De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

In gesprek met het gezin

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In gesprek met het gezin

7 minuten leestijd

Wij en onze ouders

Deze keer is de beurt aan onze kinderen. Zij gaan voorop: Wij. Dat is toch eigentijds. De kinderen lopen voorop, ze lopen veelszins voor hun ouders uit. Vroeger was dat anders. Toen liepen de kinderen achter de ouders aan. De ouders keken telkens achterom: liepen ze nog in het voetspoor? De ouders hadden ervaring, de kinderen niet. De ouders wisten wat er in het leven te koop was, de kinderen niet. Dat is nauwelijks meer vol te houden. De ervaring is in onze veranderende wereld lager genoteerd dan vroeger. Verkenning is meer waard dan ervaring; wat gisteren nog bij de tijd was, is morgen achterhaald. En, wat er in het leven te koop is, nu dat kunnen uw kinderen u vertellen, zodat u er versteld van staat.

Wij! Wij beweren bij hoog en bij laag, dat wij kinderen van vandaag willen zijn. Als onze ouders dat nu maar eens inzagen. Dan zouden ze niet zo vaak zeggen: Vroeger en in mijn jeugd. Dat is helemaal niet meer ter zake. Vandaag. Modern heet dat. Mag het? Het mag. Mits ... Wij kinderen van vandaag.

En onze ouders. Zij zweren bij gisteren. Toen was alles beter dan nu. Toen waren de kinderen niet zo moeilijk als nu. Toen ... Dat is het nu net. Gisteren, dat was hun tijd, toen deden wij niet mee. Vandaag, dat is onze tijd, nu doen zij niet mee. Wij maken daarom de dienst uit. Wat zijn ze antiek. Hopeloos.

Zo praten we onder elkaar en thuis steken we het niet onder stoelen en banken. Modern gaan we gekleed, modern zijn we gekapt, modern onze opvattingen, wie maakt ons wat! Mag ik jullie even in de rede vallen? Modern is zo modern niet, modern doet antiek aan! Modern, antiek, dat zijn van die leuzen, die geen zoden aan de dijk zetten. Kreten, die het spreken alleen maar belemmeren. En of wij al 'hopeloos' roepen, dat belooft ook niets. We zijn op het verkeerde spoor, als wij onze ouders voor antiek, en onszelf voor modern verslijten. Daarmee is feitelijk nog niets gezegd. En 'bij de tijd', dat is ook maar even het geval, dan is het weer verouderd. Alles veroudert, en wij worden ouder.

Wij. Geef ons de ruimte. Wij willen niet opgesloten zitten in het levenspatroon dat onze ouders in hun gezin uitstippelden. Het wordt ons daarin te benauwd. Hoe strakker zij die band aanhalen, hoe eerder wij uit de band springen. Vrijheid, dat is een modewoord. Vrijheid blijheid. Of het waar is?

Onze ouders. Kijk vader eens. Altijd in de weer, dat betekent: geen tijd hiervoor, geen tijd daarvoor, geen tijd voor ons. Waar maakt de man zich druk voor? Voor ons? Kom nou! Als hij ons ziet — vaak ziet hij ons gemakshalve over het hoofd — dan hangt hij ineens de vader uit. Ik ben je vader! Dat betekent zoveel als: ik ben de baas in huis. Ik zal zeggen hoe het er hier naar toe moet gaan. Wij willen niet 'bevaderd' worden. En bovendien, al bedoelt hij het goed, hij kan voor ons niets uitmaken. Hij is niet meer op de hoogte, hij ... Ik zit wel eens naar hem te kijken en dan denk ik: dat is nu mijn vader. Om medelijden mee te krijgen. Ja, dat heb ik ook wel eens, want hij doet zijn best, de arme man.

En moeder? Ja, die maakt zich verdienstelijk in het huishouden, daar niet van. Ik moest haar meer helpen, misschien. Zij moest het makkelijker nemen. Ook mij makkelijker nemen. Op moeders arm, dat gaat niet meer, daarvoor weeg ik te veel; het is net alsof ze dat nog zou willen. Laat mij maar lopen, ik loop niet in zeven sloten tegelijk. Kind, zegt ze dan plompverloren, pas toch op! Wat weet zij van mijn wereld, wat weet ze van mijn leven. Het valt ook niet mee moeder te zijn vandaag. Als ik het ooit wordt, dan .. .

Wij en onze ouders. Wij de spoorzoekers. We zijn op de hoogte en we stellen ons op de hoogte. We zoeken, raak en mis, we komen het leven wel op het spoor. Zij de padvinders. Zij weten het pad, daar lopen ze op, daar zouden wij op moeten lopen, aan hun hand. Daar bedank ik voor.

Er is verwijdering, toegegeven. Kan het anders met zulke ouders? En, voeg ik er aan toe, met zulke kinderen? Zou die verwijdering tot vervreemding moeten leiden? Nee toch. Ons leven is een levensgeschiedenis. Verleden, heden en toekomst, hangen nauwer samen, dan onze kinderen waar willen heten. Zij haken naar de toekomst, hun toekomst. Zij koppelen die los van het verleden, maar dat lukt niet, dat kan niet, dat mag niet. Nee, ik doe geen beroep op jullie gevoelens. Sentimenteel is zo antiek. Al liegt het moderne sentiment er ook niet om.

Jammer, dat je je niet meer herinnert, hoe blij ze met je geboorte waren. Hoe je moeder, hoe je vader... Wat was er van je geworden als zij niet zo veel zorg aan jullie besteed hadden. Dat doet toch mee in je levensgeschiedenis? Later ... Vorige week werd er een vader begraven. Hij had hard gewerkt voor zijn grote gezin en was hen nog onverwacht ontvallen. Daar zaten ze, de grote jongens en meisjes, merendeels al getrouwd. Ze keken stil en strak naar de plek waar vader stond opgebaard. Toen zei ik: Onverwacht, dat betekent: je zou nog graag dit of dat gezegd hebben. Je zou hem, dat weet ik zeker, nog zo graag bedankt hebben, voor alles wat hij voor zijn gezin, voor jullie deed. Toen liet de een na de ander, de tranen de vrije loop. Ja, wat hadden ze dat graag gedaan. Sentimenteel?

Wij denken er het onze van, van onze ouders. Is dat wel eerlijk? Wij hebben critiek. Wat is critiek zonder respect! Eert uw vader en uw moeder. Ja, nu komt de aap uit de mouw: het gebod! Met een belofte nog wel. Wij en onze ouders. De Here wil Zijn naam daarbij genoemd hebben, en zo niet, dan raken we steeds vaster in de strik die de duivel legt.

Onze ouders. Dat is niet toevallig. Die ontvangen we, ongevraagd, uit Gods hand. Ongevraagd. Wij willen overal in gekend worden en desgevraagd willen wij of willen we niet. Hier zijn we niet in gekend! Wat dwaasheid, als we ons daaraan ergeren. Ongevraagd, uit Gods hand. God dank, dat zijn mijn ouders. Ik werd geboren in een gezin. Ik ben niet ergens neergesmeten in deze harde wereld, ik werd ontvangen en geboren, ter wereld gebracht, door goede zorgen omringd. Waar heb ik het aan verdiend? Ouders! Heb je hen ooit bedankt? Och, dat doe je niet zo gauw. Nu, heb je de Here er ooit voor gedankt?

Wij en onze ouders. Zo willen wij bij elkaar blijven. Wij laten geen wig drijven waar een wieg stond. Zij hebben ons ten doop gehouden. De Here wilde ons samenvoegen in Zijn verbond. Wederbrengen tot Hem en tot elkaar. Daar wil ik aan denken. Als het gist in mij, als het botst met hen. Jongens en meisjes, de naam des Heren is over jullie en jullie ouders genoemd. Kijk elkaar daar eens op aan. Geen eigen wegen gaan. God in je leven kennen, dat is, naar Zijn gebod, tevens je ouders erin kennen. Moderne jeugd, hun antieke ouders. Als ze zich houden aan het Woord, dan wordt het woord een brug. Dan ontmoeten we elkaar, en dan gaan we samen onze weg zoeken. We kunnen veel van elkaar leren, in deze tijd. Als we elkaar maar niet los laten. Als de Here ons vasthoudt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1970

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

In gesprek met het gezin

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 december 1970

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's