De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Vroeg in de morgen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vroeg in de morgen

7 minuten leestijd

'Als het nu morgenstond geworden was, hebben al de overpriesters en de ouderlingen des volks tezamen raad genomen tegen Jezus, dat zij Hem doden zouden; en Hem gebonden hebbende ...' Matteüs 27:1 en 2a

Nee, de ene dag is de andere niet! Vaak verglijden ze, o zo gelijkmatig; maar dan ineens een dag om nooit te vergeten. Dat is de dag waarop Jezus stierf, de dag waarop Gods liefde zo duidelijk bleek. Want dat ligt dooreengemengd: dood en leven, roem en smaad, alsem en honing. En hoe het brood van deze dag smaakt, dat weet hij alleen, die er van eet.

De dag is nog lang, het is vroeg in de morgen. De zon wint snel aan kracht.

De aarde, die in 't donker lag/ komt in Zijn zonlicht voor de dag.. Alles krijgt kleur en glans en licht/ in 't stralen van Zijn aangezicht.

Maar dat is, zo waar, Jezus Christus, de zon der gerechtigheid. Hij verandert de doodsschaduw in de ochtendstond.

Wat is het nog vroeg. Het wil maar geen licht worden, de schaduwen van de nacht hangen lang en laag boven deze goede vrijdag. Dat is ook waar. Het één is waar en het ander is waar. Want de mensen zijn al vroeg in de weer om het licht in de nacht te begraven. Zij houden het liever donker, het licht is hun niet welkom.

Na de nachtelijke zitting van het Sanhedrin volgt nu de morgenzitting. Het rechtsgeding vertoont kennelijk vormgebreken, maar deze tweede zitting was nodig om de zaak tot een goed einde te brengen. Veel raadsheren zijn aanwezig, overpriesters en ouderlingen van het volk. De invloed van deze geestelijke heren reikt ver. Voor hen is het vroeg dag; hun nachtrust was trouwens al eerder verstoord. Ze maken haast, de tijd dringt. De hogepriester is ambtshalve voorzitter.

Ze hebben die morgen tezamen raad genomen tegen Jezus. Ze zaten niet stil, integendeel, de werkwoorden stuwen de zaak voort: raad nemen, binden, wegleiden, overgeven. Het is kort dag! Raad nemen, daarmee wordt zowel het beraad als het besluit bedoeld. Het beraad nam niet veel tijd in beslag, het besluit stond immers al vast. Het vonnis wordt niet herzien, het wordt van kracht verklaard, het vonnis tegen Jezus.

Tegen. Dat klinkt uit de woorden in de monden van nagenoeg alle raadsleden. Tegen Jezus. Tegen de Zaligmaker, die zegt Gods Zoon te zijn. Hier zijn ze vergaderd tegen Gods heilig Kind Jezus en zij veroordelen Hem ter dood. U ook tegen? Natuurlijk, ik ook. Altijd in de lijdensweken kwelt ons de vraag: Waarom toch. Dat had Christus toch niet aan ons verdiend! Wij schrikken van dit doodvonnis. Voor Christus komt het echter niet uit de lucht vallen. Hij had de bui zien groeien. De wolken pakken zich samen totdat ze de hele lucht inktzwart bedekken, de wolken van dit 'tegen'. Wij willen Hem niet, dat is het. Wij houden het met onze wet en met ons volk, met onze waardigheid en met onze wijsheid. Komt u dat zo vreemd voor? Mag ik vragen, hoe stemt u? Ik ben voor mijn eigen ik, voor mijn deugd, voor mijn godsdienst, voor, vul verder maar in. Begrijp ik u goed, dan past de naam Jezus niet in deze reeks. Er is een roep om duidelijkheid in de verkiezingen. Hier wordt het duidelijk: tegen Jezus. Uw en mijn tegen wordt hier aangetekend. God houdt er aantekening van. Wij zijn voor alles en nog wat, maar tegen God en Christus. En het is waarlijk geen wonder, dat de geestelijkheid hier het eerst haar stem uitbrengt. Zij hebben zoveel te verliezen, als Jezus het wint.

Tegen Jezus. Hoe is het mogelijk? Jezus betekent toch Zaligmaker. Zo gooit men zijn eigen glazen in en dat zo vroeg in de morgen. Terwijl het hard waait. Maar, hoe vroeg in de morgen ontdoen wij ons van Jezus, om de hele dag vrij man te zijn, om ons eigen leven te leven. Heel vroeg soms, de dag ligt dan nog voor ons, en Hij is reeds ter dood veroordeeld. Of is het anders bij u? Vroeg in de morgen denkt u aan Hem. Vroeg in de morgen erkent u Hem, als de Zaligmaker. U kiest mijn hart. Vóór Jezus, met heel mijn hart. Komt, vernieuwt uw keuze. Hij is het. Al krijg ik alles tegen ik houd het met Hem, in leven en in dood. Omdat Hij het met mij hield ten eeuwigen leven. Bij het krieken van de dageraad belijdt u: U kan ik niet missen.

Het Sanhedrin kan Hem missen, is Hem graag zo gauw mogelijk kwijt: om Hem te doden. Ze hebben daartoe echter niet de bevoegdheid, in ieder geval niet, nu Pilatus stadhouder is. Hoezeer hen dat ook ergert, zij mogen Jezus niet ter dood brengen. Dat is een pijnlijke herinnering aan het feit, dat ze hun zelfstandigheid verloren hebben en dat de Romeinen de baas zijn. Om Hem te doden, moeten ze zich bij de stadhouder vervoegen. En ze hebben ongetwijfeld ook beraadslaagd over de aanklacht die zij daar tegen Jezus zouden inbrengen. Het moest een misdaad zijn, waar de doodstraf op stond. Fluistert daar iemand: de doodstraf staat op mijn zonde. Hij heeft gelijk. Vroeg in de morgen kan het u aanvliegen. Vandaag nog is Jezus te vinden. De straf die ons de vrede aanbrengt was op Hem. Het luistert allemaal zo nauw, omdat Jezus het werk der zaligheid gaat volbrengen. Dat kost Hem Zijn leven. Om Hem te doden, leiden ze Hem weg en nemen ze Hem mee naar de stadhouder.

Weer wordt Hij geboeid. Zijn gezegende handen worden Hem op de rug gebonden, als ware Hij een gevaarlijke misdadiger, als zou Hij willen ontvluchten. Dwaze overpriesters, dwaze ouderlingen. Hij is zo gewillig om Zijn weg te gaan, zo gewillig als het Lam, dat ter slachting geleid wordt.

Wat heeft Hij toch gedaan met die handen. Niets dan goeds. Hij had er melaatsen en blinden mee aangeraakt. Dat kan nu niet meer, de touwen worden strak om Zijn polsen getrokken. En Hem gebonden hebbende. Ieder kan het zien: deze man is een kwaaddoener. Hij wordt weggeleid, streng bewaakt en stevig geboeid. Soms ziet men op het perron iemand lopen, die wat schichtig rondkijkt. In zijn buurt bevinden zich een, twee agenten, die hem scherp in het oog houden. O denkt u, een gevangene. Christus een gevangene. Die heeft wat op Zijn geweten. Christus heeft de zonden op Zich genomen, daarom wordt Hij geboeid weggeleid. Het onderzoek bracht heel wat aan het licht, het vonnis zal er niet om liegen.

En Hem gebonden hebbende. Heb ik dat misschien gedaan, door mijn zonden? Ben ik misschien gebonden door mijn zonden? Ben ik nog op vrije voeten en is er niemand die mij in de boeien slaat? Vragen, die worden afgevuurd, nu ik u onder schot heb. Hoe is het mogelijk, ik ben toch veroordeeld. Dan ben ik ook geboeid. Ik kan mij niet meer vrij bewegen, de banden knellen mij om pols en enkel; wij strompelen meer dan wij lopen. Waar loopt dat op uit? Bindt hem aan handen en voeten en werpt hem uit in de buitenste duisternis. Zo 'n woord gloeit rood aan. Kijk, daarom werd Christus gebonden. Niet voor hen, die zich verbeelden vrij man te zijn, en die het willen blijven. Maar voor gebondenen, om hen te ontbinden. Gij hebt mijn banden losgemaakt! Nu begint het te dagen, het licht der verlossing gaat schijnen, het gaat de schaduwen van schuld en oordeel verdrijven, de zwarte schaduw van de dood. Genade kleurt het morgenrood. De genade van onze Here Jezus Christus. Jezus komt langs. Geboeid. Hem willen wij aanbidden. Vroeg in de morgen buigen wij ons voor Hem. Zijn banden maken mij vrij.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 maart 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Vroeg in de morgen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 maart 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's