De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Verwerping van Christus geen breuk in de geschiedenis?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Verwerping van Christus geen breuk in de geschiedenis?

ISRAEL, VOLK, LAND, STAAT

7 minuten leestijd

De behandeling van een rapport over Israël in de Hervormde synode was een hoogst merkwaardige zaak. De felle kritiek, die ter synode loskwam op het rapport, was van dien aard dat de verwachting gewettigd was dat, dit stuk zou worden afgewezen, en wel niet zo zeer vanwege detailpunten, maar vanwege de theologische spits van de nota. Nadat de opstellers van de nota (prof. dr. H. Berkhof, prof. dr. M. Boertien, ds. S. Gerssen, mevrouw E. Flesseman-van Leer, ds. F. E. v. Leeuwen, ds. A. A. Spijkerboer en prof. dr. A. S. v. d. Woude) echter één voor één aan het woord waren geweest, voltrok zich een merkwaardige ommekeer. Slechts 5 leden handhaafden hun bezwaren. De overgrote meerderheid plaatste zich achter de teneur van het stuk, met dien verstande dat de kritische noties (die gemaakt waren) zouden worden bezien en dat het moderamen de eindredactie van de definitieve tekst zou hebben. Maar de theologische inzet blijft gehandhaafd.

Enkele punten uit de nota laten we eerst de revue passeren. Het volk Israël heeft, aldus de nota, een dimensie die alleen vanuit het geloof begrepen kan worden. Het unieke van dit volk is gelegen in de roeping en de verkiezing van Godswege. Omdat het Joodse volk een enigsoortig volk is, is ook de verbondenheid met het land Palestina van een bijzondere en unieke aard. Het land is een wezenlijk element van het verbond. Het volk en het land horen bijeen. Thans is er in het Joodse volk sprake van een vervreemding van zijn eigen ware identiteit. Het volk als geheel voelt zich niet meer gebonden aan de openbaring van God. Daarom wordt óók de spanning, die ligt in de roeping van het volk Israël om een eigen bijzonder volk te zijn terwille van de volkeren, nauwelijks meer ervaren, zij het dat deze notie niet geheel verloren is gegaan.

De kernvraag in het rapport is wat het voor het Joodse volk betekent dat het Jezus als Zijn Messias heeft afgewezen. Gezegd wordt dat door de afwijzing van Jezus geen radicale breuk in de geschiedenis van het Joodse volk is gekomen. God blijft met Zijn volk. De verwerping van Jezus, als de Messias van Israël, door het Joodse volk staat op dezelfde lijn als de verwerping van de Oud-Testamentische profeten. Desalniettemin blijft de eenheid van land en volk krachtens verkiezing gehandhaafd. De volkeren naast het Joodse volk hebben in Christus echter de toegang gekregen tot de God van Israël. Maar ook de volkeren hebben Jezus Christus niet aangenomen. Als de heidenen, d.i. de niet-Joden, aan de uitnodiging Gods in Christus wel gehoor zouden hebben gegeven, „dan zouden deze „heidenen" het Rijk 'van de Messias van Israël zó hebben afgebeeld, dat dit zijn terugslag zou hebben gehad op het Joodse volk, zodat dit zijn ware bestemming, waartoe Zijn Messias het opnieuw opgeroepen heeft, teruggevonden zou hebben". De Joden-Christenen hebben in Jezus de roeping van hun volk wel erkend en hebben zo plaatsvervangend voor heel het Joodse volk, in Christus het eigenlijk wezen van het Godsvolk gevonden. En ook in de andere volken zijn er de enkelingen, die in de Messias van Israël God hebben leren kennen. Daarom zijn ook zij plaatsvervangend voor alle „heidenen" van de volkerenwereld.

In het stuk wordt dan verder gezegd dat de kerk als Messiaanse gemeente geroepen is om plaatsbekledend voor alle mensen, Joden en niet-Joden, het komende universele Rijk van God uit te beelden.

De kern van het rapport is dus dat het Joodse volk, ondanks de afwijzing van Christus, nog steeds hetzelfde volk is gebleven als in het O.T. En daarom is de terugkeer van het Joodse volk tot hun land een heilsteken, dat spreekt van Gods bewaring en trouw. Christenen dienen zich op grond daarvan achter deze staat te stellen. Een verzet daartegen is een verzet tegen God zelf, ook al beantwoordt het Joodse volk niet aan haar roeping en identiteit. In de algehele vervulling van Gods bedoeling met de wereld, tot het Rijk van God, zal het onderscheid tussen het Joodse volk en de andere volken geen rol meer spelen. Tot die vervulling leven èn de Kerk èn het Joodse volk in de voorlopigheid.

Voor een goed verstaan van de zaak waarom het ging hebben we de hoofdinhoud van het rapport uitvoerig weergegeven. Zoals gezegd was de kritiek niet mals. Ds. mr. Posthumus Meijjes stootte zich aan de opmerking dat een christen, die het recht van bestaan van de Staat Israël afwijst, zich daarmee tegen God verzet.

Met name de stelling, dat door de afwijzing van Jezus geen breuk ontstaan was in de geschiedenis van het Joodse volk, riep scherpe kritiek op. Ouderling ir. P. J. Baauw uit Velp vroeg zich af waar dan al de Oud-testamentische offeranden op wezen. Ds. A. W. Kranenburg (Hoogeveen) stelde dat de verwoesting van Jeruzalem en de daarop volgende verstrooiing, na de verwerping van Christus, radicaler waren dan ooit tevoren. Ds. M. v. d. Bosch uit Goes vroeg zich af hoe we dan nog moeten spreken van de vervulling van het O.T. in Christus. Ds. G. J. Voortman (Oud Vossemeer) miste het N.T.. Ds. W. Kalkman releveerde dat Rom. 11 slechts van een overblijfsel van het volk Israël spreekt. Drs. K. Exalto meende dat het rapport een verkiezing zonder verwerping leerde. Ds. J. Poort (Leiden) wees erop dat de verwerping van Jezus wel in de lijn van de verwerping van de O.T. profeten ligt, maar toch een totaal nieuwe betekenis heeft. Prof. dr. H. Jonker wees op het eigensoortige van het geloofsbewustzijn van de Kerk. Hij haalde Rom. 3 aan waar Paulus zegt, dat thans de gerechtigheid buiten de wet om is geopenbaard. Verder merkte hij op dat tegenover de vroegere visie, Israël in de Schrift is de Kerk, thans het gevaar dreigt dat het huidige volk Israël als de eigenlijke Kerk wordt gezien. De in Christus geconcentreerde gerechtigheid komt in het rapport, aldus prof. Jonker, tekort. In Christus is er wel terdege een knoop gekomen tussen Horeb en het Messiaanse Rijk. Het heil is in Christus. Dat is typisch niet-Joods.

Voor de stemming over het rapport kwamen de opstellers van het rapport nog aan het woord. Mevrouw Flesseman-Van Leer, zelf van Joodse huize, stelde dat voor heidenen Christus de knoop is in de geschiedenis van het Joodse Volk. Maar voor haar is Christus de herkenning van datgene wat de Joden eigenlijk hadden moeten zijn. Prof. Boertien (Chr. Geref.) stelde dat wat in de synode gezegd was, voor een Jood om-weg-te-lopen was geweest. Hij meende dat men vaak het N.T. laat buikspreken. Ds. S. Gerssen haalde instemmend Klare Wijn aan, waarin gezegd wordt dat het, om de Schrift te verstaan, nodig is te luisteren naar wat vanuit Israël tot ons komt.

Na een „opwekkend" woord van prof. dr. H. Berkhof ging men tot stemming over. De synode liet haar kritiek voor wat ze was en koos voor de teneur van het rapport: De verwerping van Christus door het Joodse volk betekent geen breuk in de geschiedenis.

Als we zo dit beraad nog eens op ons laten inwerken dan is duidelijk dat hier wel sprake is van een radicale ombuiging van de visie op Israël. Het is zeer de vraag of hier recht gedaan is aan het belijden aangaande de Christus der Schriften, met name inzake de verzoening. Hier ging het om een stuk theologie met verreikende consequenties, voor wat betreft de visie op de Schrift, met name ook wat betreft het geloof in de Christus der Schriften.

Ds. Posthumus Meijjes laakte nog de korte tijd van voorbereiding en sputterde net voor de stemming nog tegen, omdat hij vond dat de synode het mes op de keel kreeg. Zo'n ingrijpend stuk had op z'n minst een langere tijd van voorbereiding door de synodeleden moeten hebben.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1970

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Verwerping van Christus geen breuk in de geschiedenis?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 februari 1970

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's