De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE HEILIGE GEEST EN DE EINDTIJD

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE HEILIGE GEEST EN DE EINDTIJD

6 minuten leestijd

Met Pinksteren zijn we de laatste phase van de wereldgeschiedenis ingegaan. Dat heeft de profeet Joël al voorzegd: „Het zal zijn in de laatste dagen, zegt God". Eerder hebben we al opgemerkt, dat we alle werken Gods in hun trinitarische verbanden moeten zien. Het werk der Schepping is door de Vader tot stand gebracht. Hij rustte op de zevende dag. Het werk der Verlossing is door de Zoon volbracht. Hij mocht, na Zijn zware taak op aarde verricht te hebben, deze verlaten. Ook Zijn Sabbath brak aan. Maar de Geest is op deze aarde nog niet klaar. Ook Hij hijgt naar Zijn Sabbath. Daarom brengt de Geest váárt in de geschiedenis. Hij draagt er zorg voor, dat het Evangelie van de gekruisigde Christus over de gehele wereld verbreid wordt. En dan zal — naar het woord van Jezus — het einde zijn. Zó is het in Gods raad bepaald. Daarom kan het gelaat van de wereld èn van de kerk de eeuwen door niet hetzelfde blijven. Ons inziens is het foutief als men (zoals in verschillende Pinkstergroepen) denkt, dat de kerk altijd moet zijn als in haar prille tijd, zoals zij in het boek der Handelingen ons getekend wordt. Dit is (naar het ons dunkt) bijbels-theologisch onhoudbaar. Volgens de Heilige Schrift vindt er een opstuwing van de geschiedenis plaats naar het grote einde. Dat zal — zoals prof. v. Ruler zegt — een duivelse opstuwing van de goddeloosheid zijn. Er is een vleeswording van satan aan de gang in het historisch proces. Dit gistingsproces zal zich steeds duidelijker gaan aftekenen. Door de verschijning van Christus wordt de wereld gedwongen zich te ontmaskeren. De gedachten van alle harten zullen openbaar worden. Zó worden twee soorten mensen rijp gemaakt voor de eeuwigheid. Zie Openbaring 22 : 11! De grote scheiding is in aantocht. Dat betekent intussen niet, dat wij het tijdstip kunnen aanwijzen. Gods Woord zegt, dat niemand dit kan. Maar wèl is het van belang, dat we letten op de tekenen der tijden. Heeft de Heere Jezus ons dit niet bevólen? De Geest zal óveral het Woord des Heeren vruchtbaar maken, er zullen op zeer veel plaatsen gemeenten ontstaan, maar daardoor zal er tegelijk een strijd der geesten ontwikkeld worden.

In Openbaring 12 lezen we, dat nadat het geboren Kind (Christus) tot God omhoog weggerukt werd, een stem uit de hemel riep: „Wee degenen, die de aarde en de zee bewonen, want de duivel is tot u afgekomen en heeft grote toorn, wetende, dat hij kleine tijd heeft". Naarmate de eeuwen voortwentelen kort satans tijd en gelegenheid, om te verleiden, in. Dit maakt hem steeds briesender. Daarom heeft hij alle eeuwen gewoed, maar zal hij steeds feller in z'n aanvallen worden. Zijn vleeswording zal de anti-christ zijn. Naarmate het einde der eeuwen nadert, wacht de gemeente van Christus verdrukking, vervolging en martelaarschap. Ook verleiding door valse profeten, afval, het toenemen van de ongerechtigheid en verkoeling van de liefde. Paulus schrijft (geïnspireerd door de Heilige Geest) dat de wederkomst van Christus niet éérder plaats zal hebben voordat de afval is gekomen (2 Thess. 2 : 3). En die afval is een proces, dat in volle gang is. Maar dit is naar Gods raad, zó wordt Zijn raad vervuld. Achter dit alles zit de stuwende kracht van de Heilige Geest. De wereld zal zich straks volledig strafwaardig moeten tonen. De oogst der aarde zal rijp zijn als straks de engel zijn sikkel zal slaan (Openb. 14 : 18, 19). Daarom zal de wetteloosheid, onverschilligheid en goddeloosheid steeds toenemen. Dat het alles in de wereld (en in de kerk) gaat zoals het gaat, is een aspect van het werk van de Heilige Geest. De Geest houdt op de voleinding aan. Op de „volkomenheid des rijks, waarin God zal zijn alles in allen" (Heid. Cat. zondag 48). Maar al het nieuwe dat God schenkt komt ná de catastrophe, dus niet in de weg van geleidelijke ontwikkeling, zoals de moderne theologie wil. Vandáár het gistingsproces in de wereld.

De Geest laat echter de gemeente in de eindtijd niet alléén worstelen. Néé, want daar is Hij de Geest van Christus voor, Die beloofd heeft: Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der eeuwen. De gelovigen behouden de Geest als onderpand (eerste gave van het Koninkrijk Gods). Zij zijn gezalfd door de Geest, daarom zal de Geest hen ook heilig actief maken. De taak van de gemeente is om „de overleggingen ter neder te werpen en alle hoogte die zich verheft tegen de kennis Gods, en alle gedachten gevangen leiden tot de gehoorzaamheid van Christus" (2 Kor. 10:5). Dan is, naarmate de tijd voortsnelt — zoals dr. W. Aalders het uitdrukt — weinig tijd meer voor het spreken in tongen. De gemeente van het spreken in tongen is geworden tot een getuigende gemeente en het bijbelse woord voor getuigen hangt samen met: martelaar-zijn. De gemeente zal steeds meer scheuren en wonden oplopen. In wezen is zij precies als de oerchristelijke gemeente, maar in een ander kleed, omdat de gedaante van de wereld voortdurend verandert. Haar situatie wordt daar telkens door gewijzigd. Het gaat er uiteindelijk om of de gemeente Gods raad dient in haar gaan door de tijd. Die raad houdt in: steeds méér ergernis verwekken, omdat zij getuigt tégen de menselijke hoogmoed en goddeloosheid. Daarom zal haar weg steeds meer een weg van bloed en tranen worden. Ze zal steeds méér „de overblijfselen van de verdrukkingen van Christus mogen dragen" (Kol. 1 : 24). De Geest zal haar daartoe in staat stellen. Hij blijft bij haar. De Geest leert haar steeds duidelijker het zuchten horen van de ganse schepping, die in barensnood is. Maar barensnood is géén hopeloze nood, maar kondigt nieuw léven aan. Zo leert de Geest het nieuwe leven ook verwachten, de áánneming tot kinderen, de verlossing van ons lichaam. De Geest komt onze zwakheden te hulp, met name in ons bidden. Hij zucht zelf met onuitsprekelijke zuchtingen (Rom. 8 : 26). Hij hijgt naar de grote dag, waarop Hij de bruid tot de Bruidegom zal brengen, wèl toebereid (Openb. 21 : 2, 9). Het verlangen daarnaar wakkert de Geest bij de bruid aan. Hij leert haar roepen: Kom! De Geest blijft op de voleinding aanhouden. Omdat Hij is de Geest der heiligmaking. De Heilige Geest kent de eigenlijke nood, het wezenlijk gemis dieper dan iemand onder de mensen. Hij ziet het contrast tussen de huidige situatie en het doel van God met Zijn schepselen het scherpst. Als de Bruidswerver van Christus leidt Hij de gemeente naar de bruiloft des Lams. Het verlangen naar de huwelijksdag wakkert Hij steeds meer aan. Hij houdt een heilige onrust en ontevredenheid met het bestaande gaande. Hij wil het volmaakte, dat wil zeggen: dat alles aan God gewijd is en het rijk der duisternis verslagen ligt. Daarom laat Hij de gemeente deelnemen aan de strijd van het licht tegen de duisternis. Tot het einde toe houdt de Geest deze strijd aan de gang. Zodat ook de gemeente steeds meer gaat verlangen naar de dag van de glorie en gaat roepen: Kom, Heere Jezus, kom haastiglijk. Dàn is het eeuwig Sabbath, voor de Geest èn voor de gemeente!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 april 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

DE HEILIGE GEEST EN DE EINDTIJD

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 april 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's