Twee wegen
N.a.v. de synodale Boodschap III
In de februari-vergadering van de Synode sprak prof. Rasker over twee wegen. Er is, zo zei hij, een weg van het belijden naar de wereld en een weg van de wereld naar het belijden. Hij haalde in dit verband het boek van dr. Dippel uit 1947 aan, waarin deze schreef dat zijn wetenschappelijke collega's het betreurden dat de Kerk zo weinig voorlichting gaf over de problemen van de huidige maatschappij. Wij moeten zo stelde prof. Rasker, ons veel meer bezig gaan houden met de nood en de problemen van de huidige maatschappij om van daaruit te luisteren naar de stem van de Bijbel.
Deze weg werd jaren geleden reeds voor het persoonlijk leven gewezen door de Amerikaanse filosoof Paul Tillich. Eerst moet de persoonlijke problematiek van de 'Selbstverstandnis', het zichzelf verstaan van de moderne mens onderkend worden om zich daarna af te vragen wat de theologie en de Bijbel op de wezenlijke persoonlijke vragen van de toegesproken raens te zeggen heeft.
Pastoraal is voor deze weg veel te zeggen. De Utrechtse leergang in de pastorale psychologie kent een onderdeel waarin de deelnemers getraind worden in het verstaan van de ander. Dan pas komt er een communicatie tot stand waarin het vertrouwenwekkende Woord kan klinken.
De zaak wordt anders als de vraag gesteld wordt of datgene wat geldt voor de pastorale benadering ook kan en moet gelden voor de theologische visie en voor de verkondiging? Nog meer klemt de vraag als de vraag gesteld wordt vanuit de algemeen-maatschappelijke constellatie, waarop prof. Rasker doelde. Ligt het grote gevaar niet voor de hand dat een marxistische vraagstelling een eventueel bijbels antwoord naar haar structuur ombuigt en daardoor ontledigt? Moet Jezus dan niet bij voorbaat al als een maatschappelijk hervormer worden benaderd? En luistert een atheïstisch marxist beter als hij na een theologische poging tot maatschappij vernieuwing op 'het andere' en 'het diepere' van de Christus der Schriften gewezen wordt?
Mijn pastorale ervaring is in Amsterdam een andere geweest. Oud-marxisten zijn helemaal niet langs de weg van een theologische maatschappijcritiek tot de geloofskennis van Jezus Christus gekomen. Ze kwamen 'direct' met Hem door de prediking in contact.
De Evangelist Johannes heeft de heerlijkheid van het vleesgeworden Woord aanschouwd, niet vanuit de geschiedenis, niet vanuit de maatschappelijke situatie, maar vanuit het 'in den beginne was het Woord'. (Joh. 1:1).
En ook de andere Evangelisten zagen in Hem wel wat meer dan een maatschappelijk hervormer.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1972
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 maart 1972
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's