De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

KERKNIEUWS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

KERKNIEUWS

19 minuten leestijd

BEROEPEN TE:

Zwolle (vac. W.L. Tukker) W.C. Hovius te Katwijk a. Zee — Hoenderlo (toez.), K. den Hartog te IJlst — Zeist (toez.) M.H. Boogert te Hellendoorn — Doorn, T. Tijsma te Sexbierum — Neede, J.A. Rietberg te Vaassen — Mijdrecht, M.S.J. de Jong te Lochem — Hasselt, P.J. Bos te Ameide — Voorst, mej. vic. A.J. de Lagh te Den Haag — Sleeuwijk (toez.), J. Noordmans te Tjamsweer — Abbenbroek-Heenvliet, A. v. d. Ban te Kamperland — Amsterdam, L. de Ru, pred. voor buitengew. werkzaamh. (geestel. verzorging Zonnegloren) te Soest — Leens-Warfhuizen (toez.) W.A. Hage te Dalfsen — Sluiskil, ca. (toez.), vic. J.L. v. d. Eijk te Utrecht — Winschoten (toez.), H. Zuiderveld te Zuidhorn — Ooltgensplaat, kand. A.W. v. d. Plas te Katwijk a. Zee.

AANGENOMEN NAAR:

Brummen, J.A. Heldring te Heeze — Papendrecht (buitengew. wijkgem. in wording — bijstand in het pastoraat), A. de Bruin, as. em. pred. te Giessen-Oudekerk — Rotterdam-Kralingen (toez.-wijkgem. Kralingseveer), C.A. v. Harten te Bodegraven — Doardle (toez.), kand. A. Tromp te Amsterdam — Akkrum, kand. M. Stoffels te Groningen.

BEDANKT VOOR:

Rotterdam-Zuid, C.J.P. Lam te Putten — Rouveen (toez.), L. v. Nieuwpoort te Sliedrecht — Randwijk, W. Vroegindewey te Katwijk a. Zee — Amstelveen-Buitenveldert, A.J. Hoorn te Vlaardingen — N.O. Polder (wijkgem. Nagele-Tollebeek — toez.), G.A. Cnossen te Twijzelerheide — Nieuwerkerk a. d. IJssel en voor Ridderkerk (vac. L. Blok), T. Lekkerkerker te Oosterwolde (Gld.)

VERHUISD

Ds. M.B. v. d. Akker is verhuisd van Emmastr. 90, Monster, naar Bosschieterstraat 2, Stellendam.

Ds. S.W. Verploeg van Leerdam is verhuisd naar: Ten Harmsenstr. 2, Alphen a.d. Rijn.

Ds. P. de Jong is verhuisd van de Hoogstraat naar Schimmelpenninckstr. 15, te Nijkerk.

BLEISWIJK

Na een lange wachtenstijd met aanhoudend verzoek om doopconsent heeft de kerkeraad der plaatselijke gemeente na een samenspreking met het bestuur van de afd. Bleiswijk van de Geref. Bond, toestemming gegeven om enkele kinderen van ouders die de diensten in het Evangelisatiegebouw bijwonen, ten doop te houden in een kerkdienst waarin een Herv. Geref. predikant voor zou gaan.

Deze doopdienst is intussen, op zondagmorgen 7 juni, gehouden. Ds. J.D. v. Hof van Delfshaven ging in deze dienst voor.

Het stemt het Herv. Geref. deel der gemeente van Bleiswijk dankbaar en verblijd, dat alzo in de eigen gemeente aan een 6-tal kinderen het sacrament van de Heilige Doop kon worden bediend.

LEERDAM

Zondag 21 juni l.l. nam ds. S.W. Verploeg afscheid van de gemeente Leerdam. Onder zeer grote belangstelling werd de afscheidspredikatie gesproken naar aanleiding van de tekst, gekozen uit 1 Johannes 4:2. Hieraan kent gij de Geest Gods: alle geest die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God.

Na de prediking nam hij in warme bewoordingen afscheid van de gemeente. In een persoonlijk woord richtte hij zich tot collega ds. Van Dijk en verder tot alle afgevaardigden en in 't bijzonder tot zijn wijk waaraan hij zo sterk verbonden was.

Daarna werd door oud. De Jong woorden van dank gesproken namens de classis Gorinchem. Door ds. Van Dijk werd gesproken als collega, namens de ring en namens de gemeente, wijzend op het goede contact en het vele werk door hem verricht.

Tot slot werd door oud. Aangeenbrug het woord gevoerd namens de wijk en dank gebracht voor zijn trouw en zorg in de wijk, waarna hem werd toegezongen psalm 122:3.

ZIJDERVELD

Zondag 14 juni deed, na 22 maanden vacant te zijn geweest, candidaat J. Vis uit Sommelsdijk zijn intrede.

In de morgendienst werd hij bevestigd door ds. Baas uit Hendrik Ido Ambacht.

De tekst voor de prediking was uit 2 Kon. 7:9 'Deze is een dag van goede boodschap’.

Aan de handoplegging namen 5 predikanten deel, t.w. ds. Baas, ds. Verploeg, ds. Smit, ds. De Keizer, ds. Willemse en ouderling J.C. Bronkhorst.

In een volle kerk deed ds. J. Vis 's middags zijn intrede met als tekst 1 Kor. 4:1 en 16: 'Alzo houde ons een ieder mens als dienaren van Christus en uitdelers der verborgenheden Gods; en zo vermaan ik u dan, zijt mijn navolgers’.

Na de prediking sprak dominee tot verschillende personen en instanties, ouders en vrienden, waarna hij werd toegesproken door ds. Verploeg als consulent en namens de ring. De heer De Jong namens classis Gorkum, namens de ver. Voetius sprak heer de Groot, burgemeester Schouten namens de burgerlijke gemeente en ouderling J.C. Bronkhorst namens de gemeente Zijderveld, welke onze dominee toe liet zingen Ps. 20:1.

WAARDER (ZH)

Op 14 juni werd in de collecte 3 x ƒ1000,— aangetroffen.

GIFT

De Herv. Gem. te Genemuiden ontving een gift van ƒ1000,— voor de kerk.

ZENDINGSDAG VOOR HET NOORDEN

Op D.V. woensdag 1 juli wordt in de Broerenkerk te Zwolle gehouden de 'Zendingsdag voor het Noorden', uitgaande van de Geref. Zendingsbond in de Ned. Herv. kerk.

Aanvang 10.15 uur v.m.

Sprekers op die dag zijn:

ds. W.L. Tukker te Groot-Ammers, ds. J. van Sliedregt te Ouderkerk aan de IJssel

Pauze tot 14.00 uur

ds. P.M. v. Breugem te Barneveld, ds. J. den Hoed te Meerkerk, ds. H. Harkema, director G.Z.B. te Zeist.

In de pauze kunt u in het koor der kerk tegen vergoeding een broodmaaltijd gebruiken. De door de vrouwenver. Lydia gemaakte goederen worden daar eveneens te koop aangeboden.

ZENDINGSMIDDAG GARDEREN

Voor de zesde keer hoopt de Zendingscommissie een Zendingsmiddag te houden in de Ned. Herv. Kerk te Garderen en wel op D.V. donderdag 9 juli, 's middags 2 uur.

Sprekers: ds. D. v. d. Ent Braat, Haarlem, met het onderwerp: 'Verkondigers van de Vrede' en ds. D.J. v. Dijk, Woudenberg, met als onderwerp 'Toebrengen'.

Opening en sluiting: ds. R.W. Steur. Ieder is welkom.

BRIELLE

Voor de Geref. Bond in de Ned. Herv. Kerk te Brielle en omstreken spreekt op donderdagavond 8 uur in het Geref. Verenigingsgebouw te Brielle, ds. Catsburg van Sint Maartensdijk (Zeeland). Onderwerp: De opstanding van Lazarus.

WIE HELPT?

De Bond van Ned. Herv. Jongemeisjesverenigingen op g.g. organiseert elk jaar een aantal meisjeskampen. Er wordt gekampeerd op een boerderij met een groep van ongeveer veertig meisjes in de leeftijd van 12—16 jaar.

Voor enkele van de kampen, die voor deze zomer gepland zijn, hebben we nog dringend een paar leidsters nodig.

Wie wil in de week van 25 juli—1 augustus a.s. een meisjeskamp helpen leiden? Er wordt in die week een kamp gehouden in Ermelo (voor 12—16 jarigen) en één in Loon op Zand (Br.) (voor 14—16-jarigen). Minimum leeftijd leidsters 18 jaar.

Onkosten (b.v. reiskosten) worden vergoed.

Opgaven en nadere inlichtingen graag zo spoedig mogelijk bij de kampkommissie van de Jongemeisjesbond per adres:

J.G. Westland, Hessenweg 151, De Bilt (tel. 030— 761235) (vanaf 26 juni: Baanbergenweg 10, Huizen (tel. 02152-4017).

JAARVERGADERING G.Z.B.

Vanwege de Gereformeerde Zendings Bond in de Hervormde Kerk zijn op het ogenblik zestien zendelingen uitgezonden en heel binnenkort worden dat er achttien. Gistermorgen voor de jaarvergadering van de GZB in Utrecht werd gehouden kon dr. T. van der End nog worden uitgeluid op Schiphol, die aan de theologische school in Djakarta oude kerkgeschiedenis gaat doceren.

Over enkele dagen vertrekt drs. B. Oosterom naar de theologische school in Rante Pao en daarna drs. G. Boer naar de theologische school van Ambon.

Aan financiën is het vorig jaar ƒ1647.634 binnengekomen, maar ruim ƒ1.800.000 uitgegeven. Dat men toch kon uitkomen was te danken aan de reserve uit de tijd, dat de GZB nog geen zendingswerkers had. Zendingsdirector, ds. H.H. Harkema, spoorde de mensen daarom aan nu te laten blijken wat zendingsliefde waard is.

Ds. J. van Sliedregt uit Ouderkerk a.d. IJssel ontzenuwde als voorzitter van de GZB, een opmerking als zou zendingswerk te veel krachten onttrekken aan de eigen kerk. 'Het werk voor de eigen kerk mag nooit ten koste gaan van de missionaire taak.’

Het spreekt vanzelf, dat hij op deze vergadering nog eens inging op het standpunt van het bestuur van de GZB om niet mee te doen aan de actie Kom over de Brug, omdat daar ook 'de kerk van Rome' aan deelneemt.

’De opzet van de actie wordt gedragen door een theologie, die we hartgrondig moeten afwijzen.’

Ook de propagandamethode van de vorige Kom over de Brug — waaraan de GZB toen wel meedeed — kon de goedkeuring niet wegdragen.

Tot een eerder gedaan voorstel van de synode van de Hervormde Kerk om het werk van de GZB daaraan over te dragen, kon, hoewel met spijt, ook niet worden besloten. Dit in verband met de discussies over het gezag van Gods Woord en de oecumenische ontwikkeling. 'De GZB meent nog altijd een eigen taak en roeping binnen de Hervormde Kerk te hebben.’

’We moeten buiten beschouwing laten of de kerken van de reformatie en de rooms-katholieke kerk niet aan een waarachtige vernieuwing toe zijn. Maar er wordt nu een eenheid geponeerd, die er niet is', aldus ds. Harkema.

Ds. W.J. Bouw, als zendingspredikant werkzaam in Kenia en nu met verlof in ons land, vertelde in de middaguren over de Bwana Loubser Zending in Kenia, waarnaar tien jaar geleden de GZB werkers zond.

Dit heeft tenslotte geleid tot het ontstaan van een zelfstandige kerk, de Reformed Church of East Africa met enkele duizenden leden, 55 verspreide posten en 44 evangelisten met een volledige dagtaak. Maar er zijn daar waarschijnlijk nog enige miljoenen, die nog nooit van het evangelie hebben gehoord, die verstoken zijn van medische voorzieningen en onder voedseltekort lijden.

Over het thuisfront merkte ds. Bouw op dat als we vergelijken wat er voor het eigen kerkelijk leven in Nederland wordt uitgetrokken met de inkomsten voor zending en werelddiaconaat, dit laatste veel te ver achterblijft. Terwijl de kloof tussen rijke en arme landen, maar ook rijke en arme kerken toch al zo groot is!

DE ZONDAG

Toen de gemeente zondagmiddag bijeen was om zich voor te bereiden op de viering van het Heilig Avondmaal, drongen tot ons door de geluiden van demonstrerende dorpsgenoten, die van deze zondagmiddag gebruik maakten om te protesteren tegen de sluiting van het zwembad De Veldkamp op de 'dag des Heren'. Ik noem het maar bij de juiste naam: dag van Christus. Het is niet mijn bedoeling in dit stukje de hele problematiek van de zondagsbesteding te behandelen. Dat zal binnenkort in de prediking over Heid. Cat. zondag 38 wel gebeuren.

Het is niet zo moeilijk begrip op te brengen voor de mensen, die zich in hun vrijheid tekort gedaan voelen om op zondag in een gemeentelijk bad te zwemmen, als ze dat willen. Ieder wil graag z'n zin.

Maar is het nog mogelijk te begrijpen, wat mensen kon bewegen om tegen de opening te stemmen in de raad van de gemeente Oldebroek?

Is dat van een machtsstreven afkomstig, verwant aan de terreur van de nazi's, zoals, tot mijn ontsteltenis, de Zwolsche Courant het onlangs openlijk stelde? Komt het uit behoudzucht voort, steil conservatisme, dat geen enkele vernieuwing wil en verstard is in leerstelligheid? Of zijn deze mensen wettisch in plaats van evangelisch? Maar bestaat er een evangelie zonder wet, wanneer Jezus zegt dat Hij niet gekomen is om de wet te ontbinden, maar te vervullen (Matth. 5:17,18)? Waar liggen de grenzen dan?

Ik weet niet, of enig gemeenteraadslid in staat was zijn tegenstem te motiveren op een wijze, die andersdenkenden tot begrip bracht. Dat valt niet mee vooral niet als de sfeer geladen is.

Ik weet wel, dat de tegenstemmers zich in geweten gebonden hebben gevoeld aan de woorden van Gods Wet, die zij in hun evangelisch geloof tot gelding willen brengen.

Nu is de grote vraag niet, of men dat persoonlijk wil doen, in het 'leven der dankbaarheid', waarin ook de zondag een plaats krijgt als een dag, waarop we veel mogen doen, maar voor de Here onze God ook wat zullen laten. Tot deze vrijheid en gebondenheid is ieder gelovige geroepen, en er komt helaas bij ons maar al te weinig van terecht!

De grote vraag is wel, of deze woorden van God ook publieke en politieke betekenis hebben. Of dat, wat voor mij als Christen goed is, ook voor het volk goed is. Als men daarop bevestigend antwoordt, stelt men de theocratie (Godsregering) boven de democratie (volksregering). 'Men moet Gode meer gehoorzaam zijn dan de mensen' (Hand. 5:29). Het is mijn overtuiging, dat Gods Woord deze publieke betekenis inderdaad heeft en het is de roeping van de overheid om het openbare leven naar Gods Woord en Wet in te richten.

Het is uiterst pijnlijk om daarmee mensen in hun vrijheidsdrang aan te tasten. Daarom geloof ik niet, dat enige tegenstemmer zijn stem gemakkehjk zal hebben uitgebracht. Wij allen geven onze naasten graag de ruimte.

Voor ons ligt de kwestie in het politiek gebruik van Gods wet. Het is een aanklacht tegen de kerk, dat zij haar leven vaak zo 'wettisch' inricht en de vreugde der wet (lees ps. 119) niet waarmaakt in de praktijk. Ons 'ja' en 'nee' zijn vaak zo hard en stug, terwijl het bewogen en liefdevol moest zijn. Zijn wij eruit? Ik sta open voor argumenten van medegelovigen op grond van Gods Woord. Conservatief? Dat woord betekent 'bewarend' en we moeten toch persoonlijk en publiek Gods eer en eikaars goede naam bewaren, Gods Woord bewaren?

Het gebed voor de overheid en haar politie, die zich de moeite gaf correct te zijn in haar optreden, is nodig. Het gezag dient zich te kenmerken door drie trekken: heerschappij, wijsheid en liefde, deze drie, maar deze drie steeds samen. (ds. Romein in Harderwijker Kerkbode)

J.H.GUNNING Jr. EN ZIJN BETEKENIS VOOR VANDAAG.

Op de Gunning-conferentie van 28 september t.m. 2 oktober a.s. op Hydepark komen de volgende thema's aaan de orde:

Gunning en Bavinck over het gezag van de Heilige Schrift

Gunning en de ervaring

Gunning als eschatologisch denker

Gunning over Christus en zijn kerk

Er is voor theologen, die geïnteresseerd zijn nog intekening op deze week mogelijk. Kosten: ƒ75.

De deelnemers ontvangen vanuit Hydepark ieder een ex. van de zg. kleine geschriften van Gunning en leveren op grond daarvan een eigen bijdrage aan de conferentie.

De conferentie staat o.l.v. J.N. Hasselaar, E.J. Beker en A. Hennephof.

Opgave bij het secretariaat van het Theol. Sem. Hydepark, Postbus 80, Driebergen, vóór 1 september 1970.

Zij die reeds intekenden, ontvangen afzonderlijk bericht.

MENS EN NATUUR: OVER NATUURBEHOUD EN MILIEUBEHEER

(Rapport van de Generale Synode der N.H. Kerk)

Op 17 juni 1968 aanvaardde de generale synode van de Nederlandse Hervormde Kerk een rapport over „Mens en Natuur" dat haar door de raad voor de zaken van Kerk en theologie was aangeboden.

Het is thans bijna twee jaar later. De ontwikkeling in de wereld en met name die ten aanzien van de natuur en het natuurlijke milieu van de mens heeft zich intussen met grote snelheid voortgezet. De essentie van het rapport is daardoor thans zo mogelijk nog actueler dan twee jaar geleden.

De generale synode van de Nederlandse Hervormde Kerk grijpt daarom graag de gelegenheid aan van het feit dat de Raad van Europa in een conferentie die in Straatsburg werd gehouden op 9 februari 1970 het Europese Natuurbeschermingsjaar 1970 heeft geopend, om zich ten aanzien van de vraagstukken van de verhouding van de Mens ten opzichte van de Natuur uit te spreken.

Het besef dat de mens op weg is zijn eigen natuurlijke milieu op ernstige wijze aan te tasten begint in brede lagen van de bevolking te groeien. De vraag naar gezonde lucht om in te ademen, zuiver water om van te drinken, een niet door chemische stoffen verontreinigde of vergiftigde bodem om land- en tuinbouw, veeteelt en bosbouw te bedrijven, wordt alom gehoord en in alle toonaarden in de publiciteitsmedia naar voren gebracht. En het is daarbij zeker niet een zaak die alleen de Nederlandse bevolking bezighoudt, ofschoon de urgentie van wat thans ondubbelzinnig met milieuhygiëne wordt aangeduid, uiteraard in het dichtbevolkte Nederland in sterkere mate wordt ondervonden dan in verschillende andere landen van Europa. De ernst van deze zaak is evenwel van wereldniveau. In alle vastelanden van de wereld en in alle wereldzeeën hebben de druk van de wereldbevolking en het technisch vermogen van de mens de eeuwenoude natuurlijke samenlevingen van aarde, planten, dieren en mensen in een toenemend snel tempo ontwricht en daarbij de natuur in gevaar gebracht.

Ondoordachte ontbossingen veroorzaken elk jaar in vele landen van de wereld lawines en overstromingen; door onoordeelkundige landbouwmethoden en roofbouw nemen de door de mens veroorzaakte woestijnen nog dagelijks in omvang toe; oorspronkelijk visrijke rivieren hebben door de giftige afvalstoffen van bevolkingscentra en industrieën hun visstand geheel of grotendeels geheel verloren; kustzeeën en natuurlijke kusten, met hun grote verscheidenheid van plantaardige en dierlijke bewoners en mensen, zijn de laatste jaren op vele plaatsen in de wereld als gevolg van calamiteiten van reuzentankschepen door onvoorstelbaar grote hoeveelheden ruwe olie en teer overdekt, waardoor het leven is gedood; giftige uitlaatgassen van auto's en andere gemotoriseerde voertuigen en van vliegtuigen tot in de hogere lagen van de atmosfeer dreigen de samenstelling van de gassen van de atmosfeer op voor mensen en dieren ongunstige wijze te veranderen en daardoor de warmtehuishouding en de zonbestraling van de aarde op voor mensen en dieren eveneens ongunstige wijze te beïnvloeden; het onoordeelkundige en ongecontroleerde gebruik van allerlei zogenaamde chemische bestrijdingsmiddelen uit land-, tuin- en bosbouw heeft als neven-effect tengevolge dat vele vormen van planten en dieren, voor wie deze middelen niet waren bedoeld, worden vernietigd, niet alleen in Europa en Noord-Amerika, maar met name ook in tropische gebieden, inclusief vele ontwikkelingslanden, waar de natuur weliswaar spreekwoordelijk, maar feitelijk niet onuitputtelijk is.

Hoezeer ook de mens zich door zijn technische bekwaamheden van de hem omringende natuur onafhankelijk is gaan gevoelen, toch blijft hij volgens het oordeel van medici en biologen voor zijn voortbestaan direct van de natuur afhankelijk. Het is daarom verheugend, dat meer dan ooit thans naar de stem van de milieu-biologen geluisterd gaat worden. In dit verband hebben onder meer de volgende uitspraken opgeld gedaan: bewaar de natuur waarin u leeft, of: natuurbehoud uit zelfbehoud, dan wel: natuurbehoud is zelfbehoud. In een dicht bevolkt land als Nederland is het zelfs al zo ernstig, dat het in feite gaat om het voortbestaan van onszelf en van ons nageslacht.

Hiermede is naar het oordeel van de generale synode van de Nederlandse Hervormde Kerk de drijfveer om de planten en dieren van deze wereld te bewaren en tegen uitroeiing te beschermen nog maar ten dele beschreven. Het gaat om meer dan alleen het zelfbehoud van de mens. De mens, hoe technisch bekwaam, maar tevens hoe broos ook, heeft de goddelijke opdracht ontvangen de wereld te beheren. Het gaat daarbij klaarblijkelijk niet om onze wereld, maar om Gods wereld en voor het beheer daarvan zijn wij niet in de eerste plaats aan ons nageslacht, maar aan God verantwoording schuldig. Natuurbehoud en milieubeheer zijn opdrachten die wel aan de mens, niet aan de dieren zijn gegeven. Gelijktijdig met die opdracht heeft de mens het vermogen ontvangen die opdracht uit te voeren. Hij kreeg voorts de vrijheid dit vermogen ten goede dan wel ten kwade aan te wenden. Uiteraard wordt de praktijk van het van overheidswege en door nationale en internationale organisaties uitgevoerde natuurbehoud door deze overwegingen niet beïnvloed, maar wel krijgt het handelen van de mens er daardoor een andere dimensie bij. Wij kunnen beginnen met zonder enige ontroering te constateren dat met de toename van de menselijke bevolking, die vooral sedert het begin van de vorige eeuw als het ware explosief is verlopen, het aantal door de mens uitgeroeide diersoorten met gelijke tred is toegenomen. Deze constatering wordt evenwel met schuldgevoelens beladen wanneer wij deze zien in het licht van de van Godswege ontvangen opdracht om de wereld en wat daarin is als Gods rentmeester te beheren. De drie thans gereed gekomen delen van de zogenaamde „red data books" van de Internationale Unie voor het Behoud van de Natuur en de Natuurlijke Hulpbronnen sommen 287 soorten en vormen van zoogdieren, 238 vogels en 79 zoetwatervissen op, die in 1969 in gevaar van uitsterven verkeerden en het ziet er naar uit, dat dit aantal, inclusief dat van de in historische tijd al uitgeroeide soorten, eerder zal toenemen dan afnemen.

Onder de in gevaar van voortbestaan verkerende soorten bevindt zich ook de Blauwe Vinvis, de grootste walvis en gelijktijdig, voor zover bekend, het grootste dier dat ooit op de wereld heeft geleefd. De Blauwe Vinvis is groter dan de grootste bekende dinosauriërs. Met een record lengte van 33 meter, weegt één Blauwe Vinvis evenveel als 30 volwassen olifanten, dan wel 1.600 mensen.

Veertig jaar geleden, in het vangseizoen 1930—'31 werden nog 29.000 van deze reusachtige dieren terwille van hun traan door mensenhand gedood. Door de efficiënte methoden van de moderne walvisvaart hebben thans in totaal nog nauwelijks enkele honderden Blauwe Vinvissen, verspreid over alle wereldzeeën, het er levend afgebracht. Het is onzeker of zij nog de kans hebben te blijven voortbestaan. Dan zal er geen mens zijn die deze wonderen van Gods scheppingskracht tot leven zal kunnen terugbrengen. Dan zal de schepping wederom door de mens ontluisterd zijn. Dan is de mens wederom met zijn neus gedrukt op het feit dat hij zijn vele gaven wel vrijelijk kan gebruiken, c.q. misbruiken om leven uit te roeien, maar dat hij niet aan God gelijk is en geen door hem uitgeroeid leven kan herscheppen.

Groot of klein, indrukwekkend of bescheiden, wij zijn niet in staat om ook maar een erwt of een aardappel, laat staan een vogel of een vis, een bacterie of een orchidee, een walvis of een vlinder, zelf te maken. Wij mogen ons over het bestaan van zelfs de geringste onder de schepselen Gods verwonderen; wij mogen hen zelfs beheren en gebruiken en er ten behoeve van onze lichamelijke en geestelijke gezondheid van genieten („recreatie"). Wij mogen uiteindelijk in het bestaan van planten en dieren, aan de broosheid van ons eigen aardse bestaan worden herinnerd. Niet alleen in de medemens, ook in elk ander medeschepsel Gods, niet het minst in het ingewikkelde samenspel van aarde, planten, dieren en mensen, dat wij de natuur noemen, mogen wij ons van ons diepste menszijn bewust worden.

In de gehoorzaamheid aan Gods opdracht, in een gelovige poging om goede rentmeesters te zijn en niet in de eerste plaats uit zelfbehoud, dienen wij ons in te zetten voor het behoud van de grote verscheidenheid van Gods natuur en dienen wij bereid te zijn daarvoor offers te brengen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 1970

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

KERKNIEUWS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 1970

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's