De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE ARK DES VERBONDS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE ARK DES VERBONDS

7 minuten leestijd

„Het volk dan zond naar Silo en men bracht vandaar de ark des verbonds des Heeren der heirscharen, die tussen de cherubim woont.” 1 Samuel 4 vs. 4a

Israël leed de nederlaag, terwijl de ark des Heeren in hun midden was. Kan iemand dat verklaren? Wij komen de oorzaak op het spoor door twee vergissingen aan te wijzen, die het volk maakte.
Zij vergissen zich in de Heere. Hij laat Zich niet gebruiken als middel tot doel. De Heere der heirscharen is onze Knecht niet. Wat is onze godsdienst? Zijn wij er voor God, of is Hij er voor ons? Wij spreken wel eens over godsdienstplichten, en het waarnemen daarvan. Doen we dat soms om God te verplichten ons te helpen? Wie weet, komt Hij ons nog eens van pas. Maar dat is allerminst het dienen van de levende God; daar is de Heere helemaal niet van gediend. Hij woont niet voor niets tussen de cherubim. Hij is zeer hoog verheven. Hij bevindt zich niet in onze invloedsfeer of in onze belangensfeer. Wie dat vergeet, maakt al spoedig misbruik van Hem en misbruik wordt gestraft. Hij komt met zijn geloof en zijn gebed bedrogen uit. Heere, ik wil dat Gij. Ho eens even. Heere wat wilt Gij dat ik! Niet de Heere die tegen mij zegt: Tot uw dienst. Maar ik zeg tegen de Heere: Tot Uw dienst. Wanneer het „geloof" vermagerd is tot een „voorzienigheidsgeloof" dan sterft het vandaag een wisse dood. Misschien zijn we redelijk tevreden over onze godsdienst, omdat we God niet ernstig nemen. Hij wordt dan onze slaaf. En die slaaf laat het ineens afweten. Hoe verontwaardigd zijn we dan. Nee, dank u, ik heb Hem niet meer nodig, ik red mij wel. Als God dit toelaat en dat nalaat, dan heeft Hij voor mij afgedaan. Zo is het toch gegaan, zo is het nog aan de gang. Want de afval van de kinderen heeft haar wortels in de vergissing die de ouders en de grootouders maakten. God werd niet gediend, Hij stond hen ten dienste.
Zij vergissen zich in de ark. Met de ark menen zij over God te kunnen beschikken. Het heidendom drong diep door in de dienst die Israël de Heere moest wijden. De heidenen krijgen de goden in hun macht, door het beeld dat ze van hen maken, dat ze torsen en tonen. Geen beeld van Mij, geen gelijkenis om u daarvoor te buigen. Ook de ark is geen beeld en geen gelijkenis. Niemand kon de Here dwingen tussenbeide te komen ten hunnen bate. Niemand kan Hem ontbieden door de ark te laten halen. Hij móet, want de ark is God Zijn troon, daar zit Hij aan vast. Maar Hij doet het niet, omdat de ark alleen maar zijn troon is. Israël pleegt afgoderij met de ark. De Heere der heirscharen laat zich niet inlijven in het leger van Israël, Hij voert het bevel.
Kortom, Hij laat niet met Zich sollen. Men kan Hem niet hier en daar naar toe slepen. Des Heeren ark, des Heeren ark! Des Heeren tempel, des Heeren tempel! Des Heeren volk, des Heeren volk! Hij is in ons midden, want wij hebben de zuivere bediening, en zo maar voort, tot de zuivere vertaling toe. Wij kunnen Hem niet bezweren bij ons te zijn met vormen en termen, in gebed en lied. Zulke kunstgrepen zijn strijdig met de openbaring van de God Israëls.
De ark is de ark des verbonds des Heeren der heirscharen, die tussen de cherubim woont. De ark was een troon, hij is tegelijk een soort kist en in die kist ligt de wet. Gerechtigheid en gericht zijn de vastigheden van Uw troon, zingt de dichter. Israels verlosser is de Wetgever. Men bracht vandaar de ark des verbonds des Heeren en dacht er niet verder over na, wat dat verbond betekende. Zodoende was de ark een aanklacht in hun midden. De wet eiste recht en tucht. Bij het heiligdom, vlak bij de ark vieren onrecht en ontucht hoogtij. Hofni en Pinehas zijn toonbeelden van het geestelijk en zedelijk verval. En uitgerekend die beiden komen in het legerkamp met de ark. De priester was de hoeder van de heiligheid des Heeren, uit zijn mond moest men de wet horen. De Heere duldt het niet dat Zijn heiligheid te grabbel gegooid wordt, en Die de wet geeft weet haar ook te handhaven.
Er klopt iets niet. Is de Heere op de hand van de Filistijnen, of aan de kant van de Israëlieten? Er klopt inderdaad iets niet. De wet in de ark houdt zich niet stil: het verbond des Heeren is in het geding. Dat geding leidt in de nederlaag van Israël tot een veroordeling.
Wat hadden ze dan moeten doen? Laat ons van Silo tot ons nemen de ark van het verbond des Heeren. Nee. Komt en laat ons wederkeren tot de Heere, Hij heeft ons geslagen en Hij zal ons genezen. Dat is zaak, nog is het niet te laat. De Heere heeft niet gefaald. Hij heeft gestraft. Omdat Hij de Heere is, de God van het verbond. Bekeert u tot Hem in gezin en gemeente, als kerk en volk. Het is gemakkelijker om over de Heere te bazen en te bazelen, dan om zich tot Hem te bekeren. Dat kost ons zelfs onze godsdienst, die uit eigenliefde gevoed wordt. U zult dan zien, dat Zijn troon een genadetroon is.
Niet alleen wat in de ark ligt, maar ook wat op de ark ligt is hier van het hoogste belang; het verzoendeksel. De Heere troont boven de gouden plaat, waarop het bloed gesprengd werd. Door dat bloed des verbonds werden de zonden verzoend, en werd de aandacht van de wet tot zwijgen gebracht. Israël vergat, dat er iets in en iets op de ark lag. Het vergat dat de ark, de ark des verbonds des Heeren was. Het vergat gemakshalve waar de schoen wrong: zij hadden het verbond geschonden. Hebt u dat ooit ontdekt? Als er iets mis ging, als de Heere verstek liet gaan, zo meende u tenminste. Wordt de schuld ontdekt, dan is er geen bedekken aan. Behalve de bedekking door het dierbare bloed van Christus.
Treedt dan toe tot de ark des verbonds des Heeren. Verslagen, niet over de lotgevallen, over wat tegenviel en teleurstelde. Verslagen, allermeest hierover dat wij tegen de Heere gezondigd hebben, en dat alles daarom wel mis moest gaan. De duizenden, die sneuvelden en al het bloed dat vloeide, kunnen niets goed maken. Die Ene, die gestorven is om onze zonden, het bloed van het nieuwe en eeuwige verbond. Wie tot de ark nadert hoort de wet roepen; hij hoort het bloed spreken van betere dingen, van verzoening en vergeving. Hij leert de God van de ark kennen als de God aller genade.
De verzoening is de verzekering: De Heere is in ons midden, de Heere is met ons. Wij mogen de naam des Heeren, bij de ark des verbonds, aanroepen om hulp en heil. Wij mogen pleiten op het verbond, omdat het bloed voor ons pleit. Heere, redt mij, om Uws naams wil. Keer tot ons weder in genade. De ark is geen lege trom, en geen lege kist. De Heere wil er aan herinnerd worden, dat het de ark des verbonds is.
Zo trekken wij ten strijde. Het misbruik sluit het gebruik niet uit, integendeel. De overwinning is inderdaad gewaarborgd door de ark. Midden in de strijd, zijn wij meer dan overwinnaars. Gegarandeerd? Gegarandeerd! Garantie is hier gratie. Bij de gratie Gods, zullen wij de vijanden, zijn vijanden, al wat in ons en om ons heen onbesneden is, verslaan. Door U, door U alleen, om het eeuwig welbehagen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 1969

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

DE ARK DES VERBONDS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 september 1969

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's