Kroniek
Deconfessionalisering
De verkiezingsuitslagen zijn al zo veelvuldig becommentarieerd, dat ik me voel als een brandspuit' met een befaamd nummer, die zo waar ook water produceert. Er zal evenwel nog wel geen nieuw bewind zijn, zodat een enkele opmerking misschien niet helemaal namaaltijdse mosterd lijkt. De partijen probeerden, zij het wat halfslachtig, de kiezers op blokken te trakteren, de kiezers schoven de partijen prompt brokken op hun schotel. De hyperdemocratisering wil inspraak tot en met doch het blokkeh-alternatief laat weinig meer open dan een zwartwit keus als de blokvormers hun zin krijgen. De kiezers kunnen wat sleutelen aan de samenstelling van de eventuele regeringsfrakties, maar niets meer veranderen aan de verdeelsleutel van het gepresenteerde kabinet. Al dat doorhollen op één idee loopt uit op frustraties. Misschien is het een speciale roeping van christenen om weerstanden in te bouwen in allerhande stelsels, die opgeld doen. Aan de hand van Gods Woord, dat alle menselijke wijsheid en vonden relativeert, is dat niet een onmogelijke opgaaf.
De grote schok van de verkiezingen is wel het verschijnsel van de deconfessionalisering of ontkoppeling van belijdenis en beleid. De partijen hebben het er wel naar gemaakt, want wanneer in de politiek van elke dag de belijdenis nauwelijks een constituerende factor was dan is het te begrijpen dat ook de kiezers er de brui aan geven al hebben de stemvergaarders voor de gelegenheid gedurende de campagne hun op de confessie gesneden verkiezingsjaquet uit de mottenballen gehaald. De indruk bestaat dat confessionele partijen in zoverre wat heterogeen zijn samengesteld, dat één groep het belang en een andere groepering het beginsel laat prevaleren. Vermoedelijk zijn de slagen gevallen in de gelederen van de belangnajagers, terwijl ondanks tal van bezwaren de beginselvasthouders voor een groot deel het vaandel niet zijn ontvlucht. In hun standpuntbepaling speelt, vanuit het principe verklaarbaar, het 'nochtans' een funktie. Immers het verloop was naar partijen die niet veel beginsel in hun program hadden gedaan. Dit maakt het voor de confessionele partijen extra moeilijk, want wanneer ze maatregelen nemen om deze klap ongedaan te maken stoten ze mogelijk juist de andere flank weer van zich. Met de deconfessionalisering heeft de Staat de Kerk ook werk verschaft.
inflatie
De kabinetsconstructeurs zullen zich evenwel over de deconfessionalisering of wilt ge sekularisatie niet hun hoofden breken. De inflatie baart hen meer moeilijkheden. Eerst goot de direkteur van de Nederlandse bank met zijn verslag water op de propaganda-vuurtjes en daarna doemde een monetaire crisis op. Het wil niet zeggen dat beide vraagstukken niet met elkaar samenhangen. Daarover heeft de voorzitter van de Predikantenbond, ds. Ruitenberg, in zijn jaarrede een en ander naar voren gebracht. Het is een soort spiraal. De sekularisatie vermindert de offervaardigheid waardoor uit gebrek aan financiën, de kerk minder in staat is zich in te zetten tegen de geest van de tijd en de vervlakking brengt mee, dat men zich hoe langer hoe meer spitst op materiële lustbevrediging wat inflatiebevorderend werkt en door die inflatie worden de kerkelijke inkomsten in waarde verminderd. De predikanten worden van de weeromstuit radicaler en hun standpunt wekt dan bij de contribuanten weer verzet. De verlaagde inkomsten dringen tot concentratie, centralisatie en ook dat wekt wrevel en jaagt de hand op de portemonnaie. Het zijn in feite tal van spiralen, die op drift raken. Daarom is het geen Wonder dat men spreekt van een predikantencrisis, ofschoon de commissie voor het beroepingswerk in de Hervormde Kerk bij afgestudeerde theologen ambitie constateerde om de pastorie in te gaan. In 1970 werden van de zestig studenten vijfenvijftig predikant. Van belang is het om na te gaan hoevelen profiteren van een verruimd toelatingsbeleid tot de studie van de godgeleerdheid. Voorheen was dat een zware barrière. Het is gelukkig dat er toevloed van predikanten is, al moet het niveau van de voorbereidende opleiding wel degelijk een zorg zijn. Een zware filologische opleiding is van belang voor de worsteling met de tekst, want de beroepsbrief dient te spreken van mens-^ bekering en niet van maatschappijhervorming en aan die mensbekering komt naast de macht van de Geest de kracht van het Woord Gods te pas, dat geen eigendunkelijke uitleg duldt.
priestercrisis
In de Rooms-Katholieke kerk is de priestercrisis veel ingrijpender, omdat deze kerk veelmeer in gezagsstruktuur gevan gen zat. In 1968 verliet één procent van de diocesane geestelijkheid officieel het ambt om van niet goedgekeurde verlatingen nog niet te spreken. De paus sprak onlangs van 'judassen' die hun roeping verzaken. Over die kwalificatie was ds. Hegger terecht niet te spreken. De traditionele spiritualiteit van devoties en sacramenten verschaft geen bevrediging meer, thans proberen ze via demonstratie en de 'transsubstantiatie' van de samenleving het geloof te concretiseren. Het priestervraagstuk blijft groot en onopgelost. Vergrijzing, ambtsverlating en verlies van geloofwaardigheid bedreigen de kerk van Rome. Het moeilijke is, zeggen de critici, dat de handhavers van gezag, orde en traditie helemaal geen tirannen zijn, ze zijn in omgang en optreden humaan toch houden ze vast aan de eeuwen en daarmee mist de kerk, altijd volgens de critici, de boot. Toch is het verleden ook nog sterk getuige de adhesie voor de benoeming van Simonis in Rotterdam. Thans komt in Limburg een bisschopsvakature. Limburg wenst een bruggebouwer, horen we. Van welk bruggehoofd uit en naar welk bruggehoofd toe?
Als oplossing voor de priestercrisis wordt bepleit een pluriforme opleiding, pluraliteit in het werk en regionale diversiteit. Klanken onder ons ook niet onbekend. Als laatste en niet minste de ontkoppeling van priesterschap en celibaat.
Het is allemaal niet zo opwekkend. Enerzijds de deconfessionalisering en anderzijds de humanisering en secularisering van de confessie zelf. Toen het Evangelie van de levende God klonk, vielen de goden, thans nu het heet dat de levende God dood is, herleven de ontelbare afgoden. Horen we de liefdevolle eerbiedwaardige Godsman: Kinderkens, bewaart u-zelve van de afgoden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 mei 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 mei 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's