalt. Draag het verzoend bloed van Christus binnen in mijn leeggehaalde leven en kom Heilige Geest, kom. Wie om de Geest worstelt, worstelt met de Geest.
En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest. Dat is om te besterven. De duivel, de zonde, mijn oude natuur hebben geen ruimte meer om te leven. Zij bieden taai weerstand, maar zij moeten eraan. Het vervullen is hun doodvonnis. Maar het is mijn levensdevies. Grote woorden doen hier geen nut. Zonder voorbehoud, bidden wij: Heilige Geest, Gij vervult toch! Dat gaat niet buiten ons om; dat overvalt ons niet, het valt ons te beurt. Een opwekkend woord voor deze en gene: Wordt vervuld met de Heilige Geest. Soms geschiedt het plotseling, soms gaat het geleidelijk. Het is geen punt op ons program, geen stunt van onze campagne en reclame. Veel Pinksterbeweging geeft de Heilige Geest niet de eer van Zijn Naam, omdat de hoogheid van de Geest niet wordt geëerbiedigd. Maar deze beweging legt wel de vinger bij de wonde plek in veel gemeentelijk leven. Waar is de vervulling? En bij veel geestelijk leven, waarin de Heilige Geest blijkbaar niet de Geest der vervulling is. Vervuld worden gaat niet buiten het geloof om. Het is geen vol dongen feit, maar blijft een voortgaande daad van de Heilige Geest in het leven der gelovigen.
Het is maar een eenvoudig woord: En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest. En eigenlijk kunnen wij het niet verklaren. Het draagt echter rijke vrucht en doet grote kracht. Aan de kracht 'en de vrucht kunnen wij het onderkennen. Waar het hart vol van is, loopt de mond van over. Hoort ze eens spreken van de grote werken Gods. Waar het hart vol van is, daar spannen wij ons voor in: Ziet ze eens bezig! Waar het hart vol van is, daar reppen zich handen en voeten. Ze gaan uit, de wereld in. Vervuld worden, laat niet ledig. God laat ons leven niet ledig, in geen geval. Staat daarnaar, toets u daaraan, en voegt u daarnaar.
Pinksteren, het feest der vervulling. Wat een zaligheid! Die God is ons een God van volkomen zaligheid. De zaligheid is tegelijk zaligheid in hope. Het volmaakte komt nog: Vervuld worden tot al de volheid Gods. Daar loopt Pinksteren op uit, daar is de Heilige Geest het onderpand van. Dan zal de nieuwe mensheid, dan zal de ganse schepping de tempel zijn van Hem, Die alles in allen vervult.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juni 1966
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juni 1966
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's