De ernst van de situatie
In Elseviers Weekblad van 8 nov. '69 staat een zeer merkwaardig artikel over „Conciliekoorts". Nadat de betreffende journalist (waarom ondertekent deze man zijn artikelen niet? ) een en ander over de opzet van de Algemene Kerkvergadering heeft verteld, wordt vermeld, dat de Ger. Bond niet meedoet; dat de Hervormde kerk daarover niet gering denkt; dat plm. 20 pct. van de hervormden behoort tot deze conservatieve groep, in totaal plm. 300 predikanten.
Verder wordt verteld, dat deze rechtse vleugel, die eigenlijk ook veraf staat van de Ger. kerken, een voortdurende belemmering is in het eensgezind handelen, maar dat de synode heeft gemeend het risico van een openlijk conflict te moeten nemen. De eigen toekomst staat op het spel.
Ge vraagt met klimmende verbazing: Vanwaar weet deze journalist dit allemaal? Over die 20 pct. valt te praten. Het is maar van welk standpunt men uitgaat. Gaat men uit van het nominaal hervormd zijn, dan is het teveel, wanneer men — wat meestal gebeurt — de geboorteleden, de „papieren" leden, enz. niet tot de G. Bond rekent. Gaat men uit van het kerkbezoek, dan ligt het percentage aanmerkelijk hoger. Maar daarover wil ik het nu niet hebben.
De rechtse vleugel (G. Bond) wordt conservatief genoemd. Conservatief is haast een scheldwoord geworden. Dat de kerk wat te verbreiden en te verdedigen heeft, staat in het statuut van de Bond. Heeft deze journalist dit ooit gelezen?
Belangrijker is, dat hij vermeldt dat de Ger. Bond een voortdurende belemmering is in het eensgezind handelen. Een voortdurende belemmering. Dit is nogal wat. En dat nog wel in het eensgezind handelen.
Opnieuw vraagt ge: Vanwaar heeft deze man deze informaties? Wie zegt dit? Misschien mogen wij dit nog wel eens horen, temeer omdat deze man gezaghebbend verklaart, dat de synode gemeend heeft het risico van een openlijk conflict te moeten nemen.
Dit is natuurlijk — letterlijk genomen — niet waar. Want de synode besloot tot het houden van een a.k.v. en de Ger. Bond heeft deelname geweigerd. Natuurlijk ligt er wel van de zijde van het moderamen van de generale synode de weigering om aan de synode voor te stellen op dit besluit terug te komen.
Maar het woord: „openlijk conflict" houdt mij bezig. Wie zegt dit? Niet de Ger. Bond, maar iemand, die blijkbaar door één van de leden van het Moderamen van de gen. synode is geïnformeerd. Men lette er dus wel op, dat wij voor deze uitlatingen noch de synode, noch het moderamen verantwoordelijk stellen, maar wel een synodale woordvoerder, die deze journalist instrueerde.
Intussen — hoe dit ook zij — wordt hiermee de ernst van de situatie aangegeven: openlijk conflict, een voortdurende belemmering in het eensgezind handelen; maar de synode neemt het risico van een openlijk conflict.
Daarmee worden „onze" mensen wakker geschud uit hun slaap. Want — laten wij eerlijk zijn — velen ook onder ons slapen de slaap des gerusten. O zeker, zij weten dat het verkeerd gaat met de kerk, maar het dringt niet tot hen door. Zij menen, dat het altijd zo blijven zal. Zij gaan trouw naar de kerk, maar de gehele ontwikkeling van de kerk verontrust hen niet zodanig, dat zij ervan schrikken. Zij houden er geen rekening mee, dat er in deze tijd dermate vernietigende krachten aan het werk zijn, dat de Hervormde kerk binnen tien jaren veranderd is in een vergadering van allerlei huisgemeenten, waarin ambten, prediking en sacramenten dermate verwaterd zijn, dat ge u afvraagt: Is dit nog een kerk? Hoelang is de kerk nog kerk? Wanneer houdt zij op: kerk te zijn?
Juist daarom neemt de gereformeerde bond de ondermijning van de ambten, van de kerkstructuren o.a. door deze a.k.v. zo hoog op. Dit is maar niet een kwestie van „conservatisme", maar van verantwoordelijkheid voor de gehele kerk. Daarom spreken wij van een cri de coeur, een hartekreet! Daarom zeggen wij èn tot onszelf èn tot anderen: Er is een algehele radicale bekering en terugkeer nodig! Alleen door een reformatie, door een reveil, door een ingrijpen Gods wordt de kerk ook in haar gestalte gered! Daarom roepen wij het volk op tot bekering, allermeest onszelf! Worstelen er mensen in de gebeden met de gehele kerk? Zelfs wanneer God met Zijn oordelen zou doortrekken en de gehele Hervormde kerk tot op haar fundamenten zou afbreken, dan nog blijven wij geroepen voor God en Zijn Woord te getuigen. Ook bij de ondergang zorgt God, dat Zijn getuigenis niet versterft. Of wij dan het eensgezind handelen van de kerk belemmeren is bijzaak. Wanneer is de waarheid veilig bij de meerderheid? Zij is ook niet veilig bij de minderheid. Gelukkig wanneer wij door deze Waarheid gegrepen zijn en van haar mogen getuigen, ook dwars tegen de geest van deze tijd in.
Z. G. B.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 1969
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 november 1969
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's