KRONIEK
Dat vervloekte begrip
Er is de laatste tijd heel wat gaande en de voorbije week verhevigd. We willen immers ons meten met onze grote broer aan de overzij. Welnu, Amerikaanse toestanden krijgen we volop. Als een school bruinvissen schieten met aan het hoofd een medewetgever oproerige zwembadkrakers door het diepe. Heus niet alleen krepeergevallen op het terrein van huisvesting naasten alle mogelijke lege panden, het zijn vaak ook lieden die alternatieven van het monogame huwelijk en van de voorgeschreven zedelijkheid willen uitproberen om een lelijk woord te gebruiken. Het slaapverbod voor de 'toeristen' op de Dam, die van het nationale monument een duivels oorkussen maakten, riep slapende honden van rebellie wakker. En tenslotte de wanhoopsdaad van de Zuid-Molukse jongeren, wier harten gekrenkt zijn door op lange termijn uitgestelde hoop. Ik kan natuurlijk dit relaas van staken, kraken en wraken nog wel langer maken, maar ik geloof dat deze schets van enkele lijnen een duidelijk beeld oproept. De vraag rijst of we als kerk hier boodschap aan hebben. Als ik even denk aan het allereerst genoemde symptoom dan is bekend hoe ook onze kerkeraden, die het aangaat, zich over deze materie uitspreken.
Wat horen we evenwel heel vaak. Er wordt met name op mensen die zich christenen noemen een beroep gedaan om ruimschoots begrip aan de dag te leggen. We moeten begrip hebben voor de toestanden waarin velen zijn groot geworden. Hebben de producenten niet dag en nacht alleen maar zich ingespannen om het bekertje vol te gieten en zijn de consumenten niet even lang in de weer geweest om het laatste druppeltje uit die volle bekertjes te zuigslurpen en is het dan wonder dat die volgen in de rij ervan overgeven? Er moet begrip zijn, dat is de teneur van een artikeltje van een nieuw krantje onder de naam 'Jonas' dat op mijn bureau neerdwarrelt. Er wordt gesproken over L.W.T. (langharig werkschuw tuig) — niet ieder mag dat zeggen — en L.W.T. wacht op iets in deze jakkermaatschappij. L.W.T. wacht op de plicht van de sterkste en dat is dat de sterken voor de zwakken zorgen. Geen geweld. Geweld brengt niet de oplossing, maar de plicht van de sterkste.
Natuurlijk moet er begrip zijn. In het ene geval misschien meer dan in het andere. Maar het ongelukkige is dat men meent dat begrip het synoniem is van toegeeflijkheid en van eindeloos de zin geven en naar de mond praten. Overheid en kerk hebben echter een andere taak. In onze catechismus wordt het gezag van ouders en kortom van allen die als meerderen de minderen hebben te dienen op éne noemer gezet. Ik weet niet of dat er vandaag als stroopwafels bij velen ingaat. De catechismus doet het zo. Vroeger bemande men schepen en zo met koppen, vaak harde koppen die stug naar de vrijheid duwden, maar thans moeten we monden tellen. Monden tellen niet als een vader en moeder van een groot gezin maar als iemand die ergens rekening mee moet houden. Je vraagt je wel eens af op welke leeftijd precies de mondigheid begint. Het lijkt wel heel jong te zijn en blijkbaar van de ene dag op de andere.
Overheidsgezag wordt in één adem genoemd met de autoriteit van de ouder. Ik denk aan een moeder die alleen staat voor de taak van de opvoeding van haar jongen. 'Och', zegt ze, 'hij heeft al zo'n nare jeugd, geen vader, want die liet me in de steek enzovoort'. We kennen de verhalen. Er komt veelal niet veel van de opvoeding terecht. De Schrift zegt dat onze knecht tenslotte een zoon wil wezen, wanneer we hem van jongsaf weelderig houden. Ook al geen sympathiek geluid in deze tijd. Wanneer we onze zoon van jongsaf weelderig houden zal hij uiteindelijk willen dat wij zijn knecht zijn. Daar loopt het in de meeste gevallen inderdaad op uit.
Begrip echter moet niet precies hetzelfde zijn als dansen naar de pijpen van elkeen, die wel hoognodig begrijpen willen. Er kan evengoed begrip zijn en misschien meer, wanneer we met vaste hand optreden en dan hoeft er nog niet eens een knuppel, knoet of karwats in die vaste hand te rusten. Weloverwogen maar ook resoluut. Het begrip kan evengoed en beter leven in de vriendelijke maar krachtige arm als in de slijmerige mond. Ik heb even geaarzeld over de forse titel boven dit kroniekje. Ik realiseer me dat de Bijbel kinderen vervloekt die ouders verachten en tevens dat de verzen 4 en 1 van Efeze 6 wijzen op onderlinge afhankelijkheid van het gedrag van ouders tegenover kinderen en kinderen tegenover ouders. Ik beweer niet dat er geen begrip moet zijn, maar er is begrip dat vervloekt moet heten en er is begrip, dat hoewel minder uitgesproken, gezegend is. Laten we onze taak verstaan. Jona verzaakte zijn opdracht en kwam in de buik van de walvis en dat laatste was nog een onverdiend wonder ook. Het wonder dat men het eerst noemt, wanneer het over de ongeloofwaardigheid van de Schrift gaat. Maar betrokken op dit onderwerp zou ik denken dat dit wonder vandaag nog ontelbare malen geschiedt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 september 1970
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 september 1970
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's