De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De dag vóór de laatste dag

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De dag vóór de laatste dag

5 minuten leestijd

Doorzoek uzelf nauw, ja doorzoek nauw, gij volk, dat met geen lust bevangen wordt! Eér het besluit bare (gelijk kaf gaat de dag voorbij) terwijl de hittigheid van des Heeren toorn over ulieden nog niet komt; terwijl de dag van de toorn des Heeren over ulieden nog niet komt.' Zefanja 2 : 1—2

De lantaarndrager heeft zijn ronde gedaan door de straten van Jeruzalem. Hij heeft zóveel gehoord en zóveel gezien, hij kan er eigenlijk geen woorden voor vinden. Nu gaat hij een laatste, klemmende oproep richten tot zijn volk.

Zijn volk... Ja, het is Gods volk, het volk waarmee de Heere het Verbond heeft gemaakt. Maar daar is niet zoveel van te merken. Daar is ook niet zoveel van te merken in de manier waarop Zefanja het aanspreekt: 'volk'. Want hij gebruikt een woord dat eigenlijk alleen maar gebruikt wordt voor heidense volken, voor volken die de Heere niet kennen.

Wat is het ook voor een volk? Wel, zegt Zefanja, het is een volk dat met geen lust bevangen wordt. Een lusteloos volk. Het schrikt nergens van, het loopt ook nergens warm voor. Er is geen verwachting van.

Overigens verwacht dat volk zèlf nog wel iets. Het verwacht de dag des Heeren. Dat is voor hen de dag waarop de Heere zal komen om af te rekenen met de vijanden van Zijn volk. Dat zal een dag zijn! Dan gaan al de vijanden, al de heidenen eraan. En dan blijft alleen Israël gespaard.

De profeten hebben het telkens weer gezegd, en Zefanja zegt het ook: Vergis u niet in die dag des Heeren. Op die dag zal de Heere inderdaad ten strijde trekken tegen de vijanden van Israël... maar evenzeer tegen de vijanden ìn Israël.

En als Zefanja over die dag spreekt wordt het donker voor zijn ogen. De woorden tuimelen over elkaar, het éne woord is al onheilspellender dan het andere: verbolgenheid, benauwdheid, angst, woestheid, verwoesting, duisternis, donkerheid, wolken en dikke donkerheid...

Waarom zegt de profeet dat allemaal? Wil hij paniek zaaien onder het volk? Nee, hij wil het volk wakker schudden. Want boven die onheilspellende aankondiging van het oordeel uit klinkt zijn roepstem tot bekering: 'Doorzoek uzelf nauw, ja doorzoek nauw...'

Dat lusteloze volk moet aan het werk. Want dat woord 'doorzoeken', dat wordt ook gebruikt voor het sprokkelen van hout, voor het lezen van aren. Dat is een nauwkeurig, een precies werk. Daar heeft een mens zijn volle aandacht bij nodig.

Waarom zo'n nauwkeurig onderzoek van zichzelf? Natuurlijk om te weten te komen: Het is niet goed, er moet iets veranderen. Zo kunnen we Zefanja's oproep trouwens óók vertalen: Schaamt u en weest beschaamd. Of ook: Komt tot inkeer, ja komt tot inkeer. Tot tweemaal toe en met nadruk.

Ja, de profeet mag ook wel wat kracht bijzetten aan zijn oproep, want er is niet veel tijd te verliezen. 'Eér het besluit bare', zegt Zefanja. Dat is een vreemde beeldspraak: een besluit dat baart. Het besluit is dus zwanger. Maar de periode van zwangerschap loopt ten einde en dan wordt het kind — het gericht — geboren. Met andere woorden: Gods plan ligt klaar, het wacht alleen nog op de uitvoering.

De dag des Heeren komt. Maar nú leven we nog in een andere dag. In de dag die voorafgaat aan de dag des Heeren. O ja, er kan heel wat gebeuren in één dag. En toch — wat gaat een dag snel voorbij. Als kaf, dat wegstuift voor de wind. Zó zie je het en zó is het weg. En zó gaan onze dagen, de dag van gisteren, de dag van vandaag, de dag van morgen. Wie weet zelfs of er nog een morgen komt? Misschien is het morgen al de dag des Heeren. En daarom — heden. Wie zei dat ook weer? Was het de oudtestamentische profeet of was het de nieuw-testamentische apostel? Het doet er niet toe: 'Heden, indien gij Zijn stem hoort, verhardt u niet, maar laat u leiden'.

En wat zegt die stem? 'Terwijl de hittigheid van des Heeren toorn over ulieden nog niet komt, terwijl de dag van de toorn des Heeren over ulieden nog niet komt'. Hoort u het? Nog niet, nog niet. Maar het kòmt wel. Gods goedertierenheid duurt toch de ganse dag? Ja, maar ook niet langer dan deze ganse dag. En daarna komt er nog een dag: de dag van Zijn toorn, de dag van de hitte van Zijn toorn.

’n Zwaarmoedige preek, die preek van Zefanja? Welnee. Is het zwaarmoedig, de sirene in werking te stellen als er brandgevaar is? Is het zwaarmoedig, de spoorbomen te sluiten als er een trein nadert? Is het dan wèl zwaarmoedig een volk te waarschuwen als het de ondergang tegemoet gaat?

Zefanja is met zijn lantaarn door de stad gegaan. Zó gaat de Heere straks door de stad. Om goddelozen, lustelozen te zoeken. Maar éér het zover is klinkt Zijn oproep: Doorzoekt uzelf, komt tot inkeer, lusteloos volk!

Hoe staat het met uw zelfonderzoek? Al ontwaakt uit uw zorgeloosheid, uit uw lusteloosheid? Nog niet? Dan wordt het tijd, dan is het de hoogste tijd. Als kaf gaat ook uw dag voorbij. En dan? Dan komt de dag des Heeren. Dan geldt het: 'De grote dag van Zijn toorn is gekomen en wie kan bestaan?'

Schrikt u daarvan? Beeft u daarvoor? Er is nog een andere dag geweest. Een dag waar Zefanja nog niet van wist. Dat is de dag waarop de hitte van Gods gramschap is geblust. Waarvan de profeten gezegd hebben: 'De Heere zal de ongerechtigheid van het land op één dag wegnemen'.

Welgelukzalig is het volk dat het geklank van dat Evangelie kent. Ze zullen zich de ganse dag, de ganse dag, verheugen in Uw Naam.

En straks komt er nóg een dag. Een dag waarop geen nacht meer volgt. 'Want de zon zal niet meer ondergaan en de maan zal haar licht niet intrekken, want de Heere zal u wezen tot een eeuwig licht en de dagen uwer treuring zullen een einde nemen.'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 september 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

De dag vóór de laatste dag

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 september 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's