De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Citeren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Citeren

3 minuten leestijd

Citeren is een moeilijke bezigheid. Wanneer wij in een bepaalde situatie een beroep doen op iemands woorden, is die „iemand" er meestal niet bij om het gebruik van zijn woorden te toetsen en te controleren. Daaraan moest ik denken, toen ik in een kerkbode een citaat tegenkwam uit: „Gedachtenwisseling over positie en problemen van de geref. bond in de Hervormde Kerk tussen Dr. H. Berkhof en ondergetekende”.

De scribent, die een citaat uit deze gedachtenwisseling aanhaalde, gebruikte dit om de opname van een groep mensen, die sinds jaar en dag buiten de officiële gemeente stonden, voor de gemeente aannemelijk te maken. Er waren gerneenteleden, die daartegen bezwaar hadden en deze bezwaren ook uitten. In dit verband citeerde deze scribent een stukje uit genoemde gedachtenwisseling, blz. 45.

Hier volgt het citaat.

„Ook al weten wij zeer wel van nuanceringen en verscheidenheid van „liggingen", het gaat er ons niet om de grenzen (van de gereformeerde prediking langs de grenzen) van de geref. bond te trekken. Zo gezien, willen wij geen bondsprediking, maar de absolute heerschappij van de levende Christus door Zijn Woord en Geest. Deze heerschappij van het Woord Gods is maar niet een particulier zaakje van de bond, maar is de zaak van de kerk. Denk aan art. 3-8 van de Ned. Gel. Belijdenis”.

Wat opvalt is ten eerste, dat het tussen haakjes gezette in dit citaat ontbreekt. Dat kan een voor de hand liggende vergissing zijn. Ten tweede wordt dit citaat gebruikt niet om een confessionele, maar een midden-orthodoxe minderheid in een gemeente op te nemen. Dit lijkt mij een onjuist citeren, omdat de omgeving van het citaat één grote oppositie is tegen de prediking van deze midden-orthodoxie.

Op de vorige blz. staat n.l. dat deze prediking niet bijbels genoeg is. Nu beoordeel ik niet of in deze gemeente de prediking, die deze kring zoekt, door de kerkeraad op haar bijbels gehalte doorzocht is. Ik mag aannemen, dat dit in grote verantwoordelijkheid gebeurd is. Wanneer deze kerkeraad zegt: Deze prediking is door en door bijbels, de levende Christus wordt erin verkondigd, dan is het citaat juist.

Maar wanneer dit bijbels gehalte naar de Schrift en de belijdenis niet is doorzocht, dan moet ik zeggen, dat het citaat uit zijn verband is gerukt en niet voor het doel is gebruikt, waarvoor het geschreven is.

Tenslotte, wanneer ik schreef, dat de prediking zaak der kerk is, maar niet een particuliere zaak van de bond, dan is dit geschreven uit de overtuiging, dat dit de roeping der kerk is. Maar vervult de kerk deze roeping? Daartussen zit helaas nog een grote spanning. Ook dit laatste moet vermeld worden.

Katwijk aan Zee, G. Boer

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juni 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Citeren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 juni 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's