De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Kerstfeest achter gesloten deuren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerstfeest achter gesloten deuren

Een verhaal uit de tijd van de kerkhervorming

12 minuten leestijd

Een verhaal uit de tijd van de l< erkhervorming

Het is al laat als Lize, de waardin van een kleine herberg in Duitsland, de deur achter de laatste klant sluit. Ze zucht van moeheid. Het is deze dag voor Kerstfeest ook wel bijzonder druk geweest.

Maar nu kan ze uitrusten. Ze haast zich naar de warme kamer waar Heinrich, haar man, bij de grote ronde tafel over de boeken gebogen zit. Hij prevelt getallen ... en rekent... en schrijft. De rust die hier heerst, doet Lize weldadig aan. Ze zet zich neer voor het spinnewiel en even later vult het zachtsnorrende geluid de ruimte. Boven het vuur van de open haard suist de waterketel.

Maar buiten stormt het. De wind komt aanrazen over de bergen en stort zich op de huizen van het dorp, de regen striemt tegen de gesloten luiken.

Onwillekeurig huivert Lize als ze het geweld van de storm hoort. Het maakt haar onrustig. Of zijn het de verhalen die ze ook vandaag weer in de gelagkamer gehoord heeft, die haar zo'n angstig gevoel geven?

Marskramers, reizigers, kooplieden brachten nieuws mee uit alle streken van het land. En in kleurrijke taal disten ze hun verhalen op: over Luther, de grote kerkhervormer, die overal de nieuwe leer predikt en al zoveel aanhangers heeft; over de strenge straffen die zijn volgelingen bedreigen, want het is verboden de nieuwe leer aan te hangen. Vervolging, verbanning, gevangenschap en nog zwaardere straffen treffen hen die ondanks het verbod toch de hervorming trouw blijven.

Ach straffen . ..

Aan Lize hoeven ze daarover niets nieuws te vertellen. Ze weet er immers alles van! Ruim vijf jaar geleden is het gebeurd en het staat haar nog zo helder voor de geest alsof het pas gisteren had plaatsgevonden.

Nooit zal ze het kunnen vergeten hoe de gerechtsdienaars vijf jaar geleden tante Margreet weg haalden. Een moedige vrouw was tante Margreet, een gelovige vrouw.

Ze woonde met haar gezin enkele huizen bij de herberg van Lize en Heinrich vandaan. In het dorp was ze bij praktisch alle mensen geliefd, want voor iedereen had ze een vriendelijk woord; nooit deed iemand tevergeefs een beroep op haar. Waar tante Margreet kwam, daar bracht ze troost en liefde. Lize weet uit welke bron tante Margreet kracht putte voor het leven, dat ook voor haar niet altijd even gemakkelijk was. De bijbel was haar richtsnoer, het Woord van God.

Zelfs haar leven waagde deze moedige vrouw om de bijbel in haar bezit te krijgen en deze te verspreiden. In het geheim was ze meer dan eens te voet naar Neurenberg getrokken, waar bijbels werden gedrukt.

Een moeilijke en bovenal gevaarlijke tocht was dat, want streng was het verboden een bijbel in huis te hebben. Wie dit verbod overtrad, werd zwaar gestraft. Toch ging Margreet, gedreven door haar grote liefde voor het Woord van God.

Het ging goed ... tot die dag, nu vijf jaar geleden. Toen drongen de gerechtsdienaars het huis van tante Margreet binnen. Nog ziet Lize voor zich de ontredderde blik van de kinderen, nog klinken de laatste woorden van tante Margreet haar in de oren: 'Tot weerziens kinderen, ik ben in Gods hand'.

Het enige dat ze nadien nog over haar hebben vernomen, is, dat ze onder beschuldiging van het smokkelen van bijbels over de grens is gezet. Een bannelinge is ze geworden, terwille van haar geloof.

Sindsdien is er veel veranderd in het huisgezin van tante Margreet. Haar beide dochters zijn getrouwd. Hans, die negen jaar was toen zijn moeder werd weggevoerd, woont nu alleen nog bij zijn vader in de ouderlijke woning.

Weer huivert Lize.

Het lijkt wel of de wind zich met verdubbelde kracht op de herberg werpt, de luiken knarsen, de houten balken van de zoldering kreunen onder het geweld van de storm.

'Hoor toch eens, Heinrich, wat een weer het is!'

Er volgt geen antwoord.

Boven zijn boeken is Heinrich in slaap gesukkeld. Zijn hoofd knikkebolt en zijn hand met de pen rust onbewegelijk op het tafelblad.

'Slaap je, Heinrich? '

Met een ruk heft Heinrich zijn hoofd op en kijkt met verschrikte ogen naar zijn vrouw.

'Slapen, ik? Welnee, hoe kom je erbij! Ik ben alleen maar moe. Laten we naar bed gaan, Lize, we hebben een drukke dag achter de rug en nu komt er toch niemand meer.'

Lize knikt instemmend.

Dan maken ze zich klaar voor de nacht en één voor één blaast Heinrich de lichten uit.

Het is lang na middernacht, maar nog steeds kan Lize de slaap niet vatten. Want de zwarte nacht benauwt haar en de wind huilt zo om de herberg.

Stil! Wat is dat?

Lize luistert. Hoorde ze geklop op de deur? Of was het de wind?

Met bonzend hart gaat ze rechtop zitten en ze luistert met ingehouden adem.

Klop . . . klop.

Nu weet ze zeker dat ze zich niet vergist heeft; er staat iemand voor de deur. Wie kan het wezen die midden in de nacht nog binnen wenst te komen? Een late gast misschien?

'Heinrich, er klopt iemand op de deur!' Lize schudt haar man aan zijn arm heen en weer, maar Heinrich slaapt vast en diep; hij is niet wakker te krijgen. Dan stapt Lize vastberaden uit bed, ze steekt een kaars aan en opent voorzichtig het luikje in de buitendeur.

Als haar ogen aan het donker gewend zijn, ziet ze tot haar verbazing een vrouwengestalte staan.

'Wees barmhartig, doe mij open', smeekt een stem.

'Wie bent u dan? ', vraagt Lize.

'Dat kan ik niet zeggen, maar laat mij binnen om Gods wil'.

Lize heeft de grendel al weggeschoven.

Ze gaat de vrouw voor naar de gelagkamer, waar ze haar een plaats wijst dichtbij het vuur, want ze ziet wel hoe verkleumd de vreemdelinge is in haar natte kleren.

'Warm je maar flink', zegt ze medelijdend, terwijl ze het vuur oprakelt.

De vrouw blijft echter bij de deur staan.

'Lize, ken je me niet meer? Ben ik dan zo veranderd? '

Ze slaat de zwarte doek weg, die haar gezicht gedeeltelijk bedekte en kijkt Lize strak aan.

'Tante Margreet... u!'

Sprakeloos van verbazing kijkt Lize naar het zo vertrouwde gezicht.

Ook Heinrich is wakker geworden en komt op zijn sokken de gelagkamer binnen om te zien wie de gast is, die zich zo laat nog heeft aangediend.

Als hij tante Margreet ziet, kan hij, evenals Lize, zijn ogen nauwelijks geloven.

'Tante Margreet, vertel', dringt Lize aan, 'waar komt u vandaan, hoe bent u hier gekomen? '

'Maar nee', onderbreekt ze zichzelf, 'eerst zal ik u eens goed verzorgen, u bent doodop'.

Als Margreet even later met een kop gloeiend hete melk tussen beide handen bij het vuur zit, vertelt ze.

Het is geen vrolijk verhaal dat Lize en Heinrich te horen krijgen. Over een leven in de vreemde gaat het, over ontbering en verdriet, over eenzaamheid en een knagend heimwee naar huis.

'O Lize, ik verlangde zo naar mijn man en kinderen, ik verlangde er zo naar nog eenmaal met hen Kerstfeest te vieren. Toen ben ik op reis gegaan. Twee weken lang ben ik langs onbegaanbare wegen getrokken door regen en wind, hagel en sneeuw. En ik was zo bang dat ik niet op tijd zou zijn ... Je vindt het toch goed Lize dat ik bij jou ben gekomen? Jij wilt met toch wel herbergen . . . om Jezus wil? Naar huis gaan durfde ik niet; het risico dat het gerecht mij zou vinden, is te groot'.

'Natuurlijk blijft u hier, tante Margreet', beslist Heinrich. Boven hebben we nog een klein kamertje over, daar kunt u slapen. En laat u de rest maar rustig aan ons over'.

Als tante Margreet allang slaapt, zitten Lize en Heinrich nog samen te praten. Ze maken een plan: tante Margreet zal samen met haar gezin Kerstfeest vieren, het koste wat het kost.

Het is tegen de avond van de eerste kerstdag. Op haar tenen loopt Lize door het huis om tante Margreet, die nog steeds slaapt, niet wakker te maken. Ze brengt de kamer in gereedheid om straks haar gasten te kunnen ontvangen, want het hele gezin van tante Margreet heeft ze uitgenodigd om vanavond bij haar het Kerstfeest te komen vieren. Op lichte voeten gaat Lize door de kamer. Het is zo vredig in haar hart, alsof ze het Christuskind zelf onder haar dak herbergt.

Als alles gereed is, haalt ze uit een verborgen plaats onder de trap de bijbel tevoorschijn, die tante Margreet enkele jaren geleden voor haar uit Neurenberg heeft meegebracht.

Ze zoekt Lukas 2 op en legt het boek open op tafel. Liefkozend strijkt haar hand over de bladzijden. Dit is het kostbaarste sierstuk uit haar hele huis. Hoeveel troost hebben de woorden uit de bijbel haar niet geschonken als ze bedroefd was. Heeft God haar niet zelf door Zijn Woord in het hart gegrepen en haar vrede geschonken?

Als de avond gevallen is, komen Lize's gasten. Hun gezichten staan wel wat verbaasd. Nog nooit is het gebeurd dat Lize hen uitnodigde bij haar Kerstfeest te komen vieren.

Als allen binnen zijn, loopt Heinrich nog eenmaal om de herberg heen om te controleren of luiken en deuren goed gegrendeld zijn.

Met elkaar zullen ze de geboorte van Christus vieren, maar het wordt een feest achter gesloten deuren, want overal loert het gevaar.

In de alkoof, die met een gordijn van de kamer is afgesloten, zit tante Margreet. Het leek Heinrich en Lize beter dat de familie eerst op haar aanwezigheid zou worden voorbereid, anders zou de schok van het weerzien misschien te groot zijn.

Margreets hart popelt van verlangen. Dit ogenblik heeft haar voor de geest gestaan op de barre tocht hierheen.

Hiervoor heeft ze gevaren getrotseerd.

Ze ziet ze door een spleet tussen de gordijnen binnenkomen: Johann, haar man. Wat is zijn haar grijs geworden en wat een rimpels heeft de zorg in zijn gezicht gegroefd. Zijn dat Anna en Grethel, haar dochters? Ze zou ze niet meer herkennen, volwassen vrouwen zijn het geworden. En Hans, haar jongste . . . Tranen verblinden haar ogen, maar ze herstelt zich, ze moet flink zijn.

Helder klinkt de stem van Lize boven het gegons van de andere stemmen uit: 'Jullie zult je wel hebben afgevraagd waarom je vanavond hier bent uitgenodigd. Maar het is ook een bijzondere dag. Gisteren was het precies vijf jaar geleden dat Margreet, jullie moeder, is weggevoerd'.

Even blijft het stil in de kamer na deze woorden.

'Ja', zucht Anna, 'wat zou het heerlijk zijn als we iets van haar wisten. Al kregen we maar een berichtje van enkele woorden, op mijn knieën zou ik er God voor danken'.

Dan kan Lize het heerlijke nieuws niet langer verzwijgen. 'Johann, kinderen, jullie moeder is hier', en ze trekt het gordijn naar de alkoof open.

Onbeschrijfelijk heerlijk is het weerzien na vijf lange jaren van scheiding. Tussen haar man en Hans in zit Margreet. Met stralende ogen kijkt ze de kring rond.

Bewogen klinkt haar stem: 'Met mijn hele hart heb ik naar dit ogenblik verlangd. Ik heb God gesmeekt nog eenmaal samen met jullie het Kerstfeest te mogen vieren. Hij heeft mij verhoord. Laten we nu samen Zijn komst gedenken en Hem danken voor Zijn onuitsprekelijke genade'.

Ontroerd luisteren allen naar de woorden uit het Kerstevangelie, samen zingen ze met gedempte stemmen de kerstliederen van Luther. Zo vieren ze Kerstfeest, één in geloof, hoop en liefde.

Nog twee dagen blijft tante Margreet te gast in de herberg, maar langer kan ze haar verblijf niet rekken; ze zou de anderen en zichzelf aan te grote gevaren blootstellen.

Laat in de avond maakt ze zich gereed om te vertrekken. Dapper, bijna hard neemt ze afscheid van man en kinderen.

'Heerlijk was het bij jullie te zijn. Op dit weerzien kan ik weer teren de lange, eenzame jaren die voor mij liggen. Het ga jullie goed. Laat Gods heilig Woord het richtsnoer van je leven wezen. Vaarwel!' Nog eenmaal glijdt haar blik over haar hele aardse rijkdom: haar man, haar kinderen.

O, ze zou maar één woord hoeven te spreken, ze zou alleen haar geloof hoeven te verloochenen en dit alles zou haar weer toebehoren, voor altijd, maar niet voor de eeuwigheid. Want wie Mij verloochent voor de mensen, die zal Ik verloochenen voor Mijn Vader, die in de hemel is.

En ze gaat zonder om te zien . . . om Jezus' wil.

Dicht sluipt ze langs de huizen door de donkere straten van het dorp. Telkens staat ze gespannen stil als ze meent iets verdachts te horen.

Wanneer ze het dorp achter zich heeft en het pad tussen struikgewas de bergen inkronkelt, haalt ze verlicht adem. Hier is het gevaar dat ze iemand tegenkomt die haar herkent, minder groot. Plotseling maakt zich een gestalte los uit het struikgewas . . en nog één.

Margreets hart bonst in haar keel. De gerechtsdienaars, verraad!, flitst het door haar heen. Voor het eerst is ze werkelijk bang.

Haar ogen zoeken naar een schuilplaats, maar de gestalten komen al op haar toe. 'Margreet', klinkt een stem.

'Johann!'. Een schok van vreugde doortrilt haar.

'Margreet, Hans en ik gaan met je mee. De andere kinderen hebben mij niet meer nodig, zij hebben hun eigen gezin. Jouw leven willen we delen.'

'Johann, Weet wel wat je doet. Mijn leven is vol gevaar en ontbering. En Hans, ach, hij is nog zo jong . . .'

Hans is naast zijn vader gaan staan.

'Laat ons meegaan, moeder. Wat moet ik hier alleen bij mijn zusters.'

'O jongen', zegt Margreet ontroerd, 'het is niet gemakkelijk om vervolgd te worden en een banneling te zijn. Heb je je dat wel gerealiseerd? '

'Maar moeder, het Kind Jezus moest toch ook vluchten toen Herodes het wilde doden? Moeten wij het dan beter hebben dan Hij? '

Eindelijk geeft Margreet toe.

'Je hebt gelijk, Hans. De smaad om Christus' wil zullen we getroost samen dragen. Kom!' Zo trekken ze gedrieën de nacht in.

Links en rechts loert het gevaar; voor hen wacht een duistere toekomst. Maar boven hen is een open hemel en het licht van God schijnt in hun harten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Kerstfeest achter gesloten deuren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's