De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Wat gaat er in Utrecht met de Theologische Faculteit gebeuren?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wat gaat er in Utrecht met de Theologische Faculteit gebeuren?

10 minuten leestijd

IV.
Onrust
Vorige week besloten wij onze achtergronds belichting met te wijzen op de onrust onder de r.k. studenten over de komende besprekingen inzake het programma van hun opleiding straks in Utrecht. Tegelijk wezen wij op de beschaafde aandrang van de r.k. docenten om de sociologie en de psychologie een voorname plaats te geven. Ook op de gevoelens van de theol. faculteit te Utrecht. Ook daar is men niet geheel gerust op wat men van r.k. zijde met deze gedragswetenschappen wil.
Tot nu toe hebben wij gezwegen over de onrust, die er is onder de studenten, de a.s. predikanten van onze eigen kerk. Die onrust is er en zal — tenzij er een zeer duidelijke garantie èn van de faculteit èn van de synode komt, dat het reformatorisch karakter van de opleiding van onze eigen studenten voor 100 % gewaarborgd blijft — met de dag toenemen. Ook dan blijft het de vraag wat een garantie van de synode (gesteld dat zij dit kan en wil) betekent, gezien het laatste hervormd-rome-beraad.
Voor deze onrust is dus alle reden.
Van r.k. zijde wordt de samenwerking gesteld in het licht van de oecumene, van de ene pluriforme kerk, ja van de wereld godsdiensten (Prof. Möller). Natuurlijk is de theologische faculteit te Utrecht voor deze visie niet aansprakelijk. Maar hoe denkt de theologische faculteit in Utrecht er zelf over? Kan er niet een memorandum komen, waarin de beweegredenen vermeld worden, waarom de faculteit tot deze voorlopige samenwerking is gekomen?
Was deze samenwerking onontkoombaar of niet? Bij de r.k. heeft men aanvankelijk gedacht aan eigen opleidingen in Amsterdam en Tilburg. Dit blijkt uit de stukken. Waarom heeft de faculteit dit streven van de r.k. niet bevorderd?

Discriminatie?
Maar — vraagt iemand — hebben de r.k. niet gelijke rechten als de protestanten? Betalen ook zij geen belasting? Dit punt is allerminst in geding. De grondwet is hoedster van de rechten van de onderdanen. De wet waarborgt ook de rechten van de bijzondere universiteiten.
Wanneer de r.k. kerk theol. faculteiten wenst dan komen die er ook. Daarover is geen verschil van mening binnen het raam van de huidige wetten. Daarom kan gelijkberechtiging moeilijk een afdoend argument zijn om tot samenwerking met de K.T.H.U. te komen.
Wanneer verder gewezen wordt op het openbaar karakter van de rijksuniversiteiten, is ook dit geen argument. Inderdaad is het theoretisch mogelijk, dat de minister van b.v. de theologische faculteit van Utrecht een r.k. hoogleraar benoemt. Oud-minister Cals heeft eens op deze mogelijkheid gewezen. Toen was men algemeen verontwaardigd zelfs over het noemen van deze theoretische mogelijkheid. Waarom? Omdat dit een breking zou zijn met het historisch gewordene. De theologische faculteiten van Utrecht enz., leiden op tot predikant in de Hervormde Kerk. Dat schrijft de kerkorde voor!
Voor de Hervormde Kerk zijn Utrecht, Leiden enz. de aangewezen universiteiten. Voor de r.k. zijn er allerlei andere mogelijkheden. Voor ons niet, althans nu nog niet, hoewel daarin nodig verandering moet komen. Dat maakt een groot verschil.
Ook het argument: antipapisme snijdt geen hout. Sinds wanneer is het profetisch getuigend standpunt der reformatie, voortkomend uit de kennis Gods in Christus, antipapisme?
Onder vele studenten is er terecht onrust. Want afgezien van de voorname plaats, die de r.k. docenten en studenten aan de z.g. gedragswetenschappen willen geven, wat betekent het, dat het doctoraal examen in allerlei (r.k. en reform.) combinaties kan plaats vinden? Wat betekent het, dat er bij het candidaats-examen geëxperimenteerd kan worden? Natuurlijk blijft het kerkelijk voorbereidend examen voor de verantwoording van de kerk en de kerkelijke hoogleraren.

Confrontatie?
Wanneer iemand opmerkt, dat wij de confrontatie met de r.k. kerk niet mogen ontgaan, dan kunnen wij met deze opmerking van harte instemmen. Het is alleen maar de vraag wat wij onder confrontatie verstaan. Confrontatie betekent toch niet dat wij plaats maken voor een erasmiaanse herleving en — zoals verder blijken zal — voor een revolutionair humanisme?
Wie meent, dat de reformatorische theologie vat zal hebben op dit revolutionair humanisme, zal bedrogen uitkomen. Hier is het niet èn - èn, maar of - of! Hier is de antithese onontgaanbaar. Dit is de antithese uit God en Zijn Woord. Zien wij dat niet meer? Staan wij vandaag nog in dezelfde profetische, getuigende gestalte tegenover de r.k. kerk — met als achtergrond de ingehouden liefde om te werven voor Christus en het Evangelie — als de reformatoren?
Boren wij tot de diepste gronden van het geschil met Rome? Zijn wij bezet, eventueel bezeten met dezelfde hartstocht voor de Waarheid?

Een band
Er is onrust. Ook in de gemeenten. Velen weten van de ontwikkeling niets af. Anderen wel en wrijven hun ogen uit. Zij zijn geschokt en vragen vol verwondering: Hoe kan dit nu, juist in Utrecht? Wanneer iemand recht heeft op volledige opening van zaken, dan is het de gemeente, dan is het de kerkeraad. Zij dragen de opleiding van de studenten onafgebroken in het gebed en de voorbede. Zij zien uit naar dienaren des Woords, die goed onderricht hebben ontvangen.
Een groot deel van de gemeenten ziet naar Utrecht. Zij zijn blij met elke dienaar, die vanuit het hart der schriften opkomt, ook al komt hij van Groningen, Leiden of Amsterdam. Maar met de theologische faculteit te Utrecht is er een bijzondere band. Daarop mogen wij zuinig zijn.
Aangezien de gemeente naar reformatorische opvatting mondig is, heeft zij en zij bij uitstek recht op voorlichting. Natuurlijk behoeft de theologische faculteit van Utrecht — formeel gezien — geen tekst en uitleg te geven van haar doen en laten. Natuurlijk heeft zij eigen verantwoordelijkheid en eigen recht tot beslissingen. Maar inhoudelijk gezien raken dit gentleman-agreement en de te beproeven integratie met de K.T.H.U. het hart van de prediking en het hart van de gemeenten. Nu de publikaties in de studentenbladen circuleren en het gentleman-agreement zwart op wit staat, is langer zwijgen onverantwoordelijk. Daarom konden wij ook als redactie niet langer zwijgen en stellen wij de zaak aan de orde in de kerk en in de gemeenten.

Voorlopig?
Wanneer dit gentleman-agreement wordt doorgevoerd, dreigt er een vertrouwenscrisis te ontstaan tussen de faculteit van Utrecht en een niet onaanzienlijk deel van de kerk.
Wij kunnen op het standpunt staan — en dat is één-en andermaal van de zijde van de faculteit onderstreept—dat na vijf jaren (1975) de definitieve beslissing valt over het al of niet opnemen van de K.T.H.U. in het geheel der faculteit.
Dit is naar de letter van de overeenkomst juist. Maar gelooft iemand, dat, aangezien er dan door de minister vijf buitengewone r.k. hoogleraren en vijf buitengewone r.k. docenten zijn benoemd; aangezien de ambtenaren op het departement buitengewoon verheugd zijn over deze oplossing; aangezien de „oecumenische" inzichten over de ene evangelische kerk van Nederland zich verbreden, dat dit dan nog teniet gemaakt kan worden?
Er is niet blijvender — merkte iemand op — dan tijdelijke regelingen.
Het terugdraaien van de situatie D.V. in 1975 naar de situatie van vóór 1970, is niet voor te stellen.

In de nood
Daarom is het al of niet aanvaarden van deze overeenkomst een zo gewichtige zaak.
Utrecht was en is in trek bij de studenten. Wij hebben maar één wens, n.l. dat dit zo mag blijven. Want de nood perst van alle zijden. Kerkelijk gezien — U hebt daarover uitvoerig gelezen in de verslagen van de synode in ons blad en in de artikelen van Drs. Exalto — komen wij in steeds grotere nood. De synode hoort de bijbelse bezwaren aan, maar besluit anders. Tegen de Schrift in. Tegen de belijdenis in. Tegen het geloof van de kerk in. Tegen de reformatie in.
Wee de kerk, die Gods Woord verlaat!
Wanneer daarbij zou komen, dat de opleiding van de a.s. predikanten in Utrecht in gevaar zou komen, wordt de nood ongekend groot. Ligt die nood op ons hart? Worstelen wij ermee voor God? Liggen wij er wakker van?
Blijkbaar moet de nood nog groter worden, voordat ons volk en onze kerk wakker worden. Als het dan maar niet telaat is!
Beter dan ons bezig te houden met de vraag wat de hervormd gereformeerden moeten doen wanneer èn kerk èn universiteit verder verworden, is het wachten op God en Zijn daden. Er kan alles gebeuren met mensen, plannen, instituten en kerken.
ledere dag. Het eerste wat wij op dit vlak hebben te doen is: op God wachten, dag en nacht.
Wanneer God opstaat, gebeuren er wonderen en vallen er brokken. Wanneer wij opstaan, gebeuren er geen wonderen, en vallen er alleen maar brokken. Hoe de wegen van God zijn? Dat zal Hij ons terzijnertijd duidelijk maken.
Wel mogen wij zeggen, dat de confessionelen, de hervormd gereformeerden, de kohlbrüggianen en allen, die de prediking, de catechese en het pastoraat centraal stellen, recht hebben op minstens twee van de vier faculteiten. En wat hebben zij ?
De enige faculteit, waarin de orthodoxie in haar brede zin behoorlijk invloed heeft, dreigt te vallen, of moeten wij schrijven: is reeds in principe gevallen?
Wat de gereformeerde bond betreft — de anderen kunnen voor zichzelf spreken, — hij zal niet in deze situatie berusten, maar alle geoorloofde middelen aanvatten om als het niet anders kan tot nieuwe wegen te komen. Als er dan moeilijkheden komen, dan zijn zij niet ontstaan zonder van te voren dringend gewaarschuwd te hebben.

Een dringend appèl
Want de faculteit van Utrecht was reeds op de hoogte van het gevoelen van het hoofdbestuur van de gereformeerde bond. Dit gevoelen is hier nader omschreven. Ook het hoofdbestuur van de confessionele vereniging staat ongeveer op hetzelfde standpunt. Ook dit gegeven kan en mag niet verzwegen worden om het verwijt te ontgaan, dat daarover wel in ons blad geschreven wordt, maar niet met de faculteit gesproken zou zijn. Dat laatste is wel het geval.
Wij willen eindigen met een dringend appèl op de faculteit van Utrecht om alles te laten wat een verdere verhumanisering van de theologie in de hand werkt. Er komt overal een vloedgolf van revolutionair humanisme op. Deze vloedgolf overspoelt momenteel de kerken, vooral de r.k. kerk.
Via samenwerking en integratie kan deze vloedgolf ook de theologische faculteit van Utrecht overspoelen, al was het alleen maar door de revolutionair humanistische geest onder de studenten. Men moet wel zeer goed weten, wat men doet, wanneer men de geest, die spreekt uit „Laus Stultitiae" ook onder de eigen studenten binnenhaalt.
Daarover zou een artikel te schrijven zijn. Wat „Laus Stultitiae" b.v. over de homo-sexualiteit schrijft, is zo grof en goddeloos, dat daarvoor geen woorden te vinden zijn.
Men kan wel geesten oproepen. Maar kan men ze ook bezweren? Dit heeft met vage angst niets te maken. Daarvoor is de documentatie in deze artikelen te breed en te diep, samengesteld uit uitspraken van r.k. docenten en studenten .
Er is geen synthese tussen Trente en Geneve. Er is ook geen synthese mogelijk tussen Erasmus en Luther. Zij staan tot in de wortels van hun leven diametraal tegenover elkaar, ondanks het eenheidsstreven van deze tijd.
K. a. Z.                                                        G. B.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 augustus 1969

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Wat gaat er in Utrecht met de Theologische Faculteit gebeuren?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 augustus 1969

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's