De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

UIT DE PERS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

UIT DE PERS

11 minuten leestijd

Israël.

In de kerkelijke pers van 3 en 10 juni die mij onder ogen kwam is nog maar door enkelen ingegaan op de spanningen in het Midden-Oosten, het conflict dat uitgebroken is tussen Israël en de Arabische staten, waarbij van Arabische zijde niets minder dan de vernietiging van de staat Israël beoogd wordt.

Graag geven we aan u door, wat ds. S. Gerssen schreef in „Hervormd Nederland" van 3 juni. U gelieve hierbij te bedenken dat Gerssen dit schreef vóór het uitbreken van de oorlog. En uiteraard valt nu niet te zeggen, hoe de zaken zich ontwikkeld hebben als u in dit persoverzicht dit artikel onder ogen krijgt. Het gaat me niet om de zakelijke gegevens, maar om enkele achtergronden die door Gerssen aangeroerd worden. Zijn overwegingen zijn ook, nu het vuren gestaakt is en de wapens rusten belangrijk genoeg. Want al heeft Israël de slag gewonnen, het heeft de vrede, de sjaloom, nog niet verkregen. Het zou wel eens kunnen zijn dat de eigenlijke moeilijkheden waarvoor dit volk staat, nu pas komen.

Gerssen spreekt in zijn artikel over „'n kenbaar maken van zijn gevoelens".

Hij schrijft: Gevoelens, inderdaad. Het lukt ons niet dit conflict gewoon zakelijk te registreren en te beoordelen. Natuurlijk gaat iedere oorlogsdreiging ons zeer ter harte, maar een conflict waarbij Israël in het geding is of zelfs op het spel staat, raakt bij ons meer dan alleen de algemeen menselijke afkeer van oorlog en geweld. Op een bepaalde wijze voelen wij ons bij de vrijheid van het volk Israël betrokken. De mensen, die daar nu wonen hebben tevoren bij ons huisvesting genoten. Dat zij die bij ons genoten hebben is echter in dit verband een pijnlijk eufemisme. Tegenover Israël is sprake van een kwaad geweten; daarvan zal tenminste bij onze generatie sprake moeten zijn. Daarom kunnen wij het innerlijk niet verdragen wanneer de beproeving opnieuw over het joodse volk zal moeten komen. En wij bidden, dat de dreiging moge worden afgewend.

De huidige spanning heeft in Nederland de gevoelens van sympathie jegens land en volk van Israël sterk doen toenemen. Wij kiezen vrijwel unaniem partij voor Israël. Natuurlijk weten wij, dat iedere politiek aanvechtbaar is, ook de Israëlische. Heeft Israël zich in de laatste tijd voldoende behoedzaam gedragen tegenover de Arabische buren? Was de inval vorig jaar op Jordaans grondgebied wel verstandig? Overigens is het geduld van Israël door de anderen wel zwaar op de proef gesteld. Wie intussen zegt, dat Israël zich zou schuldig maken aan oorlogsophitsing keert de werkelijke verhoudingen op een leugenachtige wijze om.

Israël was steeds vastberaden in een defensieve houding, maar agressieve eisen zijn door Israël nooit gesteld. Terwijl men van de andere kant er nooit enige twijfel over gelaten heeft, dat men agressieve bedoelingen ten aanzien van dit land koesterde. Men wenste geen grenscorrecties, grote of kleine, maar de opheffing van deze staat. Daarover viel niet te praten en werd ook niet gepraat. Bourguiba, die de feitelijkheid van het bestaan van de staat Israël wilde erkennen, werd niet eens aangehoord hij werd zelfs uitgescholden. Daarom kan het voor ons geen vraag zijn door wie de huidige spanning is veroorzaakt en gewild. Deze situatie waarin Israël verkeert moet wel gevoelens van sympathie opwekken. Hier geschiedt schandelijk onrecht jegens een volk, dat niets anders wenst dan in vrede het eigen land tot ontwikkeling te brengen.

Het is onbegrijpelijk, dat de Verenigde Naties zich zo zwak opstellen tegenover de agressie van president Nasser. Men behoort te weten, dat de staat Israël dankzij de V.N. is ontstaan en het ware te verwachten, dat men zich van het begin af aan tegen iedere aantasting van de status quo zou verzetten. Onzes inziens heeft Oe Thant door zijn haastige inwilliging van Nassers eisen zowel aan zijn eigen prestige als dienaar van de vrede als aan dat van de VN een rampzalige slag toegebracht. Nog afgezien van de gevolgen voor de positie van Israël lijken de gevolgen hiervan onheilspellend voor de wereldvrede. Dat nu de golf van Eilath voor Israël is afgesloten stelt een oorlogshandeling waarop Israël zal moeten reageren; als anderen het niet doen. Tegen de prijs van de aanvaarding van deze daad kan de vrede in het Midden-Oosten niet worden gekocht. Israël zou zich daardoor weerloos laten verdringen in de eerste fase van zijn vernietiging.

Israël is het slachtoffer van onbeschaamd onrecht. De gerechtigheid struikelt in de woestijn van Sinai. Of is het bestaan van dit oude volk de inzet geworden van het pokerspel der grote machten? Het is niet de eerste keer, dat de wereldpolitiek zich rondom Israël afspeelt. Op de een of andere wijze schijnt dat met het bestaan van dit volk gegeven. Misschien is het ook niet de laatste keer. Wij zijn verbijsterd over de brutaliteit waarmee de grote machten politiek bedrijven. Maar wij weten ook, dat er zoiets bestaat als de wereldpolitiek van God. Daar begrijpen wij nog minder van. De God van Israël is een God, die zich verborgen houdt. Wij begrijpen, dat in de Knesseth te Jeruzalem psalmen zijn gelezen. Minister Wahrhaftig had daar in deze omstandigheden een ruime keus. Wij denken aan Psalm 80, de psalm over de wijnstok uit Egypte opgegraven en over de Herder Israëls, die het ter ore moge nemen. „O God, herstel ons, doe Uw aanschijn lichten, opdat wij verlost worden." Dat is, dunkt ons, het meest ter zake dienende woord, dat in deze dagen in Jeruzalem en overal ter wereld gezegd kan worden.

Inderdaad, hoezeer er aan deze zaak politieke aspecten zitten, wie de bijzondere plaats en roeping van Israël temidden van de volkeren uit het oog verliest, trekt de zaak scheef.

Vurig hopen we dat de vele sympathiebetuigingen met Israël niet maar alleen voortvloeien uit algemeen menselijke gevoelens van sympathie en mededogen, maar ingegeven zijn vanuit een diep besef van de bijzondere plaats van Israël in Gods heilsplan. Dan krijgt de bede van de psalmdichter juist in deze dagen bijzondere diepte. „O God, verlos Israël uit al zijn benauwdheden."

Hongarije.

De Hongaars Gereformeerde Kerk herdacht in mei dat vierhonderd jaar geleden op een synodevergadering in Debrecen de tweede Helvetische Confessie (opgesteld door Bullinger) als belijdenisgeschrift aanvaard is. Bij deze herdenking van de reformatie in Hongarije waren verschillende buitenlandse gasten tegenwoordig, onder wie ook een aantal Nederlanders. Prof. dr. C. v. d. Woude vertelt in het Geref. Weekblad (Uitgave Kok, Kampen) van 9 juni het een en ander over de ontvangst door de Hongaarse kerk (een kerk in een communistisch geregeerd land!) en over de banden die juist Nederland verbinden met Hongarije.

Men werd ook telkens weer verrast door de ontdekking van de vele banden, die Hongarije en Nederland verbinden. De Hongaarse predikanten, die hier hebben gestudeerd en de Hongaarse kinderen, die jaren geleden hier zijn opgevangen, zijn Nederland nog niet vergeten. Toen ik de eerste avond in Budapest, met de heer Laernoes en ds. Tuski, onderdaik kreeg in een „Gastzimmer" van de kerk, werden we begroet door een vriendelijke directrice, die in gebroken Nederlands vertelde, dat zij als kind in Vlaardingen was opgegroeid en niet zonder enige rechtmatige trots me enige getuigschriften van de Amerikaanse en Russische autoriteiten toonde, waarin haar dank werd betuigd voor de hulp, die zij met gevaar voor eigen leven tijdens de oorlog aan de zaak der geallieerden had bewezen. Zij had het gedaan, vertelde ze, uit dank voor de liefde, die zij als kind in Nederland had genoten.

De jubileumviering vond plaats in Debrecen, het centrum van het Hongaars Calvinisme.

De herdenking werd met de nodige plechtigheid gevierd. De grootste kathedraal van Debrecen, die meer dan 2000 bezoekers bergen kan, was de plaats van de herdenking. De Hongaarse kerkelijke autoriteiten, de leden der Hongaarse synode, de buitenlandse gasten liepen allen in toga of ambtsgewaad in processie de weg van de Academie naar het kerkgebouw. Het was een imponerende stoet, die van de zijde der bevolking veel belangstelling trok. Men stond even verbaasd dat hier achter het ijzeren gordijn onder een communistisch regiem de Kerk zich zo publiek kon presenteren. Het gaf ook enige voldoening te kunnen laten merken dat de Kerk, die in communistische landen nu niet de meeste achting geniet, toch in heel de wereld velen telt, die haar liefhebben en zich gelukkig achten tot haar te mogen behoren.

De grote kathedraal was tot aan de nok gevuld. In deze kerk hebben we de eerste dag voor een groot deel doorgebracht De morgenvergadering duurde ononderbroken van 9—12.30 uur; de middagvergadering van 3.30—6.30 uur. Een koffie- of theepauze kent men in Hongarije niet. 's Morgens werden er drie, 's middags nog twee referaten gehouden. De referaten, die voor een deel in het Hongaars werden gehouden, werden in Duitse of Engelse vertaling aan de bezoekers verstrekt. Ze werden afgewisseld met toespraken van buitenlandse afgevaardigden of met koorzang of gemeentezang. Hongaren kunnen zingen. Ze hebben stemorganen, die een hoger en krachtiger ge luid kunnen produceren, dan wij in het Westen kunnen doen. Men kan zich indenken welk een machtig geluid door die meer dan 2000 zangers in die grootse kathedraal werd voortgebracht.

De herdenking van een stuk reformatorisch verleden vormde voor de Hongaarse kerk een goede aanleiding zich te bezinnen op haar weg door de wereld van nu. Want ook deze kerk staat voor de taak het getuigenis van het evangelie, zoals dit in de Reformatie verstaan is, door te geven in een geseculariseerde wereld.

Kameroun.

Het zendingsblad van de Hervormde kerk gaf een speciaal Kameroun-nummer uit. Zoals steeds: Boeiend en lezenswaardig. In deze federale republiek met 5 miljoen inwoners, 14 maal zo groot als Nederland, zijn 555.000 protestanten.

De Evangelische Kerk van Kameroun ontvangt in jeugdwerk, onderwijs, theologische opleiding en medisch werk assistentie van de zendingsarbeiders der Hervormde Kerk. We geven u hier iets door uit een artikel van dr. F. C. v. d. Horst over het medische werk in Bangwa.

Bangwa is slechts een klein dorp. Na 1955 zijn er 15 tot 40 nieuwe ziekenhuizen gekomen. Toch blijft het zijn oude roem behouden. De gevolgen hiervan zijn zeer merkwaardig. De Bamilékébevolking migreert graag naar andere streken van het land en tallozen wonen ver van hun moedergrond, temidden van andere stammen, die hen lang niet altijd vriendelijk gezind zijn. Bij langdurige ziekten en kwalen zoeken zij dan tenslotte dikwijls het moederland weer op om in een vertrouwde omgeving en in een vertrouwd ziekenhuis van hun chronische kwalen te genezen. „De geestelijke rust zonder spanning en de gezellige vertrouwde omgeving zijn belangrijke winstpunten voor het genezingsproces. Dieet, rust en medicijnen doen dan, wat elders niet mogelijk is." Aldus beschrijft een der artsen dit. Medisch en sociologisch uiterst interessant. Technisch betekent dit, dat deze groep, een vrij groot aantal, veel minder dokterscontrole nodig heeft dan acute ernstige zieken. Toch blijft er nog werk genoeg over in dit ziekenhuis van totaal 550 bedden. Er is een grote kinderafdeling van 80 kinderen waarvan velen ernstig ziek zijn. Merkwaardig is ook de verloskundeafdeling. De meeste vrouwen komen vrij ver, één tot twee uur lopen of nog verder. Ze komen voor alle zekerheid dan maar erg bijtijds in het ziekenhuis. Medisch is dit uitnemend, rust en goede voeding doen hen dan weer wat op krachten komen voor de bevalling. Vrouwen doen hier het zware weilk, het werk op het veld speciaal. Ook de chirurgische afdeling is uitgebreid, daar dit ziekenhuis als een soort streekziekenhuis functioneert voor de kleinere overheidsziekenhuizen en poliklinieken in de omgeving. Een volledig opgeleide chirurg zou hier dan ook dringend noodzakelijk zijn. Voor 2 artsen is hier veel werk. Daarom zijn voor allerlei meer technisch werk speciale verplegers opgeleid, die de artsen veel werk uit de handen nemen.

Prof. dr. K. Dijk, e.a., VERKONDIG HET WOORD, Preekschetsen, Tweede bundel, 320 blz., T, Wever, Franeker.

In deze bundel vindt de lezer preekschetsen over oud- en nieuwtestamentische stoffen, geschreven door gereformeerde en chr. geref. theologen. Ook uit Afrika en Australië kreeg men medewerking. Het is een goede gedachte geweest ook buitenlandse theologen voor medewerking uit te nodigen om op deze wijze profijt te trekken van hun kennis en ervaring.

Prof. Dijk had de redactie van deze bundel. Verder werkten mede: ds. M. P. van Dijk, dr. J. A. Heyns, ds. Jac. Jonker, prof. W. Kremer, prof. dr. J .H. Kroeze, dr. A. Kruiswijk, prof. dr. K. Runia, prof. dr. J. A. Schep, dr. B. Spoelstra, prof. dr. W. H. Velema, prof. dr. P. A. Verhoef. Ook deze bundel kan allen die geroepen worden tot de zware en verantwoordelijke taak van de prediking des Woords helpen bij de voorbereiding. Wie veel preekt, moet veel lezen. Er komt bij de prediking en de voorbereiding meer kijken, maar luisteren naar een ander kan niet anders dan geestelijke verrijking betekenen.

Utrecht  H. Bout.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1967

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

UIT DE PERS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1967

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's