De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Spurgeon’s ‘Pastorale adviezen’

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Spurgeon’s ‘Pastorale adviezen’

9 minuten leestijd

V

Nog meer interessant dan het voorafgaande zijn de colleges, die handelen over de 'stof' voor de preek en dus ook over de tekstkeuze.

Als ik het op één noemer mag zetten: Voor Spurgeon is preken: Schriftuurlijke onderwijzing geven. Een predikant is toch geen godsdienstig praatvaar, maar een leraar, wiens prediking een leerzame inhoud dient te hebben. Een afgezaagde preek, die geen inhoud heeft, is een droevige zaak. De boodschap is zo rijk, dat wie spreekt als een gezant van God, het geloof, eenmaal aan de heiligen overgeleverd, in zijn volle omvang heeft te verkondigen.

Het is dan ook weer een verrassing, als men Spurgeon, die, zoals men weet, als homileet schittert, zowel in de analytische als ook in de synthetische constructie van de uit het thema van de tekst af te leiden 'verdeling', waardoor de preek als theologisch-literaire prestatie naar voren komt, dit alles te zien relativeren, als hij zegt: De werkelijke waarde van een preek is niet gelegen in vorm en voordracht, maar in de waarheid, die ze verkondigt. Voorts betuigt hij, dat de prachtigste preek, ooit voorgedragen, en ijdele mislukking is, als de leer van Gods genade erin ontbreekt. Een mooie stijl? Goed dan, maar vergeet niet, dat degelijke onderwijzing het beste middel is, om de wolven te weren, die zowel 'rechts' als 'links' schade aanrichten. Nauwkeurige exegese, Schriftverklaring is en blijft no. 1. Zonder kennis van het Evangelie, welk gebrek schuil gaat achter een waterval van woorden, is de prediker slechts een 'klinkend metaal en een luidende schel'.

Maar dan ook dit: De inhoud van de preek moet met de tekst overeenstemmen. Ook thans komt het nog voor, dat de voorganger een tekst voorleest, en vervolgens gaat 'freewheelen', waarbij de tekst in geen veld of wegen meer zichtbaar is. Ja, waarom neemt men dan een tekst? Soms wordt de hele preek niets dan een lappendeken van 'stichtelijke' stukken. Velen maken een lezing over de Schrift, maar dat is nog geen opening, en toepassing van de Schrift zelf. Maar de gemeente, al vindt ze misschien het een en ander nog zo mooi, is wezenlijk niet verlegen om onze gedachten, maar om de diepten en hoogten van Gods Woord, door de Heilige Geest geïnspireerd. Daaraan hebben wij onze stof te ontlenen.

En dan: Als wij door de Heilige Geest geleid worden, zullen wij geen enkele waarheid achterhouden. Geen 'reservatio mentalis' (geestelijk voorbehoud) als bij de Jezuïeten. Spurgeon betwist b.v., dat sommige leringen in de Schrift alleen voor zgn. ingewijden zouden zijn. Zo heeft, zegt hij terecht, de verhevenste verkondiging van de goddelijke souvereiniteit (vrijmacht) altijd een ethische, praktische strekking. Maar er moet harmonie zijn in de verhouding van allerlei elementen in de waarheid Gods. Wie van Gods voorzienigheid spreekt, verzwijge daarbij de menselijke verantwoordelijkheid niet. Het is o.i. niet te veel gezegd, dat gerijpte wijsheid rekening heeft te houden met leeftijd en capaciteit, zonder de waarheid afbreuk te doen. De leraar blijve pastor!

Hij hamert het er in bij zijn studenten: Wat ge ook anders predikt, predik in elk geval de waarheid van de verzoening door het bloed van Jezus Christus. Broeders! roept hij uit, houdt u toch vóór alles aan de duidelijke leer van het Evangelie! Het modernisme heeft veel gemeenten verwoest, een onloochenbaar feit, maar ik herinner mij uit mijn academietijd, hoe een als 'goed rechts' bekend staand candidaat in de collegezaal eens een preek voordroeg, waarbij professor Slotemaker de Bruïne hem kapittelde: Mijnheer, wat heeft Jezus Christus tegen u misdaan, dat u een preek houdt, waarin niet eens Zijn Naam genoemd werd? Hetgeen ongetwijfeld stof tot denken geeft.

Een andere waarschuwing zegt, dat men de preek niet overlade door een teveel aan stof. Een preek is geen pakhuis, om daarin de hele dogmatiek onder te brengen. Het is een kunst, om veel te zeggen in weinig woorden en met weinig omhaal. Vooral pas beginnenden op de kansel hebben dit te bedenken.

En vóór alles: Helderheid, die alle misverstand uitsluit. Geen half-wijsgerige bespiegelingen! Wie studeert, ontdekt altijd weer wat nieuws. Onze vroegste preken behoren overtroffen te worden door die van de rijpere jaren.

Men zegt, dat 'sermo' (het Latijnse woord voor preek, sermoen) 'stoot' betekent. Aldus Spurgeon. En hij ontleent aan deze etymologische vondst, die ik verder voor rekening van het vernuft van de uitvinder laat, de stelling, dat de tekst 'met kracht en effect' aan te wenden is. Preken is niet maar zwaaien, beweert hij, met houten dolken, maar het hanteren van scherpe zwaarden, die op hart en geweten gericht worden. En dan: Predik immer en altoos Christus! Hij is het gehele Evangelie. Zijn persoon, ambten en werk moeten het éne grote, allesomvattende thema zijn. De rechtvaardiging door het geloof is de hoofdwaarheid, waarmede de andere voornaamste stukken der genade verbonden hebben te zijn. De val van de mens, de noodzakelijkheid der wedergeboorte, de vergeving door voldoening en verzoening in Christus Jezus, — ziedaar onze strijdbijl en oorlogswapen. Wat zal men zich aftobben, om de verborgenheden in het volk der Openbaring b.v. te willen doorgronden, waar zo velen vóór ons in de verklaring blijken te hebben gedwaald. Liever één enkel brandhout uit het vuur gerukt, dan alle verborgenheden te willen verklaren, en in het strijdperk van de theologische disputen te worden gekroond tot een wonder van geleerdheid. 'Gezegend de prediking waarin Christus alles is!'

* * *

Wat de keuze van een tekst betreft, hier is nauwgezetheid een eerste vereiste. Alles is niet even geschikt, al is de ganse Schrift in zichzelf nuttig en leerzaam. Alles hééft zijn tijd en alles is voortreffelijk òp zijn tijd.

Op dit terrein zijn er vaak zonderlinge sprongen gemaakt. Er is vaak met teksten gegoocheld. Spurgeon noemt vele voorbeelden, om te tonen, hoe het b.v. niet moet en ook niet màg. Ik stip er enkele van aan.

Athanase Coquerel preekte bij zijn derde bezoek aan Amsterdam in de Engelse kerk over 2 Cor. 13:1 'Dit is nu de derde maal, dat ik tot u kom'. Smakeloos, en wat moet de man met zulk een tekst uitvoeren? En — een ander voorbeeld — bij de dood van prinses Charlotte werd gepreekt over de woorden: 'Zij werd krank en stierf'. Nog erger is de misplaatste vindingrijkheid, toen bij de dood van president Abraham Lincoln als tekst genomen werd: 'Abraham stierf'. Spurgeon geeft nog erger ontsporingen aan, maar die besparen wij de lezer.

Men wachte zich voor eentonigheid. Dus niet zoals zeker predikant, die elk jaar dezelfde 52 preken hield. Wat zich repeteert, wordt spoedig vervelend. De Schrift is rijk en verandering van spijs doet eten. Wat niet wil zeggen, dat men over éénzelfde tekst, b.v. de historische stof in de feestdagen, niet gerust meer dan éénmaal in dezelfde gemeente mag preken en dan toch ook weer anders. Daar zijn teksten, waarover men niet spoedig uitgepreekt raakt, zeker niet, als men ze vol ontroering doorleeft.

Spurgeon maakt bezwaar tegen episcopaal- of synodaal vastgestelde, om niet te zeggen vóórgeschreven tekstregisters. Het is waar, niemand behoeft zich dan af te tobben over de vraag, waarover hij preken zal. Maar in de keuze van een 'vrije' stof beluistert Spurgeon toch meer de wiekslag van de Heilige Geest. Daar zit o.i. wel wat in, hoewel wij hier toch niet te ver moeten gaan, want hoe moet het dan met de Catechismusprediking?

Het vinden van een tekst kan soms erg moeilijk zijn. Maar als het goed is, dunkt mij, moet de tekst òns vinden. De tekst moet ons te pakken hebben gekregen: Juist de ontzaglijke rijkdom van de Schrift kan ons soms tot verlegenheid brengen. En soms kan men een hele tijd met studie en meditatie bezig zijn, voor de tekst zich overmachtig aandient. En als wij aarzelen, dan er om gebeden. 'Ik geloof in de Heilige Geest'. Luther zegt: Bene orasse est bene studuisse': Goed gebeden is goed gestudeerd.

Bij de tekstkeuze zal ook de geestelijke gesteldheid van de gemeente bijzonder gewicht in de schaal werpen. Wie goed huisbezoek doet, vindt doorgaans minder moeilijk zijn tekst. De volle raad Gods te verkondigen is de opdracht. Een gezonde prediking moet tussen de klippen van antinomianisme en arminianisme de veilige vaargeul houden. En dan ook: De zonden, ook de zonden van de kerkmensen bij de naam noemen: Wereldzin, liefdeloosheid, hoogmoed, achterklap enz. Niet door 'persoonlijk' te worden in de verkeerde zin des woords. We hebben het aan het Woord over te laten de mensen als bij de naam te noemen. De prediker heeft er zich van te onthouden. 

Nog iets anders: Spurgeon is een vijand van middagdiensten. Ze komen te vlug na de hoofdmaaltijd. 'Gebraden vlees en pudding', zegt hij, 'liggen zwaar op de zielen van de hoorders, en de prediker zelf wordt belemmerd in zijn gedachtengang vanwege de spijsvertering.' Maar in bepaalde streken kan men een oude traditie moeilijk breken. In Friesland zou het op de dorpen veel voeten in de aarde hebben, op een enkele uitzondering na.

Tenslotte: Spurgeon vertelt van zichzelf, dat hij nogal eens na een behoorlijke voorbereiding voor zekere tekst, op de kansel gekomen, door een andere tekst 'als door een leeuw aangevallen werd'. Dan zwichtte hij voor de aandrang des Geestes en preekte over de onvoorbereide tekst. Eens ging bij zulk een gelegenheid het gaslicht uit in zijn kerkgebouw. Maar juist toen kwam hij minder in ongelegenheid dan wanneer hij een geschreven preek voor zich gehad had. Jawel, en toch zou ik niemand aanraden, dit experiment na te doen. Voorzichtigheid behoede ons, om een kunstmatig contrast te laten functioneren tussen de bestudeerde en de door de Heilige Geest gegeven preek. Bediening des Woords sluit, althans wat de regel aangaat, voorafgaande Schriftstudie in. En niet ieder prediker heeft het genie van een Spurgeon.

Trouwens, Spurgeon zelf hamert op degelijke voorbereiding, zó zelfs, dat hij durft zeggen, dat een predikant er geen vrije tijd op na mag houden. De bijen maken honing van de morgen tot de avond. Het klinkt wel erg krijgshaftig, als hij zegt: 'Verbeuzel uw tijd niet met theevisites. Aan vergaderingen wordt ook een zee van tijd verknoeid'. Het is allemaal waar, maar een predikant is ook een mens. En even pauzeren komt de arbeid ten goede. De boog kan niet altoos straffeloos gespannen zijn. En iedere vakantie moet ons werk juist ten goede komen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 mei 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Spurgeon’s ‘Pastorale adviezen’

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 mei 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's