Wat gaf de kerk in 1963? *) Wat hopen wij voor de kerk in 1969?
Een periode waarin wij - anders dan de kerken achter het ijzeren gordijn - in vrijheid ons werk mochten doen. Dit is een geschenk. Een jaar, waarin ambt, prediking, gemeente en gemeentevormen in gesprek, soms in opspraak waren; waarin woorden als onbehagen, differentiatie en specialisatie in de ambten nogal eens gebruikt werden, maar waarvan ik mag getuigen, dat het mij nog steeds (na vele jaren) een grote vreugde is en tot grote dankbaarheid stemt in het ambt te mogen dienen, gewoon als predikant op een gewone predikantsplaats. Er is geen heerlijker werk, ook vandaag, dan met het Woord van God op de preekstoel te staan, er mee in de catechisatielokalen te gaan en het te brengen aan de ziekbedden en aan de huizen.
Een groet aan allen, die zonder ophef het eigenlijke werk doen. 'k Kan dit ambt warm aanbevelen aan jongeren, die er lust in hebben! Daarmee zijn tegdijk de beleids- en bestuursvragen betrekkelijk gemaakt en tot hun juiste verhoudingen teruggebracht. Betrekkelijk, omdat het eigenlijke werk gebeurt in de gemeente. Op hun plaats, omdat alle ambtelijke vergaderingen, organen, raden, commissies er alleen maar zijn om de gemeenten te dienen en niet omgekeerd. Dit wordt vaak vergeten. De landelijke kerk dreigt topzwaar te worden en zich van de gemeenten te vervreemden. De gemeente is geen proefkonijn, maar dient in haar eigenheid, in haar geheim ontzien te worden.
Wat verwacht of hoop ik van het jaar 1969?
In de eerste plaats een krachtige doorwerking van Gods Geest in gemeente en volk, zodat mensen veranderd worden.
Verder, dat de theologie een hoger Schriftgehalte hebbe dan zij nu heeft. Ook, dat er steeds meerderen komen, die met groot vertrouwen alleen met het Woord van God staan in deze tijd. Mijn zorg is, dat, terwijl Rome bezig is zich van de twee - bronnen-theorie Schrift en traditie - los te maken, sommigen onder ons naast en inplaats van de Schrift een tweede bron vinden in de dynamiek van deze tijd. Dat is een levensgevaarlijke weg!
Het Woord van God is ouderwets en hoogst modern. Wanneer God ruimte schept voor Zijn Woord, zullen wij ook de zelfstandigheid van de plaatselijke gemeente en haar vrijheid zelf haar dienaren te beroepen, nauwkeurig ontzien.
Dan zullen wij ook in 1969 waakzaam zijn bij de discussies rondom het ambt en dit ambt niet alleen laten opkomen uit de gemeente, maar vooral uit Christus. Verder hoop ik, dat de gemeente een stad op een berg zal zijn in de ontreddering van de samenleving en zij de ware medemenselijkheid lere van Christus, nadat zij eerst met God verzoend is door het bloed van Christus. Tenslotte zou ik een krachtige oproep willen doen tot het gebed voor de gemeenten afzonderlijk en voor de Kerk in haar geheel.
In dit korte woord is de wens vertolkt voor de gehele kerk en voor alle gemeenten.
Ook het jaar 1969 zal een jaar zijn, waarin de worsteling om het reformatorisch karakter van onze kerk onverzwakt zal doorgaan. Laat niemand menen, dat mét het uit de circulatie nemen van aangevochten rapporten in Zuid-Holland bepaalde zaken van de baan zijn. Integendeel.
Op de eerstvolgende synode van onze kerk komt het bij- en omgewerkte rapport-Berkhof opnieuw op de tafel. Daarnaast moet - krachtens het besluit van een vorige synode - ook liggen het rapport-Van RuIer, dat indertijd sneuvelde in de raad voor Kerk en Theologie.
Hoe dit gaan zal? Worden beide rapporten naar de Classicale Vergadering gezonden? Of één van beide?
Mocht tegen het rapport-Van Ruler ingebracht worden, dat het niet in alle onderdelen ingaat op de huidige discussie, dan is het een zaak van eerlijkheid en billijkheid, dat prof. van Ruler dezelfde ruimte ontvangt als prof. Berkhof om ook zijn rapport te herzien.
Intussen gaat de prediking voort met of zonder rapport over het ambt. En dat is het belangrijkste. Dit wil niet zeggen, dat de geruisloze veranderingen in de kerkvormen zonder betekenis zijn. Juist de veranderingen op lange termijn, van stap tot stap uitgevoerd, zijn zo gevaarlijk, omdat de waakzaamheid op de lange baan zo spoedig verslapt.
Graag wensen wij onze lezerskring een zeer gezegend 1969 toe. Wij hopen - zo God wil en wij leven - u te dienen in het Woord Gods, ook door middel van ons blad. Moge God alle medewerkers voor hun taak bekwamen. De inspiratie komt van God, ook door middel van een belangstellende en meelevende lezerskring. Gedenk ons allen in uw gebeden.
K. a. Z. G. B.
*) Een toespraak van drie minuten, uitgezonden door het Ikor op zondag 29 december 1968.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 januari 1969
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 januari 1969
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's