EEN OPEN HEMEL
„ziet, ik zie de hemelen geopend, en de Zoon des mensen, staande ter rechterhand Gods". Handelingen 7, vs. 56.
Stephanus was een man vol des geloof s en des Heiligen Geestes. Dit getuigenis geeft de Schrift niet van iedereen. En opdat niemand twijfelde staat het in de tekst die aan de bovenstaande voorafgaat nog eens. Hij nu vol zijnde van de Heilige Geest. Kenmerk voor zulke mensen is, dat zij spreken door de Geest. Dan spreken zij altijd over de Christus der Schriften. Leest u de rede van Stephanus maar na. Hij trekt, door de historie van Israël heen, de lijn, die uitloopt op Christus.
Geen welkome prediking voor doe-hetzelfers, zoals de Farizeeën en de Schriftgeleerden. Maar nog minder welkom wordt de man en zijn woord als zij persoonlijk worden aangesproken met dat scherpe woord, dat wij een vorige maal overdachten: hardnekkigen en onbesnedenen van hart en oren, gij wederstaat altijd de Heilige Geest. Geen klein bericht! Stephanus neemt geen blad voor de mond. De leden van de Joodse raad hebben een heidens hart en heidense oren. Zij werken Gods Geest tegen.
De reactie bleef niet uit. Een ziedende Joodse raad. 't Past beslist niet bij het eerbiedwaardig gezelschap als we van hen lezen: toen barstten hun harten en zij knersten de tanden tegen hem. Ze zullen er wel niet bij gezeten hebben, statig op hun stoel, achter de groene tafel. De werkelijkheid kon wel eens wat wilder geweest zijn, dan wij uit de beschrijving aanstonds vermoeden. Het decorum van de raad is verdwenen.
Toch waren de woorden van de Evangelist ernstig gemeend. Wel scherp maar niet kwetsend bedoeld. Ze waren ontdekkend. Zij legden een stukje van de waarheid van het leven der Schriftgeleerden bloot. En voor zo'n ontdekking voelden zij niet. Zij niet, u wel?
We zouden de situatie, waarin Stephanus nu gekomen is kunnen weergeven met het woord van de Psalmdichter: zij hadden mij omringd als bijen. Een toestand, erger dan van Jozef te midden van zijn broers. Erger ook, dan van Mozes temidden van een murmurerend volk. Hier ziet u een Daniel in de kuil der leeuwen, misschien nog erger.
Stephanus weet van het proces tegen zijn Meester. Hij weet, dat de raad niet terugdeinst voor het allerergste. Menselijkerwijs gesproken moest deze man, die het leven liefhad, vooral ook om de taak, die God hem gaf, ineenkrimpen van angst. Zou U lezer, niet kunnen begrijpen als hij rilde over al zijn leden?
Maar dan moet u één ding niet vergeten. Hij was vol van de Geest, 't Was aan hem te zien want zijn gezicht blonk als 't gelaat van een engel. God had zijn hemel voor Stephanus geopend en iets van de glans op zijn knecht doen nederdalen. Zulke heerlijkheid is niet bestemd voor deze wereld. Althans, nu nog niet!
Inmiddels is die open hemel voor de getuige van Christus één en al. Ik hoor geen klacht over zijn eigen leven. De Geest trekt zijn oog af van de mensen en Hij richt het naar de hemel, waar Christus Jezus is. Hem mag Stephanus zien en dat is alles. Hij is alles, 't Is als of hij aan zijn gevaarlijke positie geen moment meer denkt. Hij kijkt met dat wonderlijk glanzend oog naar boven en hij roept het de raadsleden toe: ziet, ik zie de hemelen geopend en de Zoon des mensen, staande aan de rechterhand van God.
De Zoon des mensen. Lezer, ziet u deze naam? Misschien denkt u, och wat maakt het uit, Jezus of Verlosser of Gezalfde of Zoon des mensen. Dat is toch allemaal hetzelfde. Zeker, met deze namen wordt dezelfde persoon aangeduid. Maar toch wordt in die veelheid van namen de rijkdom van de Christus uitgesproken. Bij elke naam valt de nadruk op een bepaald facet van zijn middelaarswerk. Zoon des mensen, deze titel vinden we bij de profeet Daniël. Hij profeteert, dat de Heere de eer en de macht en de heerlijkheid zal geven aan Eén, eens mensen zoon gelijk. Zijn heerschappij is eeuwig; zijn koninkrijk zal niet verderven. Naar aanleiding van deze profetie gebruikt Jezus deze titel gaarne als Hij spreekt over zijn uiteindelijke verheerlijking. Vooral bij zijn komst op de wolken. Maar ook wel bij zijn lijden en sterven omdat dat de weg is naar de verheerlijking toe. Door lijden tot heerlijkheid. Hoe duidelijk is zijn woord: van nu aan zult gij de Zoon des mensen zien, zittende ter rechterhand Gods en komende op de wolken des hemels.
Een wereld van gedachten gaat open bij deze open hemel, die zicht geeft op de Mensenzoon. Waarom zal Hij eenmaal komen? Inderdaad, om te richten. Wat kan de Geest nu meer aan bemoediging geven aan de vervolgde Stephanus! Vervolgd om der gerechtigheid. Straks veroordeeld door onrechtvaardige rechters. Zij menen, dat zij 't heft in handen hebben. Maar dat mag Gods knecht anders zien. Boven staat Hij, die alle macht heeft in de hemel en op de aarde.
Zoon des mensen, dat wil toch ook zeggen: Hij, die ons menselijk vlees heeft aangenomen, opdat Hij voor ons de last zou dragen. Stephanus ziet in Hem de broeder, die zijn schuld heeft betaald. Tegelijkertijd een broeder, die met macht is bekleed.
Lezer, valt het u op, wij belijden, dat Jezus zit aan de rechterhand. Maar onze tekst zegt, dat Hij staat. Ik herinner mij, dat onze dominee vroeger zei: Hij wilde de eerste martelaar voor zijn rijk Zelf in de hemel ontvangen. Ik weet niet of er zoveel waarde aan dit verschil in uitdrukking moet worden gehecht. In elk geval is duidelijk, dat als aardse rechters veroordelen, Stephanus boven een Rechter heeft, die vrijspreekt, omdat Hijzelf de Broeder is geworden van ieder, die gelooft. Kunt u dan niet verstaan lezer, dat Stephanus niet zwijgen kan? Hij kent geen vrees. „Ziet", roept hij, „ik zie de hemelen geopend en de Zoon des mensen, staande ter rechterhand Gods".
Calvijn schrijft in zijn commentaar: dat wonder vond plaats in de ogen van Stephanus. Hij wil daarmee zeggen, de anderen zagen niets dan een gesloten hemel. Maar Stephanus zag in de geopende heerlijkheid. Het staat er in de tekst niet zo precies bij maar Calvijn zal wel gelijk hebben. Is zo niet de ervaring van Gods Kerk? De Heilige Geest geeft geopende ogen. Dat is rijk. Ook voor mensen van onze dag. Er zijn ook nu mensen, die knersen met de tanden. Tegen het getuigenis in. Maar zoals de Heere Stephanus sterkte zo doet Hij het nog. U moet zijn geschiedenis maar eens uitlezen. Hij kon niet alleen leven en getuigen maar zelfs sterven met het gebed voor de vijanden op de lippen. Van zulken ontvangt God de Geest.
Lezer, in deze weken na Pinksteren luisterden wij naar het woord Gods over Stephanus. Maar dat woord richt zich tot U. Alleen wie de Geest ontvangen hebben mogen de Zoon des mensen zien. Dat zien is een bemoediging. U hebt een broeder, die betaald heeft en die macht heeft. Een rechter, die vrijspreekt. Gelooft u dat?
P. J. S.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1969
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 juni 1969
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's