De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De kerkelijke situatie in Noord Holland

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De kerkelijke situatie in Noord Holland

7 minuten leestijd

Verdwijnende gemeenten

'Er is reden tot bezorgdheid over de Hervormde Kerk in ons gewest.' Zo begint een schrijven dat het moderamen van de Provinciale Kerkvergadering van Noord Holland dit jaar zond aan alle Hervormde Gemeenten in die provincie. En dan volgt een opsomming van verontrustende feiten: ongunstige leeftijdsopbouw van de gemeenten, d.w.z. een zware bovenlaag van ouderen en een heel kleine onderbouw van jongeren; dalende kerkgang en catechisatiedeelname; financiële zorgen van de kerkvoogdijen.

De cijfers over het aantal kerkgangers per zondag zijn inderdaad onthullend. In 37 dorpen ten westen van de E 10 zijn er in totaal 1200 meelevende Hervormden en op de duur zes houdbare predikantsplaatsen, aldus een informatie in 'Hervormd Nederland' van 3 oktober. Dat is gemiddeld ongeveer 30 meelevenden per gemeente. Geen wonder dat financieel de zaak ook volkomen vast zit. Kerkgebouwen kunnen niet meer onderhouden worden. In Sint Maarten ging de kerk tegen de grond. In Zijdewind is ze al tientallen jaren geleden gedegradeerd tot koestal. En in Binnenwijzend werd de kerk verkocht aan een glazenier, die er zijn atelier inrichtte. De koopsom was duizend gulden. Het gebouw behoefde voor kerkdiensten niet meer gebruikt te worden. In de kerkdiensten waren alleen enkele kerkeraadsleden en de koster vertegenwoordigd.

Wat zijn de achtergronden van de enorme onkerkelijkheid in Noord Holland? De journalist Jac. Groot schrijft in een artikel, dat me toegezonden werd: 'Op het platteland is het religieuze leven bij de Nederlandse Hervormden nooit intens geweest. In de steden was dat dikwijls anders. Typisch orthodoxe kernen vond men op het wijde platteland slechts in Opperdoes, Broek op Langendijk en Andijk. Verder was het kerkelijk leven gekenmerkt door een grote vrijzinnigheid en die heeft beslist geleid tot onkerkelijkheid'.

De vrijzinnigheid leidde dus tot onkerkelijkheid. Welnu dat is een eerlijke analyse van de kerkelijke nood van Noord Holland. Vrijzinnigheid leidt tot kerkverval. Niet alleen de oude vrijzinnigheid, zoals die in Noord Holland sinds jaar en dag heeft getierd. Maar ook de moderne, vrijzinnigheid, waarin de Schrift op verfijnde wijze wordt aangerand omdat het openbaringskarakter ervan wordt miskend.

'Godzalige' gemeenten

Er waait in Noord Holland een geest van vrijzinnigheid in oud of modern gewaad. Daar ligt , de wortel van de kerkelijke crisis. Dat wordt ten voeten uit duidelijk in een artikel van ds. N.A.M. ter Linden, die in Hervormd Nederland van 3 oktober l.l. zijn zegje zeggen mocht over het werkbezoek, dat het moderamen van de synode bracht aan de classis Alkmaar. Een fel stuk, waarin het moderamen er van langs krijgt, omdat niet voldoende was ingegaan op de opmerkingen van ds. Ter Linden zelf, die hij op die classis maakte over herstructurering van de kerkelijke situatie in Noord Holland. Maar bovendien een stuk, waarin deze criticus tevens zo tussen de regels door geschut in stelling brengt tegen diegenen, die op die classis kennelijk toch ook gewezen hadden op de Heilige Geest, die dáár werkt, waar twee of drie in Zijn Naam vergaderd zijn; of die gezegd hadden dat 'dat er nou van komt' — kennelijk is bedoeld de ontkerkelijking — als je de betrouwbaarheid van de Schrift in twijfel gaat trekken. Dat was alles nutteloze praat, volgens ds. Ter Linden. Hervormd Nederland gaf het met een vetgedrukt tussenkopje: Nutteloos.

En verder dan nog één opmerking van ds. ter Linden die boekdelen spreekt. Hij zegt dat er hier — in Noord Holland dus — over 10 jaar nog 40, misschien zelfs nog maar 25 predikantsplaatsen zullen zijn, 'waarvan dan nog zeker 6 à 7 in die godzalige gemeenten waar de ezel van Biliam ook dan nog gesproken zal hebben'. Zo'n laatste opmerking spreekt voor zichzelf. Het typeert de uitverkoop van geestelijke waarden, die in de kerk al sinds jaar en dag zo verwoestend heeft gewerkt en waarvan in Noord Holland de noodlottige gevolgen allerwege tastbaar zijn. Men heeft uitverkoop gehouden van allerlei fundamentele geloofswaarden, van datgene wat in de Schrift tot ons komt als zaken die volkomen zekerheid hebben. Niet alleen de sprekende ezel van Bileam kwam onder het mes van de Schriftkritiek, maar evenzeer zovele wonderen door Christus verricht, tot en met de heilsfeiten zelf.

Daar heeft de vrijzinnigheid in Noord Holland door de jaren intensief aan meegedaan. Maar men heeft met de uitverkoop van die fundamentele waarheden tevens de gemeenten verspeeld. Dat kan ook ds. ter Linden om zich heen zien. Maar hij kan het toch niet laten om nog een sneer te geven naar de kant van die 'godzalige' gemeenten, waar men over 10 jaar nog geloven zal dat de ezel van Bileam gesproken heeft. Als je deze opmerking leest moet je wel aannemen dat ds. ter Linden er niet voor terugdeinst om met Bileam de vloek uit te spreken over een volk, dat wenst te leven bij de gegevenheden van het Woord Gods. Inmiddels vergeet hij echter dat hij in zijn woorden toch — ongewild — die gemeente zegent, waar dit het geval is. Want hij zegt toch maar dat, bij alle verval in de kerkprovincie Noord Holland, van de 25 predikanten, die er binnenkort misschien nog over zijn, zeker 6 à 7 zullen staan in, de door hem aangeduide 'godzalige' gemeenten. Kennelijk beseft hijzelf dus wel dat de ontkerkelijking het minst zal zijn in die gemeenten waar men begeert te leven bij het geopenbaarde Woord Gods. En dat zijn er in Noord Holland bepaald niet veel. Maar dan toch gemeenten met 6 à 7 predikanten volgens ds. ter Linden. De conclusie moet dus wel zijn dat hij onbedoeld een zegen uitspreekt over die enkele gemeenten in Noord Holland, waar men niet mee wenst te doen aan de uitverkoop van de belijdenis, maar waar men integendeel wenst te leven bij de religie ervan.

De leer

Godzalig zijn die gemeenten inmiddels niet. De Schrift spreekt ook nergens van godzalige gemeenten. Wel spreekt de Schrift over de leer, die naar de godzaligheid is (1 Tim. 6:3). In 1 Timotheüs 6 wordt verschillende keren over de godzaligheid gesproken, en dan steeds tegen de achtergrond van de dwaalleer, die in de gemeente telkens de kop opsteekt. Paulus zegt in dat hoofdstuk: Indien iemand een andere leer leert, en niet overeenkomt met de gezonde woorden van onze Heere Jezus Christus en met de leer die naar de godzaligheid is, die is opgeblazen en weet niets.

Godzalige gemeenten zijn er niet. Maar wel gemeenten waar ernst gemaakt wordt met de leer die naar de godzaligheid is. Het zou te wensen zijn dat met die leer in de kerkelijke gemeenten van Noord Holland ernst gemaakt werd. Wanneer in prediking en pastoraat met de leer geen ernst wordt gemaakt kan niet verwacht worden dat het gemeentelijk leven echt functioneren zal. Dan zal het verval zich nog verder doorzetten.

We bagatelliseren de kerkelijke nood van Noord Holland niet. We zeggen ook niet: zet er een gereformeerde dominee neer en alles komt weer goed. Al zou dit wel de enige verantwoorde weg zijn in de kerkelijke nood. De afval heeft zich al te sterk doorgezet dan dat we de zaak met een dergelijke opmerking zouden kunnen afdoen. Maar als we naar de wortels peilen, dan moeten we zeggen dat de kern van de zaak is dat de leer, die naar de godzaligheid is, is losgelaten. En dan mag het toch wel een vingerwijzing zijn dat in die plaatsen, waar met de leer ernst is gemaakt, nog zovelen komen onder de bediening van Woord en Sacrament. Dit is ook in Noord Holland zo. Ik weet wel, dat mag je tegenwoordig niet meer zeggen. Want het zit 'm niet in het aantal zegt men dan. Met zo'n opmerking bedoelt men dan echter gemeenten, die tot niets zijn ineengeschrompeld dank zij een ongezonde leer, uit te spelen tegen gemeenten met veel kerkgangers waar de gezonde leer nog gebracht wordt. Maar één ding is zeker, de gemeente zal alleen worden gebouwd wanneer de leer zuiver wordt gehouden. Daarmee is niet alles gezegd. De leer alleen doet een gemeente verstijven en verstenen. De leer dient ook geleefd en doorleefd te worden.

Gelukkig zijn er in die gemeenten, waar met de leer ernst gemaakt wordt, nog velen die de verborgenheid van de godzaligheid verstaan. Die zijn er ook in de verstrooiing. Ook in Noord Holland. Maar ze hongeren naar een prediking, waarin geestelijk voedsel wordt geboden. 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

De kerkelijke situatie in Noord Holland

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 1970

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's