De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De verhouding van de tweede en eerste tafel III

Bekijk het origineel

De verhouding van de tweede en eerste tafel III

8 minuten leestijd

Wat we hebben opgemerkt in verband met het vijfde en zesde gebod, vindt ook zijn toepassing in de sector van het zevende gebod.

Op dat gebied is er momenteel een stroom van lectuur, waarin de norm van Gods wet ontkend, de aard en de diepte van de zonde niet gepeild worden, het gebod geen tuchtmeester tot Christus is en de vervulling van het gebod losgemaakt wordt van het geloof in Hem.

De techniek van de geslachtsdaad wordt uitgeplozen en gerukt uit het levensverband van de liefde van die man tot die vrouw, en het geheel wordt losgemaakt van Hem, die het zevende gebod gegeven heeft om daarmede Zijn heilige en heiligende hand genadig uit te strekken tot bescherming van ziel en lichaam in het ongehuwde en het gehuwde leven.

Ook de niet-gekerstende wereld heeft haar huwelijkswetgeving en haar bepaalde zede, die in bepaalde tijden en plaatsen een zekere mate van gezag heeft. Maar dit alles mist de diepte en het goddelijk gezag van de tweede tafel van Gods wet.

De Wet der tien geboden is te vergelijken met een cirkel. Uit het middelpunt lopen tien lijnen naar de omtrek, zodat tien sectoren ontstaan. Op de naar buiten gekeerde rand van de sector staat de zonde in grove vorm aangeduid (afgoderij, doden, stelen enz.). Daarachter ligt echter de hele sector tot in het middelpunt, waar altijd staat: gij zult liefhebben.

Nu staat op de buitenrand van de zevende sector: gij zult niet echtbreken. Dat veronderstelt het bestaan van het huwelijk.

Omtrent dat huwelijk las ik eens een kort zinnetje, dat de schrijver Herman de Man op een prachtige zomermiddag in een dorpje langs het riviertje de Giessen, waar een paartje trouwde, optekende uit de mond van een oud vrouwtje, dat over de onderdeur leunde, en zei: een trouwdag is een ding van God.

Daar zit een groot stuk verklaring van het zevende gebod in. In dat licht moet het huwelijk getrokken worden en blijven staan. Het huwelijk heeft niet alleen (naast honderd andere dingen) te maken met die jongen en dat meisje, die man en die vrouw. Maar het heeft met God te maken. Hij heeft het ingesteld. Voor dat de zonde in de wereld kwam. Niet als een kanalisering van driften, die zich anders moeilijk laten temmen en dan overstromingen en daardoor een chaos veroorzaken. Men zegt wel eens, dat we altijd weer terug moeten naar Genesis 3. Dat is goed. Maar beter is nog verder terug te gaan nl. naar Genesis 1 en 2, Daar staat, dat God de mens schiep naar Zijn beeld. En in één adem daarmee: als man en vrouw.

Dat uitgangspunt in Gods scheppende wijsheid en goedheid is vaak losgelaten. Men is het ongehuwd-blijven verdienstelijk gaan achten. Maar zo heeft ook Paulus met al zijn waardering voor de onverkorte dienst Gods van mensen, die evenals hij de gave der onthouding hebben, het nooit bedoeld. De kloosters ontstonden vaak als protesten tegen vervlakking en verwereldlijking. Maar de zonde ging ook mee in het klooster en de Hervorming heeft het kloosterleven als eigenwillige godsdienst afgewezen.

Men was sterk het huwelijk gaan zien als geneesmiddel tegen ongebondenheid. Maar zo is het van oorsprong niet. De boeiende verscheidenheid van lichaamsbouw en geestesaanleg is door God gewild. Door het huwelijk wordt (in tegenstelling met de engelenwereld) ons mensengeslacht gebouwd.

De grondgedachte van de tweede tafel (het liefhebben van de naaste) vindt hier z'n speciale toepassing met betrekking tot die ène mens in een buitengewone relatie. God wil met het huwelijk zelfs de allerhoogste dingen uitbeelden. Niemand heeft dieper en mooier over het huwelijk geschreven dan Paulus in Efeze 5 : 22—23. Onze vaderen spraken terecht van de heilige huwelijke staat. Hiermee zijn alle dubbelzinnigheid, vunze praatjes, preutsheid en onbeschaamdheid veroordeeld.

Niet het huwelijk ontheiligt de mens; maar de mens ontheiligt het huwelijk.

Als gave van God wordt het huwelijk gesloten 'in den Here' (1 Cor. 7). Dat betekent niet alleen in de kerk trouwen. Dan kan het nog zo zijn, dat we eerst zonder God begonnen zijn en dan Hem alleen achteraf om Zijn goedkeuring vragen.

We kunnen Genesis 24, dat ons uitvoerig de totstandkoming van een huwelijk tekent (dat van Izaak en Rebekka) niet zonder meer in onze tijd óver zetten. Maar wel de achtergrond van het gebed en het rekening houden met de kring, waaruit de huwelijkspartner gezocht moet worden. De keuze is een persoonlijke keuze. Maar zij wordt geleid, bepaald en geheiligd door het raadplegen van Hem, Die de Kenner der harten en de Gever alles goeds is. Een verstandige vrouvw is van den HERE (Spr. 19:14).

Dit uitgangspunt zet z'n stempel al op de verlovingstijd. Met een koninklijk geschenk zullen we voorzichtig omgaan. Het huwelijk is een goddelijk geschenk, maar moet dan ook als geschenk ontvangen worden, zodat we niet voorbarig en eigenwillig grijpen naar dat wat God in het huwelijk geeft. Want dan rukken we het Hem uit de vingers en durven de Gever niet onder de ogen te komen, omdat we het stilletjes wegnamen. En al mag er dan later de wetenschap zijn van Gods vergeving, dan blijft er toch vaak een schaduw meegaan over het huwelijksleven.

Laat de lente maar lente blijven. Laat sluimeren wat straks pas ontwaken mag. Jongens en meisjes moeten het elkaar niet moeilijk maken door de erotische temperatuur ontijdig op te voeren. Want daar­ in is de liefde niet aan het woord, maar het egoïsme.

Zo alleen beleven we nog een stukje van het paradijs. De sexueel-lichamelijke omgang wordt ingebed in de hartelijke samenvoeging van twee mensen. En het blijkt waar: een huwelijk is een ding van God.

Het is alleen de zonde met haar zelfzucht, die de echt breekt, stuk maakt zelfs in het huwelijk. In Genesis 3 gaan man en vrouw zich van elkander distanciëren. De zonde drijft een wig tot in de gezinnen van de aartsvaders toe.

Die zonde blijft nog altijd donkere schaduwen werpen over huwelijk en sexualiteit. Vandaar de schuwheid om over het lichaam, over de schoonheid er van en over de gemeenschap der geslachten te spreken. En anderzijds is er de meer dan ongezonde aandacht voor alles wat met dit terrein samenhangt.

We zijn dankbaar voor allerlei remmende factoren ten opzichte van de zonde in de samenleving, al worden die steeds zwakker. Maar remmen betekent niet omkeren en overwinnen. De liefde, die gelukkig maakt, leren we alleen van Hem, Die het vloekhout droeg en de ongerechtigheid bedekt, omdat Hij Zijn gemeente van zondaren zo heeft liefgehad. Hij brengt het morgenrood van de vergeving en van het nieuwe leven. Niet de wet maakt levend, maar Christus door Zijn Woord en Geest. Ook hier leert de rechtvaardige alleen door het geloof te leven. Daardoor leert men ook elkander te aanvaarden, te vergeven en hoe langer hoe meer naar elkander toe te groeien.

Nu is het huwelijk niet ieders bestemming. Dat kan moeilijk zijn! We zullen de strijd, die in sommige levens gestreden wordt, niet moeten onderschatten.

Maar het is een vergissing zichzelf dan te zien als de minderbedeelde en zich blind te staren op het huwelijk als het éne grote geluk. Zo min als op het gebied van het bezit de rijkdom het éne grote geluk zou zijn. God geeft velerlei talenten. Paulus' leven is er niet minder om, omdat hij geen gezin heeft gehad. Ook niet het leven van Maria, Martha en Lazarus. Welk een vruchtdragende levens zijn er van ongehuwden als Florence Nightingale en Corrie ten Boom. Er zijn méér dingen van God! Het is nodig dat vooral te zien, opdat de Gever boven de gaven in het middelpunt blijve.

En dan de kuisheid in het algemeen. Het probleem van onze lichamelijkheid. Het is raar, dat dat een probleem kan worden. God zag al wat Hij gemaakt had en het was zeer goed. Ziel en lichaam waren zo harmonisch verenigd als een ruiter en z'n paard, als een organist en z'n orgel, waarmee bij als het ware samengegroeid is. En dat zonder wanklank. Zonder dat ergens een toets bleef hangen.

Maar met de zonde doet de schaamte haar intrede. We raken in dit leven de zonde niet kwijt. En de schaamte ook niet. De schaamteloosheid wil zich wel uitgeven voor onschuld, maar met even weinig recht als de schaamteloze leugenaar zich uit kan geven voor een oprecht mens. God heeft ons de kleding gegeven. En dat is verootmoedigend. Onze benen zijn te zwak om zo maar zonder meer de weelde te dragen van al die pracht. Wie hier niet waakt, wordt hier een slaaf. Bioscopen en kiosken, literatuur en lectuur, de uitgaande wereld en het droomleven getuigen er van.

Het is dwaas zich alleen te wapenen met idealisme. Hier wordt het schepsel verheerlijkt boven de Schepper. De erotiek wordt afgoderij.

Het Woord van God zet alle dingen weer op de rechte plaats en in het rechte verband. Het minacht het lichaam allerminst.

Het weet, dat ook het lichaam 'een ding van God is'. Maar het zevende gebod moet dan wel blijven staan in het levensverband met heel Gods wet, de eerste tafel inbegrepen. En die hele wet in het totale levensverband van heel de Schrift. De christen gaat dan spreken in termen van Zondag 1 van onze Catechismus. Daar wordt het lichaam ook genoemd als eigendom des Heren, gekocht en verlost. Duur gekocht. Daarom 'verheerlijkt dan God in uw lichaam en in uw geest, welke Godes zijn' (1 Cor. 6:20) als tempelen des Heiligen Geestes (vs. 19).

Het einde der Wet is ook hier Christus, de tweede Adam, de Zon der gerechtigheid, onder de schaduw van Wiens vleugelen genezing is.

Wie ook dit gebod losmaakt van de eerste tafel, haalt het leven er uit.

(Wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 december 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De verhouding van de tweede en eerste tafel III

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 december 1971

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's