De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

EEN WARE VRIEND

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

EEN WARE VRIEND

6 minuten leestijd

„Ziedaar een Mens, Die een Vriend van tollenaren en zondaren is". Matth. 11 : 19.

Een vriend, een echte vriend, is met een lantarntje te zoeken!

't Is waar, de Spreukendichter zegt: „Een ieder is een vriend dergenen, die giften geeft". Degene, die altijd klaar staat voor een ander, die wat over heeft voor zijn naaste, die kan vrienden genoeg krijgen. Maar ... als hij niet meer te geven heeft? Dan is het met veler vriendschap spoedig gedaan. Daarom zegt diezelfde Spreukendichter: „Het goed brengt vele vrienden toe, maar de arme wordt van zijn vrienden gescheiden”.

De verloren zoon met zijn gevulde buidel had een schare van vrienden. Maar de verloren zoon, die er alles heeft doorgebracht, komt eenzaam en alleen te staan. Niemand gaf hem zelfs de draf, die de zwijnen aten.

Er zijn zo weinig vrienden, die niet het uwe maar u liefhebben. Een échte, trouwe vriend is zeldzaam!

Zoekt u zulk een vriend? Dan wil onze tekst u op zulk Een wijzen; op een Vriend, Die niet zoekt degene, die giften gééft, maar Die juist armen en ellendigen zoekt. Ja, deze zoekt Hij. Zij bieden zichzelf niet aan, zij komen niet uit zichzelf, maar Hij laat ze halen van de wegen en heggen, van de sloppen, waar in zij vastgelopen zijn, en dwingt ze om te komen, door Zijn Woord en Geest. Deze vergadert Hij rondom Zich. Deze nodigt Hij aan Zijn Tafel. Deze maakt Hij rijk!

Op déze Vriend, de Heere Jezus Christus, wijst ons de tekst: „Ziedaar een Mens, Die een Vriend van tollenaren en zondaren is”.

Wanneer dat zó in onze tekst gezegd wordt, is dat echter niet prijzend, maar minachtend en smadend bedoeld. Lees de woorden uit het bovengenoemde vers maar in z'n geheel: „Ziedaar een Mens, Die een vraat en wijnzuiper is, een Vriend van tollenaren en zondaren". Zo spreken de farizeeën en Schriftgeleerden over de Heere Jezus Christus. Zij zeggen het in hun afkerigheid van zulk een Christus. Zulk een Vriend willen zij niet! Daarom geven ze in hun vijandschap een vertekend beeld van Christus, een karikatuur.

En zó worden er nog dagelijks „karikaturen" van Christus getekend. Door Zijn openlijke tegenstanders; óók door moderne theologen van allerlei slag. Maar ... niet minder door zéér gereformeerde mensen!

U en ik — wij willen in onze eigenwijsheid Christus niet aanvaarden, zoals Hij Zichzelf tekent, Zichzelf openbaart in de Heilige Schrift. Wij willen niet buigen onder Zijn Woord, als het Woord van de Machthebbende. Wij willen niet knielen aan de voet van Zijn hogepriesterlijk kruis. Wij willen niet aangeraakt worden door Zijn koninklijke scepter van vrije genade. Wij zijn altijd maar bezig, uit en van onszelf, met ons een Zaligmaker te denken en te formeren naar eigen begeerten en gedachten.

Hoe dan, vraagt u? Wel, wij, zondaren — natuurlijk zijn wij zondaren! — achten ons toch nog wel in het bezit van één en ander, of zoeken éérst in het bezit daarvan te komen, dat ons entree geeft bij Christus. Wat denkt u van ons kerkelijk leven! En van ons werkzaam zijn met het Woord! En van de ervaringen, gedachten, teksten en versjes, die wij gehad hebben in ons leven!

Ja, zelfs onze armoede, onze donkerheden, onze biddeloosheid, leggen we nog wel in een schaaltje om het Christus te presenteren. Dit zal ons toch zeker wel toegang mogen geven tot U en tot Uw vriendschap!

Christus echter is niet een vriend, die giften zoekt, een Vriend dengene, die giften geeft, maar Hij is een Vriend, Die Zelf gaarne giften geeft. Hij is een Vriend van tollenaren en zondaren. En wie dat zijn, zegt Christus Zelf, als Hij op eenzelfde beschuldiging van farizeeën en Schriftgeleerden in Lucas 15 gaat spreken de drie gelijkenissen over het verlorene, dat Hij zoekt, totdat Hij het vindt: het verloren schaap, de verloren penning, de verloren zoon.

Hij is met innerlijke ontferming bewogen over degenen, die verloren zijn! Die wil Hij veel geven; die wil Hij alles geven. Voor die gaf Hij Zijn leven! Die zoekt Hij, trekt ze tot Zich, geeft ze de hand, sluit ze in Zijn armen, drukt ze aan Zijn hart. Met die eet en drinkt Hij aan Zijn Tafel.

Een vriend van tollenaren en zondaren. Zelfs van de voornaamste der zondaren. Hij is een Vriend, Die giften geeft aan arme bedelaars met een lége hand en een léég hart, óók de gift van het welverzekerd geloof. Dat was de troost van een zondares, van een Nathanaël, van een Levi, van een Kananese vrouw, van een blindgeborene, van een moordenaar aan het kruis!

Hij is een Vriend van tollenaren en zondaren, van mensen, die hét er niet te best afbrachten, van mensen, door de vromen uitgeworpen en geschuwd: „Wijk van mij, want ik ben heiliger dan gij". Van mensen, die niets aan te brengen hebben en zich op niets meer voorstaan; die alles missen, en hunkeren naar een ware Vriend.

Zoekt u zulk een Vriend? Zie, hier is Hij! Hij is een Vriend, Die de schuld van al Zijn vrienden (ja, zó noemt Hij zulke nietsbezittenden!) betaalt. Hij is dan ook een geschikte en gepaste Vriend voor bankroetiers.

Hij is een Vriend, Die al de noden en zonden en strijd van zijn vrienden niet alleen kent, maar die ook op Zijn hart draagt. Hij is een Vriend, Die vertroost in aanvechtingen: „De satan heeft u zeer begeerd te ziften als de tarwe, maar Ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet ophoude”.

Hij is een Vriend, Die waarschuwt en wijst op de gevaren, die dreigen. Die in liefde bestraft en vermaant. Welk een zeldzame Vriend!

Deze vriend van tollenaren en zondaren — Hij is ook zulk een trouwe Vriend. Hij laat de Zijnen nooit aan hun lot over. Al zijn wij ontrouw. Hij blijft getrouw. Hij kan Zichzelf niet verloochenen. Hij zoekt de Zijnen weer op, al zijn ze van Hem afgezworven, al moet Hij klagen: „Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten", al hebben ze op Zijn woorden geen acht gegeven, al hebben zij ze niet aangenomen, maar verworpen alsof ze het beter wisten dan Hij.

Een Vriend van tollenaren en zondaren. Ja, hier is een Vriend, van Wie zijn vrienden mogen zingen: Uw onbezweken trouw zal nooit hun val gedogen, Maar Uw gerechtigheid hen naar Uw Woord verhogen.

Zoekt ü zulk een Vriend? Hij is het. Die ook óns déze Zijne vriendschap biedt!

Krimpen aan den IJssel, J. H. Vlijm

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 augustus 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

EEN WARE VRIEND

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 augustus 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's