Eén ding IV
Eén ding heb ik begeerd. Psalm 27:4
IV
Verlanglijstjes
Elk mens heeft zo z'n stille verlangens en al of niet uitgesproken wensen. En dat echt niet alleen bij verjaardagen en jubilea. Stel u voor, dat we niets meer te wensen hadden. Dan zou het leven een grote eentonigheid geven.
Als het kon, zouden we graag wat meer willen verdienen, en wat minder last hebben van de belastingdruk.
Als ouders zouden we graag zien, dat de kinderen wat beter oppasten, en als kinderen zouden we graag willen, dat de ouders wat soepeler zijn.
We hebben allemaal wel een verlanglijstje, met een aantal wensen er op. Echt niet alleen zo tegen onze verjaardag. We zouden graag een betere gezondheid willen genieten. We zouden graag minder snel oud willen zijn. We zouden graag wat minder zorgen willen hebben. En wat minder moeilijkheden op het werk, in het gezin, in de kerk. Wensen genoeg.
David heeft ook zo'n verlanglijstje. Het is niet lang. Er staat maar éen wens op. Onze tekst.
Eén wens
Dit is duidelijk een bescheiden man. Hij heeft maar éen verlangen. Ik denk, dat de meesten van ons er meer zullen hebben. En wat een wens!
Die éne wens van David houdt dit in, dat hij weer naar de kerk kan gaan. Ik denk aan de jongeren, die soms bovenaan het lijstje van hun verlangens hebben staan: dat ze niet meer hoeven. Naar de kerk. Dat is bij David, hoewel hij hier nog jong was, anders. Er zijn nu eenmaal mensen, die kunnen, maar niet willen, en mensen die willen, maar niet kunnen. Naar de kerk.
Toch is ze wel wat vreemd, die éne wens van David. Vooral als u bedenkt onder welke omstandigheden hij leeft. Hij wordt achtervolgd (vers 3). Men wil hem doden (vers 2). Hij zit in het nauw (vers 6). En ondanks dat is zijn eerste wens niet: om weer vrij te zijn, om weer in het eigen gezin te zijn. Stel u voor, dat je ziek bent en niet als eerste wens hebt, weer beter te mogen zijn, maar, weer naar de kerk te kunnen.
Stel u voor, dat je in allerlei problemen verwikkeld bent, en je zou niet bovenaan de lijst van je verlangens hebben staan, dat je er weer uit komt, maar, dat het weer zondag wordt. Wij vinden dat vreemd. Daivd niet. Hij heeft er iets van geleerd: zoek eerst het Koninkrijk van God, en al die andere dingen zullen u toegeworpen worden.
Horen en zien
Veel mensen, die de kerk en de kerkgang de rug hebben toegekeerd, zeggen vaak: wat moet je er doen, wat heb je er te zoeken? Daar geeft David een antwoord op. Wat er in de kerk te beleven valt? Hij wil er graag heen, om 'de lieflijkheid des Heeren te aanschouwen en te onderzoeken'. Dat is niet weinig. Op de kansel staan is minstens even vermoeiend als er onder zitten. Wat valt er veel te horen en te zien van de lieflijkheid des Heeren.
Calvijn zegt ergens: christenen zijn als duiven, die in grote vluchten terugkeren tot hun til. Wat is die til anders, dan de plaats, waar het Woord van God gehoord wordt in de prediking, en gezien wordt in de sacramenten. Leeft dit verlangen ook bij ons? Elke zondag?
Eén dag is in Uw huis mij meer dan duizend waar ik U ontbeer!
Wat wordt er in de heilige sacramenten van Doop en Avondmaal veel zichtbaar van de liefde van God. En wat is er vanuit het Woord van God veel hoorbaar over Zijn genade. David raakt er niet over uitgedacht en op uitgekeken. En wat hij te horen en te zien kreeg was nog zoveel bedekter, als wat wij te horen en te zien krijgen. Hij zag slechts de belofte. Wij de vervulling. Hij zag slechts het offerdier.
Wij mogen zien hèt Lam Gods. Christus, Gods Zoon. Wat ligt er veel in Davids éne wens besloten. Wat valt er in de kerk veel te horen en te zien.
Ook Jezus kende deze éne wens van David. Toen Hij twaalf jaar was al. Om op te gaan naar Gods huis. Om bezig te zijn in de dingen van Zijn Vader. Om Zijn lieflijkheid te aanschouwen en te onderzoeken. Maar in plaats van de lieflijk heid heeft Hij er gezien Zijn brandende toorn. En al onderzoekend kwam Hij terecht in de Godverlatenheid. Wat valt er in de kerk veel te horen en te zien.
Eén ding is veel
We hebben nu een aantal weken met elkaar nagedacht over bijbelteksten, waarin de woorden 'éen ding' voorkomen. Voortdurend kwamen we tot dezelfde ontdekking: éen is veel. De man, die maar éen ding ontbrak, bleek alles te missen. (Mark. 10). De vrouw, die geleerd had, dat maar éen ding nodig is, bleek het goede deel te hebben uitgekozen (Luk. 10) De man, die maar éen ding wist, dat hij blind was en nu zag, heeft in die eenvoudige belijdenis juist zo heel veel gezegd (Joh. 9). En David, die temidden van alle zorgen maar éen wens had, om de lieflijkheid des Heeren te horen en te zien, in de kerk, heeft in deze éne wens ook het beste gekozen. Want wie hier op aarde tegenover een heilige God maar éen ding te kort komt zal straks alles te kort komen. En wie hier op aarde ging horen en zien, de liefde van God, die alle verstand te boven gaat, die zal straks nog meer horen en zien. Horen: het lied der overwinning. Zien: het Lam, dat geslacht is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 september 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 september 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's