DE BRON VAN ENERGIE
Want het hart des volks was om te werken. Nehemia 4: 6.
Als Israël uit de ballingschap van Babel weer thuis komt, wacht er een gigantische taak. Namelijk de herbouw, maar vooral de ommuring van Jeruzalem. Onder leiding van Ezra, maar bovenal van Nehemia wordt dit werk flink aangepakt. Het gehele volk wordt door hun beleid aangevuurd tot de arbeid. Een ieder krijgt zijn aandeel en plaats aangewezen. Zo gaat de bouw gelukkig voort. Geheel zonder vijandschap geschiedt het niet. Twee felle vijanden worden met name genoemd: Sanballat en Tobia de Ammoniet. Hun wapenen bestaan in dreiging, bangmakerij en kleinering van de bouwers. Tegenover deze aanval stelt Nehemia allereerst: het gebed! In echt Oosterse felheid: een vloekgebed! Omdat in de bouwer de Opperbouwheer, God Zelf, is aangetast, daarom moeten nu alle gevoelens van naastenliefde zwijgen: „Verstoor alle werken des duivels". Zouden wij niet mogen haten, wat God haat? De zonde, niet de zondaar, wordt hier gevloekt. Naast het gebed stelt Nehemia als tweede afweerwapen: de arbeid! Als het gebed is bij God, dan daalt Gods kracht in het hart van de bouwer. En als het in het hart goed is dan zijn de handen vanzelf actief. Die stem van de voortgaande arbeid is wel het beste verweer, dat Nehemia kon plaatsen naast zijn gebed. Rondom verrijst de muur nu spoedig ter halver hoogte.
Bij het werk komt het vooral op het verstand aan. Hoe meer intellect, hoe meer ontwikkeling en uitbreiding van de arbeid. De werkkracht maakt de aarde, haar gaven en elementen, dienstbaar aan de mens. Daarbij komt het aan op de functie, het gebruik van het verstand. Kennis is macht, zelfs wereldbeheersing. Ook in de dienst des Heren gaat het profeetschap, de kennis voorop. Calvijn sprak van het primaat des verstands. Tot de drie ambten van de Middelaar behoort als eerste gerekend te worden het profeet zijn. Hij maakt ons de verborgen raad en wille Gods van onze verlossing bekend. Onkunde betekent dwaling, duisternis!
En toch . . . zonder de geheime stuwkracht van het hart is de arbeid als een auto zonder benzine. Leven zonder liefde. Muziek zonder klank.
Van de Joden, die zwoegden aan het werk van de herbouw der heilige stad, wordt vermeld, dat het hart hen tot de arbeid dreef. Technisch was dit werk niet zwaar. Een muur metselen, een poort timmeren eist geen vernuftige denkkracht als voor een kernreactor. Voor dit werk was allermeest nodig een hart, dat Jeruzalem liefhad. Een dapper hart, in staat ondanks vijandschap voort te gaan. Een offervaardig hart, bereid het eigenbelang achter te stellen bij de welvaart van de gemeenschap. Zonder de liefde van het hart zou er geen steen op de andere steen gevoegd zijn. Men zou niet hebben willen beginnen, nog minder durven voortzetten. Als het hart voor Jeruzalem brandt, neemt de hand de troffel en het zwaard.
De vraag past ons: is het nu eigenlijk anders?
Kan het wel op een andere manier? De oorzaak van de inzinking onzer kerk, van de flauwheid in eigen kring ligt primair niet in het verstand. Intellectueel zijn wij gegroeid. Het wemelt, van goede scholen, deskundige boeken, knappe handleidingen. Niemand onder ons behoeft dom te blijven. Wij zeggen: behoeft dom te blijven. Wij erkennen voorzeker wel, óók onder ons de overstelpende macht der pure onkunde. De gretig kreten slakenden, de loom-slomen; de neuswijzen, die nimmer één boekje lazen. Hun getal neemt nog niet af, het plant zich uit luiheid voort. Het wil in vooroordelen blijven slapen. Och, dat we ook onder ons een groeiend aantal mensen hadden, die desnoods hun catechismus alleen eens doorkropen met behulp van één goede verklaring. Groeide de groep van hen maar eens flink, die meditatief eens kerkgeschiedenis lazen. Neen, aan de middelen ontbreekt het niet. Veel minder nog aan geld. De reisbureaux maken goede zaken! . . .
Maar het hart is verkoeld.
Daarom ontbreekt het aan arbeiders in de wijngaard, vurige getuigen, offervaardigheid. Vandaar ook de matheid van zovele gemeenten. Het mankeert niet aan mensen, wegen en financiën. Het hart is ziek. Het hart kent geen lust. Hoe kan genezen worden?
Zet uw hart op de vesting . . . op de kerk, waarin Christus Koning is. Plaats uw hart onder de Hoogtezon der Gerechtigheid. Dat is pijnlijk. De felheid van het licht van Christus doorstraalt alle kwaad. Het werkt diep genezend nochtans. Zonder ontdekking kan het niet, maar evenmin zonder genezing. Nodig is een goddelijk onderhoud. De ziekte moet worden aan gewezen en het geneesmiddel beproefd. De genezing kan niet intreden dan alvorens de waarheid van het oordeel Gods wordt beleden. Wanneer dat geschiedt, vluchten wij naar Christus. Dan herschept Hij ons hart uit genade.
Dan geeft Hij ons een nieuw hart.
Dat vernieuwde hart is vervuld van Christus Geest. Het einde van de arbeid van zulk een hart is niet te zien. Geestdrift kent geen grens en liefde geen paal.
Het moge dan wezen dat de getrouwen in het land weinig zijn. Het moge dan wezen dat de vijanden vele zijn.
Niet het getal of de macht maakt de sterkte uit. Het komt op het hart aan!
Wat behoort er een moed toe om de staf der veroordeling over zichzelf te breken en zijn aangeboren luiheid zozeer te verloochenen, dat men zijn zonden noch verdoezelt, noch verkleint, noch verontschuldigt, maar die in haar gehele grootte en strafwaardigheid erkent en belijdt. Welk een moed behoort er toe om alle strikken van eigenliefde te verscheuren en van alle verdienste af te zien.
Hier vindt ge nu het beginsel van de doding van de oude mens. Daarnaast evenwel is er ook moed toe nodig om te durven vertrouwen op Gods genade ondanks onze zonden en in de hoogste zielenood niet te wanhopen. Tot die genade wordt ge telkens weer uitgedreven. Die genade ontvangt ge ook in Christus de Levende.
Daar hebt ge het — Paasleven is nodig!
De levende Koning die herscheppe uw hart.
Zijn vuur wekt vuur en Zijn leven wekt in u leven.
Dan begint ge aan Jeruzalem te werken.
Steen voor steen weliswaar.
Maar het komt klaar! . . .
Hierden. A. van Brummelen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1969
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1969
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's