De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De uitweg

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De uitweg

7 minuten leestijd

'Wees mij genadig, o God, wees mij genadig, want mijn ziel betrouwt op U'. Psalm 57:2

Het lied, dat met deze woorden begint, is een psalm, die in de spelonk werd gedicht. In de spelonk. Daar is het klam, vochtig en schemerdonker. Ik buk mij, want in die donkere grot ligt iets te glinsteren. Het is een parelsnoer, en ik raap het, wat verwonderd, op. Of, zoals het hier heet: het is een gouden kleinood en dat in de spelonk. Dat kan blijkbaar en wij komen het meer dan eens tegen in deze liederenbundel. Misschien ging er in uw leven wel eens iets schitteren, toen het duister was, en u van alle kanten in het nauw gedreven werd.

Zo is het tenminste met David. Hij is voortvluchtig, Saul achtervolgt hem. Hij ondervindt weinig goeds van de mensen, het zijn net woedende leeuwen. Ze behandelen hem, als was hij een wild dier: zij zetten een valstrik, zij graven een kuil om hem te vangen; hij huivert wanneer hij daaraan denkt. Zo is hij deze spelonk binnengelopen. In het kalkgebergte waren veel holen en grotten, die tot een toevluchtsoord dienden, denk maar aan de spelonk van Adullam.

Voorlopig is hij er veilig maar ondertussen voelt hij zich opgesloten. Hij kan er niet uit. De spelonk is net een slop, een akelig eng slop, een doodlopende steeg. Menigeen raakt met zijn leven in zo'n slop. Ziekte en zorg zitten ons na, nood en leed sluiten ons in. Dan kan men een spelonk nauwelijks een toevluchtsoord noemen, wij kruipen er steeds dieper in weg.

Maar er is een uitweg. Een geheime gang soms? Nee, dat niet. Toch zou ik het een verborgen weg willen noemen, zonder meer zouden wij hem niet ontdekken. Het is de weg van de spelonk naar de tempel. De tempel, dat is een heel eind weg, verzucht u. De Here en Zijn gemeenschap kunnen , zo ver weg zijn. Maar er is een verbinding tussen spelonk en tempel, de weg naar de Here toe. Hij maakt die weg bekend, midden in de nood. Wij hebben alle mogelijkheden overwogen en het kan met geen mogelijkheid. Dan klinkt Zijn Woord, en het is Zijn stem: Hierheen, naar Mij toe. Soms hoort iemand die stem, in de stilte van zijn verdriet, als u voor uw verwarde gedachten geen doortocht vindt — de kringloop in de spelonk -  en geen uitzicht voor uw ziel.

David slaat die weg in, de vluchtweg naar het heiligdom. De Here stippelde die weg uit in Zijn getuigenis; Hij deed meer, Hij legde hem aan en geen vijand kan dat ongedaan maken. Als wij vóór- noch achteruit kunnen, dan is daar die vluchtweg, naar God, de God van het heil. Naar het heiligdom, het toevluchtsoord bij uitstek. Van de spelonk naar de tempel, dat is het geheim van de psalm. De man zit muurvast en zo waar, hij mag zich vrij bewegen; hij zit er midden in, en kan er toch tussen uit!

In de tempel wacht de Here op hem. Een vluchteling, die daar aan komt hijgen, wordt niet geweerd, mits hij het vluchtwoord kent. Zo maar binnenlopen, dat is er niet bij, al staan de poorten wijd open. God woont hier, de hoge en heilige God. Dan zijn er erger dingen, dan vervolgers; dan zitten onze zonden ons achterna, zij stellen ons schuldig voor Gods aangezicht. Wie kan Hem onder ogen komen. Wat zijn de eerste woorden van deze psalm? Wees mij genadig, o God, wees mij genadig. Klinken ze u vreemd in de oren? Het woord genade is een woord uit de taal die de Heilige Geest ons leert.

Wees mij genadig. Zo'n woord begrijpen we niet, we vinden David wat kruiperig doen, door het nog eens te herhalen. Wanneer het in de prediking over genade gaat, horen wij daar niet van óp. Spreken wij het al eens uit, dan is het napraten, meer niet. Bij David welt het op uit het diepst van zijn hart. Het zou goed zijn eens na te gaan, welke woorden bij u al zo boven komen. Verwensingen, klachten, zuchten. Of: genade! Leest u hier niet het a b c: genadig — mij — God. Het is een boeteling, die pleit, het is een vluchteling, die de hoornen van het altaar grijpt.

In de tempel staat het altaar. Er is verzoening voor de zonden. Wie tot God vlucht komt hier terecht. Het is ons een teken en zegel van de vergeving der zonden. Het bloed van Christus spreekt een duidelijke taal, u hoort er dat andere woord, genade in. Weet u het altaar te staan? De tollenaar sloeg zich op de borst: o God, wees mij, zondaar genadig. David nadert tot het altaar. Hij meldt zich bij de Here, een en ander maal. In psalm 51, 56, 57. Wees mij genadig.

Wie dit woord spelt, die gaat een licht op. God openbaart zich, als een God van genade. Dat er genade is; dat genade ons uitnodigt, ons ontvangt, ons in de nabijheid Gods brengt. Genade, rijk en vrij. Het woord kan ons vervoeren, genade. Als antwoord is er dan de bede: Wees mij genadig, o God. Dat zeggen alleen verootmoedigde mensen. Ze zeggen het, niet op eigen kosten. Christus betaalde voor dit kostbare woord met Zijn eigen bloed. Wie het op de lippen neemt, sprengt het bloed tegen het altaar, het pleit op de voldoening en de verzoening, die Hij tot stand bracht. Wie het uitspreekt, die kent iets van de taal des Geestes, een grondwoord! Die taal is gelukkig geen dode taal, hij wordt over heel de aarde gesproken, en mensen verstaan elkaar, als dit woord 'genade' en 'wees mij genadig' valt. Het wachtwoord van allen, die de toevlucht tot de Here nemen.

Velen schreeuwen in de benauwdheid van hun leven om uitstel, om uitkomst, maar hun woorden worden hol weerkaatst langs de wanden van de spelonk, waarin ze gevangen zitten. In de tempel is dit het woord, dat weerklank vindt in Gods hart: Wees mij genadig. Genade wordt bewezen in hulp en heil. David mag verder gaan. En dit willen wij onthouden: Als u geen uitweg weet, de vluchtweg is er nog. Vergeet ook het vluchtwoord niet: Wees mij genadig, o God, wees mij genadig.

Hij gaat verder. Want mijn ziel betrouwt op U. Kinderlijk eenvoudig stelt hij zich aan de Here voor: hier ben ik. In dit lied is een ondertoon van vast vertrouwen. Betrouwen betekent: zich onder bescherming stellen van. Bij U is mijn ziel geborgen. Vertrouwen en toevlucht nemen gaan altijd hand in hand, het is trouwens één woord, dat hier gebruikt wordt. Dat is het geloof, daarin leeft het. Het is toevluchtnemend én vertrouwend van aard. Het gaat niet aan een toevluchtnemend geloof een voorvorm te noemen van een vertrouwend geloof. Wie zou de toevlucht nemen, zonder vertrouwen; waarin wordt het vertrouwen anders duidelijk, dan in het toevlucht nemen. Wat wel waar is: het toevlucht nemen wint aan vertrouwen, naarmate wij toenemen in de kennis van God en van Christus. Maar nooit moeten wij die twee tegen elkaar uitspelen, terwijl ze elkaar wederkerig versterken.

Want mijn ziel betrouwt op U. U bent geen vreemde voor mij en u verleent gehoor aan smekelingen. Geloof en liefde zijn innig verenigd in de 'U'. En de hoop: op U. Zo ontkomen we aan de strik die werd gespannen, aan de kuil die werd gegraven. Genade! Dan stelt de Here ons gerust, we happen niet langer naar adem, het hart gaat regelmatig kloppen, wij worden in veiligheid gesteld.

Alles waarop wij vertrouwen, ontglipt ons eens en vaak zo plotseling. In het uur van levensgevaar en stervensangst, in het uur van bitter verdriet en bange voorgevoelens. Waar dan heen? Waar is David, vragen de vijanden. Hier vlak bij, in de spelonk. Nee, hij is in de tempel. Hij vertrouwt zijn leven aan de Here toe. Mijn ziel betrouwt op U, zo is het en zo is het goed.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

De uitweg

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's