De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Indrukken uit de Synode

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Indrukken uit de Synode

6 minuten leestijd

Dit jaar werd de zomerzitting van de Generale Synode der Nederlandse Hervormde Kerk gehouden van 17 tot en met 19 juni in Driebergen.

De eerste zittingsdag werd begonnen met de openingsdienst in de kapel, die geleid werd door Ds. M. C. Don van Rotterdam.

Tot de eerste zaken, die ter tafel kwamen, behoorden een aantal benoemingen, waarvan wij alleen noemen de benoeming van Prof. Dr. R. Bijlsma uit De Bilt tot rector van de Zendingshogeschool te Oegstgeest en de benoeming tot lid van de Raad voor de herderlijke zorg van Drs. A. Noordegraaf.

Des middags vond de behandeling plaats van het jaarverslag over 1967 van de Raad voor de Zending, waarbij de verschillende secretarissen een toelichting gaven. Hierbij kwamen verschillende vragen uit de synode op tafel o.a.: naar de verhouding met de Gereformeerde Zendingsbond, de verhouding tot dergelijke instanties van andere Nederlandse kerken en de verstandhouding met de Islam.

Vanzelfsprekend bleef de kwestie Nigeria-Biafra niet onbesproken, waarbij de secretaris-Afrika, Ds. J. M. Hoekstra, erop wees dat men in het oordeel hierover er niet vanuit mocht gaan dat het alleen om een oorlog van Moslims tegen christenen zou gaan.

Prof. Dr. A. J. Bronkhorst vervolgde zijn op de vorige synodezitting gegeven verslag van de zittingen van het Pastoraal concilie van de R.K. kerk van Nederland. Hij gaf toe zelf in houding tegenover „Rome" een ander standpunt in te nemen als destijds, en antwoordde op vragen van Dr. G. de Ru en Drs. K. Exalto, die bezorgd waren over het neo-modemisme in de nederlandse r.k. kerkprovincie, dat hun vrees niet geheel terecht was.

In de avondvergadering kwam onder meer het voorstel van de classis-Amsterdam aan de orde om in artikel 10 van de kerkorde de Thesen van de Bekenntnissynode van Barmen op te nemen. Zoals bekend heeft deze classis het voorstel overgenomen van de Amsterdamse studentenpredikant Ds. A. A. Spijkerboer, die hiermede onder meer een krachtig getuigenis tegen de natuurlijke theologie, rassendiscriminatie en de God-is-dood-theologie in de kerkorde wilde zien opgenomen.

Naast waardering voor dit geschrift, dat in Duitsland van grote historische betekenis is geweest, gaf de meerderheid van de synode te kennen achter het advies van het moderamen te staan om dit voorstel niet te aanvaarden.

Wel zal worden nagegaan hoe eventueel deze Barmer Thesen met - bijvoorbeeld de Amersfoortse en de Doornse stellingen een plaats zullen krijgen hetzij in het kerkboek, hetzij in een boek met belijdenissen.

Dinsdagmorgen kwam de nieuw ontworpen „orde van dienst voor de viering van de Palmzondag" aan de orde. Het ging hier om een nieuwe vormgeving van de openbare geloofsbelijdenis en de bevestiging tot lidmaat. Hierop kwam vanuit de synode bijzonder veel kritiek, niet in het minst vanuit de vertegenwoordigers van de groep 66/2000. Persoonlijk viel mij op dat ook weer deze vertegenwoordiging uiterst éénzijdig was samengesteld, wanneer men bedenkt dat ruim 10.000 jongeren aan de voorgesprekken hebben deelgenomen. Waar het niet tot een discussie kon komen vanwege het gebrek aan tijd, heeft het moderamen een voorstel gedaan inzake de verdere gang van zaken. Hierin werd o.a. voorgesteld het gehele verband van doop, belijdenis en avondmaal grondig te bestuderen en opnieuw deze „orde van dienst" te bezien, waarbij de gemaakte opmerkingen benut dienden te worden.

Ook het verslag van de studenten-en academiepredikanten riep vele vragen op-; waarbij vooral Prof. dr. H. Jonker wees op het feit dat vele studenten en afgestudeerden de band met de gemeente verloren hebben. Bovendien wordt te veel nadruk gelegd op de dienst, terwijl de verkondiging van de waarheid en de leer te weinig plaats heeft.

In hun antwoord bleken deze predikanten een sterke nadruk te willen geven aan de pluriformiteit van de kerk en maakten zij gewag van de zware opdracht, die hen verleend was.

In de middagvergadering kwam een zeer belangrijk, misschien wel het belangrijkste, agendapunt ter tafel, n.l. het rapport over het ambt, opgesteld door Prof. Dr. H. Berkhof. Elders in dit blad kunt u van de hand van Drs. K. Exalto hierover een uitvoerig verslag lezen. Rest mij hier te schrijven, dat het mij bijzonder verheugt, dat de mening van Prof. Dr. A. A. van Ruler over deze kwestie weer zal gehoord worden.

Was de synode over tal van punten vrij verdeeld te noemen, dat kon niet gezegd worden bij de behandeling van het rapport „mens en natuur", in de vergadering toegelicht door Prof. Dr. K. H. Vos, hoogleraar in de biologie aan de V.U. Unaniem was men van mening, dat het in deze tijd niet alleen gaat om het behoud van de natuur, maar daarbij ook om de bescherming van de mens. De raad voor Kerk en theologie zal zich opnieuw met dit probleem bezighouden, terwijl dit stuk aangevuld en omgewerkt ter zijner tijd een verschijningsvorm zal vinden.

Tegen middernacht kwam nog in bespreking de „zaak-Deventer", waar zoals men weet de hervormde gemeente toestond aan de Turkse gastarbeiders om de kerk te gebruiken voor hun gebedsdiensten.

Hierbij bleek dat een gunstig advies niet door de Raad voor de Zending, maar wel persoonlijk door ds. P. J. Mackaay, met instemming van zijn mede-secretarissen, was verstrekt. O.a. Ds. P. Koeman en ouderl. Van Kleunen (Goes) keerden zich fel hiertegen.

Met een absentie van 13 leden keurde de synode dit advies goed met een stemmenverhouding van 21 voor en 21 tegen. Mij dunkt, dat dit geen juist beeld heeft gegeven van de mening van dé gehele synode.

De laatste vergadering werd in beslag genomen door de bespreking van twee stukken, die in het teken stonden van de voorbereiding op de vergadering van de Wereldraad van Kerken te Uppsala, n.l. het rapport over „revolutie en gerechtigheid" en de nota van de commissie voor Internationale zaken van de Oecumenische Raad. Over het eerste rapport bestond een duidelijke tegenstelling tussen vele synodeleden en de opsteller Dr. C. P. van Andel, waarbij ernstig werd getwijfeld aan het „recht" van revolutie en de geweldloosheid werd aangeprezen.

Ook de behandeling van de conceptgezangenbundel vond deze dag plaats, waarover u elders in dit blad kunt lezen.

Rest nog te vermelden, dat in een informatie-nota melding werd gemaakt van de samenstelling van het Hervormd-Rome beraad (waarvan de door de synode benoemde Dr. C. P. van Andel te Utrecht de secretarisplaats zal gaan innemen), een schrijven van drie hoogleraren over de geboorteleden en de samenstelling van een nieuwe commissie Gemeentevormen-en opbouw, waarin o.a. Drs. K. Exalto en Ds. G. Samson een plaats kregen.

Wilnis  J. H. v. d. Bank.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1968

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Indrukken uit de Synode

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1968

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's