Polarisatie
Er is een nieuw woord in omloop in het kerkelijk spraakgebruik. Polarisatie. Wat houdt dat in? Wanneer twee polen electrisch tegengesteld worden opgeladen en ze staan niet al te ver van elkaar dan springt bij te hoge spanning de vonk over. Zo iets wordt bedoeld met polarisatie in het kerkelijk leven. Steeds duidelijker tekenen zich twee polen af en de situatie - dreigt zo langzamerhand tot kortsluiting te leiden. Eèn voorproefje daarvan hebben we gehad rondom Kosmokomplot. De emoties zijn hoog opgelaaid. We zagen duidelijk twee polen, waartussen zo langzamerhand wel kortsluiting moest ontstaan.
Na de oorlog werden in de Hervormde Kerk de richtingen omgedoopt tot modaliteiten. Samen zouden die modaliteiten iets gaan vertonen van de veelkleurigheid van het evangelie, zo heette het. Maar de kerk zou vooral present zijn in de wereld, zo werd het uitvoerig omschreven in de kerkorde, waarin het apostolaat méér werd uitgediept dan het belijden. Het belijden werd wel fraai omschreven in artikel X van de kerkorde. De 'kerk zou in dankbare gehoorzaamheid aan de Heilige Schrift als de bron der prediking en enige regel des geloofs, ook in haar ambtelijke vergaderingen, in gemeenschap met het belijden der vaderen, belijdenis doen van de zelfopenbaring van de Drieënige God. Het zou gebeuren in verantwoordelijkheid voor het heden en uitgestrekt naar de toekomst van Jezus Christus. En dan werden ze genoemd, de belijdenissen der vaderen: De Apostolische Geloofsbelijdenis, de Geloofsbelijdenis van Nicea, de Geloofsbelijdenis van Athanasius, de Heidelberger Catechismus, de Catechismus van Geneve en de Nederlandse Geloofsbelijdenis met de Dordtse Leerregels. En de kerk zou weren al wat haar belijden weersprak.
Maar al deze woorden ten spijt werd de kerk geen echte eenheid in belijden. Integendeel, het was van meet af aan duidelijk dat er ten aanzien van het leven uit en spreken naar de religie van de belijdenis in de Hervormde Kerk fundamentele tegenstellingen bleven bestaan. En daar ligt de kiem van de polarisatie. De Hervormde Kerk is geen geestelijke eenheid. Naast diegenen, die uit de religie van de belijdenis wensen te leven, zijn er velen, die op een ander fundament staan, bij wie de belijdenis eenvoudig heeft afgedaan. En daarvan zien we momenteel de con-' sequenties.
Een te erge beschuldiging?
Is het niet een te krasse uitspraak, dat er in onze kerk velen zijn, die van het belijden der vaderen bewust niet meer willen weten? Het is dacht ik allerwege te tasten. Men zegt het vaak niet zo onomwonden. Men zwijgt het belijden gewoon dood. En wanneer een ander er over spreekt zegt men: 'ik ben het wel met u eens, maar . ..' en dan komt er een verhaal, waaruit zonneklaar blijkt dat het belijden der vaderen helemaal niet functioneert. Het behoort voor velen tot het museum van oudheden van onze kerk. Het is geen levende werkelijkheid in het heden. Soms wordt het ook onomwonden afgewezen. Toen ik onlangs in een discussie met iemand van Sjaloom de rechtvaardiging van de goddeloze als éen van de diepe geloofsstukken van de Reformatie naar voren bracht, en wees op de noodzaak van bekering van hart en leven, was het antwoord zoiets als: voor een kerk die zich daar nog mee bezig houdt, heb ik geen tijd meer. Het gaat nu om concrete daden in de wereld. En dan voel je het, hier is geen gemeenschappelijk fundament meer. Je praat op verschillende golflengten.
De afwending door de kerk van het geestelijk goed, dat in het belijden der vaderen klaar naar voren komt, is intussen allerwege voelbaar. Een preek soms voor de radio, waarvan je denkt dat hij ook gehouden zou kunnen worden door een vakbondsleider, een politicus of een sociaal werker. Alleen zouden die het dan veel kundiger doen dan de dominee, die zich staat uit te putten om toch vooral maar bij de tijd te zijn en zich deswege geroepen voelt om alle wereldproblemen in een half uur — beslist niet langer mag de preek immers duren! — aan de orde te stellen. Hoeveel preken zijn niet doordrenkt van een politieke ideologie, terwijl er geen sprankje geestelijk voedsel meer in te vinden is? En de gemeenteleden, als ze nog komen, worden er warm noch koud van. Wat ze horen hebben ze in de krant al veel uitvoeriger kunnen lezen.
Een vrouw kreeg — na jaren — haar man weer eens mee naar de kerk. De dominee deed druk aan politiek. De gemeente moest dit en de gemeente moest dat. Het lag allemaal in de sfeer van het moeten. De zweep werd als het ware over de gemeente gelegd. Over wettisch preken gesproken! Maar de boodschap, die gebracht moest worden, kwam niet. Is het wonder dat de man na de dienst de vraag stelde, waarom hij eigenlijk naar de kerk was geweest. Wat hij daar gehoord had kon hij buiten de kerk ook horen, beter vaak. Daar ligt de schrijnende nood van ons kerkelijk leven. Prediking is vaak niet meer een vertolking van het geheimenis, een spreken met volmacht tot het hart van de gemeente.
Men versta mij goed. Ik zou niet graag willen beweren dat de prediking de eigen tijd niet in het blikveld moet hebben. De gemeente zal gewapend moeten worden tegen de machten, die zich in elke tijd weer hullen in een ander kleed. De roeping voor het dagelijks leven moet worden voorgesteld. Prediking is als het goed is ook tijdprediking. Maar dan heeft de prediking toch een persoonlijk adres. En dat is iets anders dan het houden van een politieke of sociale verhandeling, die in feite helemaal geen persoonlijk adres meer heeft en die bovendien geen enkele bijbelse achtergrond meer heeft. De dominee maakt zijn preek en zoekt er later een tekst bij, als hij dat tenminste nog . doet.
Eigentijdse prediking schijnt voor velen te zijn: zoveel mogelijk onderwerpen bij de kop pakken als abortus, homofilie, druggebruik, ontwikkelingssamenwerking, oorlog en vrede, woningbouw, damslaperij; en inmiddels wemelt het van kreten. Een prediking kan daarentegen in de goede zin van het woord eigentijds zijn, zonder dat ook maar éen van die concrete punten wordt genoemd. De glans van het Woord ligt erover en daardoor wordt de situatie van de tijd, waarin je leeft, en van je eigen situatie daarin echt bloot gelegd. Je voelt het, het is Woordbediening. De vanzelfsprekendheden vallen weg. Er worden geen goedkope oplossingen aangedragen. Maar het hele menselijk bestaan wordt scherp doorlicht vanuit het Woord. De mens wordt voluit ernstig genomen, omdat God ernstig wordt genomen. Want de mens wordt alleen maar dan ernstig genomen wanneer hij voor het gericht Gods wordt getrokken en hem de genade wordt aangezegd vanuit het verzoenend lijden en sterven van Christus. Vandaar uit krijgt de heiliging van het leven dan pas echte glans. Al wat uit het geloof niet is is namelijk zonde. Er is een prediking, waarin zielen worden misleid omdat over geloof en bekering, over rechtvaardiging en gericht nooit meer gesproken wordt. Zo'n prediking neemt in feite de mens en de wereld niet ernstig. De prediking is een slag in de lucht. De mensen worden met een kluitje in het riet gestuurd en de kerk gaat met stenen de wereld in inplaats van met brood.
Radicalisering
Nu zien we momenteel in onze kerk een sterke radicalisering zich voltrekken. De dingen, die ik hierboven schetste, kennen we al jaren. Ze hangen samen met een overspannen apostolaatstheologie. Maar momenteel zien we een verscherping, een verheviging. Eerst was het nog: present zijn in de wereld en dat kreeg eenzijdig, onbijbels accent. Thans wordt het heulen met de wereld en huilen met de wolven in het bos. Kosmokomplot was daarvan een triest voorbeeld. Daar kreeg de radicalisering in het denken over kerk en wereld vlees en bloed. Het werd en wordt ook nog allemaal theologisch toegedekt. Wie daarvan een voorbeeld wil hebben leze een artikel van ds. F. N. M. Nijssen, director van Kerk en Wereld, in Hervormd Nederland van 11 september 1.1. Hij mocht op de voorpagina onder andere het volgende zeggen: 'Wij menen dat deze opzet (van Kosmokomplot, J. v. d. G.) een goede poging was de aandacht te vestigen op een aantal grote en kleine knelpunten, die de vernieuwing van de samenleving in het perspectief van het Messiaanse Rijk in de weg staan.' Bij deze verregaande verminking van het evangelie sta je eigenlijk sprakeloos. Onkerkelijke politici van linkse partijen mochten dus de knelpunten voor maatschappijvernieuwing in het perspectief van het Messiaanse Rijk aanduiden. Men ziet het, het is éen lijn: revolutionaire actie, maatschappijvernieuwing, Messiaanse Rijk.
Het Rijk van de Messias verwezenlijkt zich langs de weg van maatschappijvernieuwing, door revolutionaire ontwikkelingen. Deze doodarme boodschap is de kerninhoud van veler prediking geworden. Men spreekt over het Messiaanse Rijk, maar inmiddels heeft dat niets meer te maken met de toekomst des Heeren, waarin God zal zijn alles in allen.
Hier is zich een radicalisering aan het voltrekken, die tot kortsluitingen leiden moet. De kreten verdichten zich zo langzamerhand tot geschreeuw. Je vraagt je echter wèl af of het niet het geschreeuw is van verliezers, die voelen dat ze geen handen en voeten hebben in de gemeenten. Want laten we eerlijk wezen, deze theologische kreten functioneren alleen daar waar de moderne theologen huizen. De gemeente leeft er niet omdat ze er aan sterft.
Intussen neemt deze radicalisering zulke ernstige vormen aan dat de polarisatie erdoor levensgroot wordt opgeroepen.
Men waarschuwt ons, dat wil zeggen de orthodoxie in de Hervormde Kerk, om niet te stappen in deze polarisatie. Maar de vraag is, waardoor deze wordt opgeroepen. Hét is ook nog eens een keer zo dat zich maar éen pool behoeft op te laden om ontlading te krijgen. Ik kan niet anders zien dan dat een deel van onze kerk, die allang niet meer van de belijde nis wil weten, momenteel de maskers afwerpt en de ware gedaante toont.Geen tijd voor een kerk, die het heeft over bekering en rechtvaardiging, zegt Sjaloom.
Dat is in ieder geval duidelijke taal. Over de belijdenis der vaderen behoeven we dan niet meer te spreken. Maar mag dit dan echt geduld worden in de kerk? Het is al een ernstige zaak, als vanuit verschillende delen van de kerk openlijk wordt gezegd of geschreven aan de synode, dat men inzake concrete punten, die het gemeentelijk leven raken, de kerkorde niet gehoorzamen zal. Maar erger is het wanneer de religie van onze belijdenis, die een religie is naar en vanuit de Schrift, bewust wordt afgewezen. En zo liggen toch de kaarten. Dit heeft ook niets meer te maken met modaliteiten, verschillende wijzen van belijden. Het gaat hier om belijden of niet-belijden.
Als we het intussen moeten geloven zal de kerk de jeugd helemaal kwijt raken als ze zich' niet achter de radicalen plaatst, die het evangelie verpolitiseren. Ik heb echter nog nergens een schare jeugd zien aantrekken achter diegenen, die zich presenteren als de herauten of profeten van het Messiaanse Rijk. Wel zie ik rondom de prediking en de catechese, die op het Woord gegrond is, nog veel jongeren, die met het evangelie bereikt worden en in veel gevallen er zelf ook van harte bij leven. Ik idealiseer dit niet, want ik weet ook wel terdege van vervlakking onder de jeugd in gereformeerde gemeenten. Maar men dekt zich van andere zijde vaak achter de jeugd, die men allang kwijt is, terwijl er in onze kerk nog zovele jongeren zijn, die de klare boodschap van zonde en genade willen horen en daarbij willen leven.
We beleven momenteel in onze kerk een kritieke ontwikkeling. Deze zou wel eens kunnen leiden tot een uitzuivering van de kerk. Er staan grote dingen op het spel.
Het gaat in onze tijd om niets minder dan de voortgang van de evangeliebediening in de prediking. Die staat op het spel. En daarmee staat het voortbestaan van de gemeente op het spel. Iemand schreef in een brief: 'Wat klaagt de levende kerk, de gemeenten en voorgangers over onze vervallen kerk, een ieder klage vanwege zijn zonde. Bij zo'n verontrusting kan het niet uitblijven of onze plaats moeten we innemen. In de gemeenten, in de kerkeraad, maar ook in de classes.' Hij voegde eraan toe er snipperdagen voor op te offeren als het nodig was, om op de posten te staan. Daarbij sluit ik me aan. Het gaat om te belangrijke dingen. Hebben we er onze tijd nog voor over?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 september 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 september 1971
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's