De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

IK WEET......

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

IK WEET......

5 minuten leestijd

„Want ik weet, mijn Verlosser leeft . . . ! Joh. 19:25a.

Bij alle lijden dat Job moest ondergaan, heeft, toch wel het vals getuigenis van zijn vrienden hem 't felst de ziel doorpriemd.

Job kon het niet begrijpen waarom God hem zo zwaar op de proef stelde en dat heeft hem herhaaldelijk dingen doen zeggen over God en zichzelf waarvan hij tenslotte moest getuigen: Ik heb berouw . . . daarom verfoei ik mij in stof en as. Maar hoe zwaar ook beproefd . . . nooit heeft Job aan God de dienst opgezegd.

De vrienden van Job, ze hebben het naar hun eigen uitlatingen, zo goed bedoeld, ze hebben veel gesproken, ze hebben veel voortreffelijke dingen gezegd over God, over Zijn wegen met de mensen. En daarin fonkelt ongetwijfeld licht van de Heilige Geest.

Maar bij dit alles is gebleken dat zij zich totaal in Job hebben vergist . . . ten diepste Gods weg met Job niet begrepen.

Zij gingen zó ver dat zij Job beschouwden als een huichelaar! Daar moest bij Job immers meer achter zitten! Job, beken uw schuld!

Wie is, aldus Elifas, de onschuldige die vergaan zij en waar zijn de oprechten verdelgd? Die ondeugd ploegen en moeite zaaien, maaien deze!

Wie wind zaait zal storm oogsten. En Bildad blijft niet achter: Alzo, zoals bij u Job, zijn de paden van allen die God vergeten en de verwachting van de huichelaar zal vergaan.

Maar Job had heus de grote les in het leven wel geleerd: geen mens rechtvaardig voor God! Geen reine uit een onreine!

Job zelf is door alles wat hem overkomt terecht gekomen bij het „waarom? " Waarom schijnt God mijn vijand en niet mijn Vriend?

Hij komt zelfs tot het vervloeken van zijn geboorte-dag. En bij dit alles voegt zich dan nog het oordeel van zijn vrienden.

Maar ineens breekt er iets open bij Job. Hij wenst dat zijn woorden in de rots gebeiteld zullen worden en vol gegoten met kokend lood, de eeuwen door bewaard mogen blijven.

Naar uw overtuiging, mijn vrienden, zal ik wel als een huichelaar, als een groot zondaar, het graf in gaan, maar mijn onschuldsbetuiging: laat ze in de rots vereeuwigd worden, niet als een dode inscriptie, maar als een geloofs­getuigenis: Want ik weet, mijn Verlosser leeft!

Job mag hier zijn hoofd opsteken en leven in de vaste overtuiging dat God eens „de druk zal verwisselen in geluk", God zal eenmaal zijn zaak rechtvaardigen tegenover allen en alles!

Mijn Losser is de Levende! Hij zal alles eens aan het licht brengen!

Job zelf meent ook spoedig te sterven, maar zijn Losser leeft. En daarop is in alle nood en dood zijn verwachting gericht.

De plicht van de losser was de verarmde, de verkochte, de veronrechte te verlossen.

Mijn Losser, mijn Goël zal het laatste woord hebben. Hij zal over al het stoffelijke eenmaal opstaan. Van mijn lichaam zal wel niets meer over blijven, uit mijn vlees d.w.z. na mijn dood, zal ik God aanschouwen! Hij zal geen vreemde voor mij zijn.

Hoe schittert in dit getuigenis van Job het werk van de Heilige Geest! Midden in de nood grijpt het geloof naar het Leven! Naar de ware levensverwachting. Nog hechter dan in de steenrots staat dit woord van Job door de H. Geest gegrift in het eeuwig blijvende Woord van God. Hierin breekt licht van Pasen door!

Vinden we deze zelfde lijn ook niet bij Asaf in ps. 73?

Na de storm de rust van de zekerheid: Gij zult mij leiden ... en daarna in heerlijkheid opnemen! Alles door en in de beloofde Losser, de Here Jezus Christus.

Hij daalde in in de diepten van onze verlorenheid en schuld, van onze nood en dood. Op de Paasmorgen heeft Hij het Leven en de onverderfelijkheid aan het licht gebracht.

Zijn wij door de kracht van het Evangelie van het kruis en door de boodschap van het geopende graf, door alles heen, al uit gekomen bij het getuigenis van Job: Want ik weet mijn verlosser leeft?

Zeker, dan gaan we door de strijd; de duivel laat ons niet met rust; mensen kunnen lasteren, ons voor een huichelaar houden. Wie er mee tot God gaat wordt er boven uitgetild en vindt rust in dit weten: die mij oordeelt is de Here! Hij zal alles aan het licht brengen.

Wij mogen meer weten dan Job!

In de Vorst van Pasen is God gekomen tot de volheid van Pinkster. Weet u uw leven zo geworpen op het Woord alleen da^ dit overbleef: Want ik weet, mijn Verlosser leert?

Dan krijgen alle dingen in mijn leven zin vanuit de wederkomst van Christus. Zo raken we bevrijd van veel krampachtigheid, van onze dode werken, van onze overtuigingen en van onze schema's en verliezen we alles om Christus wil.

De opstandingskracht van Christus trekt mijn leven in Zijn vergevende liefde telkens weer; mijn leven met alle noden en zorgen, met alle onopgeloste vragen, met alle strijd, maar ook met alle verwachting in de geborgenheid bij God.

In de wereld van vandaag (ook in de kerk) mag nauwelijks meer over zekerheden gesproken worden!

En toch: het geloof zegt: we hébben het profetisch Woord! Het geloof zegt: Ik weet!

Ons geloof kan zo ingezonken zijn! Wat een leven vaak beneden onze stand, Wie zijn leven biddend richt naar de beloften van God en worstelt om de doorbraak van de Pinkstergeest weet dat bij de afbraak van deze aardse tabernakel (tent) een gebouw bij God wacht!

Laat ons deze onwankelbare belijdenis van de hoop vasthouden! De Verlosser is getrouw! De Verlosser die leeft, zal komen. Aan alle verdrukking komt een einde. Aan de macht van de zonde komt een einde. De Verlosser lééft!

Wordt bewogen tot het geloof door allen die de schrik des Heren kennen maar zich gedrongen weten door Zijn liefde.

Vele zijn de tegenspoeden des rechtvaardigen, maar uit die alle redt hem de Heere.

En het danklied der verlosten zal zijn: Gij hebt ons Gode gekocht met Uw bloed!

Laat ons leven de tekenen dragen van deze verwachting: rechtvaardigheid ... vrede ... en blijdschap door de H. Geest!

Ede  J. den Besten

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1968

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

IK WEET......

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1968

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's