Verslag over het jaar 1967
uitgebracht door de secretaris in de ledenvergadering van de Geref. Bond, gehouden op 8 mei 1968.
Het verslag van wat in ons midden in het jaar onzes Heren 1967 is geschied en gedaan begin ik met te herinneren aan de voorgangers, die in het afgelopen jaar van hun post zijn afgelost, naar de vermaning van de apostel: Gedenk uw voorgangers, die u het woord Gods hebben verkondigd en volgt hun geloof na, ziende de uitkomst van hun wandel.
De 6de april 1967 ging heen ds. C. v. d. Boogert te Harderwijk, in de leeftijd van 63 jaar. De 14de juni werd plotseling weggenomen ds. J. Zwijnenburg te Oudewater, op 51 jarige leeftijd. De 26ste oktober overleed op 34-jarige leeftijd ds. H. A. van Bemmel, die enige dagen tevoren afscheid had genomen van de gemeente van Oldebroek en zich gereed maakte om de herdersstaf in Huizen op te nemen. Van onze emeriti-predikanten werden weggenomen, de 6de febr. ds. S. Goverts, oud 80 jaar; de 1ste juni ds. F. de Gidts 89 jaar; de 12de december ds. Jac. Enkelaar, in de leeftijd van 74 jaar. Ik kan niet nalaten bij deze rij te voegen de heer A. van Barneveld, emeritusgodsdienstonderwijzer van Huizen en van Delft, die op 84-jarige leeftijd de 30ste september in vrede is ontslapen. Wij gedenken hen allen met diepe eerbied en grote dankbaarheid en bevelen de achtergebleven gezinnen en betrekkingen aan de hoede van Hem, die gisteren en heden dezelfde is en tot in eeuwigheid.
Ons erelid, de heer J. L. Verbeek Wolthuys werd in de gezegende leeftijd van 87 jaar uit de kring van de zijnen, ook uit het Hoofdbestuur, waarin hij zovele jaren met ere, rust en trouw heeft zitting gehad, op de 17de augustus weggenomen.
Wij noemen deze allen, maar zullen niet vergeten de stille werkers, de bidders op de achtergrond, die soms jaren aaneen het werk hebben gedragen en gestimuleerd, ook in de plaatselijke afdelingen en in de kerkeraden.
Door de trouw en goedheid Gods over Zijn Kerk mochten enige jonge predikanten in hun eerste gemeente worden bevestigd. God de Here sterke hen en stelle hen voor velen ten zegen.
In de kerk en in de wereld zet zich een ontwikkeling voort, die met veel zorg ons moet vervullen en ons moet aansporen om met de gaven en de krachten die ons geschonken zijn in trouw te blijven medewerken aan de bouw van Gods tempel. Van onze verontrusting heeft uw Hoofdbestuur getuigd toen op de 19de april 1967 een commissie van enige leden van het Hoofdbestuur van de Confessionele Vereniging en van het Hoofdbestuur van de Geref. Bond een bespreking had met het Breed Moderamen van de Generale Synode onzer kerk. Daarbij zijn zowel de theologische momenten als de vragen van de praktische leiding van de kerk ter sprake gekomen in een langdurig onderhoud. Gaat de kerk in de richting van een episcopale kerk? Krijgen de Raden niet een dominerende plaats? Zal het belijdende karakter van de kerk nog verder worden uitgehold en de verwarring nog groter worden? Waar blijft de duidelijke stem van de kerk in de grote ethische vragen, die voortdurend aan de orde komen, waarbij een nieuwe moraal gepredikt wordt, zoals die b.v. op het congres van het P.S.V.G. beluisterd kon worden in een stelling, dat het monogame huwelijk geen goddelijk gebod maar zede is? — Een gezamenlijke nota van de beide hoofdbesturen naar aanleiding van deze in zeer goede sfeer gehouden samenspreking is onderweg blijven steken.
In het vorige jaar heeft de Generale Synode het te betreuren besluit genomen om ook het ambt van dienaar des Woords voor de vrouw open te stellen.
Van de Generale Synode werd een herderlijke brief over de prediking van de Verzoening: „De Tussenmuur weggebroken" de kerk ingezonden. Uw voorzitter is in meer dan één artikel van ons orgaan op dit geschrift ingegaan, waar hij er o.a. op gewezen heeft, hoewel in onderscheid met het ontwerp hier een paragraaf over de plaatsvervanging is opgenomen, maar dat de unieke mogelijkheid om het Woord Gods te laten spreken en te laten uitspreken niet is benut.
Vanwege de Generale Synode is ook het uitvoerige geschrift gepubliceerd: Klare Wijn; rekenschap over geschiedenis, geheim en gezag van de Bijbel. Het Hoofdbestuur heeft zich ook met dit stuk ernstig beziggehouden. Wel worden wij door deze werken, theologen van-professie, maar ook andere gemeenteleden, ernstig opgeroepen ons te bezinnen op de ook aan ons gestelde vragen. Wij zijn er echt niet mee klaar te zeggen, dat wij er tegen zijn. In Klare Wijn werd ik meer dan eens herinnerd aan Bultmanniaanse ideeën, die tot een reductie van het Evangelie leiden. Er zijn hier beschouwingen, die vreemd zijn aan het zelfgetuigenis van de Heilige Schrift, voor mij het uitgangspunt bij een studie die zich bezighoudt met het gezag en de betekenis van de Heilige Schrift. Een studiecommissie is bezig met de vragen rondom het gezag en de „menselijkheid" van de Schrift; als ik mij niet vergis is men reeds vier maal bijeengekomen. Ik hoop, dat binnen afzienbare tijd in de bladen van onze Bonden iets van de resultaten van de studie en de bezinning van deze commissie, die onder leiding staat van Ds. K. Exalto zullen worden opgenomen.
Eén ding is zeker. Er wordt gewerkt en dat moet ook ons stimuleren. Maar in dit verband moet ik wel denken aan een woord van Thielicke: Wij dreigen een theologie zonder kerk, een kerk zonder theologie te worden. Hij waarschuwt sterk tegen een uitwegloos dualisme tussen kansel en katheder. Voor ons ook is er het gevaar van een groeiende afstand tussen kerkvolk en voorgangers.
Het kan niet de bedoeling van een samenvattend verslag zijn alle reacties uit onze kring op gebeurtenissen in onze kerk en daarbuiten te noemen. Het was een jaar van ingespannen arbeid. Het Hoofdbestuur kwam elf maal in 1967 bijeen, ongeteld commissievergaderingen en besprekingen, waarbij met bijzondere dank de vele arbeid van de oud-secretaris Ds. Timmer wordt gememoreerd in de organisatorische sector. Nog steeds deelt hij boeken uit en schrijft vele brieven aan correspondenten — kunnen er zich wellicht uit deze vergadering opgeven? — nog steeds werft hij abonnees voor de Waarheidsvriend. Het zou toch wel kunnen, dat de Waarheidsvriend 10.000 abonnees zou hebben! — In dit verband herinner ik aan het feit, dat van Theologica Reformata de elfde jaargang is ingegaan. Het tijdschrift geeft ons grote publicatie-mogelijkheden, het wil op de hoogte houden van wat er theologisch te koop is en is niet voor predikanten alleen bestemd maar zeker ook voor de belangstellende leek.
Het werk van de Intellectuelen-kring, waar ons medelid Ir. v. d. Waal zoveel werk doet, ging ook dit jaar voort, in samenwerking met de reunistenvereniging van de C.S.F.R. De gehouden lezingen zullen in druk verschijnen. (Wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1968
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 mei 1968
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's