De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

HET FUNDAMENT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HET FUNDAMENT

7 minuten leestijd

„Want niemand kan een ander fundament leggen, dan hetgeen gelegd is, hetwelk is Jezus Christus". 1 Corinthe 3 vs 11.

In de bouwvakken heerst een koortsachtige bedrijvigheid: er wordt veel gebouwd, overal wordt gebouwd. Dorpen lopen steeds verder uit in het landschap zonder er overigens in te worden opgenomen. Steden worden uit de grond gestampt, de mensen moeten toch wonen. Op grote borden lezen wij: Hier bouwt. Nu vraag ik uw aandacht voor de bouwplaats Gods in deze wereld. Wat wordt hier gebouwd? De gemeente. En de Heere komt daar wonen. In de omgeving van deze tekst wordt het zo gesteld: Gods gebouw zijt gij; weet gij niet dat gij Gods tempel zijt en de Geest Gods in u woont.

Op deze bouwplaats wordt niet meer zo hard gewerkt als vroeger. Het lijkt wel alsof 't werk stilgelegd wordt, denkt menigeen. U ziet arbeiders, die breken, waar gebouwd moest worden; die slopen, wat opgetrokken werd. Zeker, er wordt nog wel eens gewerkt en we lopen elkaar daarbij nogal eens in de weg. Er wordt vooral druk over de bouw gesproken; de een weet nog beter hoe het moet als de ander. Wij moeten, zo hoort u roepen, elders bouwen. Midden in de wereld, er zo maar inspringen en dan aan de slag. En anders bouwen, volgens nieuwe methoden en met nieuwe materialen. Het is de vraag of al dat praten ons helpt bij de bouw. Het is zelfs de vraag of er wel deskundig gesproken wordt, of men er wel mee rekent dat wij op de bouwplaats Gods tot arbeid geroepen worden.

De tekst schept orde op die bouwplaats: Want niemand kan een ander fundament leggen, dan hetgeen gelegd is, hetwelk is Jezus Christus. Dat is duidelijke taal, dat kan verhelderend en versterkend werken: dan hetgeen gelegd is. Dat daar dus ligt! Wie heeft dat fundament gelegd? Paulus soms? Nee, dat heeft God zelf gedaan. Jezus Christus is ons van God geworden, tot de grondslag van de gemeente. Ziet, zo verklaarde Hij eeuwen tevoren. Ik leg een grondsteen in Sion, die wel vast gegrondvest is. Dat is, zo waar, de steen, die de bouwlieden verworpen hadden. De vakkundigen — en wat gingen zij daar prat op — konden Hem niet gebruiken. Hij paste niet in hun bestek, zij konden niets met Hem beginnen. Toen hebben zij Hem weggeworpen; daarom ligt deze steen op zo'n vreemde plaats. Buiten het stadsplan, buiten het uitbreidingsplan van deze wereld. Maar Hij ligt er goed: Jezus Christus en Dien gekruisigd. Hij is van God verkoren, en kostbaar voor allen die geloven. Dat is van de Heere geschied en het is wonderlijk in onze ogen.

Wat er mag veranderen, de grondslag niet. Daarvan is Paulus diep overtuigd. Hij laat Christus aan zijn plaats. Hij heeft naar de genade Gods, die hem gegeven is, als een wijs bouwmeester het fundament gelegd. Dit fundament. Dat wil zeggen: hij heeft als apostel Jezus Christus gepredikt. De prediking van Hem, is het fundament leggen. Vandaar dat hij ook wel spreekt van apostelen en profeten — Ef. 2 vs 20 — Jezus Christus. Niet naar eigen berekening, niet naar eigen tekening, maar naar de Schriften. Dat moet er bij vermeld: Jezus Christus naar de Schriften, de Christus Gods, het fundament, dat God gelegd heeft. Paulus is zeer bepaald een fundamentalist. Hij zou zelfs van fundamentalisme beschuldigd worden, als hij in deze tijd leefde, waar slopers, de bouwers zo plegen uit te schelden. Deze kundige architect construeerde het fundament niet, hij constateerde slechts: hetwelk is Jezus Christus. Hij hield zich aan zijn opdrachtgever. De prediking van apostelen en profeten is daarom fundamenteel voor alle prediking, omdat zij prediking van Jezus Christus is, naar de Schriften.

Dat schept niet alleen orde, dat schenkt ook rust aan de bouwvakkers, waartoe u de dienaren des Woords kan rekenen. Als dienaar dés Woords mag ik, bij alles wat vandaag ter discussie staat, het fundament indiscutabel stellen. Uit de tekst wordt ons de zekerheid hergeven, waarvan veel beschouwingen en overwegingen ons dreigen te beroven. Alleen wanneer we het vasthouden: niemand kan een ander fundament leggen, dan hetgeen gelegd is, hetwelk is Jezus Christus. Maar niet alleen predikanten moeten bouwen, ook de ouderlingen en de diakenen, eigenlijk alle lidmaten der gemeente. Zij hebben zich, meer in het algemeen, en in het bijzonder, verbonden te werken aan de opbouw der gemeente. Hoe meer er bij de bouw betrokken worden, hoe doelmatiger. Mits wij allen het fundament goed weten te liggen en daar telkens toe doorstoten. Er is vandaag zoveel gemeenteafbraak, die voor gemeenteopbouw door wil gaan, zoveel is aan het verschuiven, omdat het van het fundament afglijdt. Het fundament glijdt niet mee, in geen geval. Heb daarover maar geen zorg.

Misschien is het mogelijk een ander fundament te leggen? Elders te bouwen, omdat Jezus Christus naar de Schriften, niet meer voldoet, omdat er eigenlijk niet meer op te bouwen valt. Omdat de plaats, waar, het fundament gelegd is, ons niet meer aanstaat, omdat de maten te krap zijn. Dat kan toch! Dat kan niet verklaart de apostel. Is er soms onder de hemel 'n andere naam gegeven, door welke wij moeten zalig worden. Is er soms een ander evangelie? Wie een ander brengt, brengt het evangelie niet. Kan iemand soms twee heren dienen? Zo kan niemand een ander fundament leggen. Het gebeurt wel, maar het bestaat niet.

Anders bouwen, daar valt over te praten. Minder hout en hooi, meer goud en zilver. Andere bouwers: het fundament meer doen uitkomen dan ook onder ons gebruikelijk is. Daar moeten we telkens met elkaar over spreken. Christus Jezus mag niet verdonkeremaand worden, door wat wij er van maken, hoe zwaar dat ook klinkt en hoe waar dat ook lijkt. Christus Jezus moest uitgedragen worden, midden in de vragen en de angsten van deze tijd, dat is ook zaak, en daarin maken wij het ons vaak veel te gemakkelijk.

Maar elders bouwen, op een andere grondslag? Geen denken aan! Uitgesloten! Wie hierop niet bouwt, die zit er naast, al zou hij een fraai bouwwerk optrekken, al zou men hem lof toezwaaien van alle kanten. Niemand mag dat, niemand kan dat. Dat luistert zo nauw voor het welzijn der gemeente, dat wij het ons terdege moeten laten zeggen. Daaraan valt niet te tornen. Niemand! Van hooggeleerd tot laaggeleerd; als was het een engel uit de hemel. Het is en blijft onmogelijk. Hier halen we even adem. Gelukkig maar. Jezus Christus is het alleen. Hij is het, zonder meer. Dat geldt voor ons behoud. Dat geld voor de bouw van de gemeente en daarom voor de arbeid in de gemeente.

Wij behoeven geen schetsplan te ontwerpen. Gods ontwerp wordt op de bouwplaats uitgevoerd. Geen vindingrijkheid komt hier te pas, alleen de rijkdom van het vinden: Hetwelk is Jezus Christus. Hoe meer wij Gods ontwerp bewonderen, en het fundament lief krijgen, hoe stipter wij er ons aan zullen houden, hoe strikter wij het zullen laten gelden. Daartoe vermanen wij elkaar en daarmede bemoedigen we elkaar.

Zo zal in onze arbeid Jezus Christus ten grondslag gelegd worden aan alles wat tot opbouw van de gemeente strekt, aan haar leven, aan haar werken. De dienaar is tevens leraar. Hij leert wat hij uit de Schrift geleerd heeft, aangaande Jezus Christus: dat Hij het fundament is. Hij kan niet vervangen worden; dat mag niet vervagen en vervlakken: hetwelk is! Zo alleen wordt de gemeente gebouwd tot een woonstede van God in de Geest.

Dan moeten wij het verwijt op de koop toe nemen, dat dit volstrekte, al té bekrompen is. Dat het geen vrij spel laat aan eigen inzicht, aan inlichting, die men ons verstrekt. Dat het anderen uitsluit, om mee te werken, anderen die er anders over denken, die dit fundament overbodig achten. Wij kunnen niet links en rechts medearbeiders aantrekken en we kunnen niet schots en scheef bouwen. Het fundament ligt er.

Het is nog altijd een steen des aanstoots. Wat moeten de bouwmeesters van deze eeuw met Jezus Christus? Zij leggen welbewust een andere grondslag, ze bouwen ook aan wat anders. Onze grondsteen ligt nog altijd in de buurt van Golgotha, en van de hof van Jozef van Arimathea. Hij ligt daar, volgens het gemaakt bestek, dat uitgevoerd wordt tot in eeuwigheid.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 april 1968

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

HET FUNDAMENT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 april 1968

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's