Verslag van werkzaamheden van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond over 1969
Geachte vergadering,
Het is verre van eenvoudig een samenvattend verslag te geven van het werk, dat door het hoofdbestuur in 1969 werd verricht. Door de goede hand Gods over ons mocht de arbeid voortgaan, in kerk en vereniging en afdeling. Als oudere leden van onze Bond werden weggenomen, wier werk wij met dankbaarheid gedenken, dan kwamen anderen hun plaatsen innemen. Verscheidene predikanten deden in hun eerste gemeente hun intrede en tot onze vreugde is het aantal mannen, dat zich op het ogenblik voorbereidt voor het ambt van Dienaar des Woords eerder stijgende dan dalende. De 18de aug. werd op 68-jarige leeftijd ds. L. Vroegindewey van Delft van zijn post afgelost. Hij heeft gewerkt zolang het dag was en in niet verminderende kracht en ijver riep hij met grote ernst terug tot de dienst des Heren in preken en schrijven, en in zijn cursuslessen op de catechetencursus, waar hij bijna nooit afwezig was. Ds. Boer heeft in een In memoriam in de Waarheidsvriend zijn persoon en zijn werk getekend. In januari j.l. overleed ook de onder ons zeer gewaardeerde ds. J. J. Poot, em.-predikant van Woerden, die door zijn prediking en pastorale arbeid vele vrienden in onze gemeenten telde.
In het hoofdbestuur kwam grote verandering door het aftreden van de voorzitter, ds. G. Boer. In de december-vergadering van het H.B. deed hij mededeling van zijn besluit om zich geheel uit het H.B. terug te trekken, zulks op raad van zijn arts. De week daarna las u in de Whvr. zijn „Ten afscheid". Op eigen wijze — indringend, zoals hij gaarne zegt — analyseerde hij de situatie van het kerkelijke en geestelijke leven van deze tijd, oproepende om eensgezind, met eenparige schouder te strijden voor het eeuwige Koninkrijk van de vrijmachtige genade Gods. Met respect memoreren wij zijn stimulerend elan en zijn taaie volharding bij het doorzetten van door hem geconcipeerde plannen. Ook hier danken wij hem voor zijn vele arbeid en wij hopen, dat hij door de Koning der Kerk nog vele jaren ten zegen moge zijn voor kerk en gezin.
Ds. W. L. Tukker werd in jan. l.l. als voorzitter aangewezen en ir. v. d. Graaf, die zijn sporen in deze verdiend had volgde ds. Boer op als hoofdredacteur van de Waarheidsvriend. Wij zijn hem erg dankbaar, dat hij dit moeizame verantwoordelijke en tijdrovende werk op zich heeft willen nemen.
Het H.B. kwam 12 maal in gewone vergadering bijeen. Vele malen kwamen vertegenwoordigers van kerkeraden, van afdelingen om advies. Regelmatig werden studenten ontvangen, die een toelage vroegen uit het studiefonds ter tegemoetkoming in de hoge kosten van de universitaire studie. De contio van predikanten is een vaste traditie geworden in onze Bond. Het zijn studiedagen, die een hoogtepunt betekenen in de onderlinge contacten, maar ook in die van de collega's met het H.B. Niet gaarne zouden wij de contio meer willen missen.
Op 4 september l.l. werd een vergadering gehouden met predikanten uit de steden en uit de grotere gemeenten, waarin de G.B. een minderheidspositie inneemt. Deze besprekingen, door ongeveer 35 predikanten bezocht, hadden een vervolg op de 19de november.
De 22ste rnei werd een contact-dag gehouden met theologische studenten te Utrecht, waar ds. L. Kievit sprak over het ambt in de gemeente. Met het Moderamen van de Generale Synode der Herv. Kerk werd een bespreking gehouden, waaraan van deze zijde werd deelgenomen door de predikanten Boer, Tukker en Vermaas.
Met de Theologische Faculteit van Utrecht is gesproken over een plan van samenwerking tussen de faculteit en de r.k.k. Het zou gaan om een proef voor vijf jaar. Het H.B. kon niet anders dan negatief tegenover deze plannen staan.
Zeer verhelderend was voor het H.B. de bespreking, die gehouden is met de redactie van Waarheid en Eenheid.
Een delegatie uit het H.B. vergaderde met een afvaardiging van het H.B. van de Confessionele Vereniging. Daar werd o.a. de vraag onder ogen gezien, of het niet mogelijk zou zijn om gezamenlijk een rondschrijven te doen uitgaan aan de gemeenten. Een concept-schrijven, opgesteld vanwege ons H.B. is ter beoordeling aan het H.B. toegezonden.
In Utrecht werd vergaderd met afgevaardigden van de herv. gereformeerde bonden. In deze vergaderingen kwamen vele gemeenschappelijke zorgen en vragen aan de orde. Hieruit resulteerde een gemeenschappelijk schrijven in verband met het begin van de catechetische lessen. Bovendien werd een commissie benoemd, die zich over de zaak van het christelijk onderwijs zou bezinnen. Een zeer goede vergadering in december werd gehouden te Utrecht en dezer dagen staat een andere aangekondigd in ons orgaan.
Over de algemene kerkvergadering is meer dan eens gesproken. Het H.B. ziet deze vergadering als onderdeel van het programma van de herstructurering van de kerk. Daaraan kan noch mag medewerking worden verleend. Wat van de vergaderingen vernomen is, heeft ons gesterkt in het aangenomen standpunt. Wat kan men verwachten van een kerkelijke vergadering, waar het Woord Gods niet in het middelpunt staat? — Sinds is aan de kerkeraden en aan de afdelingen een stuk gestuurd, waarvan het concept is opgesteld door de huidige voorzitter: De Kerk en wat haar heden te doen staat. Wij vertrouwen, dat velen dit stuk zonder meer bestuderen.
Daarnaast had de zaak van de nieuwe psalmberijming verscheidene malen onze aandacht. In een kort rapport is het standpunt van het H.B. samengevat; het werd aan de afdelingen en aan de kerkeraden rondgezonden en ook in het orgaan opgenomen. Een enkele merkwaardige reactie werd ons toegestuurd. Zo in de zin van: Mag dat allemaal maar? De Synode moet ingrijpen; hier is een stille afscheiding en dat is ontoelaatbaar. En dat zijn meestal de mensen, die hoog op geven van vrijheid in de maatschappij en vrijheid in de kerk. Een tweede argument, dat ik nog wel tegenkwam was zo in de zin van: wat verbeelden deze mensen zich wel? Zovele theologen en zoveel dichters hebben dit klaar gemaakt. En zij zouden dat beter weten? Een commissie en dan nog wel uit de G.B.? En dat zijn dezelfde mensen, die veel praten over de mondigheid van de kerkleden; maar als het erop aankomt moet hij zijn mond houden, want de commissie heeft gelijk. En niet alleen de kerkleden zijn onmondig, maar ook een theoloog, want de meerderheid maakt het uit! Ik ga er maar niet verder op in maar geloof wel, dat de theologische en andere argumenten, die in ons kleine rapport worden genoemd waard zijn te worden bestudeerd. — Vriendenhand stuurde mij een radiovoordracht van de heer Mehrtens toe. Rechtstreeks kreeg ik die niet, hoewel ik altijd gemeend heb dat dit een goede persmanier was. Hierop evenwel ga ik niet in. Infra tuam et meam dignitatem! Dit stuk is ver beneden de waardigheid van deze radiospreker, die zijn opvattingen over de Bond nooit geheel onder de stoelen steekt. Maar ik daal tot zulk een wijze van polimiseren niet af. Dat is beneden mijn waardigheid.
En dan is er nog een ding, dat in de laatste tijd ons heeft bezig gehouden. Het H.B. heeft zich afgevraagd wat te doen ten aanzien van de t.v.-uitzending van de film Son of Man. U hebt hierover in De Waarheidsvriend gelezen, ook in de pers is erover geschreven. In ons protest stonden wij niet geheel alleen, ook in het Centrum — door andere bladen overgenomen — vond ik een woord van felle kritiek en protest. — Ik lees u twee antwoorden voor: één van de direkteur van het Convent van Kerken dr. G. N. Lammens en één van de heer W. J. Koole, direkteur van IKOR-Televisie. (De inhoud laat ik hier om plaatsruimte te winnen weg).
Ten aanzien van het orgaan zal straks de penningmeester u inlichten en over de plannen tot uitbreiding, die door het H.B. pas zijn aangenomen zal ir. Van der Graaf u op de hoogte stellen. Het is verblijdend, dat deze dingen mogelijk zijn en dat De Waarheidsvriend gelezen wordt. Er zou veel meer gedaan kunnen worden, als er nog meer lezers zich als abonnee opgaven.
De publiciteitscommissie gaat rustig met haar werk verder. Dezer dagen hopen weer twee werkjes van de pers te komen. Ik hoop, dat u ze kopen zult voor uzelf en zo mogelijk ook voor een ander. Wij moeten niet maar de woorden Schrift en belijdenis op de lippen nemen, maar uit het Woord leven en dan zal dit Woord gekend moeten worden en bestudeerd.
Ik geef dit jaar een nogal zakelijke opsomming; u zult zeggen: er mankeert nog maar aan, dat u vertelt hoeveel brieven weggingen en zo. Neen, dat niet, maar wel, dat er dit jaar vele leden bijkwamen, u zult het horen van de penningmeester. Of het dan om dat geld gaat? Gelukkig niet, al zouden wij zonder geld weinig kunnen beginnen, maar er blijkt uit, dat er velen zijn, die voor Gods Woord en de verbreiding van dat Woord iets over hebben, die meeleven met het wel en wee van de kerk, die meebidden en meeleven met degenen, die opgeleid worden tot dienaar des Woords in de Herv. Kerk en die het goede voor de kerk zoeken. De zaak van Gods kerk moge ons meer en meer op het hart worden gebonden! De ijver van Gods huis moest ons verslinden. Het is geen geringe zaak God te dienen in een wereld als deze, een wereld waarin de majesteit Gods wordt neergehaald, de leer van het heil wordt verdorven en de kerk in verwarring komt. Mochten wij samen iets hebben van de geest die bij Paulus spreekt, als hij schrijft: dagelijks overvallen te worden door de zorg voor de gemeente. En dan die zorg, de zorg voor en over Gods kerk bij Hem brengen die meer dan overvloedig kan doen boven al wat wij bidden of denken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1970
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1970
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's