De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Gods wederkeer

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gods wederkeer

7 minuten leestijd

’Ik ben tot Jeruzalem, wedergekeerd met ontfermingen.’ Zacharia 1:2b

Zie zo, zeiden de vijanden, wij hebben Juda onder de voet gelopen, het is afgelopen met stad en land. Nu, ze waren niet zachtzinnig geweest; Gods kleine toorn had hen de vrijheid gegeven om zijn volk te straffen. Maar het loopt God niet uit de hand. Zijn duif dreigt een prooi te worden van het wild gedierte; dan ontbrandt de grote toorn des Heren tegen die vijanden. En, o wondere wending. God keert weder tot Jeruzalem met ontfermingen.

Ik ben wedergekeerd. Hij was dus weggegaan; Ezechiël zag de heerlijkheid des Heren, eerst op de drempel en later buiten de stad. Daar hadden ze het naar gemaakt, wie zal het ontkennen. De Here kan niet langer wonen bij dit wederspannige volk. Dat was het eigenlijke oordeel: De Here gaat weg. En dit is de eigenlijke genade: De Here komt terug. Hij is hen tussentijds niet vergeten. Sinds Ik tegen hen gesproken heb, denk ik nog ernstig aan hen. Nu is het zo ver.

Keert weder tot Mij, zo zal Ik wederkeren tot u, luidde het woord des Heren, door de mond van Zacharia. Bekering is de eis van het verbond; het is de weg, waarin we de Here mogen ontmoeten. Hoe staat het daarmee in ons leven? Maar de andere zijde is even waar: de Here keert weder, niet om iets in ons, maar uit louter barmhartigheid. Zó komt Hij terug. Niet om te toornen, niet eens om te twisten, maar om hen te bezoeken met de innerlijke bewegingen van Zijn barmhartigheid. Kwam Hij zo niet bij de geboorte van Christus en zong die andere Zacharias daar niet van? Ik ben wedergekeerd, dat is ten laatste, de komst van Christus in het vlees. Bij die wederkeer blijkt de barmhartigheid zonneklaar. In die ontferming ligt de ruimte voor ons om weder te keren. We kunnen in de bekering onze 'draai' niet krijgen, als er die ruimte van de barmhartigheid niet was, als Christus er niet was. Er is geen wederkeren tot God, behalve in de wederkeer van God. En dat met ontfermingen. Hoe lang zult Gij u niet ontfermen, vroeg de engel. Hier is het antwoord, in het meervoud.

Daar ligt het volk, vertrapt tegen de grond, de tempel nog grotendeels in puin, de stad een ruïne. Wie vraagt naar haar? Daar komt, zo waar, de Here, zoals vele keren daarvoor! Hij buigt zich over zijn volk en zegt: Hier ben Ik. Zo maakt Hij zich bekend in de geschiedenis van Israël.

Zó is Hij, mijn lezer. Eenzaam ben ik en verschoven. Ik ben wedergekeerd, zegt de Here. Hoe teer, hoe groot is mij Uw mededogen. De ontferming van Zijn hart, staat in Zijn ogen te lezen. De liefde weet van vergeven en vergeten. Uw toorn is afgekeerd en Gij troost mij. En dat uit vrije gunst. Ik ben wedergekeerd, als een verrassing, terwijl er geen voorwaarden door ons vervuld werden, en wij zo schromelijk in gebreke bleven om ons te bekeren.

Leest nu verder, de beloften stapelen zich op: ijn huis zal daarin gebouwd worden. De tempel is het hart van de stad. De témpelbouw zal het teken zijn van de wederkeer des Heren. Komt de Here terug, dan komt Hij hier wonen, dan wordt zijn huis hersteld. Dat is de goede volgorde. En de stad? Het richtsnoer zal over Jeruzalem uitgestrekt worden. Dat is een beeld, dat bij de wederopbouw hoort. Men zal de stad opmeten en overal zullen huizen verrijzen. Het richtsnoer kan ook het paslood zijn, dan zien we de bedrijvigheid voor ons. Er wordt op grote schaal gebouwd in Jeruzalem. Een nieuwe toekomst opent zich. De stad strekt zich ver in het land uit, ze wordt een open stad, vgl. 2 : 1—5.

Wat zal Zacharia blij geweest zijn met dit gezicht. Wacht nog even. Tempel en stad. Roep nog zeggende: Zo zegt de Here der heirscharen: Mijn steden zullen nog uitgebreid worden wegens het goede. Het land zal met steden bezaaid zijn en de steden zullen overvloeien van het goede, van de goede gaven Gods. Dat gaat de stoutste verwachtingen te boven. Het verwoeste land, welvarend. De vernielde steden, uitgebreid en bewoond. Dat zegt de Here.

Onwillekeurig vragen we: Is dat vervuld? Het antwoord is niet zo gemakkelijk te geven. Wij dienen te bedenken dat de vervulling een hele geschiedenis doorloopt. Gods Woord maakt geschiedenis; Wij kunnen de vervulling niet vastprikken op een bepaalde tijd, omdat de vervulling nog niet vol geworden is, nog niet rond is. Ik mag zeggen: Het is vervuld. In Zacharia's tijd voltrekt zich dit wonder. Stad en heiligdom worden herbouwd. Wat niemand voor mogelijk hield, werd werkelijkheid. Want de Here zal Sion nog troosten en Jeruzalem nog verkiezen. Dat is de reden; in dat nóg wordt de trouw des Heren beklemtoond. Een troosten, metterdaad en een verkiezen metterdaad.

Vandaag de dag spreekt zo'n tekst ons sterker aan dan vroeger. We durven deze belofte niet een twee drie vervuld verklaren, en we kunnen er niet mee aan de haal gaan. Want het geschiedt heden. Het land wordt weer bewoond! Mijn steden zullen nog uitgespreid worden, vanwege het goede! God vervult Zijn woord aan zijn volk Israël; Paulus betrekt het nóg troosten en nóg verkiezen nadrukkelijk op het volk Israël. Hoe opmerkelijk: Jeruzalem wordt uitgebreid, en is weer de stad van het volk. Er blijven vragen over. Wordt de tempel straks herbouwd? Is God dan wedergekeerd, terwijl Israël echt niet zo 'godsdienstig' is. Ik denk, dat de vervulling ons nog voor verrassingen zal stellen! God zal tot Jeruzalem wederkeren, met ontfermingen. .Dan zal de vervulling haar gestalte en haar beslag krijgen. Niet slechts in Israël, maar vooral in Christus, de Messias van Israël.

Pas wanneer we Israël zijn eigen plaats geven, en de weg der vervulling van dit volk openhouden — God houdt die kennelijk open — mogen wij voorlopig in de vervulling delen, - die de Here in Christus reeds geschonken heeft. Zijn komst en zijn wederkomst hebben alles met Israël te maken; maar de gemeente wordt er in betrokken. Op haar is dit woord toepasselijk verklaard, omdat het een woord des Heren is, waarin Hij zich openbaart.

Houden wij het ons voor gezegd: de Here is de Getrouwe! Het verkeer tussen de Here en zijn volk kent een komen en gaan. Gaat Hij, dan is het omdat wij van Hem heengingen. Eigen schuld. Maar keert Hij weder, dan is dat enkel genade en dan keren wij weder met berouw. Zo past de Heilige Geest het woord toe. In dit komen en gaan staat één ding vast: de Here zal nóg troosten. Hij zal nóg verkiezen. Hebt u die troost nodig? Is het Gods gemis uw grootste smart? Is uw leven daardoor geruïneerd? Keer eind'lijk Heer' toch weder, mijn ziel buigt zich temeder. Maar hoe? In en om Christus met ontfermingen. Voor het eerst en net als vroeger. Nòg

troosten en nog verkregen. Het eeuwig welbehagen zal van kracht blijven!

Ik heb vannacht een gezicht gezien. Er zit muziek in, toekomstmuziek: de toekomst van de Here Christus. Hij bidt: Hoe lang? Dan komen hemel en aarde in rep en roer. De stilte kan niet duren, de rust wordt verstoord. Zij is gevallen, zij is gevallen, het grote Babel. Nu komt er ruimte voor Jeruzalem: Het heilige Jeruzalem, nederdalende uit de hemel van God. Wat een stad zal dat worden, heel de aarde wordt stadsgebied. God staat voor Zijn woord in. Dat zij ons genoeg, met het oog op Israël, met het oog op de gemeente met het oog op Christus, Die gekomen is, komt en komen zal.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 december 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Gods wederkeer

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 december 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's