SLEEPBOOT OP STATION
Ja, zo moet menig predikant zich wel voelen, als hij door het raam van zijn studeerkamer nadenkend naar buiten kijkt en het drukke stadsverkeer gadeslaat.
Daaraan moest ik denken toen ik onlangs mijn oude leraar nog eens opzocht in zijn pastorie, die aan een drukke verkeersweg is gelegen. Blazend van de stoom in de buitenhaven gemeerd liggende, aan boord alles op stoot garen, de marconist naarstig luisterend naar 'n dringend verzoek om sleepboothulp, klaar om op het eerste noodsein met de volle damper op ter hulp te snellen.
Hier drijft er een hulpeloos rond met een gebroken roer, geheel stuurloos. Ginds een oud kavalje dat zijn schroef heeft verloren en nu water maakt door de schroefastunnel. En daar is brand uitgebroken en ginds meldde de marconist muiterij aan boord! En weer of geen weer, de zeevarende barmhartige Samaritaan trekt er op uit, evenzo de predikant.
Bij stormweer is het ter zee helemaal raak en zijn de S.O.S. meldingen niet van de lucht.
Ook de predikant kent zijn bijzonder drukke dagen, zodat hij bijstand in het pastoraat van node heeft. Toch trekt hij er blijmoedig op uit evenals de sleepbootkapitein, en zal ieder helpen, die hem roept. Tot zover gaat alles naar wens;
Doch evenals op de zeven zeeën is het op de Levenszee, op de reis naar de Eeuwigheid. Ook daar worden eigenwijze scheepskapiteins gevonden, die denken het zelf wel af te kunnen en soms liever schip, bemanning en de kostbare lading er aan wagen, dan tijdig sleepboothulp te vragen, bang als ze zijn voor het bergloon, dat betaald moet worden, wat in de meeste gevallen henzelf geen cent kost.
En op de Levenszee is het Bergloon al betaald. Alleen moet wel gevraagd worden dat assistentie dringend is gewenst. Hier is het gebed de telegrafische verbinding met de Berger.
Dat wordt vaak vergeten. Ook dat er nog zielzorgers zijn. Ja, dat is voor hen ook wel een beetje moeilijk. Al die sleepbootschippers van elkaar beconcurrerende rederijen! Maar ze hebben allen dezelfde taak! En dat wordt helaas zo vaak vergeten. En helpen doen zij.
Op de Levenszee kan het ook vaak stormen. Dan zie je de vreemdste dingen gebeuren. Onbevaren zeelui maken de gekste capriolen. Alles en iedereen is druk in de weer en in de vaart. Dat rost en dat rent maar in stormweer zonder kleden over de luiken en vaak met open schip het zeegat uit. Soms nemen ze nog een dronken loods mee aan boord of een die zelf de weg niet weet! Als ze al een loods nemen! Kompas hebben ze niet en als zij er al een hebben, is het er een die liefst véél miswijzing heeft! Kaarten en boeken zijn overbodig ballast, wel varen ze graag met kaarten die ze niet kunnen lezen en met boeken die verkeerd zijn vertaald. De overige inventaris die zij mogelijk dan nog aan boord hebben, daar zou iedere verstandige schipper zich de haren voor uit het hoofd trekken of er zich minstens diep voor schamen. Wat een dom me mensen om zo zorgeloos de reis naar de Eeuwigheid aan te vangen.
Je vindt daar ook van die rare zeelui die maar het liefst met een héél groot en slecht onderhouden schip, volgestampt met passagiers en de ruimen vol ontplofbare stoffen, dwars door een mijnenveld varen! Als zij dan midden in de narigheid en ellende zitten, zou je toch denken dat zij dan sleepboothulp verzoeken. Niets van dat alles, integendeel!
Als de predikant-sleepbootschipper op het zien van al die ellende het dan niet langer harden kan en op eigen risico uitvaart in het stormweer, tussen de noodlijdenden door buizend, overal zijn hulp aanbiedend, wordt zijn hulp vaak ruw afgewezen. Ja nog erger, krijgt als vertegenwoordiger van zijn Reeder, bovendien nog de schuld van alle ellende! Dan heeft de zielzorger de indruk dat al die domme mensen liever omkomen dan gered worden.
Arme verdwaasde schepelingen, zouden zij nu echt niet weten, dat zij voor eeuwig moeten omkomen? Sommigen wel, doch die verharden zich moedwillig en anderen zijn werkelijk zo dom dat zij denken: ik kan mijzelf wel redden; blind voor het gevaar; en weer anderen achten sleepboothulp een soort prestigeverlies of een belediging van hun statussymbool. Voeren zij in hun goede dagen, die sleepbootschippertjes, moeizaam zeulend aan hun soms veel te zware sleep, niet statig en sierlijk pronkend, het schip keurig netjes geschilderd, blinkend in het zonnelicht, met grote snelheid voorbij? Ja, dan is het wel een moeilijk werk voor de trotse mens de hulp van zo'n krijthakkertje te vragen.
De predikant die dan zo mijmerend voor zijn studeerkamerraam naar buiten zit te staren, moet men het dan echt niet kwalijk nemen als de gedachte bij hem zou opkomen: „Wat een zelfmoordenaars!"
Ja zo is het ook in werkelijkheid. Zelfmoordenaar, dat zijn al degenen die zich niet willen laten redden door het dierbaar bloed van Jezus Christus, Gods Zoon, dat reinigt van alle zonden. Roep Hem aan Hij zal u er uit helpen. Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve maar het Eeuwige leven hebbe.
Gelukkig zijn alle schepelingen op de Levenszee niet zo. Helaas is het maar een kleine vloot van schepen. Zij houden koers en komen zeker aan in de Haven der Behoudenis, welke bij God in Sion is.
Zij hebben een beste en juist vertaalde Zeemansgids in hun oude en welbeproefde Statenvertaling. Hun kaarten zijn de Belijdenisgeschriften en hun kompas is God de Almachtige zelf. Daarop kunnen zij veilig koersen. Hun Loods is Jezus Christus want zij hebben Vaders Zoon aan boord en veilig strand voor 't oog. Hun feilloos werkende radiozend-en ontvanginstallatie is het gebed, want een krachtig gebed des rechtvaardigen vermag veel. Psalm 107 : 12-16, is hun tabel van hoog en laag water. Zij hebben een zeer voortreffelijke inventaris aan boord, dat is nu wel duidelijk. Het laatste onderdeel dat zeker nog vermeld moet worden is het dieplood, hetwelk voor de binnenvaarders de slaghaard is. Dat is een instrument dat zeker niet mag ontbreken, willen zij van een rustige vaart verzekerd zijn. Zij noemen dit op de Levenszee de Dordtse Leerregels. Het goede gebruik daarvan kan hen voor aan de grond lopen, op mogelijke ondiepten, behoeden. Ook verraderlijke stromingen hebben zij gauw opgespoord dankzij de Radarinstallatie. Deze is van prima kwaliteit want de fabrikant er van was niemand minder dan Calvijn zelf.
Een rustige vaart is ook hen niet beschoren want God heeft ons geen kalme reis beloofd maar wel een behouden aankomst. Zij hebben ook een goede uitkijk, dat is hun hart dat brandt van verlangen naar de Thuishaven.
Hen wacht dan ook straks een behouden aankomst door 't geloof alleen, want... die heimwee hebben kómen Thuis!
B. J. Jansen
m.s. Johannes, Puttershoek.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 1968
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 oktober 1968
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's