De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

4 minuten leestijd

P. Overduin, Van de komende Antichrist tot het Nieuwe Jerusalem, 28 blz., Uitg. W.J. Pieters, Oostburg.

In een voorwoord spreekt de auteur de wens uit, dat de ernst der tijden de ware christenen dichter bij elkaar moge brengen, en dat de verwachting sterker moge worden, dat de overwinning is aan onze Here en Zaligmaker en Zijn duurgekochte Kerk.

Zonder in te gaan op wat anderen over deze moeilijke stof hebben geschreven tekent de schrijver hier de opkomst en de heerschappij van de Antichrist en overwinning van Christus. Over de eerste opstanding schrijft hij (Op. 2:1 vv): De martelaren zullen eerst opstaan en met verheerlijkte lichamen in de hemel met Christus op tronen zitten en met Christus leven en heersen als koningen de duizend jaren. Een eenvoudig, ernstig woord over de dingen, die haast geschieden moeten.

Prof. dr. J. Verkuyl, De boodschap der bevrijding in deze tijd. 123 bIz., Prijs ƒ 8,50. Uitgave Kok, Kampen, 1970.

Laten wij het maar dadelijk zeggen: tegen dit boekje hebben wij een hele berg bezwaren, en geen kleine maar zeer ernstige bezwaren.

Niemand zal dat daarom ongelezen moeten laten, maar men zij gewaarschuwd!

Natuurlijk ontken ik niet het goede in dit boekje: de vlotheid waarmee het geschreven is, het bieden van allerlei informatie uit de eerste hand, de innerlijke betrokkenheid van de schrijver bij hetgeen hij zegt, het belijden van de godheid van Christus, van zijn opstanding en ook wel het voorkomen — her en der — van stukken die wij gaarne onderschrijven. Ons bezwaar geldt echter de theologie die het boek als geheel vertegenwoordigt en de richting waarin het stuwt.

Om te beginnen: wat kan van het Schriftgezag nog overblijven als de N. Testamentische boeken gelezen worden als interpretaties van het evangelie? Wanneer in de lijn hiervan in onze tijd nieuwe interpretaties als eis worden gesteld? Wanneer het N. Testament wordt gezien als een 'normatief vertrekpunt" maar dan ook werkelijk als een vertrekpunt? Wanneer men de heilsgeschiedenis laat doorlopen tot aan het einde der dagen en haar bovendien nauwelijks van de geschiedenis als zodanig onderscheidt? Het evangelie verhistoriseert tot een gebeuren? De evolutietheorie accepteert en haar zelfs — hoe naïef — als een onweersprekelijk feit poneert? Wat er in het N. Testament staat geschreven over de hel en over de demonen zet op rekening van een verouderd wereldbeeld en dus ontmythologisering toepast?

Maar er is nog zoveel meer. Samenhangende met het bovenstaande kan worden gezegd dat het zich gelijkblijvende in het Evangelie erbarmelijk wordt verwaarloosd. En hier staat dan weer mee in verband, dat het 'coram Deo' uit het christenleven is weggesneden. Hier en daar lijkt het of Verkuyl aan het zogenaamde 'verticale aspect' recht laat wedervaren, maar het is maar schijn. Trouwens, het staan voor God in geloof is niet slechts een aspect van het christenleven, het is datgene wat de christen tot christen maakt. Het heil krijgt bij Verkuyl nergens de tijd om in het hart van de mens te wonen, het wordt er terstond weer uitgegooid op het veld van wereldse acties en activiteiten. Alles staat krampachtig gericht op de wereld. Van een èchte bevrijding kan zo geen sprake zijn. De bevrijding waar het in dit boek over gaat is dan ook veel meer bevrijding van angst, narigheid, ellende en onrecht dan van schuld. Niet dat niet van bevrijding van schuld wordt gesproken, maar dan onmiddellijk in de zin van collectieve schuld — daar ligt bij Verkuyl het zwaartepunt. De visie op de kerk beantwoordt hieraan: zij is kerk voor anderen, vereist zijn flexibele structuren, missionaire structuren enz. De ergernis en dwaasheid van het evangelie wordt genoemd, maar krijgt geen gestalte. Er is een sterke tendens tot veralgemenisering van het heil. Het einddoel van Gods werk is de humaniteit. Er is een aanknoping met wat er allemaal in naam van die humaniteit in de wereld gaande is. Het evangelie sluit als een deksel op de bus van het zoeken van de moderne mens. VerkuyIs visie op die mens bepaalt zijn interpretatie van het evangelie. Ik hou maar op. Het spijt me, maar ik kan deze theologie niet anders dan hartgrondig verwerpen.

Ik zou de schrijver willen vragen: Waarom laat u zich door zovele anderen leiden? Waarom zoekt u niet als gereformeerd theoloog (wat u toch zult willen wezen) critisch een eigen weg te gaan, naar het Woord van God en de belijdenis van onze en uw kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 april 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 april 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's