De Generale Kas
Ds. H. F. J. Wesseldijk, secretaris van de Generale Financiële Raad heeft in een verklaring, die eerst in Hervormd Nederland verscheen en daarna aan alle Hervormde predikanten en kerkvoogdijen werd toegestuurd, gereageerd op de verklaring van het Hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond inzake de bijdragen voor de Generale Kas. Kort gezegd komt de Verklaring van ds. Wesseldijk hier op neer dat de verklaring van het hoofdbestuur op bepaalde punten onjuist was in zakelijk opzicht. Het is volgens ds. Wesseldijk niet juist, dat de lasten van de S.M.R.A., door de bijdragen voor de Generale Kas verplicht te stellen, eenzijdig worden afgewenteld op G.B.-gemeenten. Er zijn namelijk 360 niet-betalende gemeenten, waarvan 120 G.B.-gemeenten, d.w.z. één derde deel van het totaal. Van de G.B.-gemeenten (ds. Wesseldijk telt er 210) betalen er al 90. En van de 38 gemeenten, waarin de Hervormd Gereformeerden een minderheid vormen, droegen 9 gemeenten niet bij. Gemeenten waarin Hervormd Gereformeerden en Confessionelen gelijk vertegenwoordigd zijn noemt ds. Wesseldijk niet.
Dat op de verklaring van ds. Wesseldijk vorige week in De Waarheidsvriend nog niet is gereageerd vindt zijn oorzaak in het feit dat wij enkele concrete vragen aan ds. Wesseldijk hebben gesteld, die nog niet beantwoord waren. Dat is op het moment dat ik dit schrijf nog niet gebeurd — om begrijpelijke redenen overigens, want ds. Wesseldijk werd door ziekte tijdelijk uitgeschakeld — maar gezien de actualiteit van deze materie wil ik thans toch iets over de verklaring van ds. Wesseldijk schrijven.
Aan ds. Wesseldijk is opening van zaken gevraagd over de 360 gemeenten, die niet bijdragen. Wanneer opening van zaken gegeven wordt mag ook volledigheid verlangd worden. Welke niet-G.B .-gemeenten dragen niet bij? Zijn dat misschien gemeenten in gebieden die kerkelijk noodgebied zullen worden omdat de leden onbereikbaar zijn en dus de gelden oninbaar? Als dat het geval is geeft de verklaring van ds. Wesseldijk een vertekend beeld. Dan zullen de Herv. Geref. gemeenten wèl relatief zwaar worden belast. Hoe vindt verder de bijdrage plaats vanuit de 90 betalende G.B.-gemeenten? Want er zijn in dit opzicht verschillende mogelijkheden: een halve collecte, een hele collecte, bijdragen van enkele gemeenteleden via de plaatselijke folder voor de kerkelijke bijdrage of inning bij alle leden door middel van b.v. accept-girokaarten. Het maakt nogal verschil hoe bijgedragen wordt en daarvan hangt het ook af of ook deze gemeenten al of niet zwaarder zullen worden belast door de te nemen maatregelen. Voorlopig kunnen we hierover nog niet al te veel zeggen omdat op het moment dat ik dit schrijf nog geen antwoord van de G.F.R. ontvangen is.
Tenslotte nog drie opmerkingen. In de eerste plaats is het verheugend dat ds. Wesseldijk in zijn verklaring opmerkt dat de Herv. Geref. gemeenten te weinig invloed hebben op het beleid van de kerk. Anderzijds was de kern van onze bezwaren uitgerekend het beleid, ook t.a.v. de besteding van de gelden. Daarom is het onmogelijk de zakelijke aspecten van uitsluitend financiële aard te scheiden van het beleid, iets wat ds. Wesseldijk helaas wel doet.
In de tweede plaats zwijgt ds. Wesseldijk over de trend in de kerk inzake het afleggen van belijdenis des geloofs. Hij baseert zijn gegevens op het huidige ledenbestand terwijl het gaat om beslissingen voor jaren. Bij de behandeling op de classes blijkt inmiddels echter wel welke waarde aan het huidige ledenbestand moet worden toegekend. In vele gebieden is het percentage onbereikbare leden ongekend hoog. Daarom is het percentage van 15, 9 pet leden in Hervormd Gereformeerde gemeenten en minderheden, zoals door ds. Wesseldijk wordt genoemd, momenteel al zeer dubieus. En hoe zal de ontwikkeling in de komende jaren zijn? In de derde plaats, ons bezwaar tegen elke financiële dwangmaatregel blijft. Dit bezwaar geldt zeker als het gaat om het voortbestaan van een computer, die maar door een deel van de kerk wordt gebruikt en waar een gebruikend deel bovendien nog van af wil. Moet de S.M.R.A. voortbestaan? Akkoord! Moet dit ook geld kosten uit G.B.-gemeenten? Akkoord! Wie er gebruik van maakt moet ook bereid zijn mee te betalen. Maar dwang is beneden de maat van de kerk. Die dwang wordt ook niet opgelegd als het gaat om primaire taken van de kerk, b.v. als het gaat om bijdragen voor de zending. Mag het dan hier wel?
Ten laatste nog dit. Doordat ds. Wesseldijk zich uitsluitend beperkt heeft tot de zakelijke aspecten, zou de indruk gevestigd kunnen worden, dat het ons hier gaat om een louter financiële kwestie. Dat zou onzerzijds echter bepaald onder de maat zijn. Alsof wij onze solidariteit met het geheel van de kerk zouden willen laten afhangen van een tientje meer of minder. Het gaat ons vooral om de structurele opzet van onze kerk. In dat kader moeten we de kwestie van de financiën plaatsen. Daarom wil ik volgende week de hele zaak nog eens in breder verband plaatsen en daarbij ook ingaan op de solidariteit met het geheel van de kerk, die, zoals in diverse commentaren is gesteld, hier in het geding is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juni 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juni 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's