Eén ding II
’Eén ding ontbreekt u’
Een dringende vraag
Zojuist heeft Jezus de kinderen gezegend.
Dat is waarschijnlijk gebeurd op de binnenplaats van een woning.
Zodra ze dat huis weer verlaten, staat er bij de poort nog iemand te wachten.
Een bescheiden man.
Hij wilde niet voordringen.
Maar, nu hij de kans krijgt, wil hij die ook benutten.
Hij heeft een vraag aan Jezus.
Hij wil graag weten, wat hij moet doen, 'opdat hij het eeuwige leven beërve’.
Daar maakt hij zich namelijk zorgen over.
En daarom is hij te prijzen.
Hoeveel mensen zijn er niet in onze tijd, die zich met deze vraag niet eens bezighouden.
Mensen, die, als je ze er naar vraagt, zich van deze eeuwigheidsvraag afmaken met een platvloers 'dat zullen we dan later wel zien’.
Het is soms ontstellend te horen met welk een gemak sommige mensen zich van de belangrijkste levensvragen afmaken.
Maar niet alzo deze jonge man.
Hoewel, het is de vraag of hij wel zo jong was.
Het Griekse woord, dat in Matth. 19 : 20 voor hem gebruikt wordt kan evengoed iemand van 40 als iemand van 20 aanduiden.
En dan ligt dat eerste toch wel meer voor de hand als dat laatste.
Want zijn rijkdom zal hij wel mede te danken hebben gehad aan erfenissen.
Hij zal wel wat ouder zijn geweest, dan wij ons meestal voorstellen.
Maar belangrijker dan dit is zijn vraag.
Geen onbezorgd leven
Jezus neemt alle tijd voor hem.
Zoals Hij dat trouwens zojuist ook heeft gedaan voor de kinderen.
Dat is ook één van die heerlijke dingen, waarin God zo onnoemelijk veel meer is dan de mensen.
Van mensen krijgen we nog wel eens te horen 'geen tijd', of 'in gesprek’.
Dat hoort u van Gods Zoon nooit.
De man, die nu voor Jezus staat, heeft zo op het oog een onbezorgd leven.
Hij is rijk, dus van niemand afhankelijk.
Met al z'n rijkdom is hij niet een verkeerde^kant opgegaan.
Als hij Jezus vertelt hoeveel hij al van de geboden heeft onderhouden, dan is er niemand van de omstanders (die hem ongetwijfeld kenden) die protesteert.
Dus hij zegt niets te veel.
Getuige de leeglopende kerken in onze tijd, heeft welvaart al heel wat mensen het contact met het Woord van God doen verliezen.
Maar hij niet.
Hij gaat juist naar Jezus toe.
Want laten mensen dan denken dat hij een onbezorgd leven heeft, het is niet waar.
En hij schaamt zich niet, om daar voor uit te komen.
Hij zou zo graag willen, dat z'n mooie leven nu kan worden voortgezet in een mooi leven straks.
Maar, daar is hij niet zeker van.
Vandaar z’n vraag.
Een klein gebrek?
Jezus kijkt hem aan.
Zijn vraag was: wat moet ik doen?
En Jezus' antwoord ligt dan ook helemaal op dat terrein van het ’doen’.
Want wie met God op basis van de wet wil onderhandelen, krijgt ook de tittel en jota te horen.
Vóór Jezus stond een sympathiek mens, die echt wat van z'n leven had gemaakt.
Hij had maar een klein gebrek.
Toen Jezus hem vroeg om alles te verkopen en het geld aan de armen te geven, bleek dat hem te veel gevraagd.
Hij ging bedroefd weg.
Hij had al heel wat voor dat eeuwige leven gedaan, maar dit was. nu net te veel.
Het zou voor de hand liggen, om nu verder te mediteren over de opmerking, dat 'geen offer ons in de dienst van God te veel gevraagd moet zijn’.
Toch ben ik van mening, dat dat naar aanleiding van dit verhaal niet kan.
Dan zouden ook wij, net als deze rijke man, in het wetticisme blijven steken, en misschien onbewust menen op grond van al onze offers het eeuwige leven te kimnen beërven.
Maar, daar was een ander offer voor nodig.
Het offer van Gods eniggeboren Zoon.
Ik meen dat we nu met onze gedachten een andere kant uit moeten. Want deze man zou ook niet het eeuwige leven beerven, als hij alles verkocht.
Het gaat er de Grote Hartenkenner slechts om, dat de man gaat begrijpen, dat er nog nooit iemand niet bevorderd is tot hoger heerlijkheid omdat hij of zij voor het grote overgangseksamen maar net één puntje te kort kwam.
Het is wel zo, dat de rechtvaardige maar nauwelijks zal zalig worden, maar het is niet zo, dat de onrechtvaardige maar net verloren gaat.
Het 'kleine gebrek' dat Jezus in het leven van deze man aanwijst moet hem zijn grote gebrek leren kennen..
Daarom ontdekt de Heilige Geest ons ook van tijd tot tijd aan één bepaalde zonde, opdat we daardoor onze totale zondigheid zullen leren kennen.
Door één steen weg te trekken kan een hele muur instorten.
En door concreet één zonde aan te wijzen, wil de Heere ons onze totale verdorvenheid doen kennen.
Het is goed om trouw de bijbel te lezen.
Het is ook goed, om door het Woord van God en door het licht van Zijn Heilige Geest aan bepaalde zonden te worden herinnerd.
Ieder heeft zo in z'n leven van die ’zwakke punten’.
Maar het gaat er vooral om, dat we ontdekken gaan, dat we niet alleen zonden hebben, maar zondaar zijn.
Dat we niet bepaalde dingen missen, een paar punten te kort komen om het eeuwige leven te beërven, maar dat we alles missen.
Geen offer te veel
Het moet ons dus duidelijk zijn, dat het in het verhaal van deze rijke man niet gaat om het thema 'offers gevraagd voor het Koninkrijk van God’.
Natuurlijk moet dit thema in het leven des geloofs een grote plaats hebben. Maar dan niet in het stuk der ellende of dat der verlossing, maar in dat der dankbaarheid.
Geen offers om te 'verdienen', zoals deze rijke zich dat voorstelde, maar om te 'dienen', zoals Christus dat Zijn kinderen leert.
En dit alles temeer, omdat het God Zelf geen offer te veel was, om Zijn kerk te behouden.
Hij gaf Zijn Zoon.
Van dit offer te leren leven en in het licht van dit offer onze offertjes te leren zien, dat is geloof:
Daarom zij altijd weer ons gebed:
Och, of wij Uw gehoon volbrachten, gena, o Hoogste Majesteit! Gun door 't geloof in Christus krachten, om die te doen uit dankbaarheid.
Vlaardingen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's