De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

14 minuten leestijd

Ds. A. G. Kornet, Vier portretten in één lijst, ing., 56 blz.,  ƒ 3,95, Kok, Kampen.

Dit boekje is vooral bestemd om het uit te reiken aan hen, die belijdenis des geloofs deden. Daartoe is op een binnenpagina een: Ter gedachtenis enz. ingevoegd.

De titel is ontleend aan een familieportret: vader moeder en de kinderen in één lijst. Zij horen bij elkaar. Zo bedoelt de schrijver vier kinderen des verbonds in één lijst te vatten: de bidder, de zwoeger, de werker en de loper.

De bidder is de man van Ps. 27 : 4. Eén ding heb ik van de Heere begeerd.... De zwoeger is Martha, die één ding nodig had. De werker is de rijke jongeling, die één ding ontbreekt. De loper is Paulus, die één ding doet De schrijver heeft een frisse, pittige stijl, die de woorden Gods in het leven van jonge mensen weet óver te brengen. Daaruit is veel te leren. Hartelijk aanbevolen.

C. van Puyvelde, Wat scheiding maakt en wat verenigt tussen rooms-katholieke en reformatorische christenen, ing., 98 blz., Uitg. De Kruisbanier, Antwerpen. Voor Nederland verkrijgbaar voor ƒ 4,50 door storting op giro 203511, De Kruisbanier, Antwerpen.

Ds. van Puyvelde is em. predikant van de Ger. kerk van Zuilen-Utrecht. Gedurende de eerste helft van zijn leven was hij missie-pater in de Roomse Kerk en arbeidde vooral in de voormalige Belgische Kongokolonie.

Na zijn emeritaat heeft hij intensief meegewerkt bij de tot standkoming van de nieuwe Evangelische Kerk in Boechout en was jarenlang hoofdredacteur van het Belgisch Protestantse weekblad De Kruisbanier.

Dit boekje, waarop bij afname van meerdere exemplaren korting wordt gegeven, is vooral bedoeld als handleiding voor predikanten en evangelisten bij het evangelisatiewerk.

De schrijver is bekend met de binnenkant van de Rooms-katholieke kerk. Hij heeft bezwaar tegen de handelwijze van de roomse geestelijkheid. „Andersdenkenden" (dat zijn wij!) worden gelokt naar hun voordrachten over geloofsverdediging, maar verbieden aan eigen geloofsgenoten kennis te nemen van onze belijdenisgeschriften en onze samenkomsten te bezoeken.

Vandaar dit boek. Het wil uiteenzetten waarom wij ons niet kunnen verenigen met sommige roomse geloofspunten.

Deze punten zijn: Schrift, geloof in Christus, Kerk, beloften van het Evangelie, sacramenten, vergeving der zonden, oorbiecht, aflaten en vagevuur, gemeenschap der heiligen, Maria. Het slothoofdstuk handelt over: Wat ons verenigt.

Dit boek gaat op de vragen in en geeft duidelijke Bijbelse antwoorden. Hoezeer de bewogenheid erin doorklinkt, de tegenstellingen worden niet weggewerkt vanuit een vaag oecumenisch besef.

Schaf u dit boek aan. Ge steunt er tegelijk een zeer goed doel mee.

Dr. J. Wytzes, Clemens Alexandrinus en zijn Griekse vroomheid, ing., 30 blz., prijs ƒ 1,75. Kok, Kampen.

Dit is een rede, die dr. Wytzes heeft uitgesproken bij de aanvaarding van zijn ambt als buitengewoon hoogleraar in het patristisch Latijn en Grieks aan de Theologische Hogeschool te Kampen. De nieuwe hoogleraar geeft in deze rede weer de plaats die Clemens Alexandrinus innam onder de apologeten. Hij bracht de christelijke literatuur op de hoogte van zijn tijd, gebruikmakend van het begrippenmateriaal van de antieke cultuur. Achtereenvolgens wordt stilgestaan bij het verstaan van het geloof en de gnosis. Hij zweeft daarbij tussen de Bijbel en Plato.

Ook de ascese komt aan de orde. Het is een rede, die ons een blik gunt in de tijd van de apologeten en in die van Clemens in het bijzonder, waarin de worsteling gaande is het Woord Gods in de antieke wereld te doen ingaan met alle gevaren en risico's eraan verbonden.

Kinderen vertellen de Bijbel. Verhalen uit het Oude en Nieuwe Testament, verteld door Nederlandse schoolkinderen en geïllustreerd door kinderen uit Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland, geb., 112 blz. prijs ƒ 9,90. Uitg. Helmond/Uitg. Kok.

Dit is een merkwaardige uitgave. Wanneer schrijven kinderen een boek? Wanneer worden tekeningen van kinderen uitgegeven? Dit gebeurt hier. Nu ja, met de hulp van ouderen, maar het is hun werk. Dit kunt ge lezen in de inleiding en in de verantwoording. Daaruit blijkt, dat deze vertellingen en tekeningen van de hand van kinderen zijn uit rooms-katholieke en protestantse kringen. Hoe dit allemaal gegaan is kunt ge lezen in de verantwoording op blz. 111.

Eerst werd uit de Bijbel verteld. De kinderen mochten het navertellen en tekeningen maken. De redactie heeft dit op de meest eerbiedige en voorzichtige wijze geredigeerd en gerestaureerd. De vertellingen zijn ontroerend in eenvoud. Het is bijna een verzoeking bepaalde fragmenten eruit te citeren. Maar dit kan niet. Het is een prachtig boek om aan uw kinderen te geven.

En ik weet zeker, dat ge zelf deze verhalen vanuit de voorstellingswereld van de kinderen, geboeid zult lezen en de tekeningen verrast zult bekijken.

Concordantie op de Bijbel in de Nieuwe Vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap, Oude Testament, afl. 2 en 3. Intekenprijs in pl.m. 27 afleveringen, elk van minstens 48 blz., a ƒ 3,75 per aflevering.

Wie kent niet de concordantie van Trommius? Iets dergelijks verschijnt op de Nieuwe vertaling van het N.B.G. Het wordt een geweldig werk:27 afleveringen van ± 48 blz., dat is ongeveer 1300 blz. Als naslagwerk voor de woorden in de Nieuwe vertaling is dit werk onmisbaar. Aflevering 3 komt tot chrysolict. Er zit dus nog heel wat in de bus!

Dr. H. Mulder, Geschiedenis van de Palestijnse kerk , lng., 268 blz.. Boeketreeks, prijs ƒ 3,25. Kok, Kampen.

Dr. Mulder heeft ons een grote dienst gedaan door de geschiedenis van de Palestijnse kerk te beschrijven. Vanaf de oorsprong (Pinksteren) tot aan de komst van de Islam wordt ons de geschiedenis van deze kerk beschreven. In de wetenschappelijke bronnen is daarover wel het een en ander te vinden, maar een afgerond geheel was — althans in populaire vorm — niet verschenen. Aangrijpend is de beschrijving van de bloei, de nabloei en de verdwijning van de Palestijnse kerk.

Inplaats van het Evangelie te verkondigen in Jeruzalem, Judea, Samaria en tot het uiterste der aarde, was men druk met het restaureren van de plaatsen, waarlangs God Zijn weg had gekozen om 't Evangelie aan de wereld bekend te maken. Musea en bibliotheken in overvloed! Maar waar bleven de vertalingen voor andere volken? Kloosters in grote menigten, maar waar was de zendingsdrift?

De schrijver zegt: Het christendom in Palestina stond met de rug naar de wereld en hield zich bezig met het zoeken naar relieken en het leggen van mozaïekvloeren. Toen kwamen de militante Mohammedanen....

Wij bevelen u dit boek van harte aan. Aan de schrijver en de uitgever onze hartelijke dank. Dat het gelezen worde en de les ter harte genomen worde!

Dr. J. H. Bavinek, Stille tijd in vrije tijd, ing., 124 blz., prijs ƒ 5, 25. Kok, Kampen.

Een broer van prof. dr. J. H. Bavinek heeft uit zijn nalatenschap een aantal korte toespraken gevonden, die de overledene indertijd voor de Wereldomroep heeft gehouden.

Wie deze auteur gekend heeft, weet, dat hij uitnemend kon schrijven en spreken. Behalve wetenschappelijke werken, die ook zeer leesbaar zijn, gaf hij veel flitsen en fragmenten, waardoor een Bijbelwoord plots een nieuwe glans krijgt.

Zo is het ook hier. Dit boek is uitnemend geschikt als geschenk aan uw buitenkerkelijke buurman, in het algemeen aan allen, die van het Evangelie zijn vervreemd of daarvan dreigen te vervreemden. Ook anderen kunnen van dit werk genieten.

Dr. J. M. van Minnen, Toch een Koning, ing., 79 blz., prijs ƒ 3, 50. Uitg. De Graafschap, Aalten. Sermo-reeks I.

In dit boekje behandelt dr. van Minnen gedeelten uit het Johannes Evangelie. Het gezichtspunt is: Messias — Zoon van God.

Dit thema wordt in vier punten onderverdeeld:

1. De Messias toont de aard van Zijn heil (Joh. 1-5). 

2. Het door de Messias aangeboden heil wordt verworpen (Joh. 5-10).

3. De Messias moet het heil door lijden verwerven (Joh. 10-14).

4. De Messias volbrengt het lijden en brengt dan het heil (Joh. 18-21).

Telkens wordt een bepaald gedeelte vers voor vers verklaard. Allerlei woorden worden in hun bijbels verband gesteld en doorlicht. Als zodanig kan het bij persoonlijke en gemeenschappelijke Bijbelstudie van groot belang zijn.

De uitgever heeft het boekje in een aantrekkelijk bandje gestoken.

Dr. R. H. Bremmer, Herman Bavinek en zijn tijdgenoten, geb, 306 blz., prijs ƒ 22,75, uitg. Kok, Kampen.

Dr. Bremmer heeft ons na zijn proefschrift „Herman Bavinck als dogmaticus", verrijkt met een vervolg: Herman Bavinck en zijn tijdgenoten. Aanvankelijk was het de bedoeling van de schrijver het biografische gedeelte tot een inleiding op de bespreking van Bavinck's dogmatische studies te maken. Gelukkig is dit — op raad van de promotor prof. dr. Berkouwer — niet gebeurd. Daaraan hebben wij het prachtige boek te danken, dat Bavinck's leven niet alleen volgt van de wieg tot het graf, maar ook zijn hele leven belicht vanuit het leven van zijn tijdgenoten en omgekeerd.

Naast de levensbeschrijving van dr. H. Bavinck door prof. dr. Hepp, neemt dit boek wel een zeer voorname plaats in. Dr. Bremmer beschikte over uitvoeriger bronnenmateriaal dan prof. dr. Hepp en heeft meer afstand van Bavinck en zijn tijdgenoten kunnen nemen om tot een scherper belichting te komen.

In het eerste hoofdstuk krijgen wij een beschrijving van vader en moeder Bavinck. Het zal de oudere lezers interesseren, dat moeder Bavinck stamde uit het hervormde geslacht Holland uit Vriezenveen. Uit dit geslacht stamde ook ds. C. B. Holland, em. predikant van Putten (G.), die een grote plaats innam onder ons. De voornamen Coenraad Bernardus komen zowel in de familie Bavinck als Holland voor.

De bakermat van H. Bavinck lag in Bentheim, waar zijn vader predikant was in de afgescheiden gemeente, later werkzaam aan de opleiding van de afgescheiden predikanten aan de opleidingsschool van ds. Kok te Hoogeveen. Wij maken op een wel zeer boeiende wijze mee de tocht van zijn geboorte in 1854 in de eenvoudige pastorie van een afgescheiden dominee tot aan het professorshuis aan de Singel te Amsterdam.

Wij maken Bavinck mee als student in Leiden, als predikant, als hoogleraar in Kampen en Amsterdam. Wij zien hem in zijn ontwikkeling, in zijn aarzelingen, op zijn hoogtepunten en in zijn dieptepunten, in zijn twijfel en in zijn geloof. Wij volgen met belangstelling het ontstaan van zijn vele boeken, in zonderheid van zijn hoofdwerk: Gereformeerde Dogmatiek.

Wij leren hem kennen in zijn veelvuldige contacten, die o.a. in een uitgebreide correspondentie tot uiting komt, met velen van zijn tijdgenoten: A. Kuyper, Biesterveld, T. Bos (in vele opzichten zijn tegenstander) Bouwman, Fabius, Gispen, Lindeboom, Littooy, Noordtzij, Rutgers, de Savomin Lohman enz.

Via deze contacten en correspondentie worden Wij breed geïnformeerd over alle zaken, die aan de orde waren. Daaronder zijn verheffende en minder verheffende zaken. Soms schrikt ge van machinaties, die het daglicht niet kunnen verdragen (Seinpost-affaire met de Savornin Lohman).

Dan weer wordt ge meegenomen in het élan van de doorwerking van het calvinisme in die dagen. De nodige blokkades van deze doorwerking ontbreken niet. Een van deze blokkades is geweest de mislukking van de vereniging van de Theol. School te Kampen en de Theol. Faculteit van de Vrije Universiteit. Wat heeft Bavinck daaraan gewerkt en ... geleden!

Het is een boek, dat ge geboeid leest van het begin tot het eind. Het is allerminst een dorre opsomming van feiten, maar een boeiend relaas van een stuk vaderlandse-en kerkgeschiedenis, dat nog maar kort achter ons ligt en zijn doorwerking tot op vandaag heeft. Wat is er niet tijdens Bavinck's leven veranderd! Maar ook wat is er alweer na Bavinck's dood veranderd! Het gaat niet aan in een recensie onze tijd met die tijd te vergelijken. Wel kijkt ons aan het hoge roepingsbesef, dat deze mannen hadden, het onvoorwaardelijk zich inzetten voor een ideaal en de vrucht van hun werk.

Daaruit is in positieve en negatieve zin veel te leren. Wij zijn de schrijver, die een heldere, prettige stijl heeft en de uitgever veel dank verschuldigd voor dit prachtige boek. 't Meest hebben wij te danken aan prof. dr. Herman Bavinck, wiens erfenis nog lang niet uitgeput is.

Katwijk aan Zee, G. Boer

H. R. Reinhardt, Tussen vrijheid en tirannie, 190 blz., geb. ƒ 5,90. Uitg. G. F. Callenbach, N.V., Nijkerk.

Dit werk is oorspronkelijk in het Duits verschenen onder de titel: „Ein Schritt vor der Hölle". Het verhaal van ellende en vertwijfeling speelt te Kairkan, een stad, waarvan de naam door de bewoners is uitgevonden: oord der ver­twijfeling; hier woonden duizenden mensen, voor het grootste deel voormalige "Slaven van de regering, gevangenen, die na afloop van hun straftijd waren vrijgelaten of tot levenslange verbanning binnen het stadsgebied waren begenadigd. Bij de stad zijn grote strafkampen vol gevangenen; slaven voor de arbeid in de mijnen; duizenden mannen en vrouwen zitten daar, radeloos, redeloos en reddeloos. Gekweld door angst en ellende, zonder enig uitzicht op vrijlating. Niemand helpt hen, niemand kijkt naar hen om; ze zijn alleen maar nummers. Hier breekt muiterij uit en een ogenblik gloort een straal van licht in het leven van deze uitgeworpenen, totdat de tanks komen om de opstand in bloed te smoren; wanhopige kreten om hulp blijven onophoudelijk door de ether klinken: „ze moorden ons uit, vrije volken der wereld vergeet de doden niet, die ook voor u zijn gevallen in dit oord der vertwijfeling". Hij vertelt van de laatste minuut van de vrouwen, die doorlopen tot ze door de tanks worden overreden.

Dit boek klaagt aan. Het verhaal sleept ons mee; de gesprekken die de gevangenen voeren laten ons zien wat de Partij is: „voor haar zijn we mieren, die geen waardigheid kennen en geen onafhankelijkheid, die alleen maar slaven zijn en werken voor hun heerser"; of elders: „wat geeft de Partij ons? Zij overstelpt ons met statistieken, machines enz. van de wieg tot aan het graf en dan ... ? " „De dood is machtiger dan de zwijgende rode afgod achter de muren van zijn paleis; de dood komt van Hem, die aarde en hemel heeft geschapen".

Ik hoop dat velen dit boek zullen lezen om te zien, dat er nog meer problemen zijn, dan armoede en welvaart.

Th. Delleman e.a.. Altijd bereid tot verantwoording, 240 blz., ƒ 8,90 Uitgeversmij. De Graafschap, Aalten (1966).

De schrijvers willen in dit Kort Commentaar op de Nederlandse Geloofsbelijdenis laten zien, wat de inhoud is van de N.G.B, en hoe dit belijden in onze tijd functioneert. Tot de medewerkers behoren: S. J. Popma; W. Fijn van Draat; J. Hessels Mulder; H. M. Kuitert; J. M. van Minnen; G. Th. Rothuizen; A. Troost; R. J. van der Veen en H. Volten.

Het is een verblijdend verschijnsel, dat een nieuwe druk — de eerste is van 1961 — nodig was. Er wordt nog gestudeerd aan de hand van de N.G.B.! De schrijvers weten in kort bestek veel te zeggen; soms is een artikel zeer schetsmatig, maar altijd verhelderend en puntig. De overzichtelijkheid wordt bevorderd door een korte samenvatting bij het begin van een hoofdstuk, dat altijd ook het gehele artikel van de N.G.B, bevat. De schrijvers aarzelen niet om zeer concreet in te gaan op de vragen, die in deze tijd worden gesteld, b.v. de vraag naar de verhouding Bijbel en wetenschap. Dr. Troost herinnert eraan, dat ook de huidige stand der theologische wetenschappen, hoe belangrijk ook voor deze tijd over enige tijd weer verouderd zal zijn en hij waarschuwt er voor, dat men zijn geloof richt op wetenschappelijke denkresultaten. Popma wijst erop, dat het orthodoxe protestantisme veel te weinig aandacht heeft gehad voor het menselijk karakter van de H. Schrift. Dat is wel zo, hoewel daarin het orthodoxe protestantisme echt niet alleen stond, maar in deze tijd is het wel heel nodig, als wij voortdurend dit lezen om vooral de andere kant in zijn betekenis voor het verstaan van de Schriften te laten zien. En dan komen de moeilijkheden eerst recht aan de dag. Schrijvende over Gen. 1 en de „kaderopvatting" zegt Troost dat hij zich verzet tegen een onaanvaardbare subjectivistische kaderopvatting, die de band tussen Gods scheppende daden en de wijze van voorstelling in een kader van 6-1-1 dagen hebben doorgesneden alsof dit voorstellingskader puur subjectieve, tijdgebonden geloofsfantasie van een Israëliet was. Maar ook dan ben ik er nog niet van overtuigd, dat de schr. van Gen. 1 recht gedaan wordt. Enige belangrijke opmerkingen las ik over „letterlijke" verklaring. — Het treft mij, dat er tegenwoordig over de Kerk rustiger en bezonnener wordt geschreven dan b.v. in de dertiger jaren en daarvoor. Hessels Mulder meent wel, dat in 1834 en tin 1886 de mondige gelovigen principieel terecht hebben gehandeld, maar hij voegt er verderop aan toe: Wat zich in de Herv. Kerk voltrekt stelt ons de vraag of „afscheiding" de enige weg is tot herstel van de „belijdende kerk". In Nederland is het probleem van de Herv. Kerk net zo goed een vraagstuk voor de Gereformeerde kerken, de Chr. Geref. kerken, de Vrijgemaakte Geref. kerken.

Een korte uiteenzetting van de N.GB., die tot verdere studie stimuleert.

Utrecht. H. Bout.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juni 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juni 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's